Verhaal Bestemd te Sterven. Winnend verhaal uit de bundel In de voetsporen van de Meester Roald Dahl.

Door Arinka gepubliceerd op Sunday 20 April 21:57

e619822674500479dd634c89c24b7aec_1398026

Ultra posse nemo obligatur 

‘Niemand kan verplicht worden meer te doen dan waartoe hij in staat is’ 

Bestemd te sterven 

Wat doe ik hier? Versuft kijk ik om me heen.  

Juul, ben je nou eindelijk wakker? Juul, het is een prachtige dag om zelfmoord te plegen! Word wakker! Met tegenzin kom ik overeind. Weer die stem die me in mijn oren schreeuwt. Al heel mijn leven lang. Ik stommel wat in het rond. Verdwaasd kijk ik om me heen, wat doe ik in de kamer van mijn zus?  

Romée zit zich aan de kaptafel op te tutten en kijkt om naar me.  

‘Goh’, zegt ze, ‘ben je er weer?’ Ze klinkt boos.  

‘Weer?’ vraag ik, maar ze negeert me verder en smeert de dikke lijn onder haar oog nog wat verder uit. Ik ga achter haar staan en vraag haar nog een keer: ‘Weer?’ 

‘Ja, weer ja,’ zegt ze nu nijdig. ‘Je komt hier elke dag zonder vragen in mijn kamer, wat doe je hier?’  

Ik kijk haar verbaasd aan.  

‘Ja, eh, dat weet ik ook niet hoor, doe niet zo opgefokt joh!’, zeg ik net zo nijdig als zij. 

‘Sorry’, zegt ze meteen en kijkt me aan, ‘ik word er gewoon een beetje moe van. Elke keer kom je hier weer zomaar binnenvallen.’ 

Zie je wel, ze houdt niet van je, ze wil ook dat je zelfmoord pleegt, snap je het niet?  

‘Hou op,’ schreeuw ik tegen de stem in mijn hoofd.   

‘De stem weer?’, vraagt Romée. ‘Houdt het dan nooit op?’ 

Ja, zij heeft makkelijk praten… We werden samen geboren, zij aan zij, alleen is haar bespaard gebleven waar ik al heel mijn leven onder lijd. Ondanks dat we een tweeling zijn, zijn we toch niet hetzelfde. Zij is de onbezorgde dochter die onze ouders gelukkig maakt, ik ben het probleemgeval.  

Natuurlijk kan ik er niets aan doen, maar dat maakt het niet minder vervelend. Ik ben wat je noemt volkomen gestoord. 

Al vanaf dat ik klein ben hoor ik een stem. Geen vriendelijke stem, maar eentje die het slecht met me voor heeft. Die me dag in dag uit vertelt dat ik mezelf maar van kant moet maken. Het op moet geven. Dat niemand van me houdt.  

Het is gekmakend en vaak denk ik dat zelfmoord plegen inderdaad zo gek nog niet zou zijn. Dan zou ik eindelijk verlost zijn van die stem. 

Romée kijkt me peinzend aan.  

‘Ja, het lijkt me ook niet makkelijk om dat altijd maar te hebben, maar je begrijpt toch wel dat ik je daar ook niet mee kan helpen? En papa en mama ook niet.’ Ze zegt het zonder verwijt, maar het voelt toch als een beschuldiging. 

Jaja, het is zielig voor iedereen, behalve voor jou. Als jij dood bent, dan worden ze allemaal weer gelukkig, dus kom op... Doe het!  

‘Pfff’, zucht ik gefrustreerd, ‘papa en mama geven helemaal niks om mij. Jij bent hun ideale dochter en ik? Ik kom daar pas een hele tijd later achteraan. Ze negeren me gewoon, doen net of ik niet besta.’ 

‘Juul, het is echt niet makkelijk voor ze, hoor. Ze hebben je helemaal kapot zien gaan en ze kunnen je gewoon niet helpen. Je kunt het ze niet kwalijk nemen dat ze verder willen met hun leven. Wat hebben ze allemaal niet gedaan om je te helpen, Juul? Je bent altijd afgeleid. Je belooft vanalles, maar bij het minste of geringste weet je al niet meer wat je aan het doen was.  

En dan die stem die jij almaar hoort, daar werd iedereen bang van. Van wat je zou doen. Dus ja, ze deden alles om je te redden, maar jij gaf het zelf gewoon op! Jij liet ons in de steek, niet wij jou!’ Haar zus klonk nu zelfs boos. 

‘Ja, dat kan best dat ik even ruimte nodig had’, zeg ik, ‘maar dan hoeven ze nog niet te doen of ik niet besta. Ze zien me gewoon niet, zoals jij me ziet.’  

Ze houden ook niet van je, dat weet je nou toch wel? Het liefst hadden ze alleen je zus gekregen, jij bent de nagel aan hun doodskist. Waarom maak je er geen einde aan?  

Die rotstem, ik wilde dat ik hem kon uitzetten, ik word er wanhopig van. 

Omdat ik hem geloof. Ze houden inderdaad niet van me, anders zouden ze wel meer moeite voor me doen toch? 

‘Nee, ze zien je misschien niet zoals ik je zie’, zegt mijn zus, ‘maar dat komt waarschijnlijk omdat wij een tweeling zijn. We zijn één.’  

‘Ja, alleen ben jij de gelukkige van ons twee’, zeg ik mokkend, ‘jij hebt nooit met die stem moeten leven. Ik wilde dat ik dood was, dan was ik er vanaf.’  

‘Wat wil je dan Juul? Je weet toch dat je in de hel komt als je zelfmoord pleegt, niemand kan je daar helpen. En daarmee sleep je ons ook allemaal die hel in. Dag in dag uit is het hetzelfde verhaal, je komt niks verder, je blijft hier maar in mijn kamer rondhangen op zoek naar antwoorden die er niet zijn. Omdat je boos bent op papa en mama, maar het is niet eerlijk. Waarom zie je het niet?’ 

Ze staat op en pakt haar tas. ‘Kom’, zegt ze, ‘we moeten gaan.’  

‘Waar gaan we heen dan?’, vraag ik verbaasd. Ik wil helemaal niet weg.  

‘Dat zie je zo wel.’ 

Ik loop achter haar aan de trap af. Beneden zie ik mijn vader en moeder op de bank zitten. De kamer is schemerig, ondanks dat het buiten prachtig weer was. Waarom zitten ze hier met de gordijnen dicht?  

Mijn moeder negeert me natuurlijk weer volkomen, ze zegt alleen ‘Dag lieffie’ tegen mijn zus. Ik kook vanbinnen, waarom kan ze niet eens lief tegen mij zijn? Ik haat haar.  

Zij haat jou ook, dus dat komt mooi uit.  

‘Hou je bek! Ik wil je niet meer horen,’ roep ik tegen de stem.  

Je hebt niks te willen, jij en ik zijn voor altijd samen. Ik weet wat goed voor je is. Hang jezelf nou gewoon op, dan is iedereen gelukkig! 

Ik plof naast mijn vader op de bank, maar hij kijkt dwars door me heen. Klootzak, hij laat me al heel mijn leven in de steek. Pillen wil hij me geven, me op laten sluiten, maar een keer naar mij kijken, naar me luisteren, ho maar. 

‘Zie je wel’, zeg ik tegen mijn zus, ‘ze doen gewoon net of ik er niet ben en dan wil jij nog beweren dat ze van me houden.’ 

‘Ze houden ook van je,’ zegt ze boos. Mijn moeder kijkt treurig op.  

‘Is het weer zover?’, vraagt ze aan Romée, terwijl ze mij nog steeds buiten sluit.  

‘Ja, ik word er gek van!’, antwoordt ze. 

‘Nou, laten we maar gaan dan’, zegt mijn vader nu. Gaan? Waarheen dan?  

Ze zullen je wel weer op laten sluiten, pas maar op. Je kunt nog beter dood zijn. Doe het dan! Pak wat pillen en alles is opgelost. 

Ik besluit de stem te negeren en loop achter mijn zus aan. Ze volgt mijn ouders naar de auto en ze stappen zonder een woord te zeggen in. Ik kan nog net instappen voor mijn vader de deur dicht knalt, wat is het toch ook een oetlul. Vooral niet even wachten hoor. 

Stilzwijgend rijden we de straat uit. Mijn vader draait de autoweg op. 

‘Waar gaan we naartoe dan?’, vraag ik nogmaals aan mijn zus. Ik heb echt geen idee.  

‘Dat zie je zo wel,’ sust ze me en terwijl ze het zegt zie ik mijn moeder mijn kant opkijken in haar spiegeltje. Er loopt een traan over haar wang.  

Gaat ze nog zielig doen ook, zie je dat. Wil je echt met zulke mensen leven? Waarom spring je niet uit de auto, toe dan, het is er de perfecte plek voor.  

Gefrustreerd kijk ik naar de voorbijrazende auto’s terwijl ik de stem probeer te weerstaan.  

Gelukkig komen we al snel in een rustigere omgeving en kan ik weer enigszins ontspannen. Ik ben inmiddels ontzettend benieuwd waar we naartoe rijden. Ondanks dat het allemaal wel bekend voelt, is er niets van de omgeving wat ik werkelijk herken. 

Mijn vader draait de oprijlaan van een kerkhof op. Wat doen we hier nou? Ze stappen allemaal uit en ik volg ze.  

‘Wat doen we hier,’ vraag ik mijn zus.  

‘Kijk maar, je ziet het zo wel.’  

Ze heeft er goed de pas in, helemaal niet van dat statige lopen dat bij begraafplaatsen hoort. We lopen over een aantal paadjes tot we bij een hoop aarde aankomen.  

‘Kijk,’ zegt mijn zus, en ze wijst naar de berg.  

De bloemen zijn lang geleden allemaal verlept, degene die hier ligt moet al minstens een jaar dood zijn.  

Waarom ben ik hier niet eerder geweest dan? Mijn zus lijkt de plek goed te kennen, net als mijn ouders.  

Dat er nog geen steen op staat is niet zo gek, ik weet dat de aarde daar eerst ruim een jaar voor moet inzakken, maar het graf voelt door het ontbreken van een stenen afscheiding bedreigend open. Alsof ik er elk moment in kan vallen.  

Ik kijk naar de enorme hoeveelheid rottende bloemen en doorgelopen boodschappen op het graf en zie ook linten met metalen lettertjes liggen.  

Ik hou mijn hoofd schuin en lees de tekst op de linten.  

‘Hier rust onze lieve dochter en mijn lieve zus. Vaarwel Juul.’ 

Juul? 

‘Waarom staat mijn naam er op Romée?’ 

‘Kijk dan Juul! Snap het dan eindelijk eens. Je hebt vorig jaar zelfmoord gepleegd, je bent dood!’ 

Mijn bloed stolt, ik voel kippenvel over heel mijn lijf. Ik dood?  

Ja, je bent dood hahahahaha, je bent dood! Je hebt het gedaan Juul!  

Triomfantelijk klinkt de stem in mijn hoofd.  

De stem... Ik verstar als het tot me doordringt. Ik ben in de hel, ik moet wel in de hel zijn; ik ben dood en nog steeds hoor ik die afgrijselijke stem!!! 

Ik ben dood, ik huil. Ik ben dood en nog altijd wordt ik achtervolgd door die klotestem. Ik kijk mijn zus aan.  

‘Ja’, zegt ze spijtig, ‘dat klopt. Elke dag komt deze dag terug. Je moet verder Juul, je moet gaan. Je kunt hier niet blijven. Alleen dan kom je van je stem af. Zoek het licht!’ 

Het besef dringt tot me door. Ik ben echt dood. En terwijl het besef door mijn porieën naar binnen sijpelt zie ik boven de berg aarde een licht ontstaan.  

‘Kom! Kom!’, roept een zachte stem vanuit de diepte. Langzaam beweeg ik me naar het licht toe.  

Ik kijk naar mijn zus en mijn ouders, ze kijken bedroefd.  

Wat doe ik ze aan? Wat heb ik ze aangedaan? Natuurlijk negeerden ze me, ik ben dood!  

Ik moet verder. Ik ga vastbesloten op het licht af.  

Nee!!!, roept de stem keihard in mijn oor en even ben ik afgeleid...  

 

Wat doe ik hier? Versuft kijk ik om me heen.  

Juul, ben je nou eindelijk wakker? Juul, het is een prachtige dag om zelfmoord te plegen! Word wakker! Met tegenzin kom ik overeind. Weer die stem die me in mijn oren schreeuwt. Al heel mijn leven lang. Ik stommel wat in het rond. Verdwaasd kijk ik om me heen, wat doe ik in de kamer van mijn zus?  

Romée zit zich aan de kaptafel op te tutten en kijkt om naar me.  

‘Goh’, zegt ze, ‘ben je er weer?’

 

 

Juryrapport

Naam deelnemer: Arinka Linders

Titel van het verhaal: Bestemd te sterven

Beoordeling op: opbouw, originaliteit, schrijfstijl, plot en voldoen aan thema.

Opbouw: Goede opbouw waarmee het verhaal vloeiend naar het plot gaat.

Originaliteit: Het verhaal is origineel en daar werkt het rondgaande plot erg aan mee.

Schrijfstijl: het verhaal is technisch goed geschreven. Voor de redactie was er niet veel werk.

Plot: het plot is verrassend, leuk ook dat het rondgaand is.

Thema: Aan het thema werd voldaan. Een verhaal met een verrassend slot, maar de spanning van de échte Dahl ontbreekt.

Conclusie: Een goedgeschreven verhaal dat de aandacht steeds weet vast te houden. Het rondgaande plot is nergens anders binnen de inzendingen aangetroffen en heeft een mooi effect.

Reacties (19) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Goed en mooi verhaal Arinka.... Je hebt echt het idee dat je wel door moet lezen om te weten hoe en wat het verder zal gaan. Zeker de doorgaande loop vindt ik mooi gevonden... Deed me wel erg denk aan de sfeer van the Sixth Sense met Bruce Willis.
Ben heel benieuwd als je alles in een ander perspectief zou plaatsen en vanuit een ander zichtspunt zou beschrijven wat dan het vervolg zou worden.. TOP! Gefeliciteerd met je plaatsing in het boekje.
Be proud Be Happy!
grt Kokkerschager
Dank je, hele lieve mooie reactie!
Ik kreeg er kippenvel van brrrr.
Ja, dat was ook precies de bedoeling van mijn verhaal. Dat het eigenlijk pas een tijdje na het lezen echt eng wordt. Dat je ineens denkt: Jezus, stel je voor... En ook wel zielig.
ja dat was duidelijk je hebt het gevoel precies neergezet en ook weten te raken.
Erg mooi verhaal en gefeliciteerd met je plaats inde bundel, mooi juryrapport!
Dank je Yneke. Ik was er ook heel blij mee.
Geweldig verhaal en wat super om in zo'n bundel te mogen staan. Gefeliciteerd!
:) Ja, inmiddels is me dat al een paar keer gelukt, maar blijft toch altijd weer speciaal (en spannend of het lukt).
Duim! Echt goed hoor!
Dank je!
Verrekte goed verhaal. Ik sluit me helemaal aan bij Pieter. Ik heb genoten!

Los van je verhaal, de feedback van de jury klinkt goed en oprecht.
Bedankt en ja, de jury heeft altijd een hoop werk. Bij deze bundel waren er volgens mij 160 verhalen, die voorzien ze dan allemaal van commentaar. Nu hebben ze zelfs 200 verhalen voor de komende bundel geloof ik, dus dat wordt nog moeilijk om daar 30 verhalen uit te kiezen...
Ik heb deze volgens mij eerder gelezen, vond hem toen ook al leuk.
Ja, toen heeft hij ongeveer een half uur online gestaan en toen had ik hem weer verwijderd, omdat dat dus nog niet de bedoeling was... :) Maar jij bent snel!