Latent talent

Door Nonnie gepubliceerd op Friday 28 November 10:51

553353dcf5d98841970e95a6d1af0741_medium.

 

Ergens in een oude schoenendoos ligt de foto. Mijn stralende kinderogen in het roetzwarte gezicht kijken recht de camera in, terwijl mijn broer met een gezicht als een citroen schuin achter me duidelijk niet blij is met mij. Na die ene keer dat ik de stoppen heb laten doorslaan, mocht ik nooit meer met zijn elektrische trein spelen. Het was misschien ook niet zo’n goed idee om het mini-stekkertje van de straatlantaarn in het stopcontact te steken, maar wat weet je nou als je zes bent?

Mijn moeder leek er vrij nuchter onder, gezien het feit dat ze nog kans zag om eerst even een plaatje te schieten om me vervolgens een onwaarschijnlijk pak op mijn donder te geven. Mijn broer heeft drie dagen niks meer tegen me gezegd.
Achteraf gezien denk ik dat het toen allemaal is begonnen. Toch heeft het nog jaren geduurd voor ik ontdekte dat ik over speciale krachten beschikte, dat ik kon wat anderen niet konden, want aanvankelijk accepteerde ik mijn gave als iets vanzelfsprekends in de veronderstelling dat anderen dezelfde potentie hadden. Zo is de mens: alles wat we kunnen wordt tussen neus en lippen door voor standaard aangenomen. We zijn onze eigen norm tot we onszelf toetsen aan de buitenwereld.

Die eerste keer dat er iets opmerkelijks gebeurde is eigenlijk volledig aan me voorbij gegaan. Veertien hoog, op bezoek bij tante Martha op de flat, kreeg ik mijn eerste digitale camera in handen, of eigenlijk die van tante Martha. Grandioos vond ik het en mijn rechtervinger maakte overuren in contact met de cameraknop. Klik, klik, van mijn moeder en vader op de bank, klik, mijn broer, die gekke bekken trok, klik tante Martha in de keuken bezig met de koffie, klik, oom Charlie die een sigaartje rookte buiten op het balkon. Ook beide poezen, Poekie en Felix, moesten eraan geloven. Tot het moment dat er een geel lampje begon te knipperen. De batterij was bijna leeg. Had ik echt zoveel foto’s gemaakt? Mijn wijsvinger gleed zoekend langs de opening van de oplader. Op dat moment ging er een kleine schok door me heen, waarna het lampje uitging. De rest van de middag heb ik me nog uitstekend vermaakt met het toestel, tot enorm chagrijn van mijn broer.

Een ander incident vond plaats toen ik alleen thuis was. Voor de gelegenheid had ik me gehuld in mijn moeders lingerie, waarvan de roze bh-cups karikaturaal mijn nog platte meisjesfiguur sierden en waarvan de loshangende bandjes nonchalant op en neer wipten over mijn smalle schouders terwijl ik stiekem door de huiskamer danste. De bijpassende slip die bijna tot onder de oksels was opgetrokken moest ik wel vasthouden, maar dat mocht de pret niet drukken. Geweldig sexy voelde ik me. Toen geheel onverwacht de radio aansprong schrok ik me een hartverzakking. Speurend keek ik rond, maar ik was helemaal alleen, de enige die de radio kon hebben aan gezet. Betrapt door de spontaan aangefloepte radio heb ik snel het setje uitgetrokken en terug gemoffeld in mijn moeders lingerie la. Met de afstandsbediening ging de radio weer uit.

Stukje bij beetje begon ik dingen te ontdekken en voorzichtig te experimenteren. Met mijn gedachten kon ik lampen aanknippen, soms inclusief de straatverlichting. ’s Avonds als ik met Mopsie langs de huizen liep, zette ik de tv’s in de huiskamers op een andere zender en liep dan proestend verder. Verkeerslichten sprongen steevast op groen als ik eraan kwam. Ik begon er echt lol in te krijgen.
Op een dag was ik op school de leraar behulpzaam door alvast de beamer met een presentatie te starten terwijl hij nog bezig was met zijn uitleg. Toen de hele klas begon te lachen, keek ik rond of iemand anders misschien de apparaten zou uitzetten, maar omdat niemand aanstalten maakte, zond ik de boodschap ‘stop contact’ de ruimte in, waarna de powerpoint abrupt ophield. De leraar trok zijn schouders op. ‘Het spookt hier, geloof ik.’ Dat vond ik zo grappig dat ik de presentatie even later opnieuw opstartte en floep, daar sprong alles weer aan. En weer uit. Een kat en muisspel volgde, waarbij ik zo neutraal mogelijk probeerde te kijken om niet door de mand te vallen. De klas werd steeds luidruchtiger, tot tenslotte de leraar besloot om de stekker eruit te trekken. Toen vervolgens de presentatie opnieuw begon terwijl de stekker ernaast lag, werd het stil in de klas.

Mijn schooldagen heb ik inmiddels achter me gelaten en mijn kunsten houd ik zoveel mogelijk voor mezelf. Onderhand begrijp ik genoeg van de wereld om geen aandacht te trekken met mijn energiestunts, want voor je het weet word je voor freak uitgemaakt en opgesloten om als wetenschappelijk proefkonijn te dienen. Mij niet gezien. Het spanningsveld dat ik met mijn gedachten kan besturen hoort bij me, zoals mijn bruine ogen en blonde haar. Wel ben ik er middelerwijl achter dat al te dynamische stunts ten koste kunnen gaan van de gezondheid. Zo ben ik ooit  flauwgevallen bij een poging om een onwillige noodgenerator aan te zwengelen.  Stiekem was ik trots op deze actie, want hiermee waren talloze levens bespaard gebleven, omdat de apparatuur van het ziekenhuis draaiende kon worden gehouden, maar deze krachtsinspanning had zoveel van mijn vitaliteit gevergd dat ik een maand lang alle apparatuur nota bene met de vingers moest bedienen. Volledig onthand voelde ik me en ik vroeg me bezorgd af of mijn gave voorgoed verdwenen was, opgelost in de arrogante overschatting van mijn krachten. Was dit de straf voor mijn hoogmoed? Elke ochtend opnieuw probeerde ik of ik ’s nachts voldoende was opgeladen voor de gebruikelijke activiteiten en steeds weer werd ik teleurgesteld. Na een verschrikkelijke maand lukte het me eindelijk om een klein zaklampje te laten branden, een week later kon ik op mijn werk de computer met printer weer besturen en nog een week later reed ik als vanouds met mijn elektrische scooter naar het werk. Wat een opluchting!

Toen mijn leidinggevende vroeg of ik een nieuw filiaal wilde opzetten in Maleisië was ik zeer gevleid. Voor hetzelfde geld had ze Maarten gevraagd, die walgelijke kwal die zich in alle bochten wringt om promotie te maken, maar ditmaal was niet die slijmerd met de puntige ellebogen in de prijzen gevallen, maar ik. Heerlijk, een project waar ik diep mijn tanden in kon zetten en het mooiste was nog wel dat ik er niets anders voor had gedaan dan domweg mijn werk. Geen trucjes met energie of spanningsvelden maar gewoon als doorsnee werknemer met, toegegeven, toch wel een paar tandjes meer dan gemiddelde inzet. Dit waren de vruchten van mijn harde werk, nu hoefde ik alleen nog mijn hand uit te steken om ze te plukken. Uiteraard moest ik eerst naar Maleisië om polshoogte te nemen van de huidige stand van zaken om zo te bepalen wat de mogelijkheden waren. De vlucht was zo geboekt en op een mooie, zonnige dag in juli ging ik vol goede moed naar Schiphol. Met ‘De ontdekking van de hemel’  van Harry Mulisch, volgens velen het beste boek aller tijden, in mijn handbagage zou ik me niet hoeven vervelen tijdens de vlucht. Terwijl ik in de ellenlange rij stond te wachten om eerst mijn bagage in te checken, zag ik even verderop een man met een verbeten uitdrukking op zijn gezicht en een laptop op een knie, die hij balancerend als een ooievaar op één been omhoog hield. Kennelijk was er een dringende noodzaak om hier middenin een ongeduldig wachtende menigte nog te werken, de uitslover. In een opwelling zette ik zijn laptop uit. Zijn woeste blik schoot omhoog en bleef heel even rusten op mij, alsof hij voelde dat ik iets te maken had met de brute manier waarop zijn werk was beëindigd. Ik glimlachte vriendelijk terug en hij klapte geërgerd zijn laptop dicht en stopte die in zijn tas. Toen pas zag ik hoe een jochie van een jaar of acht onderzoekend naar mij keek. Verbeeldde ik het me of knikte hij begrijpend naar me? Ik gaf hem snel een knipoogje en hij grijnsde zijn fietsenrekje bloot. Een blik van verstandhouding, ons kent ons. ‘Loop eens door, Koen!’ Zijn moeder gaf hem een zetje, zodat hij weer aansloot in de rij. Even keek hij nog snel achterom naar me, waarna hij doorliep. Het bejaarde echtpaar voor me was nog aan het bakkeleien  over wat er in de handbagage moest en even verderop stond een jong stel hand in hand gelukkig te wezen. Zij hadden verder niks nodig, hadden waarschijnlijk niet eens door dat er nog andere mensen stonden te wachten, het jonge geluk straalde van ze af. Duidelijk de eerste keer samen op vakantie. Wachten is altijd vervelend, maar door om me heen te kijken en mijn medepassagiers tot hoofdrolspelers van mijn zelfverzonnen soap te maken leek de tijd sneller te gaan.

Even later zaten we met z’n allen in een propvol vliegtuig. Enkele gezichten meende ik te herkennen. Pas de volgende ochtend zouden we aankomen in Kuala Lumpur, dus met een zucht opende ik het boek en begon te lezen. Al snel had Harry me in zijn uiterst taalkundige greep en vloeide de monotonie van een vliegtuiginterieur naadloos over in een weergaloos verhaal. Met een klap werd ik ruw uit de veilige armen van het boek de werkelijkheid in gesleurd. Wat was dat? Om me heen waren mensen gaan staan en vielen door de capriolen van het vliegtuig weer terug in hun stoel. Een kind begon te huilen en ik hoorde hysterische vrouwenstemmen. Het vliegtuig begon ongecontroleerd te schudden en leek om zijn as te draaien. Als spinnen aan een webdraad waren de zuurstofmaskers naar beneden gevallen en bungelden door de ruimte. Wie niet vast zat werd naar links geslingerd, bovenop andere mensen. Op de spookachtige verlichting bij de uitgangen na was het aardedonker. Schimmen bewogen in een onnatuurlijk schaduwspel, dat elke nachtmerrie tartte. ‘We crashen!’ hoorde ik een zware stem roepen in de buurt van mijn oor. Flarden van namen, snikken en onverstaanbare uithalen maakten de chaos compleet. Er was geen ontkomen aan. Ik bevestigde een zuurstofmasker op mijn hoofd en probeerde alle consternatie te negeren door mijn ogen te sluiten en me te concentreren op de motoren van het vliegtuig. Toen ik voelde hoe alle kleur uit mijn gezicht trok, kreeg ik opeens een venijnige klap tegen mijn kaak van een langs vliegende schoen. In een waas zag ik hoe Koen zich even naar me omdraaide in de rij, hoe het bejaarde echtpaar was gestopt met kibbelen, de jonge geliefden elkaars hand vasthielden in een stevige greep en de laptopman nog steeds verstoord keek. Al die mensen. De beelden vervaagden toen ik met stoel en al door het vliegtuig werd geslingerd en met mijn hoofd landde tegen een scherp voorwerp. Op de achtergrond klonk zacht geronk. Mijn laatste gedachte gold de ontdekking van de hemel.

Het licht schijnt wit en fel als ik mijn ogen in een gepijnigde reflex tot spleetjes knijp. De silhouetten die ik door mijn schuchtere oogharen ontwaar worden langzaam duidelijker. ‘Ze wordt wakker’, hoor ik mijn moeders stem fluisteren. ‘Mama’ , mijn mond vormt het woord, maar er komt geen geluid. Ik voel hoe iemand mijn hand pakt in een greep die iets wanhopigs heeft. Ik wil terugknijpen, maar mijn hand gehoorzaamt niet. ‘Het is goed, meisje.’ Ik herken de stem van mijn vader amper, zo verstikt klinkt het stemgeluid. ‘Het was een godswonder dat het vliegtuig nog kon  landen in Turkije, maar jullie zijn gered. Allemaal!’ Ik herinner me het geronk op de achtergrond. Dus toch. ‘Gelukkig heb je het niet allemaal bewust hoeven meemaken, want je was flauwgevallen,’ hoor ik mijn moeder nog zeggen, voordat ik met een glimlach opnieuw mijn ogen sluit. Stop contact.

 

Meer Nonnie?
http://www.nonniegelezen.nl

Reacties (51) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Goed verhaal, mooi de gedachten van de ik-persoon neergezet en een zeer originele gave. (Lijkt me fantastisch, hoef ik de batterijen van mijn hoorapparaat nooit op te laden)

Je verhaal zit goed in elkaar, alleen heb ik twee punten van kritiek.

Een, ik ben zelf een verwoed lezer en ik ken de leestrance maar al te goed. (Ooit vijf uur in de nacht aan een stuk gelezen)
Maar het lijkt me ongeloofwaardig dat ze pas iets opmerkt als de maskers al naar beneden gevallen zijn, het vliegtuig al naar beneden suist en de mensen gillen. Wat mij betreft had dat eerder mogen gebeuren. Misschien ook spannender geweest, ze 'voelt' voor de piloten iets opmerken dat de motoren haperen enzovoort.

Twee ligt misschien alleen aan mij, maar ik vond die glimlachende jongen verwarrend. Hij zette mij op een verkeerd spoor, want ik dacht dat hij van haar gave wist. En ik verwachtte natuurlijk al een organisatie die haar om haar gave zou ontvoeren, want die jongen glimlacht uiteraard niet zomaar.

Maar verder? Knap werk.
Dank voor de complimenten en jouw commentaar.

Ik denk dat ze niet had kunnen aanvoelen dat de motoren begonnen te haperen. Het gebeurde opeens en toen leek alles tegelijk te gebeuren. Dus ze moest heel snel schakelen en haar accu inzetten. Uiteraard is dit wel iets dat je als schrijver kunt sturen. Nou dwingt een kort verhaal een schrijver altijd tot het maken van keuzes.

Kinderen lijken vaak gevoeliger te zijn dan volwassenen. In dit verhaal laat ik in het midden of hij werkelijk iets doorhad of dat het slechts haar verbeelding was. Waar het hier om gaat is eigenlijk dat ze zich verbonden voelt met haar medepassagiers. Ze hebben een gezicht en dus is haar er veel aan gelegen om alles op alles te zetten om te redden wat er te redden valt.

Ik stel jouw commentaar bijzonder op prijs, want het dwingt mij opnieuw te kijken naar de keuzes die ik heb gemaakt bij de creatie van dit korte verhaal. Grappig vind ik dat uit jouw reactie blijkt dat je zelf met de blik van een schrijver naar dit verhaal kijkt. Waarvoor dank.
Graag gedaan.

Dat is ook weer waar, je moet rekening houden met de limiet. (Dat doe ik eigenlijk nooit, het verhaal beslist bij mij zelf over de lengte. Ik heb het moeilijk om het dan in te korten.)

Op die manier, ik begrijp het. Toch vind ik nog steeds die glimlach een verdachte indruk maken, maar ik snap wat je bedoeling is.

Ik ben blij dat je mijn commentaar op prijs stelt. :)
Ik vroeg me al af wie mijn tv toch steeds van zender liet verwisselen...
Wat een energie! Prachtig verhaal.
Hoorde je dat gegiechel achter de heg niet?
Dank je wel, smurf.
Leuk verhaal! Goed geschreven, leest goed door!
INfiction, dank je wel.
Gelezen.
ik heb ook die gave maar dan omgekeerd : als ik in de buurt ben, springen alle verkeerslichten op rood :-)
superverhaal
Dank je wel.
Dat kost je veel tijd, deze speciale gave, maar komt me wel verdacht bekend voor.
Prachtig verhaal, om met Lady Di te spreken: Shit daar de punten (van mijn zussie dan want zelf heb ik niet mee gedaan)
Dank je wel, Anerea.
Ik weet niet precies wat je met dat laatste bedoelt, die shitpunten of zo.
tegen Nonnie
1
Onder het verhaal van Karazmin heeft Lady Di zoiets gezegd over haar eigen punten. dus de kans om te winnen. Ik heb dat vrij vertaald naar jouw verhaal en die van Karazmin. Zij maakt nu geen kans meer met dit geweldige verhaal. :)
Ik heb het verhaal van jouw zus ook gelezen en ik zou niet zo voorbarig zijn, want de juryleden hebben allemaal hun eigen voorkeur.

Wel leuk dat je het echt zo goed vindt. Dank je wel (ook al is het dan shit)
tegen Nonnie
1
Ik vrees dat de jury het met je eens is gebleken.
Nonnie is back! Helemaal!
Die gave, ik heb er als kind vaak over gedroomd. Een lopende dynamo, een lopende zonnecollector en ikkon ook nog eens vliegen.
Genoten van je verhaal!
Stuff dreams are made of.
Dank je wel, het doet me deugd dat je het een mooi verhaal vindt.