De geroepene deel 89 de derde dag

Door San-Daniel gepubliceerd op Tuesday 06 January 07:26

images?q=tbn:ANd9GcSf9n6iaJfN_5-6xBCowOR

De tijd verstreek en het Angelus liep ten einde, de broeders mompelden dat 'het eeuwigh bleek gelaat, roozigh inkarnaet werd,' en bogen naar het Oosten en schuifelden de kapel uit.  Woorden verliezen betekenis, dacht Boismont, of je nu roept dat iets roozigh inkarnaet wordt of je mompelt het onze vader op, riten worden automatismen en slijpen in maar verliezen intentie, worden wel bestendigd tot een eenheid onder alle aanwezigen maar de betekenis dringt niet meer door. 

Zo volgde hij de abt en Severius weer op hun weg naar diens studie vertrek. Een weg die diagonaal overstekend over het kloosterkwadraat, langs de put leidde. Hier had dus de opgebaarde Endymion gelegen, bedacht de Franse arts zich. Severius en Benedictus bogen even met een knikje naar de put en Boismont volgde automatisch hun voorbeeld.  Respect voor de Godin, dacht hij en in stilte liepen zij door de zware deur ingang het studie vertrek in.

'De derde dag brak aan,' vervolgde de abt zijn relaas alsof zij het vertrek niet verlaten hadden en hij vouwde zijn handen over zijn buik. 'Het was een volle maan die al aan kracht begon te verliezen. De broeders die de laatste wake hadden zaten stilletjes naast de baar. Bij het eerste schemer, klonk de klopper op de buitenpoort en naar wat zei mij later vertelden,' zei de abt terwijl hij Boismont indingend aankeek, 'voelden zij onmiskenbaar een onheilspellende aanwezigheid.  Een haan kraaide driemaal en de schemer ochtend brak door.'

'De klopper kwam bevelend voor de tweede maal op de zware eikenpoort neer,' Benedictus keek even naar Severius en die knikte. 'Ik was één van die broeders die de wacht hield bij de baar,' nam hij het verhaal over. 'Meteen na de tweede klop sloeg in de verte een hond aan en ik weet niet waarom maar ik werd door een vrees bevangen, alsof je van uit de hel werd toegehuild.' Ik hoopte dat de tweede broeder naar de poort zou gaan maar die zat diep in gebed verzonken. Heel indringend kwam nu de klopper neer, het echode over het kloosterkwadraat en op de heuvel klonk een gemekker van een geit om daar na weg te sterven en de eerste zonnestraal te begroeten.'

images?q=tbn:ANd9GcQEuWw-ABE6znGiGYh-pUS

Een deel van een regel uit een kwatrijn van Endymion drong zich op aan mij,  '..prijzend bidden, bij drie bijéén, sta ik in het midden...' en mijn ziel huiverde , want ik vermoedde zomaar wie er achter de deur zou staan.  Wij de wake broeders samen met Endymion op de baar, waren met zijn drieën  en drie dieren hadden de ochtend van de derde dag aangediend.' Hij hield even stil alsof hij zijn gedachten aan het rangschikken was. 'Ik kwam mijn vertrek uit,' zei de Abt nu, ' en volgde Severius naar de poort en opende het luikje, een koude windvlaag kwam mij tegemoet.' Voor de poort stond een jongeman van een jaar of dertig. Hij zag er uit als een schaapherder zonder kudde. 'Ik kom eer bewijzen,' zei hij, 'aan de dode'. 'Misschien had ik hem niet moeten binnen laten, dan was alles gebleven zoals het was, maar ik schoof de grendel weg en de jongeman stapte naar binnen.' 'U bent de vader uit mijn dromen' zei hij eenvoudig weg op ernstige toon en liep toen op me af en omhelste mij.' 

'Ik heb ver gereisd en ben blij om u weer te zien.' Boismont zei met ontzetting ,'toch niet...' maar de Abt legde zijn vinger over zijn lippen, 'ssst,' zei hij ,' luister eerst , we zijn er bijna en vorm dan pas een mening.' De Franse arts knikte en hing aan de lippen van de abt om niets te missen. 'Ik wist niet,' vervolgde Benedictus,' of er echt gesproken was of niet, maar ik had het duidelijk gehoord.' Severius, knikte beamend, 'het was alsof wij in de droom zaten en de jongen echt was en wij zijn komst verwacht hadden en eerlijk gezegd hadden wij dat ook wel , maar we hadden het verdrongen als iets dat niet bestaat, of hoort te bestaan.' 

'Daarna liep hij met grote passen naar de opgebaarde broeder,' vervolgde de abt zijn verhaal 'en boog zich over het zielloze lichaam en kuste het voorhoofd van de oude monnik, hij pakte de rechterhand van Endymion en schoof voorzichtig diens kloosterring af en stak die om zijn eigen vinger.' 'Dat stonden jullie toe, vroeg Boismont, verbaasd?'  'Wij waren toeschouwers geworden in onze eigen omgeving,' verduidelijkte Severius, 'het kwam niet in ons op om een vin te verroeren.' 'Daar buiten stond hij,' wees de abt naar de deur waar achter het kwadraat lag, 'naast de baar en hij legde zijn handen op de rand van de put en zei met duidelijke stem,' moeder ik ben thuisgekomen.'

images?q=tbn:ANd9GcQgD5Kd--jTkKpHe10vFna

Er ging een huivering door Boismont, hij voelde dat de twee kloosterlingen de waarheid  vertelde. 'Ja' , zei de Franse arts terwijl zijn hersens vochten om het verhaal een plaats te geven.. 'Dat heb ik niet meer nodig,' zei de jongeling en hij wees naar de opgebaarde monnik, 'breng mij maar naar het knekelhuis.'  'Wie bent u,' stamelde ik toen ik mijn stem hervond,' zei de Abt,' terwijl ik het antwoord eigenlijk wel wist en niet wilde horen.' De man keek ons beiden lang aan en hij sprak niet maar we hoorden hem zeggen, ' vader ken uw zoon, ik ben Endymion.'

Boismont sloeg zijn hand voor zijn mond, hij had dit in de opbouw verwacht maar toch gehoopt dat het relaas van de monikken niet zou leiden tot deze openbaring. Hij keek hen beiden aan en zag in hun ogen  de ontzetting opnieuw die zich aandiende bij het vertellen van het meegemaakte.

'Ja', zei Severius,' dat zei hij..  vader ken uw zoon, ik ben Endymion en wij wisten dat het waar was. Het bleef doods stil in het studie vertrek.

San Daniel 2015

voor informatie over de boeken van San Daniel druk op deze link aub.

 

 

 

'

 

Reacties (1) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Mooie opbouw naar de onthulling toe...wat een onthulling!