Samenvatting Pluriforme samenleving maatschappijleer

Door Paultje gepubliceerd op Thursday 04 June 19:53

Pluriforme samenleving

Lees hier alles over de pluriforme samenleving. Dit is een maatschappijleer samenvatting van hoofdstuk 4: Pluriforme samenleving. Thema's Maatschappijleer VWO.

 

Inhoud

  1. Wat is een pluriforme samenleving?
  2. Culturen
  3. Toenemende immigratie
  4. Verschillende vormen van samenleven
  5. Botsende culturen en grondrechten

 

1. Wat is een pluriforme samenleving?

Wat is een pluriforme samenleving? Een pluriforme samenleving is een samenleving met veel verschillende culturen. Deze culturen vormen samen een pluriforme samenleving. Een kenmerk van zo'n samenleving is dat er mensen wonen met veel verschillende gewoonten.

 

2. Culturen

Maar wat is cultuur nou precies? Met cultuur bedoelen we alle waarden, normen en andere aangeleerde kenmerken die de leden van een groep of samenleving met elkaar gemeen hebben en als vanzelfsprekend beschouwen. Cultuur zorgt ervoor dat mensen zicht geordend gedragen. Ook ‘zorgt’ cultuur ervoor dat je makkelijk met elkaar kan communiceren, doordat je dezelfde taal spreekt. Cultuur is ook een bron van je sociale identiteit. Het zorgt ervoor dat je bent wie je bent en welke kleding je draagt. Ook zorgen culturen in een pluriforme samenleving ervoor dat mensen een gemeenschappelijk referentiekader hebben. Mensen begrijpen elkaar beter en zo kunnen ze makkelijker gedachten en gevoelens uitwisselen. Een pluriforme samenleving is dus een samenleving waarin veel culturen met elkaar samengaan. Nederland heeft dus ook zo'n samenleving. Denk maar aan de verschillende culturen zoals de Islam, het hindoeïsme,  en dan heb je nog de christenen. Deze opgenoemde zaken zijn geloven maar ze vormen ook een soort van cultuur. 

Socialisatie

Socialisatie is het overdragen van de belangrijkste kenmerken van een cultuur. Bij dit proces krijgt iemand bewust of onbewust de gedragsregels van de cultuur aangeleerd. Aanpassing aan de omgeving is het resultaat van socialisatie. Bij kinderen gaat socialisatie gewoon vanzelf. Kinderen imiteren namelijk het gedrag. Het kind wil het gedrag nadoen van mensen met wie het een sterke band heeft. Dus eigenlijk van de ouders. Dit heet identificatie.

Socialiserende instituties zijn de plekken waar socialisatie plaatsvindt. Er zijn veel verschillende socialiserende instituties:

  • Het gezin
  • De school
  • Het werk
  • De vriendenkring
  • Geloofsrichtingen
  • Maatschappelijke groeperingen
  • De overheid
  • De media

Bij het socialiseren gebeurt het natuurlijk ook dat mensen die zich niet aan de waarden en normen houden op de vingers worden getikt. Dit heet sociale controle. Sociale controle zorgt er dus voor dat het socialisatieproces goed verloopt. Sociale controle wordt formeel genoemd als dit gebeurt met behulp van wetten en regels. Bij gevallen van beleefdheid wordt sociale controle informeel genoemd.  Sociale controle vindt deels plaats met behulp van sancties. Sancties zijn maatregelen waarmee mensen ervoor zorgen dat anderen zich goed gaan gedragen.

Er zijn verschillende vormen socialisatie:

  • Enculturatie: Deze vorm van socialisatie vindt plaats als je vanaf je geboorte in een bepaalde groep opgroeit.
  • Acculturatie: Dit vindt plaats als je kenmerken aanleert van een cultuur waar je niet oorspronkelijk toe behoort.
  • Internalisatie: Internalisatie betekent dat je aspecten van een bepaalde cultuur zo goed hebt aangeleerd dat je je er automatisch naar gedraagt.

Dominante cultuur met subculturen

Elke pluriforme samenleving heeft wel een dominante cultuur met daarbij allerlei subculturen. Wat dominante- en subcultuur betekent spreekt voor zich. In de Nederlandse samenleving is de dominante cultuur de Nederlandse cultuur en subculturen zouden kunnen zijn de islam en het hindoeïsme. Als een subcultuur in strijdt is met de dominante cultuur heet dit een tegencultuur. Bijvoorbeeld islamieten die hun hele gezicht willen bedekken, maar dit niet mag van de Nederlandse samenleving. Ook kun je dierenorganisaties als Wakkerdier zien als een tegencultuur. Deze organisatie is namelijk tegen de manier waarop de dominante cultuur met de dieren omgaat. Culturen in een pluriforme samenleving veranderen voortdurend door deze tegenculturen.

 

3. Toenemende immigratie

In Nederland hebben we te maken met toenemende immigratie. Er komen steeds meer vluchtelingen bij die asiel aanvragen in deze samenleving. Vaak hebben deze vluchtelingen grote cultuurverschillen waardoor ze moeten wennen aan deze samenleving. Deze vluchtelingen zijn allochtonen. We noemen iemand allochtoon als ten minste één van de ouders van hem of haar in het buitenland is geboren en getogen.  Een autochtoon is iemand die net als zijn ouders hier is geboren en getogen.

Push- en pullfactoren

Mensen verlaten hun landen om verschillende factoren. Factoren waardoor mensen hun land willen verlaten heten pushfactoren. De redenen waarom mensen naar een bepaald land toe willen noem je pullfactoren. In Nederland kunnen pullfactoren bijvoorbeeld godsdienstvrijheid en goede bijstand zijn.

Gastarbeiders

Nederland heeft al tientallen jaren te maken toenemende immigratie. Na de tweede wereldoorlog kwamen er vooral veel immigranten uit de eerdere Nederlandse koloniën. Dit was nog niet zo’n groot probleem aangezien deze mensen dezelfde taal spraken. Ze passen in de Nederlandse cultuur. De mensen uit deze koloniën waren vooral Nederlandse Indiërs en Molukken. Ook was Nederland populair onder de Surinamers en de Antillen. In de jaren zestig van de vorige eeuw kwamen immigranten vooral voor het vuile en zware werk in Nederland. Iedereen dacht dat deze werknemers tijdelijk zouden blijven maar dit was niet zo. Ze wonen nu nog in Nederland en hebben hun gezinnen ook over laten komen.

Asielzoekers

In de jaren tachtig kreeg Nederland te maken met een toenemende stroom asielzoekers.  Asielzoekers vragen asiel aan in een ander land omdat de leefsituatie in hun eigen land onaanvaardbaar is. Als deze persoon door de Verenigde Naties als vluchteling wordt erkend mag deze worden toegelaten. In de Europese Unie is afgesproken dat de asielzoeker in het eerste land waar hij aankomt asiel moet aanvragen. Na het jaar 2000 is het asielzoekersbeleid sterk aangepast. De regels zijn een stuk strenger geworden. Economische vluchtelingen zijn vluchtelingen die hun land verlaten door armoede. Voordat asielzoekers kunnen deelnemen aan deze Nederlandse pluriforme samenleving, ondergaat dit persoon een groot aantal procedures. Vaak melden deze asielzoekers zich zonder papieren waardoor de procedure alleen maar wordt vermoeilijkt. Doordat de procedures zo lang duren worden de asielzoekers steeds meer verbonden aan Nederland. Hierdoor kan het steeds moeilijker worden om ze weer naar huis te sturen. In 2001 werd de Nieuwe Vreemdelingenwet 2000 gelanceerd. Dit is een strengere wet waarin de eisen staan voor een vluchteling om een verblijfsvergunning te verkrijgen. Er zijn drie belangrijke voorwaarden:

  • Men moet in het bezit zijn van geldige identiteitspapieren.

  • Er moet worden bewezen dat de asielzoeker niet veilig is in land van herkomst.

  • Ook moet de asielzoeker niet om humanitaire redenen terug worden gestuurd. Hier wordt bijvoorbeeld gekeken naar de godsdienstvrijheid in land van herkomst.

Ook kwam er in deze nieuwe wet een verkorte procedure waardoor de asielzoeker al binnen 48 uur het land kan worden uitgezet als deze geen geloofwaardig vluchtverhaal heeft. Er is een bepaalde dienst, De Immigratie- en Naturalisatie Dienst (IND), die zich bezig houdt met de asielaanvragen. De nieuwe Vreemdelingenwet heeft de volgende procedure:

  • Eerst moet de asielzoeker zich aanmelden bij een aanmeldcentrum (AC).

  • Vervolgens wordt daar gekeken of het vluchtverhaal aannemelijk is en zo ja, dan gaat de asielzoeker naar een asielzoekerscentrum (AZC) en terwijl de asielzoeker hier verblijft, wordt gekeken of de asielzoeker een verblijfsvergunning krijgt of niet.

  • Als de aanvraag wordt afgewezen komt de asielzoeker terecht in een uitzetcentrum waar de papieren gereed worden gemaakt voor de terugkeer.

Gezinshereniging

De laatste jaren zijn de Europese vestigingsregels veel strenger gemaakt.  Veel buiten-Europese mensen zijn niet meer welkom in Europa als ze werk zoeken. De groep nieuwkomers van de laatste jaren bestaat vooral uit het herenigen van gezinnen. We spreken van gezinshereniging als bijvoorbeeld een gastarbeider hun familie laat overkomen om er dan samen met hun te wonen. Gezinshereniging leidt vaak tot kettingmigratie. We spreken van gezinsvorming als bijvoorbeeld de gastarbeider zijn partner laat overkomen om vervolgens een gezin te stichten. 

 

4. Verschillende vormen van samenleven

In bijna alle landen van de wereld zijn wel pluriforme samenlevingen met verschillende subculturen.  De interactie tussen deze subculturen verschilt per pluriforme samenleving. In de ene cultuur krijgen subculturen de ruimte om hun cultuur te uiten en in de andere cultuur worden de subculturen gedwongen zich gedeisd te houden. Er zijn verschillende manieren waarop de mensen uit de samenlevingen omgaan met de culturele diversiteit in de pluriforme samenleving. Er bestaan verschillende mogelijkheden:

  • Segregatie
  • Assimilatie
  • Integratie

We spreken van segregatie als cultuurgroepen geheel langs elkaar leven. Segregatie betekent eigenlijk: het opdelen van een samenleving in gescheiden delen. Je moet hierbij denken aan kinderen die naar aparte scholen gaan en er zijn bijvoorbeeld wijken waar alleen mensen wonen uit een bepaalde culturele groep. Assimilatie is het tegenovergestelde van segregatie. Assimilatie betekent: Een bevolkingsgroep past zich zo volledig mogelijk aan, dat de oorspronkelijke cultuur van deze groep bijna geheel verdwijnt. Vaak vindt assimilatie onder dwang plaats. Denk maar aan landen die de islam verbieden of waar synagogen niet zijn toegestaan. In Nederland is dit gelukkig nooit onder dwang gebeurd. Wel heeft de overheid enige maatregelen getroffen om onder de bevolking meer eenheid te creëren. Hierbij kun je denken aan inburgeringcursussen en dergelijke. Nederland past het beste bij integratie. Integratie betekent: bevolkingsgroepen passen zich gedeeltelijk aan aan de dominante cultuur, maar behouden ook gedeeltelijk hun eigen cultuur. Bij integratie gebeurt het dus dat de nieuwkomers en het ontvangende land zich deels aanpassen. Begrippen als ‘melting pot’ en ‘salad bowl’ zijn bekende begrippen op dit gebied. Bij een ‘melting pot’ ontstaat er uiteindelijk een nieuwe cultuur doordat beide culturen samensmelten en bij een ‘salad bowl’ is er ook sprake van vermenging maar hier behouden cultuurgroepen hun eigen typische kenmerken.

Cultuuruniversalisme en cultuurrelativisme

Cultuurrelativisten vinden dat je een cultuur niet mag beoordelen. Culturen zijn geheel apart van elkaar en als je de ene cultuur begrijpt, begrijp je de andere cultuur vaak niet. Nederlanders zullen bijvoorbeeld niet begrijpen dat vrouwen in Saoedi-Arabië behoorlijk achtergesteld staan, terwijl mensen uit die cultuur de mensen uit de westerse cultuur voor gek verklaren. Cultuuruniversalisten echter vinden dat in elke cultuur dezelfde regels en rechten moeten gelden.   

 

5. Botsende culturen en grondrechten

Doordat er steeds meer verschillende culturen naar Nederland komen, kan dit in de pluriforme samenleving de kans op tegenstellingen vergroten. Met tegenstellingen wordt bedoelt dat die mensen allemaal een verschillend wereldbeeld hebben. De ene groep wil bijvoorbeeld hun kind niet laten inenten omdat ze denken dat god alles heeft voorbepaald, maar de andere groep vindt dat het verplicht moet worden, omdat de kinderen nu misschien wel doodgaan door een of andere ziekte. Zo vinden de orthodoxe moslims en de orthodoxe christen dat de man boven de vrouw staat, maar dit past totaal niet in de Nederlandse cultuur.

Nederland heeft naast het openbaar onderwijs het bijzonder onderwijs. Het bijzonder onderwijs bestaat uit confessionele scholen met een godsdienstige identiteit. Zo heb je bijvoorbeeld scholen waar alleen joodse kinderen naar toe gaan. De overheid verplicht echter wel dat deze scholen een bijdrage moeten leveren aan de burgerschapsvorming in deze pluriforme samenleving.

Helaas vindt er tegenwoordig radicalisering plaats onder een kleine groep moslimjongeren. Tegenover deze groep jongeren staat weer een actieve groep rechts-extremistische jongeren. De overheid wil radicalisering tegengaan door activiteiten te organiseren in moskeeën.  Ook is er in Nederland een speciale imamopleiding opgezet. Door sommige maatregelen tegen radicalisering voelen jongeren zich afgewezen.

Dit alles zorgt bij elkaar voor hele ingewikkelde situaties. De overheid heeft dit zo goed mogelijk proberen aan te pakken door verschillende wetten in te voeren. Maar soms staan deze wetten weer recht tegenover elkaar:

  • Het verbod op discrimatie
  • De godsdienstvrijheid
  • De vrijheid van meningsuiting

Hierdoor kom je weer ingewikkelde vraagstukken tegen. Wanneer is een meningsuiting bijvoorbeeld discriminatie? Vrijheid van godsdienst wordt in deze samenleving bewaart door een overheid die seculier is. Dat betekent dat de overheid niet religieus is. Kerk en staat zijn gescheiden.

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.