De speeltuin is voorlopig gesloten

Door Weltevree gepubliceerd op Tuesday 17 June 10:16

Onverwacht

Missy, mijn vrolijke puberende Podenkootje, zet ik op de achterbank van de auto. Ik ga een rondje boodschappen doen. Hondenbrokken en een grotere mand, want ze is er uit gegroeid. Eten voor het weekend inslaan. Dan is het maar in huis, denk ik vooruit en de zon schijnt vrolijk. Precies het goede weer voor dergelijke triviale doch noodzakelijke zaken.


d71f435d3960b1f1171ba152f13c4903_1402996Achteruit laveer ik mijn geliefde ouwelullentank het parkeervak voor mijn huis uit, draai naar links en rijd tien meter de bult op om daarna rechtsaf de boodschappen missie te beginnen, als mijn mobieltje begint te gillen. Meestal zit hij in mijn tas, maar voor deze gelegenheid heb ik hem in mijn achterzak gestoken. Dat hij daadwerkelijk af zal gaan heb ik niet verwacht. Even denk ik door te rijden, maar zet rode Suuske, mijn kale Suzuki Wagon, toch maar aan de kant nu het nog kan. Wie weet moet ik voor EmjE iets meebrengen?

“Ik ben thuis,” zegt mijn vriendin en dat verwondert me niet eens, want als het vloeien aanhield moesten we terug naar het ziekenhuis opdat er meteen naar kan worden gekeken.
“Het is niet goed,” is ze ongebruikelijk kortaf.
“Nou, ook toevallig, ik ben net onderweg. Dan sta ik zo voor je deur om naar het ziekenhui-.”
“Nee… het is niet goed.” Het klinkt te nadrukkelijk.
Alarmerend, realiseer ik me met een schok dat HET niet GOED is! Het koude zweet krijgt niet eens tijd om uit te breken of ik ben al in de war, dus in de sterke modus. Natuurlijk maak ik een rondje, rechtsom, nog eens rechtsaf, langs de benzinepomp, de weg naar beneden en ik draai met razend hart mijn straat weer in om Suuske terug te zetten voor mijn eigen raam.
Stel je niet aan, niet schreeuwen voordat je geslagen wordt, spreek ik mezelf bestraffend toe en doe alsof het de normaalste zaak is dat ik nu alweer terug ben. Missy snapt er geen hol van, maar vrouwtje vergeet wel vaker wat, dus…Ze wandelt braaf mee. De drie treetjes op, onder het poortje door, trippelt nogmaals twee maal zes treetjes op, maar pas als ze dat van mij mag...
Naar het plantsoentje dat voor haar een speeltuintje is, waar ze altijd wel een aanval op de merels wil uitvoeren. Van de weeromstuit heb ik dáár ineens weinig geduld meer voor.
 

Het is niet goed. Hoezo?

De dokter was toch helemaal niet verontrust? In het uitstrijkje is niets gevonden, toch? De brave hond gebied ik voor haar deur, die open staat, plaats te nemen, wat ze keurig zonder morren doet. De woelwater moet maar even niet mee naar binnen. Ik bind haar lijn vast aan de deurknop en ze gaat zuchtend liggen. 

In de woonkamer zit EmjE's directeur op de bank, een leuke meid, waar mijn vriendin al dertig jaar mee werkt. Er tegenover zit een collegaatje. Ze hebben er samen voor gezorgd dat hun geschrokken 'spin-in-het-web' zonder kleerscheuren naar thuis kwam en bekijken in doodse stilte mijn aankomst en mij. Iedereen probeert neutraal te blijven, wat amper lukt.
Vanwege hun verontruste bezorgde ogen trekken mijn gezichtsspieren in een onwillekeurige idiote grimas. In gewone doen ben ik geen jankzak, maar nu willen mijn lippen me niet meer gehoorzamen en ik schaam me acuut om het paniekerige verdriet dat me denkt te kunnen overmannen. Ik wil niet in huilen uitbarsten, wrijf de tranen weg voordat ze vrij spel krijgen en zucht. Hoe kan ik, hoe durf ik me te laten gaan? Wie ben ik anders dan EmjE’s beste vriendin? In ieder geval is het totaal misplaatst dat zij mij troostend over mijn rug aait. Eigenlijk is het volkomen belachelijk, want ik ben hier niet zielig…

“Maar, maar, ja nou, hè…Hoe?  Kom zeg…het was toch niets, ze vonden toch,eh... nou ja zeg!” bibbert mijn stem verraderlijk. Het stompt me recht in mijn maag dat er na de kijkoperatie, waarvan men dacht dat het een formaliteitje was, verkeerde cellen gevonden zijn.
Net als EmjE, haar baas en collega, voel ik me bij de neus genomen. Beflikkerd, maar er is verdorie niemand om de schuld te geven. Geen hond om tegen uit te vallen. Geen mens om verongelijkt tegenaan te foeteren over dit wereldschokkende onrecht.
Leven neemt meestal zijn eigen weg.
“Ik dacht dat we ons nergens druk om hoefden te maken?” piep ik schor alsof ik tijdens de hockeywedstrijd mee heb zitten gillen en vind mijn eigen onsamenhangende gestamel bijna komisch. EmjE ook. Vier boerinnen met kiespijn staren een tijdje in het onvoorspelbare niets, zwijgend onderuitgezakt, in haar pas opgeknapte woonkamer. Ik heb geen recht om me op te winden...heb niet op mijn werk door de telefoon die stomme, idiote, achterlijke, gevaarlijke woorden aan hoeven horen. Het gaat niet om mij, haar baas of de collega…het gaat om haar, mijn allerbeste vriendin!!!

"Het dringt, geloof ik, nog niet zo goed tot me door, hoor," zegt ze glimlachend ter verontschuldiging, maar het maakt de situatie helemaal niet minder ernstig... EmjE en ik lijken soms eng veel op elkaar. Als de nood aan de man is, maken we ons eerst sterk... opdat de echte klappen gedoseerd aan kunnen komen. Pas daarna voelen we de wanhoop... hoe precair deze situatie kan worden en hoeveel impact zo'n ziekte met foute kankercellen hebben kan. Wij schreeuwen echter nooit vóórdat we echt geslagen worden...

Reacties (35) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Hè bah, wens jullie heel veel sterkte toe
Een brok in mijn keel voor de weergaloze wijze waarop je deze onheilstijding aan het papier toevertrouwt en met ons deelt.

Samen sterk zijn..
samen huilen en proberen te blijven lachen.
samen zullen jullie dit overwinnen.
Jullie horen gewoon samen oud te worden.
Dat moet gewoon.

Kracht jullie kant uit.
Veel sterkte, allebei.
Emotie zo goed onder woorden gebracht
Oef meid, wat indringend geschreven. Je bent volledig te volgen, in je bewegingen en je emotie.
Deze zin raakt me bijzonder, omdat het gewoon klopt, omdat het gewoon zo werkt: " In ieder geval is het totaal misplaatst dat zij mij troostend over mijn rug aait. Eigenlijk is het volkomen belachelijk, want ik ben hier niet zielig…" Troost geven is hier gelijk aan troost ontvangen.

Brok in mijn keel...
Dit was het dus, dat gedicht van gisteren... heftig. Heel veel sterkte allebei!
Wat en overweldigend warm medeleven. Heel erg bedankt , jullie allemaal...Met zoveel goede wensen moet het vast goed komen. Ik houd jullie op de hoogte.