Slakken: wie kent ze niet.

Door Marvak gepubliceerd op Sunday 17 November 19:32

Wie kent ze niet:Slakken.

De vele soorten slakken die in een natuurlijke omgeving voorkomen.
De wegslak en de naaktslak
Zijn  ruig en niet gekield. De huid buiten het mantelschild is sterk gerimpeld. De ademopening is voor het midden van het mantelschild gelegen. De wegslak is rood, zwart,geel of bruin van kleur. Houd van plantaardige voedsel zoals de paddenstoel. Eet ook aas en uitwerpselen. Zijn vooral actief  ’s nachts en na een flinke regenbui. Komt graag voor in de bossen, tuinen en struiken

                                                       
De Knoopjesslak
De schelp is vlak en heeft windingen met talrijke dwars ribbels.De navelopening is groot.De mondrand is niet verdikt en heeft geen uitwendige tanden.De kleur van de knoopjesslak is bruinachtig met bruinrode vlekken.Komt voor onder stenen, in mosgrond of tussen rottende bladeren (humus).
De Maskerslak

Het huisje is bijna schijfvormig, behaard of met littekens van haren. De mondrand is teruggeslagen met inwendige 2 stompe tanden. De navelopening is groot. De maskerslak is bruinachtig van kleur. Komt voor in loofbossen, in bergachtige gebieden , onder bladeren, op hout en stenen.
De Steenslak
Het huisje is lensvormig en oppervlakkig fijn gekorreld. De mondrand is duidelijk verbreed. De navelopening is groot. De kleur van de steenslak is bruinachtig vaak met bruinrode vlekken. Komt voor op rotsen, muren en boomstammen.
De Wijngaardslak
De schelp is kogelrond met wijde opening. De wijngaardslak heeft een navelopening half bedekt,deze is lichtbruin met donkere spiraalbanden. Deze slak is de grootste huisjesdragende landslak. Van oktober tot april houd de slak zich schuil in de bodem. Het huisje is afgesloten door een winterdekseltje van kalk. De wijngaardslak komt voor in het struikgewas, op muren, in bossen en vooral op kalkbodems.                                                                           

De Heesterslak

Het huisje is bolvormig met een kleine navelopening. De heesterslak is geelbruin met een bruine rand en /of geel vlekkenpatroon. Komt voor in hagen, slootranden en loofbossen.

Een Huisjesslak
Heeft een spiraalvormige gewonden kalkschelp. De volgroeide huisjes zijn meestal met een verdikte en naar buiten omgeslagen rand. Komt voor in hagen,slootranden en loofbossen.
De Tuinslak
Heeft een verbrede mond maar geen navelopening.De tuinslak is geel- of roodachtig van kleur. Heeft vaak 1-5 donkere spiraalbanden. Komt  voor in tuinen, muurtje,onder hagen en open bossen.
                                                                     Marvak©2013

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.