Nog meer spraakverwarring

Door Nicolettepietersen gepubliceerd op Wednesday 22 January 10:59

Andertje:

We zijn op vakantie in de Elzas en zitten lekker buiten de caravan, opa heeft net voor Nikita sap in geschonken en is nog in de caravan bezig ,als ze met haar beker terug loopt en vraagt: ‘Opa, jij andertjesap doen?’

‘Je hebt toch al sap, Nikita’ zegt opa verbaasd.

‘Nee, Kita andertjesap, jij doen opa?’ vraagt ze. Als ze iets vraagt gaat haar stemmetje omhoog en houdt ze haar hoofdje scheef. Dat werkt goed want ze is dan zo schattig dat iets weigeren moeilijk is

. ‘Opa heeft net lekkere mandarijnensap voor je ingeschonken, kijk maar in je beker’ zegt opa.

‘Nee, niet lekker, jij andertjesap doen opa?’ vraagt ze weer.

‘Weet jij wat ze wil?’ vraagt opa aan mij ‘we hebben deze toch gekocht omdat ze die zo lekker vond?’

Ik heb ook geen idee, maar denk dat ze gewoon andere sap wil. Wat moet ‘andertjesap’ anders betekenen. Inmiddels is mevrouwtje aardig gefrustreerd dat die domme opa en oma haar niet begrijpen. Ze pakt haar beker nogmaals op en zegt wanhopig: ‘niet lekker, Kita andertjesap!’

‘Wil je andere sap, Nikita?’ vraagt opa.

En dan breekt de zon door, hèhe`eindelijk wordt ze begrepen. ‘Jaaaaa, andertjesap!’ roept ze stralend en natuurlijk schenkt opa dat in.

U:

Haar ouders hebben Nikita geprobeerd uit te leggen wanneer ze ‘u’ tegen iemand moet zeggen. Het lijkt alsof ze het begrepen heeft…… soms!

Nikita probeert een campingstoel te verplaatsen maar dat lukt niet, ze trekt en sjort maar de stoel geeft niet mee. ‘Opa, jij eventjes hellepe doen?’ vraagt ze ‘jij stoel aanguive?’

‘Nikita, is opa ‘u’ of ‘jij’ ?’ hoor ik haar vader zeggen.

Nikita kijkt op…… je ziet haar denken…… uiteindelijk besluit ze aarzelend tot ‘u’ . ‘Vraagt het nog eens aan opa’ is de opdracht. ‘Opa, jij eventjes hellepe u doen?’ zegt ze braaf en opa schuift ( zonder te lachen) de stoel voor haar aan.

Duf niet:

‘oma, kijk’ zegt Nikita en wijst in de verte ‘drie!’ Ik kijk mee en kan niet bedenken waar ze op doelt. ‘een, twee, drie’ roept ze weer en wijst met haar vinger naar het weiland achter ons huis. Als ze door heeft dat ik haar niet begrijp roept ze: ‘omaaaa, paardjes…’ Ik kijk op, de buren hebben twee paarden, wat is die derde dan? Nog steeds in verwarring zeg ik dat er maar twee paarden zijn. ‘neehee, een, twee’ begint ze weer ‘drie, mama daan, paardje rijd’ Inderdaad wijst ze bij ‘drie’ een andere kant op, ergens in de verte waar ze mama’s paard vermoedt. ‘Ja hè’ zeg ik ‘mama heeft paard gereden, vindt mama fijn hè?’ ‘Kita niet, Kita duf niet paardje rijd’ ‘Hoeft toch niet, gekkie’ zeg ik ‘laat mama maar lekker paardrijden, blijf jij gezellig bij oma.’ Ze knikt vastbesloten, ‘paardje rijd’ is voorlopig niks voor haar!

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.