Een getrouwde man heb je nooit alleen

Door Lekkerding gepubliceerd op Wednesday 22 April 23:22

Stefanie (38) had een relatie met een getrouwde man. Telkens beloofde hij de knoop door te hakken en een keuze te maken. Jarenlang bleef Stefanie hopen. Uiteindelijk verbrak zij de relatie, maar kwam toch weer bij hem terug.

 

Stefanie: “Pieter en ik kwamen vijf jaar geleden via een wederzijdse vriend in contact met elkaar, op Hyves. We reageerden op elkaars berichtjes en maakten elkaar uiteindelijk ‘vriend’. We gingen elkaar kleine berichtjes sturen. In eerste instantie over koetjes en kalfjes, maar we werden steeds serieuzer. Ik vertelde hem over mijn werk, mijn kinderen, mijn gevoelens en gedachten. Puur vriendschappelijk, want ik was niet op zoek naar een relatie. Ik ben twee keer getrouwd geweest en twee maal gescheiden. Mijn eerste man en ik waren uit elkaar gegroeid en mijn tweede man was zo dominant dat ik besloot om bij hem weg te gaan. Mijn leven als alleenstaande moeder beviel me prima. Ik had mijn handen vol aan mijn drie kinderen, toen vijf, zeven en zeventien.

 

Ik zag Pieter, getrouwd zonder kinderen, steeds meer als een fijne vriend. Na een maand of vier over en weer gemaild te hebben, wilden we elkaar ontmoeten. Gewoon, uit nieuwsgierigheid. We spraken af bij mij thuis. Pieter was een vlotte prater en een knappe man. Ik was eerlijk gezegd meteen verkocht. Ik baalde nu wel dat hij bezet was! Na een ontspannen gesprek, een halve liter koffie en koekjes, nam ik een paar uur later een beetje teleurgesteld afscheid van hem.

 

Hij vond mij blijkbaar nét zo leuk als ik hem, want hij bleef contact met me zoeken. Naast berichtjes op Hyves, gingen we elkaar ook bellen en sms’en. In één van onze telefoongesprekken vertelde hij me dat hij meer voor me was gaan voelen. Hij wilde me nóg een keer zien. Mijn hart maakte een sprongetje en tegen beter weten – hij was immers getrouwd - in sprak ik met hem af.

 

Tijdens deze ontmoeting spraken we onze liefde voor elkaar uit en kusten we elkaar voor het eerst. Vanaf dat moment waren we niet meer bij elkaar weg te slaan. En dat terwijl we zo’n ruim honderd kilometer uit elkaar woonden! Elk vrij uurtje bracht Pieter met me door.

 

In het begin van onze relatie was ik zo verliefd, dat het me niet zoveel kon schelen dat Pieter getrouwd was. In mijn ogen was hij de leukste man van heel de wereld. Heel soms voelde ik me schuldig naar zijn vrouw. Pieter praatte op me in als ik erover begon. Zijn huwelijk stelde niets meer voor, zei hij. Hij en zijn vrouw hadden een soort van broerzus relatie. Pieter beloofde me om te gaan scheiden en ik voelde me een stuk beter door zijn lieve woorden. Hij hield van mij en nog even zouden we echt bij elkaar zijn.

 

Na een half jaar was ik niet meer tevreden met onze relatie. Onze weekenden samen waren voor mij niet meer voldoende. Ik wilde hem dag en nacht bij me hebben. Elke keer als hij wegging moest ik huilen. Mijn buurvrouw en beste vriendin ving me op: ‘Maak het dan uit!’, zei ze dan, maar daar peinsde ik niet over. Ik kon hem niet missen. Ik was zo verliefd. Ze zei: ‘Zoek toch een ander’, maar ik wilde niemand anders. Ik wilde alleen maar Pieter. In mijn ogen was hij de ideale man. Hij was lief, mooi en begrijpend. Niet alleen de seks was goed, we konden zo fijn met elkaar praten. Ik wilde hem echter niet langer delen met een ander. Als hij echt van me hield, moest hij voor me kiezen. Pieter drukte me op het hart dat hij wilde scheiden van zijn vrouw. Alleen, nu was het nog niet het juiste moment, zei hij. Hij was naast zijn werk gestart aan een Hbo studie en deze wilde hij eerst afronden. Daarna was hij klaar voor een nieuwe fase aan zijn leven. Ik liet me overtuigen. Ik had begrip en geduld, hij was het wachten waard.

 

Op eerste kerstdag 2008 ontmoette ik voor het eerst zijn vrouw. Onder nare omstandigheden, dat wel. Kerst bracht ik tot mijn teleurstelling alleen door. Pieter had besloten om bij zijn vrouw te blijven. Mijn kinderen waren bij hun vader. ’s Morgens liep ik doelloos door mijn huis. Ik had geen zin om me aan te kleden, zodoende liep ik nog in een T-shirt rond. Ik smeerde een boterhammetje en dronk een bakkie koffie. Plots rook ik een brandlucht. Ik keek naar buiten, maar zag niets. De rooklucht werd sterker en ik werd ongerust. Het leek wel van boven te komen! Ik liep de trap op en tot mijn schrik kwamen de vlammen me tegemoet. In paniek ben ik naar buiten gerend. et  I

Mijn telefoon en laptop heb ik in het voorbijgaan uit de keuken gegrist en meegenomen. Met trillende handen belde ik een goede vriend. ‘Mijn huis staat in brand, je moet iets doen’, gilde ik in paniek. Hij kalmeerde me en zei dat ik het gesprek met hem moest beëindigen en de brandweer moest bellen. Dat heb ik gedaan. Vervolgens heb ik huilend Pieter gebeld, die beloofde onmiddellijk naar me toe te komen.

 

Helemaal in shock stond ik te kijken hoe het vuur razendsnel om zich heen greep. Er was niet veel wat de brandweer nog kon doen. Huilend keek ik naar mijn brandende huis. Wat een nachtmerrie! Een buurman kwam naar me toe en sloeg een deken om me heen. Plots hoorde ik de stem van Pieter. Ik viel hem in de armen en hij kuste me. Hij stelde me voor aan zijn vrouw. Zo’n onwerkelijk moment. Slechts een keer had ik een foto van haar gezien, maar ze zag er heel anders uit dan ik had verwacht. Ik had me haar wat uitbundiger en vrouwelijker voorgesteld. Ik vond haar zeker geen mooie vrouw, verre van. Ze was mager en sober gekleed. Terwijl Pieter me troostte en vasthield, keek zijn vrouw zwijgend toe. Waarom hij zijn vrouw had meegenomen kwam niet ter sprake. Terwijl de vlammen mijn huis in as legde, besefte ik hoe raar de situatie was.

 

Pieter vertrok een twee uur later met zijn vrouw in zijn kielzog. Ik werd door goede vrienden opgevangen, ik mocht zo lang bij hen logeren. Mijn kinderen bleven bij hun vader. De eerste dagen na de brand was ik erg overstuur. Mijn fotoboeken, het speelgoed van de kinderen, al onze kleding… alles was weg! Een stomme kortsluiting had heel mijn leven in as gelegd. Kniezen had echter geen zin en ik besloot mijn schouders eronder te gaan zetten. Ik wilde niet te lang van de gastvrijheid van mijn vrienden gebruik maken en besloot om zolang een huisje te huren op een vakantiepark . Van daaruit ging ik op zoek naar een passende woning.

 

Pieter kwam elk weekend naar me toe. In het kleine vakantiehuisje vroeg ik hem hoe zijn vrouw had gereageerd op onze ontmoeting. Wat vond ze van me? Hij ging niet op mijn vragen in. Ik liet het maar daarbij. Mijn hoofd zat zo vol van al het verdriet om de brand. Wel begon het me steeds meer tegen te staan dat Pieter geen keuze leek te willen maken.

 

Na drie maanden trok ik in een nieuwe woning. Ik moest erg wennen. Mijn oudste kind ging tegelijkertijd op kamers. Pieter hielp mij en de kinderen met het oppikken van ons leven, al had hij het erg druk. Hij was bezig met het afronden van zijn studie. Fijn, want hij had me immers beloofd om weg te gaan bij zijn vrouw, zodra hij klaar was met zijn opleiding.

 

Trots nodigde Pieter me uit voor zijn diploma-uitreiking. Natuurlijk wilde ik graag komen, maar ik schrok toen Pieter vertelde dat zijn vrouw, ouders en schoonouders er ook zouden zijn. Pieter drukte me op het hart dat dit geen probleem zou zijn. Ik hoorde bij hem, zei hij, en iedereen moest maar accepteren dat ik een deel van zijn leven was. Hij vond het erg belangrijk dat ik zou komen, dus uiteindelijk hakte ik de knoop door. Ik zou gaan!

 

Ik was zo trots als een pauw toen Pieter zijn diploma mocht ondertekenen en het document officieel overhandigd kreeg. Na het officiële gedeelte was er een borrel. Pieter nam me bij de arm en sleepte me mee naar zijn familie. Waar ik al bang voor was, gebeurde. Mijn aanwezigheid werd niet in dank afgenomen. Vooral zijn ouders waren erg kwetsend. Zij negeerden me totaal. Ik leek wel onzichtbaar! Een genante situatie, ik voelde me erg opgelaten. Het zat me dwars dat Pieter me niet ingelicht over hoe ze over me dachten. Ik hield me groot, want op dat moment had ik geen zin in een scene.

 

Pieter ging met mij mee naar huis en daar kregen we ruzie. Ik nam het Pieter kwalijk dat hij me aan het lijntje hield. Zijn ouders zagen mij als de vrouw die in zijn huwelijk stookte en helemaal ongelijk hadden ze niet. Hij had immers nog steeds niet voor mij gekozen. Pieter kalmeerde me. Hij hield toch van mij? Ik was de vrouw met wie hij zijn verdere leven wilde delen. Hij zou de scheiding in werking gaan zetten en wel nu, beloofde hij. Hij wilde zelfs een gezinnetje met me stichten. Zou het niet mooi zijn, zei hij, een kindje van ons tweeën? Mijn boosheid maakte plaats voor liefde. Wat hield ik toch veel van deze man. En ja, wat zou ik graag een kind met hem willen hebben. En weer geloofde ik hem.

 

Drie maanden later was ik zwanger. Wat was ik blij! Ik kon niet wachten om Pieter het grote nieuws te vertellen en belde hem op. Hij reageerde lauwtjes. Hij feliciteerde me, maar vertelde vervolgens dat hij een tijdje niet naar me toe zou komen. Hij had namelijk samen met zijn vrouw een vakantie geboekt. Het was alsof ik een klap in mijn gezicht kreeg. Huilend heb ik de verbinding verbroken. Vervolgens liet hij vier weken niets van zich horen. Hij reageerde ook niet op mijn telefoontjes en sms’jes. Toen ik hem eindelijk aan de lijn kreeg, was ik woedend. Tierend heb ik hem de huid vol gescholden.

 

Daags later stond hij bij me op de stoep. Ik was nog steeds boos. Hij wilde toch met mij verder? Hoe kwam het in hem op om met zijn vrouw op vakantie te gaan? Ik droomde al jaren van samen op vakantie gaan. Samen een leven opbouwen. Een huis kopen, een gezin stichten. Weer had hij me keihard laten vallen. ‘Die vakantie was nu eenmaal al geboekt’, mompelde hij toen ik om uitleg vroeg. Er brak iets in me. Het drong voor het eerst tot me door dat hij me aan het lijntje hield. Alleen ik kon dat lijntje breken en dat heb ik gedaan. Met pijn in het hart, dat wel. Ik zette hem de deur uit met de woorden dat hij pas terug mocht komen als hij definitief voor mij gekozen had.

 

Ik voelde me intens verdrietig. Mijn kinderen ook, ze misten Pieter en zagen mijn verdriet. Wel waren ze blij met mijn zwangerschap. Met het smoesje dat ik me door mijn zwangerschap moe en misselijk voelde, heb ik hen een tijdje bij hun vader onderbracht. Ik had tijd nodig om na te denken en om tot rust te komen. Ik miste Pieter, ik hield nog steeds van hem.

 

Drie weken later was mijn woede gezakt en ik hoopte op een verzoening. Ik nam contact op met Pieter. Ik vroeg hem of hij mee ging naar mijn verloskundige, waar ik een echo zou krijgen. Hij reageerde positief. Een half uur lang heb ik echter in de wachtkamer op hem gewacht, maar hij kwam niet opdagen. Ik belde hem mobiel. Hij kon niet komen, zei hij. Er was iets dringends tussen gekomen. Mijn hart brak.

 

De echoscopiste had niets in gaten van mijn verdriet en vertelde me met een grote glimlach dat ik zwanger was van een tweeling. Beduusd keek ik naar het beeldscherm waar inderdaad twee ‘cashewnootjes’ verschenen. Twéé lieve kleine baby’tjes om voor te zorgen en van te houden! Ik was stomverwonderd. Ach, dacht ik, ik ga het redden. Ik had twee scheidingen en een woningbrand overleefd. Ik was een sterke vrouw en ook dit zou ik aankunnen!

Met drie maanden en twee weken zwangerschap kreeg ik opnieuw een echo. De gynaecoloog constateerde dat een kindje in groei achterbleef ten opzichte van het andere kindje. Redelijk verontrustend, zei de dokter. Hij vertelde me dat het mogelijk was dat het kleinste kindje het niet zou redden. Zijn woorden drongen totaal niet tot me door.  Ik wist zeker dat mijn kind het zou halen, dit zou mij niet overkomen. Ik had het veel te druk met fantaseren. Zo wist ik al precies wat ik op het geboortekaartje van mijn tweeling zou zetten: ‘het moest gewoon zo zijn’. Ik had zelfs al leuke namen in gedachte.

Mijn leven stortte in toen ik met zestien weken een bloeding kreeg. Angstig nam ik contact op met mijn verloskundige, die me rechtstreeks doorstuurde naar het ziekenhuis. Daar kreeg ik te horen dat een van de twee foetussen had het niet gehaald.

De twee weken die volgden, zijn het beste te omschrijven als één grote buikkramp, omgeven door een oceaan van tranen zoals alleen een zwangere vrouw ze huilen kan. Ik huilde aan een stuk om het definitieve einde van mijn tweelingzwangerschap. Niemand, ook Pieter niet, had ik verteld dat ik zwanger was van twee kindjes. Ik moest het verdriet helemaal alleen verwerken. Dat maakte het nog moeilijker dan het al was.

Echt genieten van mijn zwangerschap lukte me niet meer. Ik was te verdrietig. De laatste drie maanden had ik ook nog eens veel pijn. Ik kreeg last van bekkeninstabiliteit en mijn arts vond het verstandig dat ik bedrust hield. Pieter zag ik niet meer. Af en toe kreeg ik een sms’je van hem, waarin hij vroeg hoe het met me was. Ik was nog steeds kwaad op hem en negeerde zijn berichtjes. Ik voelde me zo tekort gedaan.

Twee weken voor de uitgetelde datum, besloot ik weer contact op te nemen. Ik stuurde Pieter een sms’je met de vraag of hij bij de bevalling aanwezig wilde zijn. Hoe boos ik ook was, hij is toch de vader van mijn kind. Hij wilde het graag, sms’te hij me dankbaar. Stiekem gaf me dat ook weer hoop. Ik voelde nog steeds zoveel voor deze man.

In mei 2010 beviel ik van mijn zoon Timo, na een vlotte bevalling. Pieter was er niet bij. Een half uur voor mijn bevalling heb ik hem gebeld, maar hij nam de telefoon niet op. Pas nadat Timo was geboren, kreeg ik hem te pakken. We waren beiden teleurgesteld. Ik vond het heel erg dat hij de bevalling van zijn kind had gemist. Ik wilde echter niet teveel stilstaan bij de pijn die het me gaf. Ik wilde me concentreren op mijn mooie zoon.

Waarom niet eerder? Pas een week later kwam Pieter voor het eerst naar zijn zoon kijken. Beetje bij beetje ontdooide hij. Hij nam Timo in zijn armen en leek ontroert. Wel bleef de sfeer tussen ons koeltjes. Ik vertelde hem voor het eerst dat Timo de helft van een tweeling was en dat zijn broertje of zusje na drie maanden zwangerschap was gestorven. Pieter schrok, maar reageerde niet. Schuldig keek hij weg. Ik verweet hem dat hij me zo lang in de steek had gelaten. Opnieuw vielen er bittere woorden en Pieter vertrok zwijgend. Ik bleef huilend achter, met Timo in mijn armen. 

Timo was een half jaar toen ik via via hoorde dat zijn vrouw zwanger was. De grond sloeg onder me vandaan. Hoe kon hij me dat aandoen? Vijf jaar lang had ik in hem en in zijn woorden geloofd. Wat een leugenaar was hij, wat een bedrieger.

Een jaar lang ben ik boos geweest, gefrustreerd. Ik voelde me zó bedrogen. Pieter kwam af en toe zijn zoon bezoeken, zo om de twee, drie weken. De sfeer was dan om te snijden.

Timo was anderhalf jaar oud toen ik het gevoel had dat ik me voor een groot deel over mijn boosheid had heen gezet. De bezoekjes van Pieter verliepen steeds minder stroef. Na verloop van tijd raakten we opnieuw met elkaar in gesprek. Korte praatjes over het weer, over de kinderen. Onze gesprekjes werden echter langer en vriendschappelijker. We groeiden opnieuw naar elkaar toe. Het is voor een buitenstaander misschien onbegrijpelijk, maar een paar maanden geleden werden we opnieuw verliefd op elkaar. Ik herinnerde me de vele mooie momenten die we samen hebben gedeeld en wilde weer bij hem zijn. Hij had hetzelfde gevoel. Het is nu weer net als toen, ik ben helemaal ondersteboven van hem.

Timo is in mei drie jaar geworden. Pieter en ik zijn een stel. Hij heeft echter nog steeds geen definitieve keuze gemaakt tussen mij en zijn vrouw... In het weekend is hij bij mij, doordeweeks bij haar. Deze keer heb ik Pieter op het hart gedrukt dat ik niet meer op de tweede plaats wil komen. Ik wil niet langer de vrouw ‘achter de schermen’ zijn. Anders maak ik definitief een einde aan onze relatie, hoeveel ik ook van hem houd. Ik ben gelukkig, maar wat ik mis is een compleet gezin. Een vader voor mijn kinderen, iemand die er dag en nacht voor me is. Niet een weekendvader. Hij heeft me beloofd om binnen nu en drie maanden de scheidingspapieren aan te vragen en een einde aan zijn huwelijk te maken. Zijn belofte staat nu een maand. De tijd tikt… Of hij voor mij kiest, ik weet het niet. Dat het zo niet langer kan, besef ik maar al te goed. Mijn relatie betekent eenzaamheid, gemis en honderdduizend tranen. Ik mis hem als hij er niet is en als hij me dan eindelijk weer in zijn armen houdt, ben ik gelukkig. Nog heel even neem ik daar genoegen mee.”

d695b185bea7fff480d75eddd162522d_medium.

Stap over naar Oxxio

Help deze website en onze schrijvers, stap over naar Oxxio als energieleverancier.

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.