Doe es normaal man! Een minicursus argumenteren.

Door NJansen2 gepubliceerd op Friday 28 September 12:14

Jup, er zijn mensen (zelfs binnen de politiek) die totaal niet kunnen argumenteren. Goed te begrijpen ook, want het is soms lastig om goede argumenten te vinden!

Argumenteren is echt een vak. Daar ben ik tijdens het leren voor een tentamen argumentatieleer wel achter gekomen. Debatteren is een belangrijk onderdeel binnen de bovenbouw van het middelbaar onderwijs geworden. Vroeger was dit nooit het geval, maar nu komt het meer en meer terug omdat het voor leerlingen een perfecte manier is om mondelinge vaardigheden te ontwikkelen. Verder verdiepen zij zich hierdoor ook meer in de politiek en gaan zij  op een andere manier naar gesprekken luisteren.
Om te weten hoe je moet debatteren, moet je eerst weten wat een stelling is. Daarna moet je leren wat een argument is. Om te kijken of het argument aansluit op de stelling, of om te zien of argumenten ‘geldig’ zijn,  moet je weten wat drogredenen zijn. Daarom noem ik een lijst van 30 drogredenen. Uiteraard zijn er nog veel meer, maar in dit artikel worden de drogredenen genoemd dit het meest voorkomen.


Wat is een stelling?
Ik heb het nu niet over een stellingkast. Ik heb het ook niet over de stelling van Pythagoras. Het gaat om een stelling waarin jij je mening geeft. Een voorbeeld van een stelling, is: ‘De plofkip moet uit de winkels gehaald worden’ of ‘De wietpas moet weer worden afgeschaft’. Een stelling is de grote houvast binnen een betoog.


Wat is eigenlijk een argument?
Een argument is simpel gezegd een reden WAAROM. Je wilt iets bewijzen en je geeft dan een reden waarom je iets vindt.  Je stelling is bijvoorbeeld: ‘De wietpas moet weer worden afgeschaft’. Een argument VOOR de stelling is dan bijvoorbeeld: ‘Omdat het slecht is voor de economie van de grotere steden’. Uiteraard kun je ook tegenargumenten verwachten van degene waarmee je de discussie voert. Een voorbeeld van een tegenargument: ‘De wietpas moet juist blijven, omdat blowen slecht is voor de maatschappij en mensen er meer over moeten nadenken’. Dit tegenargument kun je dan weerleggen, door uit te leggen waarom een tegenargument juist  niet helemaal klopt.


Wat is een drogreden?
Goed, nu gaan we een stapje verder. Een drogreden, is een niet kloppend argument. Het klopt niet, omdat je als discussiant fouten maakt, omdat je dreigt, omdat het argument niet aansluit op de stelling en noem maar op. Er zijn heel veel drogredenen. Er wordt momenteel ook veel over gediscussieerd binnen de media. Lees bijvoorbeeld eens deze artikelen:

http://www.nu.nl/column-dinsdag/2838655/duidelijk-drogreden.html
http://www.nu.nl/column-dinsdag/2711388/intelligente-drogreden.html

Het benoemen van de drogredenen is  het meest lastige van alles wat met argumenteren te maken heeft. Hieronder geef ik dus een lijst met drogredenen. Zoals ik al eerder zei, er zijn nog veel meer drogredenen. Kijk bijvoorbeeld maar eens op Wikipedia. Soms geven ze het beestje ook een andere naam. Omdat drogredenen al heel oud zijn (Plato), geef ik bij sommige drogredenen ook de  Latijnse benaming. Als je ze kent, kun je interessant doen tijdens een discussie of tijdens een debat. Bij iedere drogreden geef ik een duidelijk voorbeeld.


Goed, hier komen ze:
1. Argumentum ad baculum.
Ook wel drogreden van de stok of beroep op angst genoemd. De tegenstander wordt gestuurd om iets (niet) te zeggen of doen omdat hij bang wordt gemaakt.
Voorbeeld: Als jij je mond niet houdt, dan stuur ik je naar je kamer!

2. Argumentum ad misericundiam
Beroep op medelijden.
Voorbeeld: ik heb een jaar over deze scriptie gedaan, dus je moet me een voldoende geven.


3. Argumentum ad hominem
De tegenstander wordt persoonlijk aangevallen waardoor zijn geloofwaardigheid in twijfel wordt getrokken.  Er wordt dus op de persoon gespeeld in plaats van dat er beargumenteerd wordt.
Voorbeeld: je moet hem niet geloven, want hij is linkshandig.
De meest bekende Ad Hominem van 2011: Geert Wilders, met:

‘Doe es normaal man!’


Voorbeeld van deze ad hominem kun je bekijken in dit filmpje:


http://www.youtube.com/watch?v=FTUXv7NUQgE


4. Tu quoque- variant
Jij net zo, of jij ook. De tegenstander wordt schijnheiligheid verweten waardoor het recht van spreken wordt ontzegd.
Voorbeeld: Jij kunt helemaal niet weten hoe ik moet leren voor dit hertentamen, want jij had zelf een onvoldoende.


5. Verschuiven van de bewijslast
Er wordt bij voorbaat gevraagd om tegenargumenten.
Voorbeeld: als jij niet kunt bewijzen dat ik ongelijk heb, dan heb ik gelijk.


6. Ontduiken van de bewijslast:
Doen alsof er geen bewijs nodig is.
Voorbeeld: Natuurlijk is het Sint-Jan de beste school van Nederland!


7. Shifting ground
Het standpunt wordt verschoven tijdens de discussie.
Voorbeeld: je wilt dat iedereen vegetarier wordt, maar halverwege de discussie vertel je dat je eigenlijk bedoelde we allemaal alleen maar één dag geen vlees moeten eten.


8. Stropopredenering of drogreden van de stroman.
Het standpunt van de tegenstander wordt veranderd. Dit standpunt kan vertekend zijn (de hoeveelheid wordt veranderd van bijvoorbeeld ‘sommige mensen’ in ‘iedereen’) of fictief (zelf verzonnen op basis van het standpunt van de tegenstander)

 

9. Pathetische drogreden
Alleen inhoudsloze zaken noemen die op de emoties van de ander inspelen.
Voorbeeld: de opwarming van de aarde is onzin, want dan zou er geen wereld meer zijn voor onze kleinkinderen. Het gevolg lijkt dus onvoorstelbaar, dus het is niet waar.


10. Ethische drogreden (schermen met eigen kunde)


Iets is waar, omdat ik het zeg.
Voorbeeld: dat borstvoeding beter is dan kunstmelk is onzin. Ik ben namelijk zelf moeder van drie kinderen. Ik weet zelf echt wel beter wat goed is voor kinderen dan een of andere wetenschapper.

11. Argumentum ad verecundiam
De vermeende autoriteit van een ander wordt onterecht gebruikt als argument.
Bijvoorbeeld: graancirkels zijn echt van buitenlandse wezens want dat staat op internet. (spreekt het internet ALTIJD de waarheid? Ik kan bijvoorbeeld hier op Xead.nl zetten dat er tegenwoordig ook groene honden geboren worden, en dan staat het op internet. Is het dan waar?
Voorbeeld: hij kan niet zingen want dat zei Gordon toen hij audities deed bij X-factor.
 

12. Ignorato elenchi
Er worden irrelevante argumenten gegeven.
Voorbeeld: die nieuwe docent geeft prima les, omdat alle leerlingen die normaal spijbelen, gewoon komen opdagen. (als spijbelaars komen, dan geeft iemand goed les. Hoezo? Geeft iemand dan automatisch goed les?)

13. Opblazen van het verzwegen argument
Iets wat impliciet (niet direct) gezegd wordt, wordt door de tegenstander automatisch uitvergroot.
Voorbeeld: Ik denk dat Nancy anorexia heeft, want ze wilde de vorige keer niet mee uit eten.
Let op! Dit argument lijkt op de drogreden van de stroman, alleen bij het opblazen van het verzwegen argument gaat het dus om iets wat niet gezegd wordt.


14. Loochenen van het verzwegen argument
Onderdelen die nodig zijn voor je redenering, mogen aangevallen worden.
Voorbeeld:
‘’Ik vind dat je geen groene broek mag dragen, want dan moet ik daar heel de dag naar kijken’’
- ‘’Wat heb jij tegen groene broeken? Ze zijn hartstikke mooi van kleur!’’
‘’Ik heb niets tegen groene broeken, ik wil er alleen niet naar kijken.
Het ontkende verzwegen argument is dus in dit geval: ik vind het niet prettig om naar groene broeken te kijken.


15. Meervoudige vraag


Iemand gaat ergens ten onrechte van uit bij een vraag.
Voorbeeld: heb jij je vrouw deze week nog geslagen?  hierbij ga je uit van jet feit dat iemand zijn vrouw slaat, dus daarom vraag je meteen hoe dit deze week was.


16. Argumentum petitio principii
Ook wel cirkelredenering genoemd. 
Voorbeeld: hij is de beste student, want hij haalt de hoogste cijfers. Als je de hoogste cijfers haalt, ben je dan inderdaad de beste student?


17. Bevestiging van de consequens
Een voorwaarde wordt gezien als enige voorwaarde.
Voorbeeld: als het regent, dan wordt je nat. Ik ben nat, dus het regent. (alsof regen de enige manier is om nat te worden.
18. Ontkenning van het antecedent. (antecedent is premisse, daar waarnaar het verwijst)
Het is fout, als je een conclusie trekt uit een voorwaarde.
Voorbeeld: als het regent, word je nat. Het regent niet, dus je wordt niet, dus dan kun je niet nat zijn.
Eigenlijk lijkt deze drogreden veel op de bevestiging van de concequens, maar er komt dus een ontkenning in voor.

19. Divisiedrogreden
Je kent onterecht een eigenschap van het geheel, toe aan een deel.
Voorbeeld: die reis is zo goedkoop, dat het appartement dus wel niet veel zal voorstellen.
Hierbinnen is de reis dus het geheel, en het appartement een deel.


20. Compositiedrogreden
Je kent onterecht een eigenschap van een deel toe aan het geheel.
Voorbeeld: De PVV is racistisch, want Wilders is racistisch.
Als een deel van het geheel racistisch is, maakt dat meten het hele geheel racistisch.


21. Vals dilemma
Slechts een deel van de mogelijkheden of nadelen wordt genoemd.
Voorbeeld: als je niet vóór bent, dan ben je automatisch tegen. Hmmm…. Zijn der dus maar 2 mogelijkheden?


22. Argumentum ad populum
Een stelling wordt bewezen doordat iemand zegt dat de meerderheid voor is.
Voorbeeld: je mag niet zeuren over de bezuinigingen op het onderwijs, want dit kabinet vertegenwoordigt de meerderheid van de bevolking.  heeft de meerderheid dan altijd gelijk? Nee!


23. Argumentum ad consequentiam
Iets is onwaar omdat de consequenties anders te erg zijn.
Voorbeeld: Griekenland mag niet failliet gaan, want anders raakt heel Europa in de problemen.


24. Slippery slope
Ook wel hellend vlak-redenering genoemd.
Niet de stelling ,aar de overtreffende variant, wordt als gevolg aangedragen.


25. Post hok, ergo proptec hoc
Iemand noemt een verband dat er niet hoeft te zijn.
Voorbeeld: we hebben een prachtige voorstelling gezien. Het moest wel een regendans zijn, want vlak daarna ging het regenen.
Als iets gebeurt vlak nadat er iets anders speelde, is dat wat het eerste was dan meteen de oorzaak?


26. Secundum quid
Overhaaste generalisatie. Iemand richt zich ten onrechte op kleine getallen.
Voorbeeld: de zeespiegel stijgt, want er dreigde watersnood in Groningen deze winter.
Dus: als er een keer een watersnood dreigt in Groningen, stijgt dan meteen de zeespiegel?


27. Verkeerde analogie
Argumenten op basis van een verkeerde vergelijking.
Voorbeeld: er moet extra belasting komen op bakfietsen, want die belasten het wegdek meer dan gewone fietsen. Voor zwaardere auto’s betalen we meer wegenbelasting, dus geldt dat ook voor de bakfiets.
Zware auto’s worden vergeleken met bakfietsen.


28. Argumentum ad ignorantiam
Ook wel argument van de onwetendheid genoemd. Onwetendheid betekent in dit geval gebrek aan bewijs van het tegengestelde. Een stelling is bijvoorbeeld waar, omdat het tegendeel niet is bewezen.
Voorbeeld: het is niet bewezen dat er geen ander leven is en het heelal is te groot om ons als enige levende wezens te hebben, daarom moet er wel ander leven zijn.
Als dus niet bewezen is dat iets onmogelijk is, bestaat het dan?


29. Onduidelijkheidsdrogreden
Onduidelijkheid zaaien om een standpunt te verdedigen waardoor de tegenpartij zich geen goed oordeel kan vormen. Spreekt in principe voor zich.

30. Ambiguiteitsdrogreden
Iemand gebruikt opzettelijk dubbelzinnig taalgebruik. Er zijn hierdoor meerdere betekenissen of de zinsstructuur is onduidelijk.
Voorbeeld: dat schilderij is veel waard, want het is van Herman! (ja, is dat nou Herman Brood of Herman Jansen?)

Goed, dit was het zo. Hopelijk heeft iemand hier iets aan!

Gepubliceerd op 2 juli 2012 door Naomi Jansen

Reacties (12) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Leuk stuk, toch is het gebruik an drogredenen per definitie niet slecht, zij kan namelijk, prikkelen tot nadenken. In het debat is eht trouwens bijna een must om ze te gebruiken. Maar weet wel dat je en drogreden in en debat terug kan krijgen. Ofwel met een debat heeft men een doel en soms heiligt het doel de middelen. Jammer dat we daar geen discussie over kunnen voeren.
Een dikke duim
Leuk en interessant artikel. Meteen even in mijn boekenkast gekeken, want ik herinner me dat ik er een boek over heb:
Titel: Dat heeft u mij niet horen zeggen.
Ondertitel: Drogredenen van A tot Z
Auteurs: Frans van Eemeren en Rob Grootendorst
Uitgeverij Contact, 1992
ISBN 9025400833
MVG
Cor
Mooi man! Duimpje +fan!
Met contaminatie bedoel ik inderdaad de stijlfiguren, hyperbool, pleonasme enz. ;) Dat is bepaald anders dan de drogredenen, maar brachten gewoon herinneringen op, zie je volgende artikel graag tegemoet! De volle ad clicks erbij (y)
Dit komt heel dicht in de buurt van de stof die ik lang geleden heb moeten leren, oa ook met contaminatie en dergelijke, maar heb het afgesloten met een 5.5 ;) Duim voor de nostalgie.
Haha goed zo! Met contaminatie bedoel je de stijlfiguren denk ik? Das wat anders dan een drogreden ;). Maar daar ga ik vast ook nog over schrijven! Bedankt voor je compliment :)
Geweldig artikel, Naomi. En je had me keurig ingelicht dat je ook een artikel zou schrijven over drogredenen.

Ik hoop van harte dat veel mensen dit lezen! Mooi op een rijtje gezet. Dit artikel komt bij mijn favorieten.

Dikke duim verdiend!