Autismespectrumstoornissen

Door 4nke gepubliceerd op Friday 26 December 11:23

Inleiding

Voor school moest ik een presentatie houden over een onderwerp dat me interreseerde. Ik had gekozen voor het autismespectrumstoornis (ASS) omdat het iets is wat nog te vaak verkeerd begrepen wordt. Mensen weten niet altijd wat er allemaal meespeelt en begrijpen het daardoor niet. 

Ik vond het fijn om steeds meer te weten te komen over wat het inhoud en over hoe complex het is, dat ik dacht ik ga het delen.  Ik hoop dat jullie er wat aan hebben! 

1         Toelichting autismespectrumstoornissen (ASS)

1.1           Algemeen

Als iemand zich een beetje anders gedraagt, of ergens vreemd op reageert, wordt al snel de conclusie getrokken dat de persoon in kwestie autistisch is.

Maar wat is autisme nu precies?

Autisme is een aangeboren ontwikkelingsstoornis. De stoornis wordt gekenmerkt door beperkingen op het gebied van sociale interactie en (non-) verbale communicatie en door een repetitief of stereotiep gedragspatroon. Het is eigenlijk een manier van zijn, die anders is dan de manier die als “normaal” beschouwd wordt door de gemeenschap.

Personen met autisme hebben een ongelijke ontwikkeling op verschillende gebieden. Dit kunnen we vergelijken met personen met een leerstoornis zoals dyslexie of dyscalculie.

Deze personen hebben een normale intelligentie, maar een specifiek probleem met één vaardigheid. Op alle andere gebieden functioneren ze “normaal”.

Iemand met autisme ontwikkelt zich op verschillende gebieden anders dan de rest. Daardoor heeft het een rechtstreeks effect op het hele leven van de autistische persoon.

Autisten hebben een andere kijk op de wereld. Ze denken dat anderen ook zo denken op eender welk moment dan ook.

Daarom is (verbale en non-verbale) communicatie een groot probleem. Vooral verbale communicatie is het voor hen moeilijk te vatten, want mensen zeggen niet altijd precies wat ze bedoelen. Denk maar aan sarcasme of beeldspraak. Autisten nemen uitdrukkingen heel letterlijk op.

Bv.  als er iemand vraagt “Kan je het zout geven?”, antwoorden zij met “ja”, maar geven het zout niet door. Er werd namelijk gevraagd naar de mogelijkheid om het zout te geven, niet om het daadwerkelijk te doen.

 

Verder zijn ze ook heel erg gericht op details, ze merken het meteen op als er iets kleins veranderd is. Ze herkennen zelfs een kamer niet meer omdat er iets onbelangrijks zoals bv. een beeldje of kleine decoratie werd weggehaald.

Doordat ze zoveel waarde hechten aan details, zijn autisten heel erg stipt en punctueel. Een afspraak is een afspraak. Ze kunnen zich ontzettend ergeren als iemand te laat komt.

Geen enkele autist is hetzelfde, net zoals mensen zonder autisme.

Binnen de noemer 'autisme' kunnen we drie grote types onderscheiden: kernautisme, het syndroom van Asperger en PDD-NOS (= Nederlandse benaming, Vlaamse is: …)

Diegenen die niet onder een van drie noemers thuisgebracht kunnen worden, zijn personen die niet genoeg kenmerken hebben van de drie stoornissen. Deze horen nog ergens anders bij 

 

2               Kernautisme

Kernautisme wordt ook wel klassiek autisme genoemd, of het Syndroom van Kanner. De naam komt van de kinderpsychiater Leo Kanner, die als eerste de gedragingen bij deze kinderen onderzocht.

De symptomen van de aandoening zijn herkenbaar rond de leeftijd van 18 maanden en kenmerken zich door een achterblijvende ontwikkeling op drie terreinen, ook wel 'de triade van stoornissen' genoemd. De gebieden waar er zich moeilijkheden voordoen zijn communicatie, sociale omgang / interactie met anderen en verbeeldingsmogelijkheden.

Kenmerken

Communicatie vormt een van de grootste problemen voor kernautisten. Ze ontwikkelen vaak geen of weinig functionele taalvaardigheden en worden hierdoor als zwakzinnig bestempeld. Wanneer een kind van anderhalf tot twee jaar oud geen taalvaardigheden ontwikkelt, ontstaat het vermoeden voor het stoornis.

Bij kernautisten komt vaak echolalie voor: het dwangmatig, letterlijk herhalen van zinnen of woorden die ze gehoord hebben.

Personen met kernautisme zijn vaak emotioneel afstandelijk. Een aanraking is uit den boze en oogcontact wordt vaak vermeden. Ze interesseren zich weinig voor andere mensen en kunnen zich daardoor niet inleven in de emoties en beleving van anderen.

Een kernautist is veel gevoeliger voor prikkels. Sommigen zijn gevoelig voor drukte, anderen voor bepaalde geluiden of beelden. Wanneer ze een overvloed van die prikkels te verwerken krijgen, kan dit ontaarden in probleemgedrag. Voorbeelden van probleemgedragingen zijn driftbuien, anderen pijn doen of net zichzelf pijn doen, paniekreacties, ...

Al deze factoren kunnen voor een persoon met kernautisme zo frustrerend worden dat ze aan destructieve zelfstimulatie gaan doen. Het gaat hier dan over repetitief gedrag zoals met het hoofd tegen een muur bonzen.

 

3                Syndroom van Asperger

Het Syndroom van Asperger is een ontwikkelingsstoornis binnen het autistisch spectrum. Het gaat om autisten met een normale of meer dan gemiddelde begaafdheid, met atypische of beperkte sociale vaardigheden en met vertraagde sociaal-emotionele ontwikkeling en/of integratie.

In de meeste gevallen is er geen vertraagde taalontwikkeling en verstandelijke ontwikkeling. Het Syndroom van Asperger is vernoemd naar de Weense kinderarts Hans Asperger.

 

Kenmerken

Er zijn verschillende sociale beperkingen verbonden met het Syndroom van Asperger. Zo kunnen ze vaak moeilijk tussen de lijntjes lezen, en nemen ze dingen te letterlijk op.

Ze beseffen vaak niet wat sociaal aanvaard is en vinden de woorden niet om hun eigen emotionele toestand te uiten. Verder hebben ze ook moeite om iemands lichaamstaal te lezen. Hierdoor weten ze niet hoe ze op een situatie moeten reageren of wanneer ze aan het woord moeten komen. Dit kan voor buitenstaanders vreemd overkomen.

Mensen met Asperger staan ook bekend voor hun formele manier van spreken, dat soms ongepast is bij bepaalde situaties.

Zo kan een vijfjarige met Asperger gemakkelijk bepaalde woorden en een toon gebruiken die goed zou kunnen passen in een universiteitscursus, vooral als het gaat over zijn hobby. Ook is er vaak weinig of geen intonatie in de stem, waardoor ze heel autoritair overkomen.

Andere kenmerken zijn dat personen met Asperger ongelijke zintuiglijke en psychologische ontwikkelingen hebben. Het tikken van de klok of het druppelen van een kraan kunnen Aspergerpatiënten tot razernij brengen. Fijne motorische vaardigheden, zoals het bewegen van vingers en armen, kunnen vertraagd ontwikkeld zijn.

Doorgaans voelen mensen met Asperger zich ook enorm aangetrokken tot orde en routine, met gevolg dat een verandering in routine en orde angstaanvallen kunnen veroorzaken. Daarom wordt in de begeleiding van personen met Asperger vaak gebruikt gemaakt van hulpmiddelen zoals dagschema's, weekmenu's, …

 

Asperger binnen autismespectrumstoornissen

Het verschil met kernautisme is dat er bij mensen met Asperger wordt verwacht dat ze na verloop van tijd beter kunnen omgaan met hun omgangsmoeilijkheden.

Hun verbale vaardigheden en begaafdheid camoufleren hun andere (ernstige) beperkingen. Dit maakt dat hun handicap voor hulpverlening en ondersteuning vaak onderschat wordt. Hun beperkingen op vlak van sociale omgang en empathie zijn meestal aanzienlijk en leiden vaak tot geestelijk isolement en (sociaaleconomische) marginaliteit.

Binnen het autismespectrum zijn mensen met het syndroom van Asperger soms in staat om een zelfstandig leven te leiden. Ze hoeven in het algemeen niet hun hele leven in een begeleide woonvorm of instelling te verblijven. Meestal volgen ze ook gewoon regulier onderwijs, hoewel er ook mensen zijn die met het syndroom van Asperger speciaal onderwijs volgen.

Net als andere mensen zonder Asperger, maar met een bepaalde vorm van autisme, is het moeilijk een wederzijdse relatie op te bouwen. Dit komt door de moeite die ze hebben om bijvoorbeeld een gesprekspartner recht in de ogen te kijken, waardoor ze ongeïnteresseerd kunnen overkomen, ook al is dat niet zo.

Bekende personen met het Syndroom van Asperger zijn Bill Gates en Susan Boyle. Ook belangrijke personen uit het verleden zoals Einstein, Newton, Darwin, Jefferson, Hitchcock, Mozart, Beethoven … staan erom bekend dat ze Asperger hadden.

 

4               PDD-NOS

PDD-NOS, oftewel pervasive developmental disorder - not otherwise specified, is de naam die gebruikt wordt bij mensen die kenmerken hebben van autisme, maar niet genoeg om de diagnose van autisme te stellen. Bij deze groep mensen is het contact met anderen wel een probleem, maar niet het probleem dat het meest op de voorgrond staat. Er is bijvoorbeeld wel een band tussen ouder en kind, maar met andere mensen ligt een band smeden moeilijker. Bij kinderen lukt het contact met leeftijdsgenoten vaak niet goed.

 

Kenmerken

Er zijn verschillende gebieden waar mensen met PDD-NOS moeilijkheden hebben. Op vlak van taalvaardigheden kunnen ze zich niet goed uiten of kunnen ze niet goed communiceren met anderen. Bij de motorische ontwikkeling zien we dat sommige bewegingen vertraagd of in sommige gevallen versneld zijn. In de sociale ontwikkeling verlopen het sociale begrip en omgang met de omgeving zeer moeizaam. Zintuiglijk reageren personen met PDD-NOS zowel op interne als externe prikkels.

Dit maakt personen met PDD-NOS vaak onzeker en angstig. Hierdoor houden ze zich graag vast aan bekende regels en routines. In hun hobby’s en interesses kunnen ze hierdoor zelfs obsessief en dwangmatig zijn. Voor een kind met PDD-NOS betekenen de gevolgen van de stoornis vaak een ernstige beperking in het dagelijkse leven.

Voor ouders, broers en zussen is de band met het kind, broer of zus vaak teleurstellend. Er is wel sprake van een band, maar er is vaak een gebrek aan echte wederkerigheid in de relatie. Het komt vaak voor dat de omstanders zich voelen alsof zij alle moeite in de relatie steken en er weinig voor terug krijgen.

Vaak worden gezinsuitstappen of ongewone gebeurtenissen vermeden, omdat het kind met PDD-NOS er niet tegen kan dat de gewone ritmes en regels worden doorbroken. Dit kan natuurlijk heel vervelend zijn voor broers en zussen, omdat zij heel veel dingen missen omdat de broer of zus met PDD-NOS niet in staat is om spontane uitstappen te doen of zelfs maar een verjaardag te vieren.

Net zoals bij kernautisme is er geen behandeling die PDD-NOS doet verdwijnen. Men kan wel beroep doen op opvoedingsondersteuning, gedragstherapie of vaardigheidstrainingen (net als bij kinderen met Asperger of met autismespectrumstoornis). Ook worden soms medicijnen voorgeschreven voor bijkomende problemen zoals angst, depressie of agressie te verminderen.

 

 

5               Oorzaken

Zoals bij elke stoornis hebben ook autismespectrumstoornissen een oorzaak. Over welke dat nu juist is, bestaat nog veel discussie. De alom bekende "nature-nurture discussie" heeft ook hier veel stof doen opwaaien. Als we een tijdlijn zouden maken, zien we dat onderzoekers vroeger leunden naar een oorzaak in de omgevingsfactoren, terwijl er nu vooral op erfelijkheid geconcentreerd wordt. Wel wordt er vandaag nog rekening mee gehouden dat omgevingsfactoren een invloed hebben.

 

5.1           Vroeger

Vroeger werd de diagnose 'autisme' niet veel gesteld, enkel bij kinderen die overduidelijk mentaal beperkt waren. Personen die we nu zouden diagnosticeren met ASS, werden toen afgeschilderd als gewoonweg moeilijke kinderen. Werd de diagnose autisme dan toch gesteld, dacht men niet aan erfelijke factoren, maar aan omgevingsfactoren. Zo beweerden specialisten dat een kind hechtingsstoornissen kreeg door een kille moeder of een vaak afwezige (werkende moeder) en daardoor autisme. Dit fenomeen stond bekend als de "koelkastmoeder".

Ook waren onderzoekers er een tijd lang van overtuigd dat de oorzaak van autisme en autismespectrumstoornissen te vinden was in de BMR-vaccinatie (bof, mazelen, rode hond). Deze theorie werd door de auteur zelf in 2010 ingetrokken.

 

5.2           Vandaag

Vandaag de dag bestaan er verschillende theorieën over de oorzaak van

autismespectrumstoornissen. De belangrijkste hiervan stelt dat ASS ligt aan een genetische en erfelijke factor. Over welke genen het gaat is nog geen eenduidigheid, maar onderzoeken die dateren van na 2011 bevestigen dat het gaat om een DNA-mutatie. In het ene chromosoom ontbreekt een stuk, in het andere is er dan weer een stuk dubbel.

Hier zien we nog een verschil tussen jongens en meisjes: bij jongens komen autismespectrumstoornissen al naar boven bij de minste mutatie van chromosomen, terwijl dit bij meisjes enkel bij grote mutaties het geval is.

De theorie dat de oorzaak van autisme in de genen te vinden is, sluit echter niet uit dat omgevingsfactoren ook een invloed hebben. Autismespectrumstoornissen zijn een samenspel van erfelijkheid, omgevingsinvloeden en de persoonlijkheid van de persoon.

 

6               Diagnose

De diagnose van autismespectrumstoornissen is zeer moeilijk.

Het kan niet vastgesteld worden door een uur met iemand door te brengen en de observaties die dat uur waargenomen zijn als basis te gebruiken. Bij de diagnose van ASS moet er met ouders en familie worden gepraat, met kennissen en klasgenoten, met leraren, enzovoort.

Dit gebeurt door uitgebreid onderzoek in samenwerking met een multidisciplinair team (logopedist, psycholoog, kinesist, psychiater, leerkrachten, ouders, ….). Er moet een beeld geschetst worden van de persoon vroeger en de persoon nu. Hiervoor moet voldoende tijd genomen worden en moet de persoon in verschillende situaties en contexten geobserveerd worden.

Voorlopig worden diagnoses voor ASS gesteld op basis van gedrag. Hierbij kijkt de deskundige naar de ontwikkelingsgeschiedenis, de medische voorgeschiedenis, de taalontwikkeling, stereotiepe gedragingen/handelingen/interesses, het cognitief functioneren, motorische vaardigheden, zelfredzaamheid (het vermogen om zelfstandig zich te kunnen behelpen) en psychisch en sociaal-emotioneel functioneren.

Bij het cognitief functioneren zijn er drie theorieën over het autistisch denken:

 

Theory of Mind (TOM)

Deze theorie gaat ervan uit dat mensen het nodige besef hebben dat mensen andere gevoelens en gedachten kunnen hebben dat jezelf. Hiermee bedoelt men dat mensen zich kunnen inleven in de gevoelens en gedachten van anderen. Bij personen met ASS ontbreekt dit inlevingsvermogen en daardoor gaan ze ongepast reageren. Dit fenomeen wordt ook vaak 'mind blindness' genoemd.

 

Theorie van de executieve functies (EF)

In deze theorie gaat het om de executieve functies die ervoor zorgen dat we niet meteen op iedere prikkel reageren uit onze omgeving en we dus niet volledig beheerst worden door omgevingsinvloeden. De executieve functies laten ons probleemoplossend denken zodat we niet meteen gaan reageren op iets. Executieve functies dienen ervoor om voor een bepaald probleem een gepaste oplossing te zoeken en die dan ook uitvoeren. Deze functies hebben een belangrijke rol bij impulscontrole, planningsgedrag, georganiseerd zoeken en flexibiliteit.

Personen met ASS moeten veel meer moeiten doen voor mentale flexibiliteit. Ze zijn vaak niet in staat om hun denkpatroon los te laten en te veranderen naar een andere denkpatroon die wel een oplossing kan bieden in een veranderde situatie. Personen met ASS kunnen zich niet op verschillende zaken tegelijk richten.

 

Theorie van de Centrale coherentie (CC)

Voor ons dagelijks functioneren is het belangrijk om informatie te verwerken en vooral te integreren. Personen die geen ASS hebben, kunnen makkelijk verbanden leggen of zien in situaties en deze in nieuwe situaties toepassen. Personen met ASS is dit vermogen niet aangeboren. Ze hebben oog voor detail maar ze kunnen niet tegelijk alle details samenvoegen tot een coherent geheel. Ze kunnen losse elementen waarnemen maar niet de betekenisvolle samenhang vinden (contextblindheid).  Ze hebben dan ook dagelijkse begeleiding nodig om tot sociaal contact te komen en om de omgeving te begrijpen.

 

7               Begeleiding

Een goede diagnose bestaat niet enkel uit het vaststellen van de stoornis, maar ook uit het voorzien van een op maat gemaakte begeleiding.

Deze begeleidingen richten zich doorgaans op:

  • Het verbeteren van communicatieve vaardigheden
  • Het inperken van stereotiepe gedragingen
  • Het stimuleren en optimaliseren van sociale interactie
  • Het leveren van opvoedingsondersteuning

Buiten deze begeleidingen kan een persoon met autismespectrumstoornissen zich ook aansluiten bij een groep met lotgenoten. Zo kunnen ze ervaringen uitwisselen en elkaar tips geven.

Op scholen zijn er geen specifieke programma's voor personen met ASS, maar er wordt vaak wel gebruik gemaakt van GON-begeleiding (geïntegreerd onderwijs).

Deze Gon-begeleiding moet door de ouders aangevraagd worden na goedkeuring van het VAPH (in Vlaanderen). Na goedkeuring en mits er geen wachtlijsten zijn, kan de jongere hulp krijgen tijdens het gewoon onderwijs. Deze GON-begeleider houdt zich specifiek met hem alleen bezig. De jongere krijgt gedurende enkele jaren het recht op deze vorm van begeleiding op school.

Deze begeleider weet de voorgeschiedenis van de persoon met ASS en heeft de taak de persoon zo goed mogelijk te helpen met de moeilijkheden en problemen op school.

Medicatie specifiek voor autismespectrumstoornissen bestaan niet, vaak worden er wel andere medicijnen voorgeschreven zoals Rilatine om de concentratie te verbeteren als de jongere tegelijkertijd ook de diagnose ADHD gekregen heeft. Soms zijn antidepressiva en antipsychotica ook aangewezen maar dit wordt bepaald door het multidisciplinair team dat de jongere begeleidt.

Ook thuis zijn er kleine dingen die kunnen helpen in de begeleiding van personen met autismespectrumstoornissen: weekmenu's, dagschema's, schema's met de volgorde van handelingen, …

 

8               Invloed op het dagelijks leven

Het hebben van een autismespectrumstoornis heeft invloed op alle vlakken in het dagelijks leven, maar de grootste moeilijkheden doen zich voor op sociaal vlak. Personen met ASS gedragen zich anders dan de norm en kunnen zich moeilijk in andere personen inleven door hun beperkte verbeelding op sociaal vlak. Hun grote fantasie heeft dan weer het nadeel dat ze vaak als clowns (onvrijwillig) bekeken worden.

Over het algemeen kunnen personen met autismespectrumstoornissen thuisgebracht worden onder één van de volgende types:

  • Aloof
    Personen die 'aloof' zijn, sluiten zich helemaal af voor contact met andere mensen en worden heel snel onrustig en overprikkeld wanneer andere personen of de omgeving contact zoeken. Vaak zijn intelligentie en taalgebruik bij personen met ASS nauwelijks of sterk vertraagd ontwikkeld.

  • Passieve persoon:
    Personen met ASS die passief zijn, maken geen spontaan contact met anderen, maar staan vaak wel open voor toenadering. Deze houding wordt vaak te laat of niet herkend als ASS-kenmerk.
     
  • Active but odd:
    Personen met ASS die active but odd zijn, zijn personen die zich actief maar bizar gedragen en spontaan in interactie gaan met hun omgeving.  Het gedrag is dan meestal op een naïeve  manier maar soms zelfs storend en steeds uitsluitend vanuit zijn eigen beleving en interesses. Een voorbeeld: hij stelt ongepaste vragen en is niet geïnteresseerd in het antwoord. Ook dit gedrag wordt heel vaak niet als ASS-kenmerk herkend.
     
  • Stilted and overformal:
    Personen die 'stilted and overformal' zijn, zijn personen die normaal tot hoogbegaafd zijn en die  vaak heel beleefd en zeer formeel in hun taalgebruik zijn. 'Stilted and overformal' betekent dat deze personen stijf formalistisch spreken en handelen. Personen met dit ASS-kenmerk hebben in werkelijkheid een aantal social scripts (in samenwerking met hun persoonlijke begeleider) ingestudeerd om zo normaal mogelijk over te komen bij anderen mensen. Daarom is het voor deze personen moeilijk als er zich plots een onverwachte situatie voordoet die ze niet hadden voorzien of niet ingestudeerd hadden.


Buiten de moeilijkheden op communicatief vlak hebben personen met ASS vaak ook motorisch 'rare' trekjes: tics. Tics zijn repetitieve handelingen die raar overkomen zoals fladderen met de handen, huppelen, … Dit maakt de sociale omgang alleen maar moeilijker.

 

Stap over naar Oxxio

Help deze website en onze schrijvers, stap over naar Oxxio als energieleverancier.

Reacties (1) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Heel goed en duidelijk artikel!