Evert heeft ze niet allemaal op een rijtje.

Door Theun50 gepubliceerd op Sunday 14 September 17:04

Hij woonde in een hutje op de hei, de boeren uurloner. Hij zwierf van boer naar boer om zijn kosje bij elkaar te scharrelen. Een eenzelvige zonderling, dat was hij.
Een volwassen kind eigenlijk, die Evert.

Het verhaal speelt zich af in een tijd dat de eerste radio’s hun intrede deden.
Evert was op weg naar de herenboer Leeflang. Die had, in deze nazomer, nog wel een leuk klusje voor hem; aardappelen rooien. Evert was ’s morgens om vijf uur al op het enorme aardappelveld begonnen. Tegen twaalven was het tijd voor een pauze met een boterham met koffie, vooral veel koffie, bij de boer thuis.
Hij pakte zijn kruiwagen, zijn broodtrommeltje, koffiekruik en boerenkiel en ging op weg naar de boerderij.

Om één uur zou hij weer verder gaan met het rooien van de aardappels.
“Zeg Leeflang, hebbie nog iets over ut weer geheurd? Hollen wie ut nog een peuske dreug?” vroeg Evert.
Nou, had Leeflang gezegt:
“De radio hét net umgeroepen dat ut wel warm blif en dreug, moa dat wiele in’t midden van’t land wel wat regen kunt kriegen.”
“Snotver”, had Evert gezegt, “In’t midden van’t land?”
Evert stond haastig op, liet zijn laatste boterham liggen en beende snel met z’n kruiwagen naar het aardappelland. Boer Leeflang stond hem verbaasd na te kijken. “Waarom had Evert toch ineens zo’n haast”, vroeg de boer zich af.

Een uur later besloot Leeflang toch maar eens bij Evert te gaan kijken en zag tot zijn grote verbazing dat hij bezig was de reeds gerooide en in zakken gesorteerde aardappelen, die in het midden van het aardappelland stonden, op zijn kruiwagen te laden en naar de rand van het land te kruien.
En een haast dat die Evert had!
Leeflang liep naar Evert toe, hield hem staande en vroeg: “Evert, waarom zo’n haast en waarom sjor je al die volle aardappelzakken eerst naar de kant van het land?”

Evert keek de boer met een verbaasde blik aan en zei: “Nou, daor bunt de piepers tenminste veilig, want as ik die radio van oe mag geleuven blif het an de kante dreug en regent ut allenig in’t midden van’t land!” Boer Leeflang heeft nog nooit in zijn leven zo hard gelachen.

Ja, Evert had ze niet allemaal op een rijtje.

Reacties (11) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
haha.. ik heb sommige zinnen wel meer dan één keer moeten lezen, vanwege het dialect
Maar het is een heel goeie!
Mooi, dank je.
Hahahahaha....... pijn in de buik van het lachen;-)))
Sorry, Ruud.
Prachtig, duidelijk een man met een verstandelijke beperking zoals we dat nu noemen. Vroeger had hij waarschijnlijk wat wonderlijk geweest...
Dat klopt helemaal, vroeger was zo iemand wonderlijk.
tegen Theun50
1
Tja dat zegt mijn moeder nog steeds over bepaalde mensen
schitterend
Ohhh deze is geweldig.
Graag gedaan.