In het licht van liefde en verraad

Door Natuursmurf gepubliceerd op Thursday 26 February 18:27

d30484358400757f363ff2c47ac7c93c_medium.


Ze is het offer in de donkerste periode van het jaar. Onder het onheilspellende oog van de bloedmaan wordt ze veroordeeld en terechtgesteld.

Geen levende ziel is het waard om zo te sterven. In het licht van het laaiend vuur, in het aanschouwen van de menselijke aard.

Liefde en verraad. Verraad en verlangen. Verlangen en dood.

Ze zit ineen, haar handen gebonden, ingesloten door een volgzame kudde.  
Haat en angst is wat de menigte beweegt. Ze voelt het, het golft over haar als een allesverslindende zee.

Hij staat machteloos en met knikkende knieën kijkt hij toe, verlamd en verloren. Hij twijfelt aan zichzelf. Hoe kan een mens zoiets toestaan? Is het jaloezie? Is het de schoonheid die de massa verblind?
Hij wil zijn ogen sluiten, maar wordt gedwongen om te zien hoe hartstocht gruwelijk wordt uitgeband. Er is geen mededogen. Er is geen genade. Er is geen gevoel.
Hij vervalt in pijnlijk zwijgen terwijl in zijn verwoeste hart een razende oorlog woed. Met samengebalde vuisten verdrinkt hij in een groeiende duisternis.

Ondanks haar angstaanjagend perspectief is ze opmerkelijk rustig. Ze laat haar ogen gaan over de mensenmassa, door het gedrang en tot recht in het hart van haar lotgenoot. Ze spreekt tot hem, stelt hem gerust, weet hem tot bedaren en zelfs tot berusting te stemmen. Ze lacht naar hem met een vrijheid die hem verrast en weet tot hem door te dringen, diep in een ruimte waar niets anders bestaat dan hun liefde, vrij en ongebonden.

Uiteindelijk aanvaardt hij zijn vervloekte lot; hoe het hen in alle wreedheid samenbracht en weer uiteen rukte. Wellicht voor de zoveelste keer. Hoeveel levens zijn er voorbijgegaan en hoeveel komen er nog?
Met zijn laatste traan denkt hij terug aan hun eerste ontmoeting. Ze waren als sterren aan hetzelfde firmament, evenveel stralend en hopend en altijd zoekend. Geen ontkomen aan het eerste kijken; ogen waarin de wereld lijkt op te gaan.

Ver nadat de zon was ondergegaan, was hij zomaar uit rijden gegaan. Hij voelde een onrust in zijn hart, een haastig gevoel dat hem naar buiten joeg, uit zijn warme bed en op zijn paard dat hem al vele jaren vergezelde en hem zelfs in het donkerste uur de weg wees. De volle maan stond hoog aan de hemel en ontelbare sterren verlichtten het nachtblauw. Hij liet zijn paard de vrije teugel, genoot van de frisse lucht en algauw kalmeerde het gestage ritme van de paardenhoeven zijn geest.

Het was op die bijzondere nacht dat hij zijn zielsverwant ontmoette. Ze reed hem tegemoet, op hetzelfde smalle pad dat kronkelend door de bergen liep.
Hij schrok van haar plotselinge verschijning, maar haar elegante silhouet stelde hem direct gerust en toen ze eenmaal tegenover elkaar stonden was er direct een onuitsprekelijk contact.

Hij nam haar hand in de zijne, boog licht voorover en gaf haar een kus op de handrug. Ze was zijn prinses, dat wist hij zodra ze elkaar voor het eerst in de ogen keken. Haar lach was betoverend en hij voelde een magische energie door zich heen gaan.

‘Heeft u het naar uw zin, edele prins?’
‘Vanaf nu heeft mijn leven enkel zin,’ antwoordde hij glimlachend.
Vanaf dat moment weken ze geen moment meer van elkaars zijde en benutten elke seconde als was het hun laatste om hun genegenheid te tonen. Er was een intensiteit tussen hen die alles overschaduwde. Een verbinding die verder reikte dan ze ooit hadden ervaren. En ook al glinsterde heel in de verte een dreigend voorgevoel; het werd genegeerd en vergeten alsof het niet bestond want er was alleen het nu en nu was goed en mooi en veilig. Ze hadden een diepgewortelde band met elkaar die onmogelijk kon worden verbroken.
Zwijgend reden ze samen over de langgerekte velden, zij aan zij. Vol vertrouwen gleden ze in elkaars armen en gaven zich over aan hun eerste kus.


De eerste kus die op zijn lippen brandt, hij houdt zich vast aan die herinnering, omknelt de tijd die eeuwig blijft voortbestaan en levenspaden verstrengelt. Opnieuw en opnieuw.

 

63a000db38ac6b703d453d23718bef15_medium.

 

 

Geen einde aan

de zon ging onder
maar zij bleven staan
op de heuvel in het gras
aan het water verloren ze
elkaar in de ogen was het blauw
nog dieper 

en de wereld ging voorbij
terwijl ze toekeken
en de tijd verdween 
niet was blijven plakken

de horizon was daar
terwijl ze groeiden
aan elkaar

 

 

 

Reacties (22) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Gelezen
Gelezen.
Romantisch en vol hartstocht.
Mooi geschreven.
Dank je.
mooi
mooi ook je gedicht
Dank je.
Een open einde, altijd goed voor een vervolg. Heel goed geschreven Natuursmurf!
Bedankt Miesje!
Heel goed geschreven!!
Bedankt Yrsa.
Ik heb de vierde (en een stukje van de vijfde) alinea herschreven. Zo loopt het voor mijn gevoel beter.