Hephaistos, een onsterfelijk belachelijke god

Door Nonnie gepubliceerd op Friday 24 April 11:03

b75970166cdf770e7de2e1c6272b0eb4_medium.

Het is een mythe dat goden in een gespreid bedje terechtkomen, zodra ze geboren zijn. Niets is minder waar, zoals ook zal blijken uit het verhaal over de god Hephaistos, want de Griekse mythe over deze held verhaalt van gebeurtenissen, die niet zouden misstaan in onze hedendaagse soaps. Sterker nog, naast de verhalen uit de oudheid zijn GTST, Neighbours, Eastenders en As the world turns niet meer dan slappe aftreksels. Hoewel de mythologie kronieken opdist waar de menselijke maat ver te zoeken is, blijkt niks menselijks de goden vreemd te zijn. Het zijn net mensen, op hun eigen goddelijke manier dan.

Zo trouwde de oppergod Zeus met zijn zus Hera, niet ongebruikelijk in die tijd, waarschijnlijk omdat de spoeling destijds nogal dun was. Driehonderd jaar duurde hun huwelijksnacht en waarom ook niet; als je onsterfelijk bent, heb je immers alle tijd. Hoewel hun huwelijk een regelrechte ramp was, kregen ze vier kinderen: de tweeling Ares en Eris en Hephaistos en Hebe.

Toen Hephaistos werd geboren, bekeek Hera de kleine spruit vol ongeloof. Was dit haar baby? Hoewel alle baby’s lijken op gerimpelde oude mannetjes, was deze uitgedroogde krent wel erg afzichtelijk, zeker voor een jonge god. Vol afschuw pakte Hera de baby bij zijn beentje en gooide hem zonder pardon van de Olympus naar beneden. In onze tijd, waar elk gedrag dat afwijkt van de norm al gauw met een verzoenend etiket wordt gepleisterd, zou alras de term postnatale depressie worden gebezigd, maar in feite was het domweg de verwende reactie van een godin, die ietwat teleurgesteld was in het uiterlijk van haar nageslacht. Een volle dag zweefde de kleine Hephaistos door de lucht tot hij uiteindelijk landde in zee, waar hij door de zeenimfen Tethys en Eurynome werd gered en liefdevol geadopteerd. Bij de nimfen groeide hij op in een diepe donkere grot bij de zee, alwaar hij zich de smeedkunst eigen maakte. Hij bleek een voortreffelijke smid te zijn en maakte voor de nimfen de meest sensationele sieraden. Op een dag kwam Hera een nimf tegen die bijzonder elegante juwelen droeg. Ze vroeg de nimf waar die mondaine sieraden vandaan kwamen, maar kreeg hierop geen antwoord. Hera ging zelf op onderzoek uit en ontdekte tot haar grote schok wie de ontwerper was van die schitterende sieraden, waarop ze haar zoon terstond uitnodigde om met haar terug te keren naar de Olympus om daar een grotere en betere smidse op te zetten, maar Hephaistos zat nog vol wrok en weigerde mee te gaan met zijn moeder.

c0c87066ef388ffd8cc1ba3142b7262a_medium.

Hephaistos, god van de smeedkunst, het vuur en de ambachtslieden

Wel toog hij ijverig aan het werk in zijn eigen grotse smidse en produceerde daar een magische troon die hij naar de godenberg bracht. Gevleid door het schitterende geschenk, nam Hera plaats op de troon om er vervolgens tot haar ontzetting achter te komen, dat ze niet meer kon opstaan. Onzichtbare touwen hielden haar aan de stoel gekluisterd. Hera vloekte en tierde dat het een lieve lust was, maar de magische krachten van de troon waren ijzersterk en lieten haar niet los. Alleen Hephaistos zou haar kunnen bevrijden uit de stoel, maar die had daar totaal geen oren naar, zelfs niet toen andere goden hem bezochten om hem over te halen. Hephaistos bleef koppig weigeren en Hera was daarmee veroordeeld tot een oneindig verblijf op de troon. Dionysus tenslotte maakte een einde aan deze situatie door Hephaistos dronken te voeren en op een ezel terug te brengen naar de Olympus, waarna Hera spoedig haar vrijheid herwon. Na deze heldendaad kreeg Dionysus toestemming om toe te treden tot het Olympische Pantheon en voor Hephaistos werd een formidabele smidse gebouwd onder de vulkaan. Hij werd de smid van de goden, de hofleverancier als het ware, en ontwierp de meest excellente wapens: pijlen voor Cupido, de scepter en bliksems voor Zeus en schilden voor Athena en Achilles. De goden waren zeer opgetogen over zijn vakwerk.

Als vredesoffer schonk Hera Hephaistos Aphrodite als vrouw, een betoverende schoonheid, geboren uit het schuim van de zee, die lang geleden op een schelp was komen aandrijven op Cyprus, waarna Zeus haar als dochter had geadopteerd. Aphrodite was de godin van de begeerte en de mooiste van alle godinnen en uitgerekend zij moest tot haar afschuw trouwen met de weerzinwekkendste god. Hephasistos was verguld met deze keuze, want hij was smoorverliefd op Aphrodite. Zij dacht er heel anders over, trouwde desondanks toch met hem, maar bleef hem niet trouw. De vier kinderen uit dit huwelijk waren in feite van zijn broer Ares, waarmee Aphrodite een lange, dampende affaire had, waar Hephaistos niks vanaf wist tot de minnaars op een dag in de fout gingen en te lang in bed bleven liggen. Helios, de god van de zon, betrapte ze samen in bed en vertelde Hephaistos wat hij had gezien. Hierop maakte de smid van de goden een net van koperdraad dat hij boven het bed hing. Zijn vrouw vertelde hij dat hij een paar dagen op reis moest. Bij zijn terugkomst trof hij zijn vrouw aan met zijn broer Ares, de god van de oorlog, beiden naakt en verstrikt in het net. Direct riep hij alle goden bijeen als getuigen van het onrecht dat hem was aangedaan. Sensatiebelust kwamen alle goden aanstormen en bij de aanblik van de naakte overspeligen werden niet de vreemdgangers, maar de bedrogen echtgenoot mikpunt van de spot. Onsterfelijk was Hephaistos al en nu had hij zich dus ook nog onsterfelijk belachelijk gemaakt.

Het huwelijk van Hera en Zeus was abominabel. Ze wantrouwden elkaar en hadden constant ruzie, hetgeen niet zo vreemd was, aangezien Zeus hormonaal makkelijk te prikkelen was en constant overspel pleegde. Hera was extreem jaloers en had er een dagtaak aan om alle minnaressen en bastaardkinderen van Zeus het leven zuur te maken. Bij een van de ruzies koos Hephaistos voor de zoveelste keer partij voor zijn moeder, wat Zeus dit keer in het verkeerde keelgat schoot en andermaal werd Hephaistos van de Olympus naar beneden geslingerd, ditmaal door zijn vader. Helaas kwam hij deze keer terecht op het eiland Lemnos, waarbij hij zijn beide benen brak. Voor de rest van zijn onsterfelijk bestaan was Hephaistos kreupel, waardoor hij nog meer de risee onder de goden was, nu niet meer alleen vanwege zijn afzichtelijk uiterlijk en zijn overspelige vrouw, maar ook vanwege zijn rare manier van  lopen. Onder de goden, waar perfectie de norm was, bleek er bitter weinig begrip te zijn voor imperfecties.

Onsterfelijk zijn is niet zo fantastisch als het misschien lijkt en met de zeeën van tijd die de goden tot hun beschikking hadden, was het onvermijdelijk dat ze zich op een gegeven moment gingen vervelen. Om te ontkomen aan de sleur besloten de goden de mens in het leven te roepen, een ras dat als speelgoed fungeerde en waarmee de goden zich eindeloos konden amuseren. In opdracht van Zeus werd de man gecreëerd door Prometheus en zijn broer Epimetheus. De mensheid bestond toen alleen nog uit mannen, die echter heel ongelukkig waren en om die reden stal Prometheus een brandende toorts van de Olympos en gaf dit vuur aan de mensheid. Zeus was des duivels over dit verraad en zwoer een dure wraak, waarin Hephaistos een beslissende rol speelde. Hij gelastte de smid om een adembenemende vrouw te maken uit water en aarde en blies haar vervolgens leven in. En zo ontstond Pandora, de eerste vrouw. Zeus schonk haar ten huwelijk aan de broer van Prometheus en gaf haar een doos mee, die ze nooit zou mogen openen. In die doos zat het kwaad van de wereld opgeborgen zoals ziekte, ouderdom, waanzin, pijn en ondeugd. Zoals Zeus al had voorzien in zijn snode plannen, kon Pandora zich niet beheersen en opende de doos, waardoor al het kwaad van de wereld zich vrijelijk onder de mensen kon begeven. Pandora schrok ervan en deed snel de deksel weer op de doos, waardoor alleen hoop achterbleef in de doos. En dat is wat we tot op de dag van vandaag nog steeds hebben: hoop.

 

Meer Nonnie?
http://www.nonniegelezen.nl

Reacties (20) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Gelezen
Dank je wel
Gelezen en beoordeeld!
Dank je wel
De goden? Ja, het waren net mensen soms,
Een heel mooie is dit. Die zie ik ook wel op het podium staan. Succes!
Dank je wel.
Het laatste woord is, zoals altijd, aan het orakel van Plazilla, onze driekoppige jury.
De doos van Pandora met hoop gevuld.
Ik vroeg me al af waar de uitdrukking vandaan kwam als sommige het hebben over een doos als ze het geslachtsdeel van de vrouw bedoelen, maar ja ik ben ook een muts, natuurlijk.
Ja, daar zeg je me wat (als mutsen onder elkaar).
Mooi verhaal.
Dank je wel.
Mooie hervertelling. De mythen hebben iets soap-achtigs, inderdaad, maar ook iets van fantasy en een flinke dosis Marvel :-) Altijd leuk om te lezen!
Dank je wel.
Het is inderdaad een klassieke soap.
Die arme kerel heeft nog wel een soort van rolletje in mijn boek. Iets anders geschreven maar toch. Mooi neergezet.
Hij spreekt wel tot de verbeelding, hè, deze god.
tegen Nonnie
1
Ach ik had een legendarische smid die de leerling was geweest van een nog legendarischer figuur en dan kom je al gauw op de godsmid uit.

Je hebt er een mooi verhaal van gemaakt ;) Ik had een beetje gesjoemeld en een oud verhaal van me bewerkt.
Ach, het is gewoon een mooi verhaal en met dit aantal inzendingen is elk verhaal mooi meegenomen. Helaas worden het er steeds minder.