Werken in de zorg:

Door Appelpit gepubliceerd op Friday 14 November 15:29

(Dit stukje heb ik geschreven in januari 2013. Mijn vader zat toen in een verpleeghuis. Een paar maanden erna is hij overleden. Het verpleeghuis waar hij zijn laatste jaren doorbracht, was denk ik niet heel goed en niet heel slecht. Ik heb tekortkomingen gezien, maar ook gouden zorgers: )

65f16b1568ec2779cb372c2d3d9985f8_medium.

“Het is hier een saaie boel”, zegt mijn vader als ik vraag hoe het is. Het is lunchtijd en hij zit aan tafel in de huiskamer van zijn afdeling. Hij heeft gelijk. Eén van de twee vrouwen die ook aan  tafel zitten, slaapt. De andere staart wezenloos naar buiten.

“Dan neem ik je lekker mee naar beneden”, zeg ik. “In het restaurant slapen ze niet.”

“Dat is goed.”

Maar hij moet wel eerst even naar de w.c.

Ik kijk zoekend rond naar iemand die hem kan helpen. Omdat ie zo slecht kan lopen en staan, is dat een hele klus. In de huiskamer is alleen Bianca, die het druk heeft met de lunch.

Ik vertel haar dat we iemand zoeken voor hulp bij het toiletbezoek. Ze aarzelt even, zet dan haar karretje opzij en zegt: “Er is niemand anders... ik mág het niet, tegelijk de lunch doen én iemand naar het toilet helpen. Maar ik doe het gewoon. Die inspectie kan de pot op. Je kan toch niet tegen iemand zeggen: ‘wacht maar een uurtje’.

Terwijl ze van verderop een tillift pakt, praat ze door: “Trouwens, als je zelf onder het eten naar de w.c. moet, ga je toch ook. Het hóórt niet, maar je doet het wel.”
Ze verdwijnt met de tillift én de rolstoel met pa in een invalidentoilet. Gedempt hoor ik haar aanwijzingen. “Nu even uw voeten zó neerzetten ... houdt u zich goed vast.”

Even later loopt ze terug naar de huiskamer, langs de groene bank, waar een iel mevrouwtje zit. Voor haar op een rollatorplankje staat een bord vol kleine stukjes brood met jam.

“Mevrouw Pit, eet u uw brood op? Anders wordt u nooit dik!”

“Wat zeg je?” roept het kleine mevrouwtje met een harde stem.

Bianca gaat naast haar op de bank zitten.

“Effe lekker je boterham opeten, Annie”, zegt ze zachtjes in haar oor en houdt haar een vork voor met een blokje jambrood. Annie hapt braaf en Bianca is alweer opgeveerd om de huiskamer in te lopen.

“Doe je het verder zelf?” vraagt ze achterom. In één adem vervolgt ze tegen een andere mevrouw:
“Zó, goed gegeten hoor! Twee boterhammen en een kop thee op!”

In het voorbijgaan draait ze een tuitbeker dicht, constateert hardop dat mevrouw Santenberg nog koffie heeft en vraagt mevrouw De Kok of ze nog een kopje thee wil.

“Je moet niet in die beker knijpen hè”, zegt ze opzij tegen Joop met z’n tuitbeker.

“Dan krijg je de melk over je heen.”

Met een stapel vuile bordjes komt Bianca de kamer uit.

“Meneer Appel, bent u klaar?” roept ze naar het invalidentoilet.

Voordat ze naar hem toe gaat, stopt ze nog een hapje brood in de mond van mevrouw Pit.

“Je ging toch zelf eten? Of was dat een grapje?”

Een kleine, kromgebogen man sloft door de gang langs Bianca
“Ha die Nol”, zegt ze tegen hem. “Je melk staat nog op tafel in de kamer.”
Prompt past hij zijn langzame route aan, sloft naar binnen en trekt onhandig een stoel naar achteren om te gaan zitten. Intussen is Bianca in het toilet verdwenen. Een paar minuten later komt ze te voorschijn met de tillift en dan met pa in z’n rolstoel.

Met een brede glimlach draagt ze hem aan mij over. “Je wilt zeker z’n pilletjes mee.” Ze verdwijnt weer achter een deur om terug te komen met een medicijn-zakje.

“Geniet er maar van”, zegt ze tegen mijn vader. En hup, ze is weer naar de huiskamer terug.

Ik steek mijn hand op en zie dat er gelukkig twee collega’s bijgekomen zijn om te helpen.

Want voor bewoners mag het in de huiskamer een saaie boel zijn, voor het personeel is er vanalles te doen.

 

Reacties (2) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
zo dat was even een drukte van jewelste
Wat heb jij dit mooi geschreven en fijn dat je dit zo zag en er nu overschrijft, ik heb een paar jaar op een huiskamer bij de gesloten afdeling gewerkt en ken het , ik was vrijwilliger en mocht ook veel dingen niet doen, je kunt er als medemens niet gehoor aan geven aan al die wel en niet regels, fijn zulke mensen als Bianca, erg graag gelezen.