GROTE MEID

Door Cees Geluk gepubliceerd op Saturday 03 January 22:01

Het was een geweldig kinderfeest. Op de psychiatrische inrichting waar mijn vader had gewerkt, deden ze dat ieder jaar. En hoewel hij al sinds jaar en dag gepensioneerd was, had hij er nog steeds contacten. Zo kon ik met mijn tweelingdochters aanschuiven op het kinderboerderijfeest.

De kinderen genoten met volle teugen. Draaimolens, de schommel, de wip, het ezeltje, de lammetjes, de marmotten, het was allemaal te leuk om op te noemen. Ze schoten van het één naar het ander, steeds mij of mijn vader (‘Opa, kom nou meehee!’) meesleurend. Het plezier kende geen grenzen. Tot het moment dat de jongste van de twee  begon te klagen over pijn in de onderbuik. Eerst werd dat nog genegeerd, zowel door haar als door ons, maar allengs kon de pijn niet meer worden weggedraaid of weg geaaid, en ze barstte in huilen uit. Er zat niets anders op dan het feestterrein te verlaten en terug te gaan naar mijn ouderlijk huis. Daar had ik mijn auto geparkeerd en van daaruit zouden we naar de spoedeisende hulp van het ziekenhuis gaan om haar te laten onderzoeken, zo was het plan.

Onderweg kreeg ik een helder ogenblik. Als ik gelijk had hoefden we niet naar het ziekenhuis, was er voor de pijn een volkomen normale, natuurlijke verklaring. Ik besloot die optie eerst uit te testen. Thuis gekomen – mijn ouderlijk huis – zette ik de klagende en huilende dochter voor me op de grond. Ik liet haar haar jurkje omhooghouden en trok haar broekje naar beneden. Daarna tilde ik haar op en liet haar op de rand van het toilet zitten. Ze was nog te klein om zelfstandig te zitten, dus hield ik haar vast om te voorkomen dat ze achterover van de rand in de pot zou verdwijnen. Ze keek me aan, tranen in de oogjes, maar begreep wat ik van haar wilde. “Toe maar,” moedigde ik haar aan. Drie minuten onafgebroken gespetter later wist ik dat ik gelijk had gehad. Ze had geen enge ontsteking of erger in haar onderbuik, ze had gewoon last van een overvolle blaas! Ik nam haar van het toilet, kleedde haar aan en omhelsde haar. Terwijl ik dat deed, sneed haar opmerking me als een dolk door mijn ziel: “Papa, ben ik nu óók een grote meid?”

In een flits schoten de afgelopen maanden en weken door mijn hoofd. De kinderen, straks vier jaar oud, zouden naar groep één van de basisschool gaan. Die stelde echter als eis, dat de kinderen zindelijk waren. De juffen hadden er geen zin in en geen tijd voor om, naast het lesgeven, ook nog regelmatig luiers en dergelijke te verschonen. En dus was het een strijd om de kinderen op tijd zindelijk te krijgen. De oudste had dat het eerst door. Het potje was voor haar geen eng ding meer, maar een speeltje. Als ze ervan af kwam en iets had geproduceerd, prees ik haar de hemel in: “Wat ben jij een grote meid!” Luid genoeg om het in de volgende wijk van de stad te kunnen horen. De jongste had dat met lede ogen aangezien. Zij was nog niet zover, liet van tijd tot tijd haar behoefte nog in de luier lopen. Vond zij geen probleem, maar ze kon blijkbaar aanvoelen dat ik het daar wel moeilijk mee had. Was ook zo: kinderen die je niet op school kwijt kunt omdat ze nog niet zindelijk zijn. Probeer dat de leerplichtambtenaar maar eens uit te leggen. Deze dag had de jongste besloten om haar plas zó lang op te houden tot ze op het potje (of, in dit geval, half hangend boven de toiletpot) haar behoefte kon doen. En ze pakte me keihard terug voor alle frustratie die ze vond dat ik haar had aangedaan: “Ben ik nu óók jouw grote meid?”

Ik drukte haar nog steviger tegen me aan, vervloekte mezelf dat ik niet door had gehad hoezeer ze daarmee had geworsteld. “Natuurlijk ben je een grote meid!” En terwijl ik haar in de huiskamer aan opa en oma liet uitleggen dat alles in orde was en wat ze had gedaan, bleef ik nog even in het toilet. Ik kon toch moeilijk aan mijn ouders laten zien dat ik als volwassen man dikke tranen in mijn ogen had?

© Cees Geluk, jan. 2015.

Reacties (2) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Wat een lief en goed geschreven verhaal !
Dank! Het is mijn bedoeling dat er nog heel veel verhalen, columns en observaties gaan volgen.