Treinreis

Door Gewoonieko gepubliceerd op Monday 12 May 17:39

Terwijl de voortdurende cadans mij in slaap dreigt te zussen glijdt het landschap aan mijn centimeters dikke raam voorbij:  groene weilanden met daarin grazende koeien die traag voortbewegen, afgewisseld door vers omgeploegde akkers met aan de horizon een kerktoren, omringd door rode daken. Een industriegebied met dampende schoorstenen. Het klingelen van een spoorwegovergang dat net zo snel weg sterft als dat het aanzwol waarna we vaart minderen om langzaam een station binnen te rollen.
Het station is in dit geval weinig meer dan een langgerekte, met grijze stoeptegels gestoffeerde verhoging met aan weerszijden ervan in kiezels verzonken spoorrails. 
Het één of andere onkruid lijkt moeite te doen om langs de steentjes naar de zon te groeien, maar ik heb het vermoeden dat twee keer per uur deze poging de  kop wordt ingedrukt.
Het is een troosteloze omgeving in een weinig hoop biedend dorp. Zo’n plek waar de krant over schrijft. Het gaat dan meestal over bierketen en leegloop en meer van dit soort treurnis.

Zuchtend laat ze zich in de met blauwe kunstleer beklede stoel tegenover mij ploffen. 
Ze ademt snel, hijgend eigenlijk en terwijl ze haar bruine en op wol gelijkende jas los knoopt, knikt ze naar me. Bij wijze van begroeting, vermoed ik, en ik glimlach vriendelijk terug. 
Op het grijze perron staan twee kinderen door wat eerst nog mijn raam was, maar dat ik nu moet delen, naar binnen te gluren. 
Met hun donkere huid en kroeshaar lijken ze geen directe verwantschap te hebben met de nog immer in ademnood verkerende vrouw tegenover me, maar toch lijken ze juist naar haar te zwaaien. Ze heeft het niet door, druk als ze nog steeds is met haar jas. 
“Het is voor u”, zeg ik beleefd, alsof ik een telefoongesprek voor haar heb. Niet begrijpend kijkt ze me aan. Dan volgt ze mijn blik naar buiten en een nog diepere zucht ontsnapt aan haar lippen. 
De kinderen, hun witte melktandjes bloot lachend en geestdriftig zwaaiend,  verdwijnen langzaam uit ons zicht. 
Ze heeft kort haar hand opgestoken, zonder veel enthousiasme.

“M’n kleinkinderen”. Ze zegt het zonder dat ik daartoe aanleiding gaf. Althans, ik was me er niet van bewust. Het klinkt vlak afgemeten en emotieloos.
“Ja, geen echte hoor. Ze zijn geadopteerd. Ze konden geen kinderen krijgen”.
Een kort, binnensmonds “aha” volgt van mijn zijde.
“Het lag aan hem,” gaat ze door, “Lui zaad” en er klinkt iets van minachting in haar stem. “Eigenlijk is alles aan hem lui,” vertrouwt ze me toe waarmee de conditie van zijn sperma is verklaard en ik probeer me voor te stellen hoe hun weekend is verlopen: een minachtende schoonmoeder, een luie schoonzoon en een dochter die tussen hen beide, laverend als een rank zeilschip, de lieve vrede probeert te bewaren. 
Vandaag zijn ze allemaal opgelucht omdat zij weer in de trein zit die haar ver weg zal brengen.
“Ze hebben ze uit Afrika laten komen.”
“Dat vermoeden had ik al,” antwoord ik. 
“Ik was het er niet mee eens hoor. Nee, je weet niet wat voor vlees je in de kuip hebt.” 
“Tja,” reageer ik en omdat ik verder niet weet wat te zeggen doe ik er het zwijgen toe.
Met gebogen vingers drukt ze haar handen tegen haar haren alsof ze iets van het uitgezakte permanent weer terug in model wil duwen. De poging mislukt.
“Als ze klein zijn, ach, dan zijn ze zo schattig, maar wát wanneer ze volwassen zijn?” en omdat ik geen idee heb wat er dan zou kunnen gebeuren probeer ik het over een andere boeg te gooien: “In welk land zijn ze geboren?” wilde ik weten.
“Afrika, dat zei ik toch,” antwoordt ze bits. 
Ik laat het maar zo.

Reacties (14) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Is gewoon een heel goed verhaal en waardoor ik nu dus ook op 4 fouten zit -)
Dank je wel Candice en sorry dan maar?
Hahaha, nee echt niet. Kom maar door met je strafopdracht!
Een verteltrant met veel zintuiglijke waarneming. Dit is sterk, dat vond ik ook al van jouw ingestuurde column.
In mijn optiek is dit ook een goede column!
Dank je wel Mijler. Een column? Ja, zou ook kunnen inderdaad.
Het verhaal waar je iedereen mee op het verkeerde been zette dus....Heel goed!
Het is niet geraden nee. Misschien toch niet zo'n herkenbare stijl?
Ik vind die veelzijdigheid wel klasse!
Goed verhaal, dus jij was het, om met Karazmin te spreken zat ik er geografisch niet ver vanaf.
Haha, nee. Heel dichtbij zelfs.
kilometertje of vijf
nou geen leuke ontmoeting op zo,n doordeweekse dag
Nee, maar weet Carin; leuke ontmoetingen zijn minder leuk om over te schrijven ;)
Gewoon een lekker verhaal!
Dank je Ingrid. Ik heb het geschreven n.a.v. de uitnodiging voor de 'onbekende schrijver', vorige week.