Wonderlijke wisselvalligheden (5)

Door Weltevree gepubliceerd op Thursday 12 December 20:36

In dat theehuis in Mercato besprak deze man onze reis en uit de manier waarop hij dat deed sprak niet alleen veel ervaring, maar zeker grote innerlijke wijsheid al heeft hij enkel wat jaren basisonderwijs genoten. Hij vertelde dat er destijds wel chauffeurs waren die onderhands spullen van die UN voedselhulp verkochten, maar zijn gezicht sprak daarbij verontwaardigde boekdelen. Stelen? Zoiets doe je toch niet van giften, was hij pertinent! Nog zie ik die verlangende blik naar vervlogen tijden. Hij in zijn eentje aan het stuur van die gloednieuwe witte vrachtwagen met oplegger, dwars door het hooggebergte dat wij net achter ons gelaten hebben. Het had geen enkele zweem van opschepperij toen hij zei dat de Westerse bazen blij met hem waren en nu zie ik dagelijks hoe waar dat is. Accuraat, betrouwbaar, zorgzaam en geduldig, zonder zich negatief ergens over uit te laten.
Eindelijk zoeken de benevelde mannen hun bus weer op. Rust in onberekenbare stilte onder het sterrenloze stikdonkere firmament. Kou die met handen wrijven niet verdwijnt, die zich langzaam door het vlees wringt tot op het bot waar het zich hardnekkig vast zet. Geen maan te zien terwijl het nu al een aardige tijd droog is. Net als ik voor wil stellen om even de benen te strekken, buiten een sigaretje te paffen, is er beroering in de verte. Ali reageert alert, zit in de aanslag met zijn vingers om de contactsleutel. Twee hoofden schieten naar voren om tussen dat van Ali en mij door te kijken. Achterlichten gaan aan, uit en weer aan. In het licht van koplampen lopen mensen terug naar hun vervoermiddel en helemaal vooraan wordt de achterkant van een turkooise autobus verlicht die naar rechts moet ritsen. Wij staan al in de goede baan. Om ons heen enkel startende motoren, roepende mensen en rochelende uitlaten, alsof we met zijn allen de partituur volgen van een hypermodern muziekstuk, waarin onze opgeluchte zuchten een solo is toebedeeld.


De verwarming van de Landrover blaast op stand vier als we ratelend stapvoets op een roestige brug over rammelende planken rijden. Ook de Bati Beervrachtwagen met oplegger houdt zich kras en het wordt snel aangenaam warm binnen. Ik geniet van het unieke spelende lint van bewegende lichten dat de heuvel op slingert.
“Net kerstboomverlichting,” probeer ik blijdschap te verwoorden. Zonder veel respons, maar hoe dan ook ervaar ik het als een waar feestelijk festival in dit land waar men vroeg slaapt, zo 'n file niet vaak voor zal komen met zo weinige verkeer.

In het licht van de koplampen vormen de wuivende boomkronen langs de weg een speciaal voor onze feeststoet opgetrommeld ontvangstcomité. Veel sneller dan verwacht doemt in het inktzwarte schilderij van de voorruit een bundel lichtjes op.
“Gondar?” fluister ik verbaasd en Ali knikt opgetogen.
“We zijn er bijna. We zijn er bijna…Daar is Gondar al.” zing ik, wat enkel een loom gebrom los weet te wurmen. Tien minuten later parkeren we voor een rond gebouw aan de rechterkant op een verlicht plein en Ali verdwijnt als een haas om de hoek van het lichtgeel geverfde Gondar International Hotel.
“Meer bedrijvigheid dan ik in Addis meemaak. Daar kom ik ’s avond nooit op straat en kijk eens aan, Ethiopia  Internet zit pal naast het hotel. Dat bedoelde ik nou. Hier is toevallig internet. In Nederland zou men je erom uitjouwen, maar die vier verouderde bakbeesten onder dat TLlicht zijn hier het summum van modern. Als het werkt kunnen we morgen mail controleren.” Niemand reageert, dit optimisme valt verkeerd, ze zijn te moe. Voor we er erg in hebben zien we Ali weer om de hoek marcheren. Hij springt kwiek de auto in, overhandigt mij twee hotelkamersleutels met idioot grote houten blokken en zet de Jeep in de zijstraat tegenover de ingang.
“Nog op tijd voor eten, ” knikt hij uiterst tevreden en sjouwt meteen onze koffers naar binnen waar één van ons bij de receptie een handtekening moet zetten.
“Restaurant on First Floor. We serve western food.” zegt de jongen achter de balie en Ali haakt er naadloos op in: "Nice frensj poteetoos, goet wizz grien sellet en meet. Kom wizz mie.” Hij sjouwt de zwaarste koffers een geel betegelde wenteltrap met leistenen treden op en als we de rest van de bagage oppakken wordt hij bijna boos.
“Nee mis Dora, EmjE, u niet doen! Ik draag en ook mis Pee niet. Ik doe.” We hijsen ons via de leuning in ganzenmars achter hem aan omhoog door het trappenhuis naar de tweede verdieping waar we amechtig hijgend horen dat Pee de kamer om de hoek wil. Ali zet onze bagage voor de kale houten deur midden in de gebogen gang. Zodra alles boven is neemt hij afscheid en nee, hij eet niet mee.
“Morgen tien op klok ik kom, met benzine, olie controol en schoon wast jeep. Ik breng lady's naar oudste kerk van Ethiopia, is aller veelst beroemd. Middag misschien kastelen?  Is lange autoreis of als jullie moe kasteel voor over de morgen.” Ik zie twee tevreden hoofden heftig instemmen en voor we er erg in hebben springt Ali met twee treden tegelijk de trap weer af.

“Zo, die heeft haast, hahah. Waar zou hij nou slapen? Hij doet er zo geheimzinnig over.” zeg ik tegen niemand in het bijzonder. We staan met zijn drietjes in de gang van wat ooit het meest luxe onderkomen van Gondar moet zijn geweest. Met onzevuile schoenen op een rafelige reep gele vloerbedekking over terrakotta vloertegels die hun beste tijd hebben gehad. Over een kwartier zien we elkaar weer in het restaurant. Onze kamer is onverwacht ruim, simpel maar schoon, alles in diverse pasteltinten geel.
“Men houdt hier kennelijk erg van geel,” constateert Emje en valt languit op een bed.  Mijn nieuwsgierigheid wint van moeheid want wil eerst even tussen de gordijnen door kunnen te gluren.
“We zitten superdelux, joh, als vorsten kijken we Gondar. Normale bestrating. Kasseien zoals in  Nederland. Een gezellig pleintje, EmjE. Verlichte winkels aan de overkant, ramen er boven met luiken. De gebruikelijke onwaarschijnlijke zooi elektriciteitsdraden. Het hangt van hot naar her, dwars over het plein. Oh kijk nou, zelfs vlak voor ons raam, zo voor het grijpen, dus als je er genoeg van hebt... Wat een geluk dat ze hier internet hebben, he?“ EmjE ligt uitgeteld op haar rug, humt wat met gesloten ogen, mompelt iets over zoveel gevoeld, gezien, ervaren en eindelijk, jammie patatjes met groen..

“Wat vind jij EmjE? Zullen we een rustdag inlassen? Het lijkt alsof we al weken onderweg zijn. Te veel indrukken...” Ze knikt, zou het liefst onder de gele sprei wegkruipen, maar we moeten ons klaarmaken voor de beroemde Gondar International French Fries, haha

Stap over naar Oxxio

Help deze website en onze schrijvers, stap over naar Oxxio als energieleverancier.

Reacties (14) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Ja ... het bed zal héél welkom zijn nu!
ik zit weer helemaal mee met jou in Ethiopië!
snel verder lezen ....
Ik zag dat bij de vorige het vervolg nog geen link had, maar je hebt het toch gevonden, zie ik. Fijn dat je weer meereist...Alles goed bij jullie?
Ik ben gestopt nu maar morgen lees ik verder.
ik vind je altijd ... ook zonder link hoor!
Ik kan me voorstellen dat je aan een rustdag toe was.
Ik kan me voorstellen dat je aan een rustdag toe was.
En geen enkele melding waarom er een file was? Ach, jullie hebben jullie kanarie-hotel bereikt.
Nee, er zal wel een gat in de brug hebben gezeten? Of er stond een vrachtwagen die ze op de brug moesten repareren? Daar staan nergens van die elektronische borden met meldingen langs de weg en ze doen ook niet aan verkeersinformatie via de radio
Het is weer een mooi deel geworden big sis
Ik heb en paar delen gemist.....maar toch weer geboeid zitten lezen.
Ik heb en paar delen gemist.....maar toch weer geboeid zitten lezen.