Indrukken tijdens een zonsondergang

Door Nescio gepubliceerd op Friday 05 July 07:20

http://plzcdn.com/ZillaIMG/ff3c3c76cf3c353c302afc1ed4eab04c_medium.jpg

De zon staat inmiddels al weer laag aan de hemel boven het binnenland van Sanur, en de lucht begint nu roze en oranje strepen te vertonen. Nog slechts een klein deel van het strand (aan de waterkant) toont zich op dit tijdstip gehuld in een baan zonlicht. Op elk van de twee pieren, die zich links en rechts van de kleine baaivormige inham in zee uitstrekken, slenteren wat wandelaars. Op het uiteinde van elke pier staat een nog in zonlicht badend met rode dakpannen bedekt zitpaviljoen waarop voornamelijk stelletjes romantisch van de zonsondergang zitten te genieten. Grijswitte rotsblokken geven de pieren aan de kop en zijkanten stevigheid en bescherming tegen de erosie van de golven van de oceaan.

Ik loop tussen de kraampjes door het witte zandstrand op en begeef me naar waterkant. Ik sta er even stil, met het late zonnetje in mijn rug, en kijk naar de tientallen (voornamelijk lokale) badgasten die zich nog in het water bevinden, waar ze volop aan het genieten zijn van hun zonsondergangsbad. Een meter of twintig van me vandaan, evenwijdig aan het strand, zie ik twee oudere heren die heel langzaam (als in slow motion) de schoolslag aan het zwemmen zijn. Tientallen kleine kinderen, vaak zonder zwemkleding aan, spelen spetterend en schreeuwend in het ondiepe water, in de gaten gehouden door vaders en moeders die roerloos genietend van de laatste zonnestralen (soms met een peuter op de arm) dichtbij hun kroost in het water post hebben gevat. Dan loop ik door, langs de kalme vloedlijn, in de richting van de verste pier.

Zo'n vijfhonderd meter verderop, achter de pier, torent het Bali Beach Hotel op een herkenbare manier hoog boven alles uit. De ramen van de bovenste verdieping van het witte, T-vormige gebouw, waarvan de poot naar zee wijst, zijn alle uitgevoerd in groen getint glas. Bij de inrichting van deze verdieping schijnt men eveneens van slechts groene tinten gebruik te hebben gemaakt, als eerbetoon aan de vooral op Java bekende Godin der Zuiderlijke Zeeen, Lörö Kidul, die als heerseres van de demonen van de onderwereld geldt. Naar verluidt is dit hotel in haar bestaan tot drie keer toe door een brand getroffen, en merkwaardig daarbij was dat die bovenste verdieping telkens intact is gebleven, onaangetast door het vuur en het bluswater.

Ik loop van het strand via een kort hellinkje de pier op en wandel over een betegeld pad naar de t-vormige kop, waar ik links van het zitpaviljoen (dat precies in het midden staat opgesteld) ga zitten op een van de bovenste rotsen die uitzicht bieden op de oceaan. Met achter me de langzaam verdwijnende warmte van de zon kijk ik in de beginnende schemer omhoog naar de heldere lucht, waar ik, al duidelijk zichtbaar, de bijna-volle maan ontwaar die met het verdwijnende licht van de zon steeds helderder en scherper begint te worden. Hier en daar pinkelt reeds een dichtbijstaande ster.

Zodra het zonnetje definitief is verdwenen, kleurt de lucht snel donkerder en het uit zee waaiende briesje voelt nu wat koeler aan. De meeste badgasten zijn op dit moment al huiswaarts gekeerd, of zijn bezig dat te doen. De stelletjes op het zitpaviljoen maken nog geen aanstalten om te vertrekken, en waarom zouden ze? Per slot van rekening is een met sterren bezaaide zwartfluwelen hemel, waarin de volle maan een zacht getint roomkleurig licht verspreidt, een ideaal decor voor een romantisch latertje. Ik richt mijn blik weer op de oceaan, en zie hoe de maan nu een fonkelende lichtbaan op de kalme golven werpt. De kabbelende golven doen het maanlicht op een subtiele manier aan en uit flakkeren, in een hoge frequentie en met een goudkleurige schittering. In verrukking blijf ik een tijdje naar dit wonderlijke lichtspel van de maan op de golven zitten kijken.

Als ik mijn blik weer weet los te maken van dit schitterende schouwspel, zie ik dat de pier inmiddels geheel verlaten is. Ik sta op van mijn rots en slenter in het donker en omringd door stilte terug naar het strand. Langs de vloedlijn loop ik weer richting de parkeerplaats, zo nu en dan een blik werpend op de sterrenhemel boven me, of kijkend naar de reflectie van het maanlicht op het water. Langs de nu uitgestorven en in duisternis gehulde boulevard zijn nog maar enkele stalletjes in bedrijf, zichtbaar in een zachte kring van licht dat verspreid wordt door een opgehangen olielamp. Het strand is zo goed als verlaten. 

©2012 Nescio

Reacties (5) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
mooie beschrijving
Bedankt voor je reaktie en compliment Ingrid
Bedankt Terra en DRIMPELS
Mooi verhaal geschreven zeker een DUIM waard.
Pork geeft hem.
DRIMPELS zijn als dromen in het water.
mooi en sfeervol beeld.