Timo

Door Dinie Bell gepubliceerd op Sunday 26 January 19:30

Timo was boos. Waarom mocht hij nooit eens doen waar hij zin in had? Altijd als hij iets wilde, hoorde hij van mama of papa: 'Nee, nú niet, Timo, eerst een boterham, daarna een snoepje', of 'Niet doen, jongen, dat is gevaarlijk. Daar ben je nog te klein voor.' Poe, te klein! Hij was al zes!

Dit keer had mama gezegd dat hij niet twee repen chocolade achter elkaar kon eten. Dan zou hij misselijk worden. Eén reep, zei ze, mocht hij hebben. De andere had ze op de bovenste plank in de kelder gelegd. 'Die krijg je een andere keer.'

       Wat zijn moeder niet wist, was dat hij er best bij kon, bij die plank. Hij had al eens eerder stiekem een snoepje gepakt, een dropje, op een moment dat mama naar de wc was. Dat zou hij weer doen. Het was tenslotte zíjn reep. Hij had hem van oma gekregen.

       Timo wachtte het juiste moment af. Dat kwam al snel. Net toen hij de eerste reep had opgesnoept, begon boven zijn babyzusje te huilen. 'Sanneke heeft haar middagslaapje uit', zei mama. 'Ik ga haar even halen.' Timo wist dat het een poosje zou duren voor ze terug was. Sanne moest een schone luier en dat gaf hém tijd genoeg de chocolade te pakken.

       Voorzichtig, zodat zijn moeder het niet hoorde, opende hij de deur van de kelder. Snel speurden zijn ogen de plank af. Dáár! Naast het pak hagelslag zag hij zijn reep liggen. Hij ging op zijn tenen staan, griste de chocola weg, sloot de deur en scheurde met haastige vingers de wikkel van de reep. Het papier propte hij in zijn broekzak.

       Timo schrokte de lekkernij op. Met de mouw van zijn trui veegde hij zijn mond schoon. Toen zijn moeder met Sanne beneden kwam, waren alle sporen van zijn misdaad gewist. Timo lachte in zijn vuistje.

       Maar, bedacht hij opeens, zo meteen zou zijn moeder een flesje melk moeten maken voor Sanneke, en het poeder dat ze daarvoor gebruikte, stond in de kelder. Ze zou vast meteen merken dat de chocoladereep verdwenen was. Hij moest maken dat hij wegkwam!

       'Mama, mag ik bij Jeroen gaan spelen?'

       'Ga maar vragen of de buurvrouw het goed vindt.'

       Timo trok zijn jas aan en liep de voordeur uit. Maar hij belde niet bij het buurhuis aan. Hij liep de straat uit, zo maar ergens heen. Hij wilde zo ver mogelijk uit de buurt van zijn moeder zijn wanneer zij zijn bedrog ontdekte.

       Terwijl Timo liep en liep, begon hij zich zorgen te maken. Hij wist niet waar hij naartoe moest en het werd al een beetje donker. Waar moest hij slapen vannacht? Ineens voelde hij hoe koud het was. En in zijn haast om weg te komen, was hij zonder das, muts en handschoenen van huis gegaan. Zijn handen kon hij in zijn zakken steken, maar zijn oren zouden er misschien wel afvriezen. Hij trok zijn schouders op en dook wat dieper in de kraag van zijn jas.

       Hij had ook niets te eten, bedacht hij nu. Maar dat was niet erg. Hij had toch geen trek, hij was misselijk omdat hij twee repen chocola op had. Precies zoals mama had voorspeld.

       Mama... Wat zou hij graag bij haar zijn. Bij haar en zijn zusje, in hun warme, lichte huis. Zou zijn moeder hem al gemist hebben? Zou ze tegen  papa, die elk moment thuis kon komen, zeggen dat hij Timo moest gaan zoeken?

       Plotseling schrok de jongen op uit zijn gedachten. Hij keek om zich heen. Deze buurt kwam hem niet bekend voor. Zijn hart begon onrustig te kloppen. Hij wist niet waar hij was! Hij wist niet eens meer de weg terug naar huis! Wat moest hij doen? Hij wist niet beters te bedenken, dan gewoon maar door te lopen.

       Na nog een halfuur slenteren, dacht hij iets te herkennen. Daar, in die tuin, stond een levensgrote stenen engel, zonder hoofd, net zo een als in een tuin stond bij oma in de buurt. Betekende dat dat oma hier vlakbij woonde? Ja, volgens hem moest hij aan het eind van deze straat de hoek om en... Gelukkig, daar was het huis van zijn grootmoeder! Hij rende er naartoe en bonsde op het raam. Als ze nu maar thuis was!

       Tot zijn opluchting hoorde hij de sleutel omdraaien in het slot. Even later keek er een vertrouwd gezicht om het hoekje van de deur. Timo’s hart maakte een blij sprongetje. Daar was oma! Nu zou alles goed komen!

       Timo’s grootmoeder  was verbaasd om hem bij haar aan de deur te zien staan. ‘Timo!’, riep ze verrast, ‘wat doe jij nou hier?!’ Ze keek naar links en ze keek naar rechts. ‘Waar zijn papa en mama?’

       Haar kleinzoon schuifelde met zijn voeten en hij hield zijn ogen op de grond gericht, toen hij bekende dat hij alleen was.

       ‘Alleen? Hoe kan dat nou?’ Vragend keek oma hem aan. Toen hij geen antwoord gaf, vroeg  ze: ’Ben je soms weggelopen?’ Met het hoofd nog steeds gebogen, knikte Timo. ‘Jongen toch!’ Oma schudde haar hoofd. ‘Nou, kom maar gauw binnen.’

       Terwijl hij zijn jas uittrok, volgde Timo zijn grootmoeder de woonkamer in. Wat was het hier heerlijk warm! Er stond een pot thee op tafel met een kopje ernaast, dat oma nét voordat hij aanbelde volgeschonken had. ‘Ga zitten’, zei ze en nadat hij dat gedaan had schoof ze het kopje naar hem toe. ‘Drink op, Timo, dan word je lekker warm.’

       Met kleine slokjes dronk hij de hete thee. Zijn grootmoeder wachtte geduldig tot hij het kopje leeg had en hij deed er zo lang mogelijk over, zodat hij nog niet hoefde te vertellen wat hij gedaan had. Maar uiteindelijk was de thee op.

       ‘Nou’, zei oma, ‘vertel maar eens wat er gebeurd is.’

       En Timo vertelde. Hoe hij het stom had gevonden dat hij niet alle twee de repen die hij van oma had gekregen had mogen opeten. Hoe hij de chocolade gestolen had. Dat hij toen was weggelopen, omdat hij wist dat hij op zijn kop zou krijgen als mama erachter kwam. 

       Oma zweeg tot hij uitgesproken was. Ze maakte hem geen verwijten. Ze zei niet dat hij erg stout geweest was, of zoiets. Ze vroeg alleen: ’En wat vind je nu zelf van alles wat je gedaan hebt?’

       Timo keek naar haar lieve gezicht. Daarom hield hij zoveel van zijn oma. Ze werd nooit echt boos op hem, hoe stout hij ook was. Het maakte dat hij haar altijd alles durfde te vertellen. ‘Ik ben dom geweest’, gooide hij eruit. ‘Mama had gelijk. Ik was misselijk van al die chocolade. En het was ook niet slim om weg te lopen van huis. Ik had het zo koud, oma!’             

       ‘Nou’, zei zijn grootmoeder, ‘dan heb je er hopelijk van geleerd. En dat je misselijk was, het koud had en niet wist waar je naartoe moest, dat lijkt me straf genoeg. Al weet ik natuurlijk niet of papa en mama daar hetzelfde over denken. Weet je, je moet je moeder maar even bellen, dan weet ze in ieder geval waar je bent en dat het goed met je gaat. Dat is nu het belangrijkste.’ Ze pakte haar mobieltje, dat op tafel lag, en toetste het nummer in. Toen stak ze haar kleinzoon het toestel toe.

     Timo hoefde niet lang te wachten tot er opgenomen werd. Aan mama’s stem kon hij horen dat ze gehuild had. ‘Ík ben het, mama’, zei hij. ‘Ik ben bij oma, en het spijt me dat ik de chocola gepikt heb en dat ik ben weggelopen. Ik zal het echt nooit meer doen.’ Hij meende het.

 

Reacties (5) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Hallo Bielieke.
Het valt niet mee voor mij, een kinderverhaal schrijven. Normaal gesproken schrijf ik voor volwassenen. Vandaar dat ik ook om goede raad gevraagd heb. Ik wil je bedanken voor je tips. Ik ga ze zeker toepassen. Groetjes,
Dinie.
Dag Dinie,
Een mooi verhaal, waar kinderen zich zeker in herkennen. Dat is belangrijk. Misschien moet je eens nadenken voor wie dit verhaal bedoelt is? Is het voor zesjarigen, die nog maar pas lezen? Dan moet er nog gesleuteld worden. Het is dan belangrijk om alle lange zinnen in te korten of te splitsen. Sommige moeilijk leesbare woorden moeten dan, hoe mooi ook gekozen, verdwijnen. Ook de tijd is belangrijk. Voor jonge lezers is de tegenwoordige tijd het beste. Als je verhaal bedoelt is om voor te lezen, ook dan mag er nog wat geschrapt worden, maar dan kan je de verleden tijd wel aanhouden. Het lijkt simpel, een verhaal voor kinderen. Het is een kunst en je hebt het zeker in de vingers. Ga ervoor.
Welkom nieuwe lid
Hoi Dinie, ik begrijp goed dan Timo weg liep thuis. Daaruit blijkt volgens mij dat hij een beschermd manneke was en de gevaren niet kon zien die er voor hem op de loer zouden kunnen liggen. Het belangrijkste voor hem was dat zijn moeder niet zou zien dat de reep weg was. Er mag best een klein beetje meer over die gevaren verteld worden, lijkt me. Graag gelezen, Mieke Schepens
Hoi Dinie, wat een gewaagd plan zo'n verhaaltje voor kinderen. En zeker wel herkenbaar. Ik vind hem wel behoorlijk bijdehand voor een 6-jarige en ik had hem wel wat banger verwacht als hij merkt dat hij de weg kwijt is. Tranen, paniek?