Neerpenners wraak en de vreselijke gevolgen daarvan voor het dorp.

Door Neerpenner gepubliceerd op Friday 31 January 18:02

Een gruwelijke stank daalde neer over het Plazillamuizendorp. Nieuwsgierige muizenkopjes draaiden rond om en zagen verrast hoe Neerpenner het dorp binnenstrompelde. De stank wasemde gewoonweg af van zijn vacht. De jonge muis zelf zag er ook niet al te fris uit, er heerste een doodse blik in zijn oogjes, alsof hij iets heeft gezien dat voor de eeuwigheid op zijn netvlies gebrand zou staan. Normaal zouden de muizen hem meteen bestormen met talloze nieuwsgierige vragen, maar het dorp had net een oorlog beleefd. Ze waren druk bezig met de huizen te herstellen, de burgemuister te troosten met zijn verlies van de verkiezingen.
5178b0aecc3aba8cea6ab80e4acfe06f.jpg
Neerpenner hoefde dus daardoor geen pijnlijke vragen te beantwoorden. Hij had al genoeg vragen van zichzelf. Wie had hem dit aangedaan? Natuurlijk was het die geschifte koning die het stinkdier in zijn gezicht heeft laten sproeien. Maar iemand moest hem verteld hebben dat hij Gildors verhalen beter vond dan die van Miesje11. (Ondanks alles vond hij dat nog steeds. Miesje11 mocht dan best wel leuke verhalen schrijven, uiteindelijk was ze toch niet veel meer dan een amateur) En iemand moest de koning zijn adres hebben gegeven.
Wie was dat verraderlijke sujet van een piepmuis? De doodse blik in Neerpenners verdween en maakte plaats voor iets angstaanjagends. Het was het vuur van een kalme vastberaden woede. Het vuur dat langzaam maar zeker een heel bos zou doen verslinden. Het was het vuur in de ogen van de man die zei: ‘Ik zal hem vinden, ook al kost het mij mijn leven. Het maakt me niets uit, ik zal hem vinden en neerhalen, zo hard en onherroepelijk neerhalen dat hij nooit meer echt zal weten of hij leeft.’
Dat soort vuur dus. Neerpenner opende de deur van zijn huis en werd begroet door het vele geflonker van zijn uitvindingen. Een brede lach brak door op zijn gezicht. Die koning was geschift, maar hij was een geschifte uitvinder. Hij ging aan de slag.

Het duurde niet lang voor de lakeien het in de gaten kregen dat het gasniveau alsmaar steeg. Eerst deden ze het af als toeval. Maar de stank werd sterker en sterker, en uiteindelijk zat iedereen in het kasteel te hoesten en naar adem te snakken.
Koning Lachmesot zag groen. Letterlijk. Hij wapperde met zijn hand en kreunde: ‘Maar wat is er nou aan de hand? Wie eet er nou zoveel bruine bonen?’ Hij liet van de pure stress een wind. Iedereen jammerde zachtjes.
‘Premier!’ hijgde de koning. ‘Zet de ramen in hemelsnaam open!’
Premier Ikwatyounot, wie de hele tijd een zakdoek voor zijn mond hield.
‘Gaat niet, uwe majesteit! Iemand heeft alle ramen, alle buitenste deuren dichtgemetseld met een vreemdsoortige substantie. Zelfs de spleten in de muren!’ klonk het gedempt achter het kanten doekje.
‘Maar wie doet dat nou zoiets vreselijks?’ zuchtte de koning en zoog daarmee wat van die zurige stank in zijn longen.
‘IK!’ klonk het zoals in elke clichématige film.
Alle hoofden draaiden om. Een kleine muis met een gasmasker was de balzaal binnengekomen.
‘Jij?’ reutelde de koning en droeg daarmee een steentje bij aan de clichéscene.
4a0e76c08c6ae1ba915d87cf31f81b3c_medium.
‘Ja, ik, de muis Neerpenner! De muis die u onrechtvaardig liet besproeien door een stinkdier!’ schreeuwde de muis met een overslaande stem.
‘Alsjeblieft, maak hier een eind aan. Ik smeek het je, mijn verloofde komt zo eraan…’
Neerpenners oogjes fonkelden.
‘Alleen als u zegt wie de piepmuis is die mij verraden heeft!’
Koning Lachmesots lichaam liet een borrelend geluid horen. Onmiddellijk steeg de stank tot een ondraaglijke hoogte, zodanig dat het oorsmeer bij de meeste gasten uit de oren liep. De kokkin viel flauw.
Koning Lachmesot zelf liep blauw aan. Hij kon bijna niet meer ademen, laat staan door zijn neus. Maar hij had ook zoiets als eer. Hij had haar beloofd haar naam niet te verklappen en-
Een paar doffe klappen volgden als resultaat van een paar flauwvallende lakeien.
‘Oké, oké! Het was Miesje11, zij had het mij verteld!’
De ogen van de muis achter het gasmasker sperden zich open. Miesje11 had dit hem aangedaan. Dit zou hij haar duur betaald zetten en niet zo een beetje ook. Hij wist al hoe, hij zou-
‘Wil. Je. Nou. Eindelijk. Ons. Met. Rust. Laten. ?’ zei de koning met opeengeklemde kaken.
Neerpenner keek verstrooid op.
‘Hm? O, ja, natuurlijk.’ Hij gooide iets driehoekvormigs op de grond. ‘Dit is een Tossilicaanse kaas. Dit zal binnen twee minuten uw ramen en deuren weer vrijmaken van mijn lijm. Bedankt voor uw medewerking en gegroet.’
De muis wandelde weg, negeerde het gekreun in de balzaal, en smeedde duistere plannen.

Miesje11 was niet voor de poes, wist Neerpenner. Ze mocht dan wel een beetje de dorpsgek zijn, ze was toch maar mooi dé verhalenvertelster bij uitstek. Ze hield ook veel van het dorp. Aha, misschien kon hij haar daar treffen. Hij keek even op, en zag voor zich een houten wegwijzer. Aan de rechterkant lag het Plazilladorp, aan de linkerkant…
Neerpenner keek even geboeid door de linkerwijzer en toen begon hij te lachen. Het was een afschuwelijk geluid dat je nooit zou hebben verwacht van een zo kleine muizenlichaam.
Hij nam het linkse pad.
Op de linkerkant van de wegwijzer stond in hoekige letters geschreven:

HET KAMP DER WASBEREN

 

Wat kom je hier doen?’ vroeg Julius Wasbeer, zittend op zijn troon.
Neerpenner grijnsde. Hij hield een verfrommelde rol papier omhoog.
‘Ik kom het dorp aan jou overleveren. Dit is het dorpsplan. Alle verdedigingsplannen staan erop en ik ben bereid het recept van de toverdrank te geven.’
De wasbeer was verbaasd. Er waren al zoveel muizen naar zijn kant toe overgelopen, zoals zijn muizenliefje. Maar de omvang van dit verraad schokte hem zelfs even.
‘Interessant,’ begon hij, ‘Maar waarom doe je dit? Je bent een gerespecteerde muis en jij was er de oorzaak van dat ik de vorige veldslag verloor. Ben jij wel geen spion, ventje?’
‘Ha! Gerespecteerde muis! Ik ben besproeid met stinkdierpis. Dan blijft er maar weinig over van respect! Nee, ik ben geen spion. Ik wil het dorp, de schepping van Miesje, onder jouw macht zien te vallen. Niemand luistert naar mij, ze noemen mij toch altijd die suffe wetenschapper en wat nog meer. ‘ Hij hield zijn hoofd even schuin. ‘Gelukkig zijn Gildor en mijn heetgebakerde zusje nu op reis, hen moet je met rust laten. En dan heb ik nog twee voorwaarden.’
‘Vertel.’ Julius Wasbeer moest zijn best doen om niet te schreeuwen van opwinding. Met de enige getalenteerde uitvinder, de dorpsplannen én de toverdrank in zijn handen zou hij eindelijk dat verdraaide Gallis- nee, Plazilliaanse dorp mores leren. Hij zou Siewerd, zijn aartsvijand als slaaf in bezit kunnen nemen. Hij kwijlde bijna.
0b4c77df709aa4036687009ab4087aae.jpg
‘Het zijn simpele voorwaarden. Ik krijg een deel van het dorp, laten we zeggen, voor een kwart. Zoiets deden ze toch ook met Berlijn. En de muis Miesje11 wordt mijn slaaf.’
Een kwart van het dorp opgeven voor Siewerd als slaaf en de rest van het dorp… Wasbeer sprong van zijn troon.
‘Aangenomen,’ lachte hij joviaal. ‘Bovendien heb ik toevallig nog een verassing voor je.’
‘Echt?’ zei Neerpenner verrast, terwijl hij de plannen en het recept van de toverdrank aan de wasbeer gaf. ‘Wat dan?’
Julius Wasbeer floot. En uit de gordijnen kwam een muizinnetje met blauwste ogen die Neerpenner ooit had gezien. Hij was meteen verloren.
‘Ik denk zo dat jij en Mysterieusmuis het zeer goed met elkaar zullen vinden. ‘
Neerpenner werd naar een nis getroond door Mysterieusmuis en Julius Wasbeer gniffelde.
Opeens kwam een van de wachters zijn tent binnenstormen.
‘Uwe majesteit! Een groep muizinnen willen u spreken. Yrsa is erbij!’
Wasbeer lachte. Het einde van het dorp was nabij.
Hij zou spoedig opnieuw zijn leger laten uitrukken, tjokvol toverdrank. Terwijl hij de ring zeker in het bezit zou hebben. Wie kon hem nou nog tegenhouden?

Reacties (28) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Deze muis zint op wraak!
Yummie! Laat je wraakzuchtige fantasie stromen...! ;-)
De eerlijkheid gebied me dat ik niet alle delen gelezen heb. Geen idee of ik daardoor iets gemist heb, maar jouw schrijfsel is hilarisch! :)
Oh dame, je hebt zeker iets gemist. Maar je hebt je tijd goed besteed (eindelijk eens gewonnen!)
Hahahaha -die is onder de gordel, Gildor :)
maar als ik tijd heb zal ik de andere delen even lezen. bovenstaande maakt me namelijk wel nieuwsgierig :)
Onder de gordel...of gewoon een beetje kinnesinne omdat ik het fout had..:-) Ik vond hem zo op Ieko lijken, en op zijn kinderen.
Al met al blijft het toch een lastige en verslavende zilla :)
Want je blijft toch twijfelen - hoe zeker je ook even lijkt te zijn.
Neerpennert! Zwager! Broeder! Dit heb je werkelijk schitterend gedaan.
**tettert alweer op zijn loftrompet**
**overhandigt een aantal veren; zoek zelf maar uit waar je ze in wenst te steken**
Het mooiste van dit verhaal vind ik eigenlijk dat je het geschreven hebt als een prequel voor het stuk van Wasbeer. Daarmee heb je de 'timeline' mooi gerespecteerd en de grote lijn intact gehouden. Miejes stuk, dat van mij, jouw stuk en dat van wasbeer, vier maal een verhaal, geschreven vanuit telkens een ander perspectief, maar samen een geheel. Mag ik zeggen dat het onderhand een "Game of Thrones"-karakter begint te krijgen?
Wat ben ik benieuwd naar het vervolg. Wie oh wie waagt zich daaraan!?!
Bravo! Ik ben het helemaal met je eens, vier verschillende mensen met vier verschillende invalshoeken en het resultaat mag er absoluut wezen. Ik ben trots op jullie!
Jouw slaaf? Werkelijk? En dat geloof je zelf?
Ik dacht het niet.
Deze muis is niet voor de poes, dus wees gewaarschuwd. Ken je trouwens de gezegde: Na mij de zondvloed?
Ja? Dan heb ik genoeg gezegd dunkt me.
Adieu!
Geef het toch maar op, muisje. Spoedig zal de wasberen(zond)vloed komen.
En dan ga je lekker druiven opdienen aan mij.
Ook adieu. :)
Dream on mate, dream on!
En je wraak was zoet en heerlijk!
Heerlijk inderdaad! :)
Overigens gefeliciteerd met dit mooie 100e artikel. En al is Roosje wel veilig weg tot 1 maart aanstaande, Plazilla is nog niet veilig voor haar scherpe tong ;-)
Dat denk je maar, Wasbeer, dat denk je maar. **grinnikt** En trouwens, wie begint hier nu over scherp?
Mijn 100ste? Echt? Ik had het niet eens gemerkt...
Dat weet ik wel zeker. :)
Dan sta je zondag in de Xead-krant als jubilaris...
Mijn jonge vriend. Weer kostelijk geschreven! Ik hoef me helemaal er niet tegen aan te bemoeien en mijn baardmansmuis valt onder het verboden S-woord en aartsvijand :)
Het moet toch niet gekker worden :)
Prima verhaal en direct ook afgerekend met Lachmesot :)
Ja, ik ben zelf eigenlijk ook benieuwd naar hoe het nu verder moet met de wasbeerdreiging. :)
Lachmesot verdiende een speciale behandeling, me dunkt.
En ik zie het nu ook!
Gefeliciteerd met je 100ste artikel!
Een mooie mijlpaal .... .