Nepal (Gedicht)

Door Zevenblad gepubliceerd op Wednesday 29 April 00:19

186c0f5950042027046aa8be02711c13_medium.

De aarde beeft.
Zij schokt en schudt.
De berg komt naar het dal
recht op mij af.

Mijn dorp verdween
in rots en stenen,
geen weg meer, geen straat.
Enkel nog chaos.

Wat groen was is grijs,
Wat leefde is dood,
wat goed was verdween
in een gruwelijk graf.

Verpulverd tot puin
zijn mijn geliefden.
Geen traan die meer vloeit,
de bron bedolven.

Een schreeuw in het donker
die niemand hoort.
Mijn handen verwrongen
in machteloosheid.

De goden gevlucht
naar een veilige vlakte.
Verlaten zijn wij
in de grootste nood.

 

Reacties (13) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Gelezen en beoordeeld!
Gelezen
Radeloze angst, verloren geliefden... zo mooi geschreven.
Gelezen.
Ik heb het nog een beetje aangepast. Het is nu helemaal de Oudnoorse stafrijm van de Völuspâ, met enkele alliteraties.
Weeps zal het vast herkennen.

in oertijd was het
dat Ymir leefde
noch zand noch zee
noch zilte golven

er was geen aarde
noch wijde hemel
slechts gapende afgrond
en gras nergens.
Prachtig
'De goden gevlucht
naar een veilige vlakte.
Verlaten zijn wij
in de grootste nood.'

Dat deeltje blijft hangen...