Hoe wordt de diagnose Multiple Sclerose gesteld?

Door Susan3621 gepubliceerd op Sunday 20 October 12:35

Veel mensen met Multiple Sclerose kampen met veel verschillende symptomen, waardoor een juiste diagnose vaak lang op zich laat wachten. Vaak past elk afzonderlijk symptoom bij verschillende aandoeningen, waardoor het lang duurt voordat aan MS gedacht wordt. Om tot een diagnose MS te komen zal de neuroloog verschillende onderzoeken doen. Er is namelijk niet 1 simpele bloedtest of iets dergelijks om te zien of iemand MS heeft. Het is eigenlijk het uitsluiten van andere aandoeningen als bijvoorbeeld Ziekte van Lyme of vitaminegebrek (met name B12). De resultaten van verschillende onderzoeken en tests alsook jouw eigen medische verleden zal dan uiteindelijk wel of niet leiden tot de diagnose Multiple Sclerose.

 

Neurologisch onderzoek

De neurologische onderzoeken om tot de diagnose MS te komen bestaan uit:

Jouw medische verleden. De neuroloog zal jouw volledige dossier opvragen om te kijken sinds wanneer je bepaalde symptomen vertoond en ook om jouw algehele gezondheid in beeld te krijgen.

De werking van het centrale zenuwstelsel. Het centrale zenuwstelsel raakt door MS aangetast. Door te kijken welke functies er zijn aangedaan, kan de arts nagaan of die ook kenmerkend zijn voor MS. Hieronder valt bijvoorbeeld het testen van de reflexen, het zicht, het coördinatievermogen en het evenwichtsgevoel.

 

Diagnostisch onderzoek.

Het diagnostisch onderzoek kan zijn een lumbaalpunctie ofwel ruggenprik, en een MRI scan.

 

MRI scan

Bij een MRI scan worden er foto’s gemaakt van je hersenen en het ruggenmerg. Wanneer er in de witte stof afwijkingen zijn, kan de arts dit zien op de foto’s. Naast de afwijkingen die zorgen voor de typische MS symptomen, kan de arts ook eventuele andere schade zien die de symptomen kunnen veroorzaken. Om nieuwe actieve ontstekingen nog beter zichtbaar te maken, kan de arts er voor kiezen jou een contrastmiddel, Gadolinium, toe te dienen.

Lumbaalpunctie (Ruggenprik)

Met dit onderzoek wordt er in het hersenvocht, ook wel liquor genoemd, gezocht naar sporen die op MS ontstekingen in de hersenen of het ruggenmerg wijzen. Deze sporen kunnen niet in het bloed worden aangetoond, vandaar dat een ruggenprik nodig is.

 

Evoked Potential Test

Sinds de komst van de MRI is er in het stellen van de diagnose veel veranderd. MRI’s worden steeds beter en duidelijker, en andere testen worden daardoor ook overbodig en minder toegepast. Een daarvan is de Evoked Potential Test. Bij deze test wordt er gekeken naar hoe snel en accuraat het zenuwstelsel reageert op prikkels. Omdat bij MS de afgebroken myelinelaag de doorstroom van informatie verstoort, zal deze vertraging ook uit de test blijken. Bij bijvoorbeeld de visuele evoked potential test wordt de verbinding tussen oog en hersenen onderzocht. Je krijgt bij deze test elektrodes op het hoofd geplakt en een zwart/wit geblokt bord of flitsende lichten te zien. De tijd die het duurt voordat de hersenen reageren wordt opgemeten en vergeleken met die van een gezond persoon. Mocht dit te traag zijn, kan dit dus wijzen op MS.

 

McDonald Criteria

Verder bestaat nog de McDonald criteria waaraan voldaan moet worden voordat kan worden gesproken van MS. Dit zijn diagnostische criteria die voortkwamen uit een samenwerking tussen een internationale werkgroep en de National Multiple Sclerosis Society (NMSS) uit Amerika. Door gebruik te maken van de vooruitgang in MRI-techniek vervingen de McDonald Criteria de tot 2001 gebruikte Poser Criteria en de nog oudere Schumacher Criteria. Ze danken hun naam aan neuroloog W. Ian McDonald. In 2010 zijn de criteria voor het laatst bijgesteld.

In deze tabel zijn de McDonald criteria te zien. Aan de linkerzijde zie je staan hoe de ziekte zich zal moeten manifesteren. Aan de rechterzijde zie je staan welke aanvullende gegevens nodig zijn om de diagnose MS te kunnen stellen.

Clinical Presentation

Additional Data Needed

* ≥ 2 episodes
* objectief klinisch bewijs voor ≥2 laesies
* objectief klinisch bewijs voor 1 laesie en op basis van anamnese zeer aannemelijke eerdere episode

Geen

* ≥ 2 episodes
* objectief klinisch bewijs voor 1 laesie

Dissociatie in plaats aangetoond met
* MRI of
* nieuwe klinische episode met andere lokalisatie

* 1 episode
* objectief klinisch bewijs voor ≥2 laesies.

Dissociatie in tijd, aangetoond met
* MRI of
* tweede klinische episode

* 1 episode
* objectief klinisch bewijs voor 1 laesie
(‘clinically isolated syndrome')

Dissociatie in plaats, aangetoond met
* MRI of
* nieuwe klinische episode met andere lokalisatie
en
Dissociatie in tijd, aangetoond met
* MRI of
* tweede klinische episode

Sluipende neurologische progressie suggestief voor MS (primair progressieve MS)

Minstens één jaar progressief ziektebeloop (retrospectief of prospectief vastgesteld)
plus
minimaal 2 van de 3 volgende criteria:
A. ≥1 T2 laesie in tenminste 1 karakteristieke gebied (periventriculair, juxtacorticaal,infratentorieel)
B. ≥2 T2 laesies in het ruggenmerg
C. Positieve liquor (oligoclonale bandjes en/of verhoogde IgG index)

Bron McDonald Criteria: www.vumc.nl

 

Wat gebeurt er na de diagnose?

Wanneer je de diagnose hebt gekregen is het tijd om dat een plekje te geven en te verwerken. Wanneer je te maken hebt met behoorlijke uitvallen of functieverlies, emotionele problemen door de diagnose en dergelijke, is het erg verstandig om je door je specialist door te laten verwijzen naar bijvoorbeeld een revalidatiecentrum. Voor zover dit al niet is gebeurd na het stellen van je diagnose. Uit eigen ervaring kan ik melden dat niet elke neuroloog hier zelf over zal beginnen, ook al is revalidatie wel nodig. Dit is eigenlijk iets waar je zelf achteraan moet, zo lijkt het. Mocht je dus denken hier behoefte aan te hebben, vraag er dan naar. Er zijn diverse revalidatiecentra in Nederland waar je ook met alle denkbare problemen rondom MS terecht kan. Dit wordt ook gewoon vergoedt door je zorgverzekeraar en afhankelijk van de klachten of problemen kan dit ook gewoon poliklinisch. Je hoeft dan dus niet in het centrum te verblijven, maar moet daar dan een paar uur in de week naartoe. In zo'n revalidatiecentrum kan je terecht bij onder meer een fysiotherapeut, ergotherapeut, psycholoog, en natuurlijk de revalidatiearts. Ook kunnen zij jou weer doorverwijzen of soms ook zelf helpen met vragen rondom UWV of werkgever gerelateerde zaken als keuringen en dergelijke. Ook zijn er op veel revalidatiecentra kleine korte cursussen die je bijvoorbeeld leren efficiënter met je energie om te gaan. Laat je dus goed informeren door je specialist en stel zeker  vragen als dingen jou niet duidelijk zijn.

 

Misschien ook interessant om te lezen:
Multiple Sclerose (MS), een moeilijke naam voor een moeilijke ziekte
De verschillende vormen of types van Multiple Sclerose

Een kijkje in het leven van een MS patiënt: Vallende vrouw van Karin Spaink

Meer informatie over MS: http://www.nationaalmsfonds.nl/ of http://www.msweb.nl/ en www.multiplesclerose.startpagina.nl.

 

 

 

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.