Au, Yvonne heeft last van liefdesverdriet

Door Berna gepubliceerd op Saturday 13 December 14:42

De witte roos

Hier begon de hernieuwde vriendschap mee. Na twaalf  jaar niets van elkaar gehoord te hebben. De twee vriendinnen woonden ver van elkaar vandaan. Zij trouwden, kregen kinderen en de vriendschap werd beëindigd door  Eefje.

Yvonne voelde zich verdrietig om zo aan de kant gezet te worden, maar accepteerde het. Ze had het druk genoeg met haar gezin en zo kabbelde de jaren voorbij.

Twaalf jaar later voelde Yvonne zich dikwijls eenzaam en kwam op het goede idee om Eefje op te bellen. Gewoon maar eens vragen hoe het met haar ging. Haar dochter nam de telefoon aan en enthousiast hoorde Yvonne haar naar boven schreeuwen, ‘’mam, Yvonne aan de telefoon’’.

Eefje rende de trap af en nam de telefoon over. ‘’Yvonne, hoe gaat het met jou?’’

Yvonne vertelde dat het goed met haar ging en dat ze nieuwsgierig was hoe het met haar vroegere vriendin ging.

Eefje vertelde gelijk dat ze zo’n spijt had dat ze Yvonne weg had gegooid als vriendin, maar dat ze altijd in haar gedachten is gebleven.

Yvonne vond het lief en zei, ‘’ach, neem het jezelf niet kwalijk, we hadden het allebei druk met de kinderen, maar ik vind het wel jammer dat het zo gelopen is.’’

Ze spreken af om elkaar een briefje te schrijven en er wat foto’s bij te doen van hun gezinnen en gingen op deze wijze de Kerst in.

Yvonne was impulsief van aard en schreef haar brief op dezelfde dag. Ze schreef er nogmaals in dat Eefje het zich zelf niet kwalijk moest nemen, dat ze de vriendschap verbroken had, twaalf jaar eerder.

Eefje haar brief plofte in het nieuwe jaar op de mat en de foto’s waren leuk. Beide vriendinnen bleken nog een kind gekregen te hebben nadat de vriendschap uitgegaan was , maar waarvan ze niet van het bestaan afwisten.

De eerste ontmoeting zou pas in april zijn, want Yvonne haar moeder overleed in maart. Ze schreven elkaar wel af en toe een brief en ook deze eerste brieven zitten in de doos, met de foto’s.

Eefje ging als eerste naar haar vriendin toe. Met een enorme grote bos bloemen stond zij zenuwachtig op de stoep. twaalf rode rozen en 1 witte roos.

Zij zou een uurtje blijven terwijl haar man ergens koffie ging drinken. Eefje wilde dat haar man in de buurt was, want stel je voor dat Yvonne hartstikke boos zou zijn, dan kon ze direct opstappen als het moest.

Yvonne zette de dertien rozen in het water. De witte precies in het midden. Toen zij met deze vaas binnenkwam legde Eefje de achterliggende gedachten uit van de witte roos.

‘’De twaalf rode rozen zijn als symbool dat ik je de afgelopen twaalf jaar geleden heb laten vallen. De witte roos betekent nieuw leven, een nieuwe toekomst als vriendinnen samen. Ik laat je nooit meer in de steek’’, zei ze er achteraan.

ddd467c145db3d637a1e23d294f29ded_medium.

Een sprookje dat anderhalf jaar duurde

Anderhalf jaar zou deze vriendschap duren. Van hartsvriendinnen tot geliefden.

En toen barstte de bom.

Eefje had een brief laten slingeren, haar dochter had deze gevonden en had overstuur haar vader gebeld. Deze kwam thuis en de liefde werd gebombardeerd tot ‘’verboden liefde’’.

Eefje belde Yvonne op haar werk dat hun ‘’liefde’’ naar elkaar toe uitgekomen was en dat ze elkaar niet meer mochten zien.

Yvonne bikkelde zich door haar laatste werkuren die dag door en kwam in paniek thuis.

Daarna was er alleen maar donkerte op haar weg. Zij liep de deuren van verschillende therapeuten plat, zij volgde een workshop week schrijven op de Summerschool in Zandvoort en hier schreef zij een fragment van het gebeuren die nacht.  Met in haar achterhoofd een boek te schrijven over hetgeen wat Eefje en Yvonne meegemaakt hebben in hun liefde.

Het wordt geen romantisch onderdeel van het boek!

Ook straalt het fragment niet iets uit van twee geliefden, maar wel de wanhoop van Yvonne en de angst van Eefje om haar zekerheid ‘’gezin’’ kwijt te raken.

Summerschool 2012

Sypsosis in het kort.

Yvonne en Eefje zijn twee geliefden. Beiden zijn getrouwd.

John vindt de dag voor deze scène een brief van Yvonne, waarin staat dat zij van zijn vrouw houdt. Hij verbiedt het contact tussen deze vrouwen en dreigt tegen zijn vrouw om samen met haar de plomp in te rijden.

Yvonne raakt in paniek en rijdt die nacht naar Eefje toe om haar te redden. Een autoreis van drie kwartier.

De scène begint in de huiskamer bij Eefje en John en het is drie uur in de nacht.

Nachtelijke afgang

‘’Komaan je bent mijn hartsvriendin en nog veel meer, weet je wel, dus kom achter John vandaan Eefje,” hoor ik mijzelf met al mijn wanhoop die uit mijn buik komt, zeggen.

Het enige lampje in de smetteloze huiskamer schijnt flauwtjes over de twee mensen die voor mij staan. John staat als een beer voor Eefje, in de zogenaamde ‘’red haar’’ stand, denk ik sarcastisch. Ik sta op, want zittend zal ik het niet voor elkaar krijgen. Oprichtend vanaf het fletse grijs, maar dat nu door de schemering een groen kleurtje lijkt te hebben.

Maar ik ben hier niet om over haar bankstel te discussiëren. Nee, ik moet Eefje mee zien te krijgen, maar ze maakt het mij niet gemakkelijk. Haar mond waar mijn vele kussen op zijn beland, is nu samengeknepen tot een pruillipje en haar ogen verraden haar angst. Voor hem!

Ik wil te snel bij Eefje  zijn zodat de puntige hoek mijn knie hardhandig raakt en ik verbijt de pijn tot een grimas en de tranen veeg ik snel weg met mijn mouw. Ik sta nu aan de linkerkant van Eefje en John. Ik vang de angstige blik van Eefje nu nog beter op, nu ik haar genaderd ben en ik zie dat zij haar handen stevig om de middel van John heeft geslagen. Even flits het door mijn hoofd, voor wie ben je eigenlijk bang? Het komt geen moment in mij op, dat dit wel eens van mij zou kunnen zijn.

Ik geef haar een geruststellend knikje en ik reik mijn hand naar haar uit en ik raak summier de glanzende zijde. Ik denk in een fractie van een seconde aan haar fluweelachtige huid, dat zo heerlijk aanvoelt en heel even laat ik de vlinders toe. “Kom maar lieverd, kom, ik kom je hier weg halen.” Ik zou haar nu zo van John af kunnen slepen, maar hij nadert het kookpunt.

 ‘’Zeg wat je zeggen wilt en rot dan op,” zegt John en hij slaat mijn hand weg, draait een kwartslag en zo kan ik Eefje weer niet bereiken. Terwijl ik om hen heen loop en mijn hand opnieuw naar Eefje toe breng, duwt John mij van hen af. ‘’Houd je poten thuis John.” Gilde ik.

Ik maak een vuist en blijf oogcontact zoeken met Eefje, zonder resultaat overigens. Jammer dat John haar compleet in zijn macht heeft met zijn stevige gestalte. Het maakt Eefje nog ieler dan zij al is.

‘’Eefje.”

Het lijkt of alleen de lamp reageert, want die flikkert even en dit maakt mij onzeker.

‘’Eefje”  Zeg ik nogmaals, wetend dat ik steeds meer terrein begin te verliezen en daardoor een sprong naar rechts maak.

‘’Kom mee Eefje, ik kom je hier weghalen bij die engerd.” Voor het eerst hoor ik haar stem. ‘’Ga weg, Yvonne, ik hoor bij John.” Woedend gil ik, ‘’En ik dan, ik ben immers jouw grote liefde?”

In mijn poging om John opzij te duwen struikel ik over mijn eigen voeten en beland tegen John aan en ik deins achteruit. Daardoor wankelt hij heel even en hij schrikt van mijn felheid, vooral omdat ik nu eindelijk voor Eefje sta.

‘’Kom, we gaan,” maar Eefje geeft mij een duw en snauwt. ‘’Ga weg, je maakt het erger door hier naar toe te komen.”

‘’Wat maak ik erger? Dat ik van je houd, dat ik je vertrouw, dat ik je niet wil verliezen? Omdat ik je zelfs kom redden?” Ik hoor een snik van Eefje. Ik ben niet meer te stoppen vanwege mijn woede en machteloosheid. Ik moet en zal haar weg krijgen bij haar man. Zij is in gevaar!

‘’Kom hier, niet zo bang, bij mij ben je veilig, dat weet je toch wel?” 

Ik geef een ruk aan haar arm, maar ze laat John niet los. Ik merk dat ik mijn geduld begin te verliezen en een bittere smaak verspreid zich in mijn mond. ‘’Huichelaar’’ gil ik.‘’Je bent van mij, hoor je dat?” Ik ren naar de WC en gooi mijn maaginhoud eruit en strompel weer de kamer in.

John grijpt ondertussen naar zijn mobiel en zegt. ‘’Ik ga de politie bellen, als je nu niet maakt dat je wegkomt.”

‘’ Kunnen jullie mij niet met zijn tweeën aan,” terwijl ik de ogen van Eefje zoek. Zij heeft ze neergeslagen en staart naar haar blote voeten op het laminaat, terwijl ze staat te rillen.

Ik voel dat ik de strijd ga verliezen.

‘’Ik walg van je Eefje, met je mooie praatjes, je beloftes, dat je mij nooit in de steek zal laten en zie hier, mijn aller- liefste laat mij in de kou staan, lafbek.”

‘’Het is over en uit Yvonne, ik wil je nooit meer zien en spreken. Je hebt het verziekt, met je bezitterige gedoe en nou opzouten,” roept Eefje.

“Wat krijgen we nou, de nette lady is aan het schelden? Ik heb nooit geweten dat jij dat kan, met je zoetsappige woorden, je overtreft mij.”

Ik krijg de kans om Eefje wederom vast te pakken, terwijl John met de politie praat via zijn mobiel en ik rammel haar door elkaar. Ik voel een pijn op mijn hoofd terwijl er een bos haren van mijn hoofd verdwijnt. ‘’Au, vuile klootzak, blijf van mij af en laat Eefje en mij met rust.” John ontfermt zich over Eefje en loopt met haar de gang in zodat ik hen wel moet volgen, om in contact met Eefje te blijven.

Het halletje wordt verlicht met blauw schijnsel en ik voel de tocht langs mij heenkomen. Het slaapkamerraam staat zeker open en ik hoor een klapperend geluid.

Twee politiemannen stappen uit en kijken het halletje in terwijl John naar mij wijst. ‘’Deze vrouw komt hier zomaar binnenvallen en ze wil mijn vrouw meenemen.”

‘’Ho ho, mensen, even rustig aan,” zegt de oudste van de twee en kijkt mij bedenkelijk aan.

‘’Ja, ik kom haar redden van die bruut, hij wil haar vermoorden, vertelde mijn vriendin aan de telefoon en daarom ben ik hier.” Ondertussen zag ik lampen aangaan bij een paar huizen en ik besluit mijn stemvolume nog wat op te voeren.

 Eefje staat nu naast haar man en zegt.

‘’Ze wil mij ontvoeren.” Ik zie haar angstige ogen opflitsen in het licht van de lantaarnpaal. Zij spoort niet denk ik woedend en ik gil,” IK HOU VAN JOU EEFJE.”

De commotie wordt steeds groter en één van de politiemannen probeert de boel te sussen. ‘’Ga naar huis mevrouw, het is nu mooi genoeg geweest.”

Hij pakt mij rustig bij mijn arm, maar ik ruk hem los en ik loop weer naar Eefje en trek haar met mij mee. “Ik ga niet eerder weg, voordat Eefje hier weg is.” Zeg ik tegen de politieman met het laatste stukje overtuiging wat ik nog in mij voel.

“Kom Eefje, doe nou niet, of er niets aan de hand is, je bent bij mij beter af, dan bij die bruut.” Maar Eefje staat als aan de grond genageld en bijna onhoorbaar zegt ze.

“Ga weg Yvonne, ik kan niet met je mee, anders raak ik alles kwijt.”

Ik geef het op en zie dat het een verloren zaak is op dit moment en een politieman loopt met mij mee naar mijn auto. Ik draai mij om en gil.

‘’ Ik heb al mijn pillen bij mij Eefje, van mij zal je geen last meer hebben. Je hebt mij verraden.” Zelfs nu blijft Eefje staan en ik laat mij als het ware meeslepen door de politieman.

Ik draai mij nog een keer om en zie dat John, Eefje en de andere politieman naar binnen gaan.

Kunnen ze wel, stelletje lafbekken en ik neem plaats in mijn auto. ‘’Goede reis mevrouw en rij voorzichtig.” Hij sluit de deur achter mij dicht en ik pak een potje met pillen, strooi deze op mijn hand uit en roep,”O, Eefje, ik kan niet zonder jou.” In een machteloos gebaar smijt ik de pillen tegen de voorruit aan.

In een waas start ik de auto en ik kan mij nog net inhouden om niet met gierende banden de straat uit te scheuren.

ddd467c145db3d637a1e23d294f29ded_medium.

Jaren van stilte en hoop 

 De jaren verstrijken, maar de hoop blijft. Ooit zal Yvonne Eefje in haar armen kunnen sluiten. De doos met brieven laat zij op de kast staan. Zij  kan het niet over haar  hart verkrijgen om de brieven weg te doen.

Het is nu ongeveer twaalf jaar geleden. Weer die twaalf jaar, net als de eerste keer beseft Yvonne. Alleen het verschil is nu, dat zij niet weet waar Eefje woont. Wel de woonplaats, maar niet de straat. Alles is afgesneden om maar enig contact met haar te krijgen. Het geen afscheid van haar kunnen nemen verscheurt haar en ik zij heeft het vertrouwen in mensen verloren.

Met de jaren voelt zij zich wel rustiger worden en het wordt tijd om de brieven weg te doen.

Maar er gebeurt iets heel vreemds met Yvonne, terwijl ze begint te lezen. Ze voelt zich niet meer boos en kan de brieven gewoon lezen, zonder dat zij helemaal overstuur raakt. Ze beseft dat ze de brieven niet weg moet doen, nu nog niet, maar zij kan ze juist gebruiken, om het laatste stukje van deze verloren liefde te kunnen verwerken.

Ze neemt zich voor om de brieven te ontrafelen. Zo zal zij zichzelf beter gaan begrijpen en op het punt komen dat in het onderstaande gedicht beschreven is.

Eén ding weet zij zeker. Eefje zal altijd in haar hart blijven wonen en in haar herinnering blijven, als de mooiste anderhalf jaar van haar leven.

 

Scherven ontrafeld

Zonder boosheid

Doortastend lijmen

Tot één geheel

Dan blijkt……..

Dit is pas ware liefde!

 

Stap over naar Oxxio

Help deze website en onze schrijvers, stap over naar Oxxio als energieleverancier.

Reacties (24) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Feedback van Jury-A op ‘De witte Roos’

Eerst even in het algemeen:

Wekelijks komen er gemiddeld twinig verhalen binnen op de opdracht, waarvan er per jury maar drie gekozen kunnen worden tot winnaars. Er vallen dus heel veel verhalen af.
Hoe de andere juryleden te werk gaan, weet ik niet, maar zelf let ik er sowieso op of iemand zich aan de opdracht gehouden heeft. Klopt de lengte van het verhaal? Worden, indien van toepassing, de steekwoorden gebruikt? Etc.
Dat is, voor mij, de eerste selectie, die jij overigens met jouw verhaal doorgekomen bent! Je bleef binnen de 2500 woorden en je hebt een plaatje gekozen uit de reeks plaatjes in de bewuste opdracht.

De tweede selectie bestaat voor mij eigenlijk uit het in kunnen leven in een verhaal (personage) en soms struikel ik dan wel eens. Dit kan van alles zijn!
(EEN VOORBEELD)
Wat mij in de opdracht ‘Liefde’ opviel, als we het over struikelen hebben, dan wint het overmatig naamgebruik in de gesproken zinnen.
Als jij en ik met elkaar een gesprek voeren dan spreken wij elkaars namen maar sporadisch uit. Vaak enkel om elkaars aandacht te trekken.
In een verhaal kan dit gaan storen. Zeker als dit heel vaak gedaan wordt.

Er beginnen, naarmate de selectie volgt, steeds meer verhalen af te vallen. Soms hou je dan nog een handjevol over. Soms niet.
Dan begint originaliteit een rol te spelen, maar ook de layout.
Die bij jou trouwens rustig en verzorgd overkwam.

Jouw verhaal voldeed aan de opdracht.
De eerste selectie kwam je ook probleemloos door.
Ik struikelde bij jou over de 'afstand' in je verhaal.
Ik kan niet goed bepalen of dit komt door het vertelperspectief wat je gekozen hebt (Schrijf je in de ik-vorm dan geef je jezelf meer ruimte om de voelbaarheid over te kunnen brengen naar de lezer toe.)
Wellicht heb je de afstand onbewust gecreeerd omdat er iets autobiografisch achter zit (Dit is een vermoeden, hoor).
Wat de reden ook is, ik bleef de afstand voelen.

Neem nu dit stukje:
....Twaalf jaar later voelde Yvonne zich dikwijls eenzaam en kwam op het goede idee om Eefje op te bellen. Gewoon maar eens vragen hoe het met haar ging. Haar dochter nam de telefoon aan en enthousiast hoorde Yvonne haar naar boven schreeuwen, ‘’mam, Yvonne aan de telefoon’’.
Eefje rende de trap af en nam de telefoon over. ‘’Yvonne, hoe gaat het met jou?’’
Yvonne vertelde dat het goed met haar ging en dat ze nieuwsgierig was hoe het met haar vroegere vriendin ging.
Eefje vertelde gelijk dat ze zo’n spijt had dat ze Yvonne weg had gegooid als vriendin, maar dat ze altijd in haar gedachten is gebleven.
Yvonne vond het lief en zei, ‘’ach, neem het jezelf niet kwalijk, we hadden het allebei druk met de kinderen, maar ik vind het wel jammer dat het zo gelopen is.’’
Ze spreken af om elkaar een briefje te schrijven en er wat foto’s bij te doen van hun gezinnen en gingen op deze wijze de Kerst in....

In dat kleine stukje tekst vertel je heel veel zonder dat je de lezer de ruimte geeft zichzelf in te kunnen leven. Dit had gekund door middel van een dialoog (het bewuste telefoongesprek). Dit hoeft niet het hele gesprek te zijn. Een deel daarvan had al wat los kunnen maken bij de lezer.

Van hartsvriendinnen tot geliefden, lees ik op een gegeven moment.
Dat is een verandering van gevoel die niet onderbouwt wordt, terwijl, zeker zo’n relatie, emoties teweeg moet brengen.

Dan is er een stukje waarin de brief gevonden wordt door de dochter van Eefje.
De ruzie, maar ook het telefoongesprek tussen Yvonne en Eefje laat je achterwege.

Natuurlijk ben je gebonden aan een zekere lengte. Je vertelt immers een kort verhaal dat maximaal 2500 woorden mag tellen. Je zou hiermee kunnen spelen door informatie weg te laten die niet relevant is. Er is bijvoorbeeld een zin waarin je zegt dat de ontmoeting in april plaatsvindt, omdat de moeder van Yvonnen in maart overlijdt.
Het is informatie die niet echt van toepassing is.
De synopsis die toegevoegd wordt is een herhaling op een stukje wat de lezer al heeft gelezen of wellicht al invult, omdat je als lezer onbewust een lijn zoekt in een verhaal.

In jouw verhaal is de liefde absoluut aanwezig en je beschrijft ook een bijzondere liefde. Je gedicht was prachtig, maar als we dan weer terug komen op de gemiddeld twintig verhalen die binnen komen was jouw verhaal in de ronde ‘Liefde’ niet goed genoeg.
Ondanks dat zit er een ongelooflijke groei in jouw verhalen en het is niet onmogelijk dat je dat podium een keer zal betreden.

Uiteraard bedoel ik 'Au, Yvonne heeft liefdesverdriet' ipv 'De witte roos'
De witte roos kwam bij mij in beeld, omdat ik je verhaal gekopieerd heb naar een worddocument van mezelf voor de FB.

Deze titel had ik trouwens mooier gevonden dan: 'Au, Yvonne heeft liefdesverdriet', maar dat terzijde.
Mee eens
Lief he van Jury-A.
En dat komt allemaal door jou.
Een prachtige uitleg!
Een intense korte vriendschap... Of toch meer? ;-)
Gelezen en beoordeeld!
Dank je wel
Gelezen en beoordeeld.
Dank je wel
Prachtig geschreven en zo mooi gevoelig
Gelezen.
Dank je wel
Met veel gevoel geschreven.