Samenvatting inleiding in de psychologie - Gert Alblas H1 Wat is psychologie?

Door Tim44 gepubliceerd op Monday 17 February 20:50

Samenvatting Inleiding in de psychologie – Gert Alblas H1: Wat is psychologie?

 

1.1 Omschrijving van de psychologie

 

  • Psychologie wordt heel breed toegepast en gebruikt.
  • Beschrijving algemene zin à een wetenschap die gericht is op het bestuderen van de aard en de mogelijke oorzaken van de gevoelens, de opvattingen, de wensen en de gedragingen van mensen.
  • Er zijn diverse specialisaties.

 

1.2 Deelgebieden van de psychologie

 

Diverse specialisaties:

  • Klinisch psychologen
  • Ontwikkelingspsychologen
  • Sociaal psychologen
  • Arbeids- en organisatiepsychologen
  • Testpsychologen
  • Functieleerpsychologen
  • Gezondheidspsychologen
  • En nog veel meer

 

Klinisch psychologen:

  • Houden zich bezig met diagnosticeren en behandelen van mensen met mentale- en gedragsproblemen.
  • Problemen kunnen mild tot ernstig zijn
  • Gevestigd als zelfstandige therapeuten of verbonden aan onderzoeks- en behandelinstituten.

 

Ontwikkelingspsychologen:

  • Houden zich bezig met de bestudering van de lichamelijke en geestelijke ontwikkeling van mensen vanaf de geboorte tot en met de ouderdom.
  • Gaan na welke ontwikkelingspatronen er zijn op verschillende gebieden (motorische- , taal-, denk-, intellectuele- en morele ontwikkeling). 
  • Stellen ontwikkelingsafwijkingen vast.

 

Sociaal psychologen:

  • Houden zich bezig met de manier waarop de sociale omgeving van invloed is op het denken, voelen en handelen van mensen. Maar ook met de manier waarop mensen elkaar waarnemen, beoordelen en hoe relaties tussen mensen ontwikkelen.
  • Zowel met de lange, intensieve als de korte en oppervlakkige sociale omgeving.

 

Arbeids- en organisatiepsychologen:

  • Houden zich bezig met het gedrag van mensen in organisaties en hoe dit gedrag wordt beïnvloed door kenmerken van het werk en de werksituatie.
  • Zorgen voor optimale afstemming tussen de mogelijkheden en wensen van medewerkers en de manier waarop de organisatie is ingericht.

 

Testpsychologen:

  • Houden zich bezig met het onderzoeken en beschrijven van de kenmerken, mogelijkheden en voorkeuren van mensen.

 

Functieleerpsychologen:

  • Houden zich bezig met het onderzoeken van de psychologische functies van mensen (denken, voelen, bewegen, waarnemen, leren, geheugen en aandacht)
  • Vaststellen precieze werking en beïnvloedende omstandigheden.

 

Gezondheidspsychologen:

  • Houden zich bezig met het onderzoeken van de relatie tussen omstandigheden, gedragingen, geestelijke en lichamelijke gezondheid van mensen.
  • Op zoek naar ziekmakende/gezondhoudende factoren.

 

1.3 Onderzoek in de psychologie

 

1.3.1 Doelen van onderzoek

 

Onderzoek kan bedoeld zijn om te:

  • Beschrijven en daarmee te classificeren
  • Verklaren
  • Vaststellen van de effecten van ingrepen

 

Onderzoek bedoeld om te beschrijven en daarmee te classificeren:

  • Vaststellen zaken als aard van gedragingen, iemands opvattingen, houdingen, mogelijkheden, karakter of stoornis à beschrijving
  • Beschrijving vergelijken met normscore leeftijdgenoten à vaststellen problemen/stoornis

 

Onderzoek bedoeld om te verklaren:

  • Achterhalen oorzaken gedrag à eventueel voorspellen
  • Vorm voorspelling à hypothese ( veronderstelling over de samenhang tussen bepaalde verschijnselen)
  • Vaststellen van invloed van bepaalde situatie op gedrag van mensen kan door experiment
  • Experiment à mensen in verschillende situaties

 

Onderzoek bedoeld om vast te stellen wat de effecten van ingrepen zijn:

  • Nagaan of behandeling zin heeft
  • Effectmetingen

 

1.3.2 Methoden van onderzoek

 

Triangulatie à het gebruikmaken van verschillende methoden om een geval te onderzoeken.

 

Methoden van gegevensverzameling die worden gebruikt in de psychologie:

  • Observatie
  • Interviewen
  • Vragenlijsten
  • Tests
  • Fysiologische metingen
  • Documentenstudie

 

Observatie:

  • Zorgt voor beeld gedragingen mensen in uiteenlopende situaties
  • Meestal systematische observatie met observatieschema
  • Observatieschema à welke verschijnselen wordt naar gekeken en hoe worden die gescoord.
  • Er moet bedacht worden dat mensen zich geobserveerd voelen en zich anders gedragen, na gewenning minder beïnvloeding daardoor, dus meer natuurlijk gedrag
  • Invloed van observator vermijden à one-way screen

 

Interviewen:

  • Ondervraging
  • Open vragen/gesloten vragen
  • Bij open vraag is doorvragen mogelijk
  • Niet alleen meten gedrag, maar ook wensen, opvattingen, voorkeuren, houdingen en gevoelens.
  • Interview gericht op vaststelling meningen en voorkeuren à opiniepeiling
  • Opiniepeilingen à meestal gesloten vragen
  • Opiniepeilingen à hoe groter steekproef, hoe betrouwbaarder, bij kleine steekproef moet foutenmarge worden gegeven.
  • Het is mogelijk dat geïnterviewde niet alles zegt, sociaal wenselijk antwoorde geeft of zich beter voordoet dan hij is.
  • Zoveel mogelijk positief beeld over jezelf geven à menselijke neiging
  • Interviewer moet objectief scoren
  • Open interview à gevaar van subjectieve beoordeling à oplossen door antwoord samen te vatten en te controleren of dat klopt bij geïnterviewde

 

Vragenlijsten:

  • Bij grootschalig onderzoek zijn vragenlijsten minder tijdrovend dan interviews.
  • Vragenlijstonderzoek veel toegepast door arbeids- en organisatiepsychologen
  • Niet alleen meten gedrag, maar ook wensen, opvattingen, voorkeuren, houdingen en gevoelens
  • Betrouwbaarheid afhankelijk van eerlijkheid en zelfkennis van de persoon.
  • Bij zelfrapportage altijd bedacht zijn op sociaal wenselijke antwoorden en de neiging zich beter voor te doen.
  • Zelfrapportage in combinatie met ander metingen leidt tot beter beeld persoon.

 

Tests:

  • Bedoeld om eigenschappen van mensen vast te stellen
  • Tests worden vaak gebruikt om toekomstig succes in een opleiding of beroep te voorspellen.
  • Normaalverdeling geeft weer hoe de scores van een test zijn verdeeld over de Nederlandse bevolking.
  • Score test zegt niet alles

 

Fysiologische metingen:

  • Meet zaken als hersengolven, activiteiten van delen hersenen, reactie huid op emoties, overdracht signalen tussen zenuwen en productie hormonen

 

Documentenstudie:

  • Er wordt gebruik gemaakt van geschreven bronnen over persoon of situatie.
  • Dossier kan als aanvullende bron gebruikt worden.

 

1.3.3 Vormen van onderzoek

 

Vormen van onderzoek:

  • Gevalsstudie
  • Survey-onderzoek
  • Experiment

 

Gevalsstudie:

  • Diepgaande bestudering

 

Survey-onderzoek:

  • Grote aantallen personen worden ondervraagd met vragenlijsten.
  • Er wordt nagegaan of er samenhang is tussen bepaalde factoren.
  • Samenhang wordt weergegeven in correlatie met de eenheid r
  • Positieve samenhang à positieve r-waarde à neemt ene factor toe, dan neemt andere factor ook toe
  • Negatieve r-waarde à neemt ene factor toe, dan neemt andere factor af.
  • Hoe hoger de correlatie (r-waarde) in negatieve of positieve zin, hoe sterker twee factoren samenhangen.
  • Correlatie van r = 1.00 à perfecte en positieve samenhang tussen twee factoren
  • Bij perfecte correlatie à rechte lijn in grafiek
  • Bij gebrek aan samenhang à metingen in grafiek willekeurig verspreid

 

Experiment:

  • Mensen of groepen worden in verschillende situaties geplaatst om te kijken of die situaties van invloed zijn op gedragingen of opvattingen.
  • Experiment wordt ingezet om na te gaan of een van te voren gestelde hypothese klopt.
  • Experiment moet zo uitgevoerd worden dat verschillen zo min mogelijk aan andere zaken kunnen worden toegeschreven.
  • Goed experiment heeft volgende kenmerken
    • Voormeting en nameting
    • Randomisering à kenmerken die eventueel van invloed zijn gelijkmatig verdelen
  • Causaliteit à een uitspraak over de oorzaak van gedrag is pas vast te stellen door een experiment.

 

1.4 Oorzaken van gedrag

 

Drie gebieden van oorzaken:

  • Biologische oorzaken
  • Omgevingsoorzaken
  • Psychologische oorzaken

 

1.4.1 Biologische oorzaken

 

Centrale zenuwstelsel (hersenen en ruggenmerg) à beïnvloed of stuurt nagenoeg alle gedragingen en gevoelens.

Storingen in centrale zenuwstelsel à gevolgen voor psychologisch functioneren

Mogelijke oorzaken gedragsafwijking:

  • Beschadiging of afwijking hersenen
    • Oorzaken:
      • Ongeval
      • Bloeding
      • Ouderdom
      • Erfelijkheid
      • Gedrag moeder tijdens zwangerschap
  • Verstoring hormoonproductie
  • Verstoring afgifte/opname neurotransmitters
    • Neurotransmitter à zorgt voor informatieoverdracht tussen zenuwcellen (neuronen)

 

1.4.2 Omgevingsoorzaken

 

Omgevingsoorzaken kunnen zijn:

  • Opvoeding
  • Gedragingen en opvattingen vanuit sociale omgeving
    • Socialisatie à de pogingen van de sociale omgeving om een persoon zover te krijgen dat hij de geldende oordelen, opvattingen en gedragingen overneemt.
    • Oordelen, opvattingen en gedraginen kunnen ook tot stand komen door cultuur

 

1.4.3 Psychologische oorzaken

 

Psychologische oorzaken kunnen zijn:

  • Opgedane ervaringen
  • Manier waarop de persoon opgedane ervaringen beoordeelt en verwerkt
  • Aangeleerde hulpeloosheid:
    • Oorzaak: herhaalde ervaring dat de eigen inspanning er toch niet toe doet.
    • Gevolg: idee dat dingen in het leven de persoon overkomen en er zelf geen greep op heeft.
    • Vaak gepaard met somberheid, negatief zelfbeeld en pessimisme
  • Karakter (ook wel temperament genoemd)

 

1.4.4 Het nature-nurture debat

 

Nature-nurture debat à discussie over de mate waarin opvoeding (nurture) van invloed is op ontwikkeling individu, of juist de mate waarin biologische kenmerken (nature) bepalend zijn.

 

Nature standpunt:

  • ontwikkeling grotendeels afhankelijk van hun erfelijk/biologisch bepaalde kenmerken.

Nurture standpunt:

  • ontwikkeling grotendeels bepaald door de leefomgeving en de opvoeding.

Tussenstandpunt:

  • beide invloeden spelen tegelijk een rol à door merendeel ingenomen standpunt in huidige psychologie.

Interactionistisch standpunt:

  • behalve genetische- en omgevingskenmerken ook manier waarop het individu daar op eigen manier mee omgaat.
    • Mensen scheppen door hun eigen aard en karakter deels ook hun eigen omgeving en ervaringen

 

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.