En daar lig ik dan in al mijn natuurlijke schoonheid.

Door Theun50 gepubliceerd op Monday 25 August 14:52

Ruim twee jaar terug heb ik in het ziekenhuis gelegen voor een endeldarm operatie. Ongeveer drie weken na thuiskomst ben ik begonnen aan een ziekenhuis artikel maar heb dat, door moeizame lichamelijke herstelwerkzaamheden, nooit afgemaakt.
Gisteren, bij het opschonen van mijn documenten, kwam ik het artikel weer tegen. Nou, de somberheid straalde er van af, vandaar dat ik het maar heb herschreven. Met de nodige humor, zoals jullie van mij gewend zijn.
947b53a34bebd41a1efd1ac0699772b2_medium.


Hier valt werkelijk helemaal niks te beleven. Het is hier koud en het is hier saai met al die witte muren. Tegenover mij en links en rechts van mij staan bedden op wielen, sommige verscholen achter een flinterdun privacygordijn, ook al in zo’n nietszeggende kleur wit.

Ik heb geen zin om plat te blijven liggen. Opstandig ga ik fier rechtop zitten. Althans, zo recht als maar mogelijk is in mijn hemelsblauw operatiegewaad.
Je weet wel, zo’n gewaad met van die kloterige drukknoopjes dat van achteren altijd wijd openhangt. Mijn hemel, wat voel ik me machteloos. Ik probeer de tegenstrijdige stemmetjes in mijn hoofd te negeren en doe net of ik hier puur toevallig moet zijn, alsof ik ieder moment kan worden weggeroepen om een paar onbenullige dingen te gaan doen. Maar dat gebeurt niet, zeker niet als ze je laatste haren onder een blauw papieren mutsje hebben weggefrommeld. Daar lig ik dan in mijn operatiejurkje, mutsje op en dikke witte sokken op blote benen.
Het is geen gezicht. Ik ben voor één keer blij dat er geen spiegels in mijn directe nabijheid zijn.

De kamer waarin ik lig zou best een make-over kunnen gebruiken. Misschien iets voor RTL of SBS-6: Pimp my hospital?  Hoe zou dat staan; een fris en opwekkend warmroze kleurtje op de muren, zodat je helemaal opgevrolijkt de OK in gaat? Waarom creëren ze geen knus en huiselijk sfeertje, in plaats van die afzichtelijke witte gordijnen? Waarom geen design kamerschermen met een prachtig levensgrote Boeddha erop, of zo. Dat is zó rustgevend dat je niet eens meer een narcose nodig hebt. Maar ja, dat zal wel weer te duur zijn en ze willen natuurlijk voorkomen dat je onnodig lang in het ziekenhuis blijft plakken.

Net als ik in gedachten de witte muren aan het sausen ben, komt er een verpleegster binnen. Ze stopt bij het bed naast mij en ik kan het gesprek bijna letterlijk volgen. Hoezo privacy?
“Nou laten we eens even de gezondheidslijst met u doornemen, u bent goed gezond?”  Jaahaaa, natúúrlijk, denk ik. Daarom ligt die vent nu hier, toch?
Ik haal mijn rode oortjes onder het blauwe mutsje uit om ze te kunnen spitsen.
“En meneer (puntje-puntje-puntje), rookt u?”
“Ja”, is het bedremmelde antwoord. Ach gut toch, één strenge vraag van een verpleegster en ze worden óóó, zóóó klein.
“Hoeveel sigaretten rookt u dan?”
Meneer spreekt nu zo zacht dat ik het niet meekrijg, de verpleegster blijkbaar ook niet.
“Dértien?”, vraagt de verpleegster verschrikt.
“Nee, dertig”, antwoordt de man angstig iets luider.
“Dér-tíg??”, papegaait de verpleegster, waarbij ze duidelijk intimiderend de nadruk legt op het eerste en op het tweede deel van het woord ‘dertig’.
“Dertig per dag?” “Nee zuster, per week”, antwoord de man. “Pfffffff, ik schrok al”.

Omdat er ineens iemand naast mijn bed staat, die mij komt halen, kan ik de conversatie niet verder afluisteren. Snel trek ik mijn mutsje weer over mijn oren. Mijn haren onder dat mutsje is nog tot daaraan toe, maar mijn haren én twee oren is beetje teveel van het goede. Ik word door de beddenbroeder streng gesommeerd weer te gaan liggen en word, na een plafondstarend, zwijgzaam ritje, de OK in gereden. Daar staat een compleet verzorgingsteam voor mij klaar, en met een gezamenlijk gezongen ene-tweeje-drieje word ik overgeheveld op een koud supersonisch operatiebed. De chirurg vraagt met een grijns op zijn gezicht om welke knie het gaat. Ik schrik me kapot en roep verschrikt:
“Nee, niet mijn knie maar mijn endeldarm!”  “Oké, dan is het goed”, smaalt hij en de narcotiseur maakt aanstalten om mij uit mijn paniek te verlossen.
De chirurg kijkt mij aan en vraagt: “De endeldarm is het toch?”

e7ada287dcfa24ee9c868f7fd85fa11a_medium.
Mijn hemel, heb ik dat weer? Een chirurg met Alzheimer? Lichtelijk in een beginnende narcosepaniek, zoek ik oogcontact. En dat valt voor de drommel niet mee als je moet zoeken tussen al die groene mond/neuskapjes, geplastificeerde groene handen en die gekke veelkleurige piratendoekjes op hun hoofd.
“Endeldarm”, probeer ik te zeggen terwijl ik hem indringend in zijn ogen kijk.
Ik articuleer in gedachten iedere letter zo scherp mogelijk, ik krijg zelfs de neiging om er in doventaal ook nog gebaren bij te maken en wijs, motoriekgestoord als ik ben, naar mijn buik.
“Tja, ik moet dat nu eenmaal aan u vragen, dat is protocol”, mompelt de chirurg vanachter zijn groene spuugdoekje. Ik zeg wijselijk maar niks meer.
Volgens mij zit Frans Bauer in dit vooropgezette operatiecomplot want het begint zo langzamerhand behoorlijk op Bananasplit te lijken. Prompt valt daarna bij mij het licht uit en zijn er geluidsschermen geplaatst, want ik zie en hoor helemaal niks meer. De operatiesoap is begonnen.

En daar lig ik dan in al mijn natuurlijke schoonheid, met een oranje buik van het jodium die zo dik is ingepakt dat het meer op een waterbuikzwijn lijkt dat dringend aan de plastabletten moet.
Nou, als dat geen Operatiekamer-glamour is dan weet ik het niet meer.
Maar ik ben weer enigszins bij. Althans; ik zie mezelf weer in bed liggen.

Hallo wereld, ik ben er weer!

Stap over naar Oxxio

Help deze website en onze schrijvers, stap over naar Oxxio als energieleverancier.

Reacties (8) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Daar kun je beter weg blijven.
Gelukkig ben je weer thuis....
Power-man!
Pimp my hospital :-))
Is goed, wanneer komt het je uit?
Haha, gelukkig heb ik niets te maken met een ziekenhuis!
Ziekenhuizen zijn inderdaad zoo saaiii. Gelukkig ben je er nog.
En nog steeds blijkbaar. Een make-over lijkt me inderdaad geen overbodige luxe