Samenvatting M&O H17: Kosten en winst (vwo)

Door Karin951 gepubliceerd op Thursday 12 March 10:09

Hoofdstuk 17: Kosten en winst

17.1 constante en variabele kosten

Constante kosten zijn kosten die niet afhankelijk zijn van productieomvang, afzet of omzet. Bijvoorbeeld: huur, afschrijvingskosten en loon van vast personeel. De constante kosten hangt samen met de gekozen productiecapaciteit (= hoeveelheid prestaties die een bedrijf onder normale omstandigheden kan voortbrengen) , daarom noemen we deze kosten ook wel capaciteitskosten.

De capaciteit geeft de bovengrens aan van de productie in een bepaalde productie. De productiecapaciteit wordt zelden volledig benut. De werkelijke benutting noemen we de bezettingsgraad. Een productiecapaciteit is niet in korte termijn uit te breiden. Je kan bijvoorbeeld niet gelijk iemand ontslaan of gelijk een prijs verhogen van een product. Het blijft dus voor een bepaalde termijn op dezelfde niveau.

 

Variabele kosten

Variabele kosten zijn kosten die afhankelijk zijn van de productieomvang en/of van de afzet.

Het verband tussen de veranderingen in de productieomvang en in de variabele kosten kan verschillend van aard zijn. Er zijn 3 soorten verbanden namelijk:

  • Proportioneel variabele kosten
  • Progressief variabele kosten
  • Degressief variabele kosten

Van proportioneel variabele kosten is er sprake als er een lineair verband bestaat tussen de totale variabele kosten en de productieomvang. Als je productieomvang stijgt, stijg je totale variabele kosten ook net zo veel mee.

Van progressief variabele kosten is er sprake als de variabele kosten meer dan lineair toeneemt als gevolg van een grotere productieomvang.  Dit kan bijvoorbeeld komen door je werknemers over te laten werken, want meestal krijgen ze meer betaald dan.

Van degressief variabele kosten is er sprake als de variabele kosten minder dan lineair toeneemt als gevolg van een grotere productieomvang. Dit kan bijvoorbeeld komen doordat je leverancier je korting geeft, omdat je meer producten bij hun koopt.

Totale kosten = totale vaste kosten + totale variabele kosten

 

17.2 Het break-even punt

Het break-evenafzet is de afzet waarbij er geen winst of verlies wordt gemaakt.

(TO = TK oftewel Totale Omzet = Totale Kosten)

BEA  = totale constante kosten : (verkoopprijs – inkoopprijs – overige variabele kosten per stuk) à altijd naar boven afronden!

Het break-evenomzet is de omzet waarbij er geen winst of verlies wordt gemaakt.

BEO = BEA x verkoopprijs

Een ondernemer hanteert ook vaak een dekkingsbijdrage. Dit dient om de constante kosten te dekken en winst te maken.  De dekkingsbijdrage laat zien hoeveel één product bijdraagt aan de dekking van de vaste kosten en aan de nettowinst.

Dekkingsbijdrage per product = verkoopprijs per product – inkoopprijs per product – overige variabele kosten per product

De veiligheidsmarge is dat je afzet met zoveel procent (%) mag dalen zonder dat je verlies lijdt.

Veiligheidsmarge = ((werkelijke afzet – BEA) : werkelijke afzet ) x 100

 

17.3 Gewenste nettowinst

Formule benodigde afzet = (totale constante kosten + gewenste nettowinst) : (verkoopprijs – inkoopprijs – overige variabele kosten per stuk)

 

 

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.