Bruine bonen met gehakt van gisteren

Door Weltevree gepubliceerd op Wednesday 15 April 13:33

Zienderogen afgevallen is ma soms nog maar enkele uren per dag echt fit. Ze pept zich op voor het bezoek en de controle van de dokter, maar wie er de hele dag bij is weet dat ze ons op sterke geestkracht nog steeds voor het lapje houdt over de ware toestand van haar gezondheid. Ik ken haar door en door en over vier dagen moet ik voor gebak zorgen omdat haar twee oudere zussen met hun dochters afscheid komen nemen. Moet ik haar nu op de valreep nog vervelen met de fietsendiefstal van haar kleindochter, die ze op handen draagt?
Na het bezoek aan Tooskes ouders kwakkel ik net zo moe als mijn Renaultje met de slippende koppeling de heuvels op en af naar de Hospice, waar ik ma het bos in wil sturen met een smoes. Maar ze heeft als deskundige smoezenaar meestal ieder uitvluchtje razendsnel door en dan sta ik daar met een knalrode kop te stotteren.

Halve waarheden

“Ik ben wat opgehouden, sorry ma. Hebben ze het doorgegeven? Er was iets mis met M****’s  fiets.” Om scherpe vragen voor te zijn klets ik er in één adem overheen. “Morgen gaan we maar eens met de rolstoel naar Velp. Een beetje frisse lucht opdoen om wat kleur op je wangen terug te krijgen. Als je zusters komen wil je er natuurlijk wel patent uitzien, toch? Wat vind je daarvan?” Ma knikt tevreden.
“Ja en ik wil wel iets moois voor Tekla uitzoeken nu het nog kan.” Terwijl ik de schone was in de kast leg, denk thee met haar te drinken voordat ik weg moet, hoor ik haar in het nachtkastje door de persoonlijke zaken rommelen. Zodra ik opkijk drukt ze mij haar giroafschrijvingen onder de neus.
“Moet je kijken!” Ze wijst boos naar het dikke zwarte kruis dat voor de afschrijving van M****’s schoolboeken is verschenen.
“Dat heeft je broer gedaan,” is ze verontwaardigd en ik val naast haar op het bed.

“Ja, ik zei je toch dat hij straks alles gaat verrekenen?”
“Ja, maar dat kan hij zomaar niet maken.”
“Jawel hoor,” zeg ik droog en als ik ook nog zelfverzekerd knik snuift ze kwaad. 
“Daarvoor heb ik hem mijn administratie niet toevertrouwd."
“Je ziet het, hij doet dat echt niet voor niets! Daar komt hij straks op terug. Heeft hij je ernaar gevraagd?”
"Nee. Hij keek wel raar op toen ik om de afschriften vroeg, maar ik moet verdorie toch zelf weten wat ik met mijn geld doe!
“Ja. En als jij iets aan mij geeft moet hij hetzelfde hebben.”
"Maar dit was helemaal niet voor jou. Straks valt hij er nog over dat ik vorig jaar een weekje naar Noordwijk op vakantie ben gegaan."
"Nee, ma, dat gunt hij je wel. Enkel als het iets met mij te maken heeft, denkt hij recht te hebben mijn geld, zelfs als ik niets kreeg."
"Is hij dan alles vergeten? Weet hij niet meer hoe wij hem geholpen hebben toen het nodig was omdat hij met Tekla wilde trouwen zonder dat hij daar het geld voor had?” Ik knik, weet dat hij al die jaren enkel de miskleunen van zijn ouders wenste te onthouden. Als een boekhoudende krentenkakker, bang om in mijn schaduw te staan. We zitten beiden verslagen op haar bed. Ik heb weinig anders te zeggen dan dat hij uit jaloezie iedere daad afweegt vanuit zijn negatieve aanname dat ma mij altijd heeft voorgetrokken en die nodeloze discussie bespaar ik haar graag.

“Jij trok altijd je eigen plan, wilde niet eens dat we je met geld hielpen. Dat was jouw eer te na en dat vonden wij wel eens vervelend want we wilden het eerlijk tussen jullie verdelen. Dit is nota bene de eerste keer dat ik jou uit de brand heb geholpen omdat mijn kleinkind het nodig had!”
“Ja, ma, en daar zit hem de kneep. M**** is mijn kind waar hij niet voor op wil draaien en al zou hij er de bewijzen van zien dat ik niets cadeau kreeg, dan nog moet hij alles vergelden wat hij denkt in zijn hele leven te kort te zijn gekomen.”
“Pas jij straks goed op? Zorg dat hij jou niet het vel over de oren haalt. Jij hebt al zoveel voorgeschoten en daar weet hij helemaal niets van. Ik heb hem wel gezegd, toen ik dit zag, dat jij de lening voor je huis inmiddels dubbel en dwars aan mij hebt terug betaald. Had ik dit maar nooit zo gedaan. Is hij nou helemaal mal, voor mij bepalen waar ik mijn geld laat? ”
“Ma, maak je niet druk. Ik regel straks echt mijn eigen zaakjes wel.”

In mijn vertrouwde blauwe koekblikje op weg naar huis, waar M**** de maaltijd klaar zal hebben, weet ik dat ma niet de enige is die zich doodvermoeid door het leven slaat. Ook ik begin op mijn laatste benen te lopen. Nu ik moet helpen om een laatste verjaarscadeautje voor Tekla aan te schaffen, een blijvende herinnering zoals ma dat noemt, steekt het extra. Toen ze nog helder en zelfstandig denken kon, heeft ze diezelfde Tekla niet gevraagd om haar te helpen. Daarom heb ik voor mijn laatste verjaardag géén cadeau van ma als aandenken en de plant die ik zelf van haar zevenenhalve gulden moest kopen is inmiddels een stille dood gestorven omdat ik amper thuis was… In de schaarse momenten dat ik aan mijn eigen gedachten toe kom, meestal in de auto, hoop ik dat ma na de Kerst klaar is met leven. Die ‘foute’ gedachte druk ik vandaag de kop in want nu moet ze eerst de verjaardag van mijn schoonzus nog halen. Al was het maar zodat ik na haar dood deze laatste positieve daad met mijn hebzuchtige broer kan bespreken.

c49d524933f8d6f36974235c71177b5d_medium.

Het is zeven December als ik haar, goed ingepakt want het is koud, in de rolstoel door de tuin van Rozenheuvel rijd om met de te repareren sierraden naar de juwelier te wandelen.
“Ik hoop dat ik de krokusjes mag zien opkomen,” zegt ze plompverloren. Ik zwijg. Hoewel de Poolse dokter je lijf nog berensterk vindt vraag ik me af of je over een week Tekla’s verjaardag nog zult halen. 
“Pa bleef nog wel lang genoeg leven. Wat denk jij, haal ik dat ook?” hengelt ze hoopvol naar bevestiging. Gelukkig kan ze mijn gezicht achter de rolstoel niet zien als ik zeg dat ik daar natuurlijk ook op hoop.
Het is toch een half uur stevig doorlopen naar de juwelier waar ze de reparaties opgeeft en na veel wikken en wegen een gouden hartje aan een ketting voor mijn schoonzus koopt. Daarna is ze meteen een grauwe afspiegeling van haar ooit zo pronte verschijning. Om op te warmen belanden we voor cappuccino met koffielikeur in een hip restaurantje aan de hoofdweg waar ze zich kranig houdt, maar totaal op is. Ik weet dat het strafbaar is, maar mocht je hier nu dood in de stoel blijven zitten rijd ik je toch nog stiekem terug naar de Hospice. Ik schrik van mijn eigen gedachten en vergoelijk die meteen want ze zou al die ophef, het onelegante gesjor met haar lijf ten overstaan van al die onbekende mensen en de opvallende ambulance een ramp vinden, weet ik.

Wie zich brandt

f3849faa0a68aa0f68afcafbe6a7b76d_medium.

“M***, Tooskes moeder belde vanmorgen en we hebben unaniem besloten.”
Ze schrikt, valt met grote ogen op de bank.
“Ik had hetzelfde idee als zij… dat jullie jezelf aan moeten geven.”
“Hoezo aangeven?” giechelt ze zenuwachtig.
“Woensdagmiddag ga je met Toos naar het politiebureau in de stad en vertelt daar wat jullie hebben gedaan.” Ze schiet in de lach en zegt dat ze er niet aan denkt zoiets idioots te doen.
“Oh nee? Tooske’s ouders en ik zijn het er anders bloedserieus over eens. Gestolen goed gedijt niet. Je weet dondersgoed dat je een strafbaar feit hebt gepleegd en wie zich brandt moet op de blaren zitten.” Ze belt meteen haar vriendin en hoort tot haar ontzetting dat Tooskes ouders net zo min te vermurwen zijn als ik.
“En wat gebeurt er dan op het politiebureau?”
“Afwachten. Ik weet niet wat ze met fietsendieven doen. Het zal schelen dat jullie jezelf aan komen geven. Misschien kom je er met een berisping van af, want jullie hebben nog geen strafblad."
"Wat is dat nou weer, een strafblad."
"Dat is een wettelijk dossier waarin bijgehouden wordt wat je aan strafbaars op je kerfstok hebt. Ik hoop dat je dat voor fietsendiefstal niet krijgt, want dan ben je daar de rest van je leven mee opgescheept, kom je niet meer voor gewichtige banen in aanmerking.”
“Ga je dan mee?” piept ze geschrokken en ik zie niet of ze dit hoopvol bedoelt of dat ze het als een blamerende afgang ziet om aan mama’s handje kleur te moeten bekennen bij die grote interessante indrukwekkende agenten.

“Nee, wie oud en wijs genoeg is om een fiets te jatten kan ook op eigen houtje die fout herstellen en je vriendin gaat mee, dus…met zijn tweetjes redden jullie dat wel Ik moet dan trouwens bij oma zijn. Tante Maya en Greet, de moeder van Gonnie weet je wel, komen afscheid van haar nemen. Ze vroeg trouwens ook wanneer jij weer eens komt.”
“Weet oma het?”
“Wat?”
“Nou ja, doe nou niet zo stom zeg, dat ik een fiets gestolen heb?”
“Hoor eens, ik ben géén helderziende, heb al genoeg aan mijn hoofd om te raden wat jou dwarszit. Nee, bij oma heb ik er omheen gelogen en je weet hoe een hekel ik aan liegen heb, dus gemompelddat er iets mis was met je fiets.” Ze zucht opgelucht waarna we de opgewarmde bruine bonen met het gehakt van gisteren naar binnen werken. 

Stap over naar Oxxio

Help deze website en onze schrijvers, stap over naar Oxxio als energieleverancier.

Reacties (16) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Om de scène met je dochter moet ik gewoon lekker gniffelen.

Het dikke zwarte kruis van je broer is inderdaad veelzeggend.

"Ik weet dat het strafbaar is, maar mocht je hier nu dood in de stoel blijven zitten rijd ik je toch nog stiekem terug naar de Hospice." Die blijft even hangen.
Ja, je denkt op sommige momenten puur praktisch en met liefde, denk ik
Intens dit moment ,erg om dit te ervaren en lief hoe je moeder dit voor je dochter en jou wilde doen. Zwaar om zoiets binnen een gezin mee te maken! je schrijft erg goed trouwens ;-) leest prettig en begrijpelijk dus zorgt dat emoties erg mee spelen tijdens het lezen ik voel een verplaatsende kwaadheid in mij nu
Zeker, dit bewijst dat twee kinderen binnen één gezin de wereld totaal anders ervaren. Moeilijk en vaak pijnlijk, al dat wederzijdse onbegrip, alsof een moeder expres zoveel haat zou willen zaaien. Foei....
Wat erg dat je broer zoiets durfde.
Vooral erg voor je stervende moeder: je zult toch in je laatste levensdagen geconfronteerd worden met een dergelijke hebzucht en vooral liefdeloosheid van de kant van je eigen zoon.
Dat hij jou niet eens gunde dat je moeder de schoolboeken voor haar kleindochter betaalde: je was verdorie een alleenstaande moeder!
Als je als moeder meer dan 1 kind hebt, help je toch degene die het het moeilijkst heeft het meest?
Ik betaal ook wel eens iets voor mijn dochter en zij is niet eens alleenstaand, maar heeft wel 2 studerende kinderen. Ik heb me daar 1x voor verontschuldigd bij mijn zoon, dat werd direct weggewuifd: "Mama, ik wil dat nooit meer horen, het is toch normaal dat je haar helpt? Ik verdien veel meer" Later kwam ik er toevallig achter dat hij ook regelmatig zijn zus financieel bijstaat.
Ja, ik heb zelf ook altijd gedacht dat je elkaar als broer en zus bijstaat, dat je diegene bijstaat die het het hardst nodig heeft. Als hij mijn hulp vroeg heb ik hem ook nooit geweigerd. Kennelijk was dat alles niet genoeg voor hem en zijn vrouw? Jaloezie maakt meer kapot dan je lief is.
dat van je broer was te verwachten!!
Maar toch wel erg dat je NU nog met je ma naar de juwelier moet voor schoonzus!!

En de 2 meisjes ... ja die moeten het nu maar verder oplossen en gaan!
Ja, ma had dat in haar hoofd. Kennelijk was het een erezaak, of zo, dat Tekla niet denken zou dat ze niet zo belangrijk was als ik. Ze bleef tot het einde toe hopen dat ze haar vergeven zouden, maar waarvoor? Dat heb ik me vaak afgevraagd. En de meisjes? Dat lees je de volgende keer.
Over je broer heb ik natuurlijk hetzelfde te zeggen als mijn zus, die zoiets nooit zou flikken trouwens, mijn broer ook niet, maar dat terzijde. Ik denk dat jullie het met die meisjes goed aangepakt hebben. Nu nog afwachten of ze ook echt gaan.
Dank je wel, dat met de meisjes komt goed, zeker weten
Daar ben ik ook van overtuigd.
Je kon er op zitten wachten met je broer.
Ja, en zo erg dat ma er zo van schrok. Dat ze in die laatste weken klap op klap kreeg wat betreft haar zoon. Als zuster sta je er anders in, maar ja, het blijft toch slikken als je gelijk krijgt.
Heb heel wat fietsen 'geleend' in mijn jongere jaren en ben er nooit voor naar de politie gegaan om het op te biechten. Al zou je er mogelijk met een berisping en de verplichting de fiets terug te brengen mee afkomen.

En die broer ... ja stelt me niet teleur. Had zoiets al wel verwacht, maar kan me goed indenken dat je moeder er behoorlijk van schrok en kwaad om werd.
Het heeft die twee meiden een heerlijke hilarische middag opgeleverd, de moeite waard om te beschrijven, haha en dat stond in schril contrast met wat we in verband met broerlief ( dat jaloerse vunzige wantrouwen) weer voor de kiezen kregen.
Dat geloof ik graag.