Wie is Aristoteles?

Door Karin951 gepubliceerd op Friday 12 December 10:43

Wie is Aristoteles?

Aristoteles werd in Stagira in Griekenland geboren in 384 voor Christus. Zijn vader was de arts van koning Amyntas III van Macedonië. Jammer genoeg werd Aristoteles al snel een wees, omdat hij nog best jong was toen zijn vader stierf. De oom van Aristoteles genaamd Proxenus nam vervolgens de voogdij op zich.

Aristoteles is samen met Plato en Socrates de  belangrijkste filosofen uit de Oudheid geworden. Toen hij 17 jaar oud was ging hij in Athene aan de academie van Plato studeren. Hij kreeg twintig jaar les van Plato en leerde hierdoor ook Plato’s stijl alhoewel hij hier soms toch van afweek. In 347 voor Christus overleed Plato en besloot Aristoteles om naar Assos te gaan. Daar trouwde hij met de nicht van een vriend van hem genaamd Pythias. Hij verbleef ook voor een tijdje in Lesbos om zich te richten op zoölogie. Ook zocht hij in Lesbos Theophrastus op, dit was een oud-leerling van hem. Hij hield zich in deze periode ook met haast alles wat met wetenschap te maken heeft bezig. Hierbij kunnen we bijvoorbeeld denken aan biologisch onderzoek, natuurkunde, psychologie, politieke en sociale wetenschappen en wiskunde. Aristoteles had erg veel interesse in de wetenschap doordat zijn vader arts was.

Rond het jaar 342 voor Christus werd Aristoteles door Philippus II, de koning van Macedonië,  gevraagd om de opvoeding van zijn zoon Alexander de Grote op zich te nemen. Ook werd Aristoteles gevraagd om Alexander de Grote les te geven. Drie jaar later volgde Alexander de Grote zijn vader op. Als dank voor de hulp van Aristoteles mocht hij zijn geboortestad Stageira opnieuw opbouwen. De stad was namelijk verwoest door de Macedoniërs. Nadat Alexander de Grote koning is geworden besloot Aristoteles om terug te keren naar Athene. In plaats van dat hij zelf weer les ging volgen wilde hij zelf een school begonnen. Dit kon hij echter niet, omdat hij daartoe dat niet mocht als niet-Athener. Hij gaf daarom maar colleges in een buiten de stad gelegen gymnasium dat Lukeion (Lyceum) genoemd werd, naar Lukios ('de Wolf'), een bijnaam van de god Apollo, die daar vereerd werd. Uit het gezelschap van Aristoteles' studenten ontstond na zijn dood de Peripatetische School.

Als gevolg van een anti-Macedonische reactie na het plotse overlijden van Alexander de Grote in 323 voor Christus werd Aristoteles aangeklaagd voor niet genoeg respect voor de goden. Anders dan Socrates verliet hij de stad, met als motivering "dat hij de Atheners een tweede vergrijp tegen de filosofie wilde besparen", verwijzend naar Socrates. Hij vluchtte naar Chalkis, naar het landgoed van z'n moeder. Daar stierf hij een jaar later aan de gevolgen van een maagkwaal op eenenzestigjarige leeftijd. Uit zijn testament blijkt dat Aristoteles een zorgzaam huisvader en een humaan meester voor zijn slaven was. Enkele vrienden van hem hebben hem zijn leven lang trouw gevolgd.

6ab1160080489e07b0b676fb4ec1f284_medium.

Aristoteles leverde een grote bijdrage aan de logica, politieke wetenschap en geschiedenis. Aristoteles' eerste regel voor het leiden van een goed leven is dat er geen regels zijn. Het gaat er niet om een soort ethisch handboek te internaliseren, maar om je karakter zo te ontwikkelen dat je geneigd bent in elke situatie het juiste te doen. Volgens Plato is de waarneembare wereld onvolmaakt, want alles vergaat en niets is zeker. Aristoteles ziet hier echter een streef naar perfectie in. Het vormen en streven naar perfectie speelt ook een rol in de ethiek van Aristoteles. Volgens hem is onze grootste streven om gelukkig te worden. Geluk komt uit goed en deugdelijk handelen, niet uit rijkdom of genot.

Het juiste gedrag komt ons voor ogen als we het idee loslaten dat goed en kwaad tegenovergestelden zijn en het goede leren zien als het 'midden' tussen de uitersten van overdaad en tekort. Moed ligt bijvoorbeeld tussen overmoed en lafheid; vrijgevigheid tussen verkwisting en gierigheid; vriendelijkheid tussen toegevendheid en geringschatting. Tegenover de algemene voorstelling van moraliteit gaat Aristoteles' ethiek niet alleen over goed te zijn; het is een blauwdruk voor het goede leven: eudaimonia.

Aristoteles had zoals ik al eerder zei kritiek op de leer van Plato. Plato gebruikte alleen zijn verstand, maar Aristoteles gebruikte ook nog zijn zintuigen. Aristoteles vond dat de ideeën en gedachten die we hebben bewust komt door wat we hebben gezien en gehoord. Ons aangeboren verstand gebruiken we volgens hem om alle zintuiglijke indrukken goed onder te verdelen.

f3d0b3db13e964d7e8d55e78ff21dec9_medium.

 

De zijnsleer van Aristoteles

Volgens Aristoteles had ieder fenomeen, met daarin het idee, een doel. De zijnsleer van Aristoteles doelmatig. En volgens Aristoteles bestonden er twee orden van doelmatigheid. In de eerste plaats had ieder ding een eigen doel. Een eikeltje moest uitgroeien tot een grote eikenboom. Een zaadje moest een appelboom worden. Het doel van de mens was het ontwikkelen van de verstand van het mens. Daarnaast heeft alles in de natuur een doel. Hiermee bedoel ik dat lagere soorten in dienst staan van hogere soorten. Denk hierbij aan een appel (lagere) die wordt gegeten door een hert (hogere).

Het was volgens Aristoteles rechtvaardig wanneer een ding zijn doel bereikte. Eén van zijn doelen dan teminste. Want als een zaadje opgegeten wordt door een vogel, wordt het geen boom meer. Het persoonlijke doel is dat niet gehaald, maar het 'grotere' doel wel. Het was ethisch goed wanneer er een doel bereikt werd. Het was onethisch wanneer iets zijn doel niet bereikte. Wanneer een eikel uitgroeide tot een paard, dan was dat niet alleen een fout van de natuur. Het was veel meer. Het was moreel fout. Het was onrechtvaardig.

 

De staatsleer van Aristoteles

Ook op dit vlak was hij het niet eens met zijn leermeester. Waar Plato sterk voor een aristocratie was, maakte het volgens Aristoteles niet uit hoe er geregeerd werd. Zolang er belangenloos geregeerd werd, dan was alles goed. Echter, uit stukken blijkt dat hij wel een kleine voorkeur had voor de 'goede' democratie, oftewel een republiek.

Wat veel meer van belang is voor de staatsleer van Aristoteles is zijn opvattingen over wat een staat (polis) is. De regeringvorm maakt dan misschien niet veel uit, maar er zijn zeker wel bepaalde ideeën van Aristoteles noemens waardig. Zo vond hij de staat een volmaakte gemeenschap voor de mens, want alleen in de staat kan een mens, mens worden. Kan je niet leven in een staat of heb je hem niet nodig? Dan ben je of een God of een dier.

In de tweede plaats is de staat een totaalgemeenschap. De staat bestaat uit allerlei onderdelen van de staat die ook allemaal dienstbaar zijn aan die staat. Denk hierbij aan individuen, dorpen, steden, etc. Belangrijk is dat Aristoteles dacht dat de staat voorafging aan het individu. En dat bedoelt hij niet historisch, want zonder mensen geen staat. Maar pas voordat je een gedeelte (het individu) van iets kunt hebben, moet het eerst iets zijn (het geheel).

Aristoteles vond slavernij niet verkeerd. Hij vond het zelfs rechtvaardig. Politiek was het beste wat er was op staatsniveau. Maar om de vrije mannen tijd te geven om de politiek te bedrijven, moesten zij wel in hun onderhoud voorzien worden. En dat kon toch het beste door middel van slaven. En daar kwam bij, de slaven werden vanuit stammen gehaald die niet tot een staat behoorde. En aangezien zij geen onderdeel waren van de staat, waren zij gelijk aan dieren.

 

Zijn werken

Veel van het oorspronkelijke werk van Aristoteles is verloren gegaan na zijn dood. Onder de verloren werken behoren ook zijn dialogen, de enige teksten die door Aristoteles zelf uitgegeven waren. De nog steeds erg talrijke bewaarde werken van Aristoteles zijn meestal cursusnotities en lesvoorbereidingen voor eigen gebruik, en waren oorspronkelijk niet voor publicatie bestemd. Dit is een verklaring voor de voor sommige lezers onsystematische of schetsmatige structuur van enkele van de ons bekende teksten. Boeken als de Ethica en de Politica zijn echter voorbeelden van het tegendeel: zelden zijn er boeken verschenen die zo'n heldere structuur en duidelijk logische rode lijn bevatten. Wat opvalt aan de filosofie van Aristoteles in een boek als de Ethica is de voortdurende drang de waarheid te beschrijven in plaats van ingewikkelde of gekunsteld aandoende theorieën. Met een boek als de Ethica toont Aristoteles aan dat zijn filosofie de meest vooruitstrevende inzichten bezat. Inzichten die niet alleen van toepassing zijn op de huidige tijd, maar, net als zijn karakter, universeel en tijdloos zijn. Het werk van Aristoteles werd traditioneel vertaald in het Latijns, maar later werd het ook door de Arabische geleerde Averroes vertaald. 

 

De Stoa

De Stoa is een filosofische stroming die weer gebasseerd is op Aristoteles. Zij vonden dat je alles volledig rationeel (met je verstand) moest benaderen. Overal was kennis over mogelijk. 

e1091de047ae0391fcf96d9e2dcd9ed1_medium.

 

 

Stap over naar Oxxio

Help deze website en onze schrijvers, stap over naar Oxxio als energieleverancier.

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.