Nationale IQ Test 2014 Antwoorden

Door Tom(aat) gepubliceerd op Thursday 30 January 17:56

Op 29 januari 2014 was de Nationale IQ Test 2014 op televisie bij BNN. Verschillende BN'ers deden mee en ook verschillende groepen zoals de Blondjes, Studenten en Nagelstylisten. Hieronder de Vragen en Antwoorden van de Nationale IQ Test 2014.

 

Categorie: Taal

Voorbeeld: Wat kan je voor het woord BIERTJE zetten?
A: Die en dit
B: Dat en het
C: Deze en het
D: Dat en die

Vraag 1: Wat kan je voor het woord CABRIO zetten?
A: Een en het
B: Dat en die
C: Die en de
D: Deze en het

Vraag 2: Wat kan je voor het woord IDEE zetten?
A: Deze en de
B: Die en dit
C: Die en de
D: De en het

Vraag 3: Wat kan je voor het woord INTELLIGENTIEQUOTIËNT zetten?
A: Die en dit
B: Dit en het
C: Deze en het
D: Dat en die

VOORBEELD: Wat is de juiste spelling?
A: Demagogisch
B: Demagogies
C: Demachogisch
D: Demagogiesch

Vraag 4: Wat is de juiste spelling?
A: Geaggiteerd
B: Geagitteerd
C: Geagiteerd
D: Geaggiteert

Vraag 5: Wat is de juiste spelling?
A: Aquisitie
B: Acquisitie
C: Akwisitie
D: Aquiesitie

Vraag 6: Wat is de juiste spelling?
A: Geëqylibreerd
B: Geëcquilibreerd
C: Geëquilibreerd
D: Geëqilibreerd

VOORBEELD: Wat is het voltooid deelwoord van STOFZUIGEN?
A: Gestofzoogd
B: Zuiggestoft
C: Gestofzuigd
D: Stofgezuigd

Vraag 7: Wat is het voltooid deelwoord van ZWEEFVLIEGEN?
A: Zweefgevlogen
B: Gezweefvliegd
C: Zweefgevliegd
D: Gezweefgevlogen

Vraag 8: Wat is het voltooid deelwoord van BLOEMLEZEN?
A: Gebloemleesd
B: Bloemgelezen
C: Gebloemlezen
D: Bloemgeleesd

Vraag 9: Wat is het voltooid deelwoord van VOETJEVRIJEN?
A: Voetjegevreeën
B: Gevoetjegevreeën
C: Voetjegevrijd
D: Gevoetjevrijd

VOORBEELDVRAAG: Wat is het synoniem voor pragmatisch?
A: Problematisch
B: Onhandig
C: Star
D: Praktisch

Vraag 10: Zet de woorden in alfabetische volgorde. Wat is dan het vierde woord?
A: Programma
B: Programmeur
C: Programmering
D: Programmateur

Vraag 11: Welke taalkundige stijlfout is van toepassing op de zin: De jonge kalveren die op stal hebben gestaan, doen zich tegoed aan het lekkere groene gras.
A: Pleonasme
B: Tautologie
C: Antoniem
D: Contaminatie

Vraag 12: Wat is het tegenovergestelde van OPVLIEGEND?
A: Pragmatisch
B: Melancholisch
C: Flegmatisch
D: Sanguinisch

 

Categorie: Logica

VOORBEELDVRAAG: Elk figuur is gekoppeld aan een letter. Wat staat hier?
A: Mast
B: Stom
C: Drop
D: Nors

Vraag 13: Elk figuur is gekoppeld aan een letter. Wat staat hier?

A: Volumia
B: Vibrafoon
C: Vibrator
D: Vibratie

Vraag 14: Elk figuur is gekoppeld aan een letter. Wat staat hier?

A: Terroriste
B: Terrasje
C: Terrorist
C: Terraria

Vraag 15: Elk figuur is gekoppeld aan een letter. Wat staat hier?

A: Politieauto
B: Pincodes
C: Postbodes
D: Postcodes
 

VOORBEELD: Welk woord hoort niet in het rijtje thuis?
Jaarlijks – Wekelijks – Dagelijks – Nauwelijks
A: Jaarlijks
B: Wekelijks
C: Dagelijks
D: Nauwelijks

Vraag 16: Welk woord hoort er niet in het rijtje thuis?
Saxofoon – Gitaar – Viool – Sitar

A: Saxofoon
B: Gitaar
C: Viool
D: Sitar

Vraag 17: Welk woord hoort er niet in het rijtje thuis?
Harde schijf – Beeldscherm – Toetsenbord – Printer

A: Harde schijf
B: Beeldscherm
C: Toetsenbord
D: Printer

Vraag 18: Welk woord hoort er niet in het rijtje thuis?
Afstandsbediening – TV – Mediabox – DVD-Speler

A: Afstandsbediening
B: TV
C: Mediabox
D: DVD-speler

VOORBEELDVRAAG: Vuur staat tot water als droog staat tot ...
A: Rook
B: Brand
C: Nat
D: As

Vraag 19: Kleuren staat tot bleken als blozend staat tot ...
A: Oververhit
B: Waterig
C: Pips
D: Onderkoeld

Vraag 20: Praten staat tot gesprek als schrijven staat tot ...
A: Papier
B: Pen
C: Brief
D: Inkt

Vraag 21: Blowen staat tot stoned als lamp staat tot ...
A: Fitting
B: Halogeen
C: Stroom
D: Licht

VOORBEELDVRAAG: Welke conclusie kan je uit onderstaande beweringen trekken?
1: Sommige mensen zijn gek
2: Alle gekken zijn gelukkig

A: Geen mens is gelukkig
B: Sommige mensen zijn gelukkig
C: Geen gelukkige is mens
D: Alle mensen zijn gelukkig

Vraag 22: Welke conclusie kan je uit onderstaande beweringen trekken?
1: Geen Hobbit heeft tenen
2: Alle Orks hebben tenen

A: Alle Orks zijn Hobbits
B: Sommige Hobbits zijn Ork
C: Sommige Orks zijn Hobbit
D: Geen Ork is een Hobbit

Vraag 23: Welke conclusie kan je uit onderstaande beweringen trekken?
1: Wat in de winter populair is, kan liggen
2: In de winter zijn altijd alle donuts rond
3: In de winter is alles wat rond is populair

A: Alle donuts zijn populair
B: Alle donuts in de winter kunnen liggen
C: In de herfst is rond minder populair
D: Wat in de winter ligt, is populair

Vraag 24: Welke conclusie kan je uit onderstaande beweringen trekken
1: Alle huisvrouwen kunnen timmeren
2: Sommige huisvrouwen zijn sexy

A: Alle sexy huisvrouwen kunnen timmeren
B: Alle timmerende huisvrouwen zijn sexy
C: Geen sexy huisvrouw kan timmeren
D: Iedereen die kan timmeren is sexy

 

Categorie: Ruimtelijk Inzicht

Vraag 25 t/m 27 zijn filmvragen. Zie site BNN

VOORBEELDVRAAG: Welke kubus krijg je als je de opengevouwen kubus opvouwt?

Vraag 28: Welke kubus krijg je als je de opengevouwen kubus opvouwt?

Vraag 29: Welke kubus krijg je als je de opengevouwen kubus opvouwt?

Vraag 30: Welke kubus krijg je als je de opengevouwen kubus opvouwt?

VOORBEELDVRAAG: Hoeveel vlakken heeft het volgende figuur?
A: 8
B: 9
C: 10
D: 11

Vraag 31: Hoeveel vlakken heeft het volgende figuur?
A: 8
B: 9
C: 10
D: 11

Vraag 32: Hoeveel vlakken heeft het volgende figuur?
A: 10
B: 11
C: 12
D: 13

Vraag 33: Hoeveel vlakken heeft het volgende figuur?
A: 4
B: 5
C: 6
D: 8

VOORBEELDVRAAG: Uit welke combinatie bestaat het volgende figuur?

Vraag 34: Uit welke combinatie bestaat het volgende figuur?

Vraag 35: Uit welke combinatie bestaat het volgende figuur?

Vraag 36: Uit welke combinatie bestaat het volgende figuur?

 

Categorie: Rekenen

VOORBEELDVRAAG: Hoeveel euro is Sophie kwijt?
-Sophie heeft 3 kinderen
-5x slaan voor €3,-
-10x slaan per kind

A: €6,-
B: €12,-
C: €18,-
D: €24,-

Vraag 37: Hoeveel pakken had hij?
-Koopt voor €120,- condooms
-Verkoopt deze voor €150,-
-Verdient €5,- per pak

A: 10
B: 6
C: 5
D: 9

Vraag 38: Hoeveel is Matthijs kwijt aan bijles?
-12 weken Nederlandse les
-6 uur per week
-€15,- per uur

A: €9080,-
B: €1080,-
C: €1180,-
D: €1200,-

Vraag 39: Hoeveel rondjes is hij van het doel verwijderd, na 30 minuten rijden?
-2500m lang rond parcours
-80km per uur
-rijdt 1 uur

A: 40 rondjes
B: 30 rondjes
C: 16 rondjes
D: 32 rondjes

VOORBEELDVRAAG: Wat is de uitkomst van:
4 + 2 + 7 - 10

A: 2
B: 3
C: 4
D: 5

Vraag 40: Wat is de uitkomst van:
4 x 3 + 2 x 8

A: 26
B: 27
C: 28
D: 29

Vraag 41: Wat is de uitkomst van:
18 : 3 x 0,3 x 100

A: 1880
B: 1800
C: 188
D: 180

Vraag 42: Wat is de uitkomst van:
0,3 x 20 x √81 : 2

A: 27
B: 34
C: 54
D: 37

VOORBEELDVRAAG: Welk cijfer moet op de puntjes staan?
2 4 8 16 32 …

A: 48
B: 16
C: 128
D: 64

Vraag 43: Welk cijfer moet op de puntjes staan?
7 15 0 8 - 7 …

A: 0
B: 7
C: 1
D: -15

Vraag 44: Welk cijfer moet op de puntjes staan?
3 9 6 9 27 …

A: 6
B: 24
C: 54
D: 15

Vraag 45: Welk cijfer moet op de puntjes staan?
323 107 35 11 3 …

A: 1
B: 1/3
C: 2/3
D: 0,3

VOORBEELDVRAAG: Wat is de uitkomst van:
8/16 : 2 =
A: 4/4
B: 1/2
C: 1/4
D: 1/3

Vraag 46: Wat is de uitkomst van:
0,03 x 0,02 =

A: 0,0005
B: 0,0006
C: 0,005
D: 0,006

Vraag 47: Wat is de uitkomst van:
25% van (2,4 : 4)

A: 0,06
B: 0,015
C: 0,15
D: 0,6

Vraag 48: Wat is de uitkomst van:
6 : 8/5

A: 6,6
B: 3,75
C: 9,6
D: 4,25

 

Categorie: Geheugen

VOORBEELDVRAAG: Welk woord gebruikt Maxima voor het woord ‘koets’? filmpje
A: Auto
B: Wagen
C: Kar
D: Krot

Vraag 49: Bij de hoeveelste keer gas geven reed de Benidorm Bastard weg? Filmpje
A: Bij de 2e keer
B: Bij de 3e keer
C: Bij de 4e keer
D: Bij de 5e keer


 

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.