De kunst van het fikstoken.

Door Appelpit gepubliceerd op Friday 08 August 16:20

Helemaal doorgerookt kom ik binnen.

Ik kon het niet laten: een zachte zomeravond, al een paar dagen geen regen, bijna de hele voorraad brandhout nog intact. Dit zijn tijden aan om vuurtjes te stoken.
Jammer genoeg krijg ik geen van mijn huisgenoten enthousiast om mee te doen, maar in m’n eentje is het ook fijn. Een goed vuur stoken is een kunst. De uitdaging is om het met één lucifertje voor elkaar te krijgen. Ik bouw het zorgvuldig op:

  • Eerst een blok hout met de bijl in dunne flinters splijten.
  • Dan midden in de vuurschaal een krantenprop,
  • de spaanders er omheen zetten,
  • daar omheen een wigwammetje van dunne takken
  • en tenslotte wat dikkere takken. 

Tussen de lagen zit genoeg ruimte voor de luchttoevoer en dus ook om die ene lucifer door te steken waarmee het vuur aan moet.

Jammer, met één lucifer lukt het niet vandaag, ik laat em te vroeg vallen. Maar met het volgende vlammetje gaat de prop meebranden en dan heb ik al gauw een knetterend vuurtje. Als het goed brandt, gooi ik er het rommelige snoeihout in dat al twee jaar ligt te drogen. Het zijn stukken met bochten en zijtakken die zich niet goed laten stapelen. Een stapel brandhout kan er heel mooi uitzien, maar deze stukken vind ik irritant! Tevreden zie ik ze in vlammen opgaan. 

Op mijn hurken zit ik in het vuur te porren. Strategisch nieuw hout opleggen, brandende stukken verschikken om meer lucht te geven. Hele dunne takjes midden in het vuur gooien om te zien hoe ze onmiddellijk vlam vatten en krom trekken. Ik hoor een dik blok zachtjes sissen omdat er toch nog ergens vocht in zit. Af en toe schieten er vonken de lucht in. Mijn gezicht gloeit en hoewel het geen rokerig vuur is, waait er af en toe een vlaag mijn kant op en begin ik steeds meer naar rook te ruiken. 

Na een uur stop ik met nieuw hout opgooien. Nog één keer pak ik de pook om alle brandende stukken zó te keren dat ze helemaal op kunnen branden. Dan laat ik de gloeiende vuurschaal achter en ga naar binnen. Morgen kan de as in de compostbak. Heel goed voor de tuin. 
En zo geef ik mezelf toch nog de illusie dat ik met een avondje pyromanen iets nuttigs heb gedaan.

Reacties (6) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
jammer dat je dat in je eentje moest doen.
Als ik dichterbij had gewoond kwam ik bij je , gezellig bij het vuurtje kletsen en misschien met een glaasje erbij :-)
zou leuk geweest zijn
Goddank, ik ben niet de enige vrouwelijke pyromaan, haha
Heerlijk!
Ja, heerlijk hè :)
Heerlijk zo'n fikkie stoken
gezellig zo'n vuurtje