Niemandsland tussen werk en vrij

Door Weltevree gepubliceerd op Friday 29 November 13:33

“Addis honderd ka em historie,” antwoordt Ali met zijn diepe rustige stem op mijn vraag hoever we inmiddels gereden hebben. Al honderd kilometer? Af en toe miezert het, wappert onze gids-  inmiddels weet hij dat de sfeer in zijn auto niet makkelijk op te pimpen is- met zijn ruitenwimpels over het gespikkeld grote oog van de voorruit. Soms kijkt hij even opzij naar mij en glimlacht. EmjE viert tijdens vakanties in de auto nooit frivool feest, maar ik hoop dat ze me nu onderweg niet erg mist, daar op de achterbank naast het stille stramme gefrustreerde brok schokbeton. Voorwaar...geen bijster opbeurend gezelschap, maar ik kan er niets aan veranderen. 

De omgeving lijkt uitgestrekt verlaten, hier en daar is een krakkemikkig bouwsel achter een plukje bomen te zien. Heerlijk rustig naast onze lieve Ali over de weg zoevend- ik ken dit stukje van de reis al- evalueer ik de ontstane situatie maar eens van een iets meer humoristische kant. De eerste schrik en natuurlijke verontwaardiging is weg ge-ebt. Er is daar op die 'gezellige' gaanderij nog wel een lang gesprek gevolgd tot het donker was, maar dat kwam naar mijn mening niet binnen en Pee’s rare waan delen EmjE en ik eenvoudig niet. We hebben er gisterenavond geen woord aan vuil gemaakt. Emjeetje kent me te goed. We zijn beide de mening toegedaan dat roddelen ieder conflict alleen maar heter opstoomt en de verhoudingen dieper in de drek trekt. Wij hebben ons die avond op het klamme bed over de kaart gebogen, het boekje erop nageslagen dat zij over Ethiopië heeft gekocht. Later, in bed, bespraken we het onzalige incident ook niet. EmjE is een wijze ziel. Ze laat zich door niemand manipuleren, in geen enkel kamp manoeuvreren. Mede daarom houd ik zo van haar en zij weet wie ik ben. Volgens ons zijn vunzige spelletjes méér het probleem van wie ze, om eigen minderwaardige redenen, spelen moet en de door hen gedoodverfde tegenstander kan er niets aan veranderen.

Pee echter, de accurate vakkundige en zogenaamd trouwe vriendin, die ik erg hoog had zitten als bestuurder, is met een noodgang door die mand gezakt. Toch heb ik ook, vraag me niet waarom, in zeker zin wat medelijden met haar. Ze is kennelijk een beetje dom, heeft geen enkel benul van wat wij hier al voor elkaar hebben gekregen. De schier ongelooflijke waarheid ligt nu gelukkig wel op tafel. Pee’s onbegrijpelijke desinteresse, haar niet mis te verstane lichaamstaal, viel gisteren in bed, naast de rustig snurkende EmjE, keurig en toch ietwat treurig op de plek en er zakte een last van me af. Het neemt een groot deel onrust weg dat ik me al Pattie's onlogische reacties niet heb verbeeld. 

  1. Wegkijken als Anannia zijn visie op ontwikkelingswerk geeft.
  2. Verveeld bij de meisjes, onze doelgroep nota bene, rondhangen tot het over is. Haha, hoe denkt ze zonder sister Phantou de juiste meisjes te selecteren, die de zuster het meest geschikt acht voor haar Frietkeuken?
  3. Niet weten hoe snel we bij de dramagroep weg moeten. Oef, ook nog naar dat stomme project? Schande, ik verpeste haar vakantie! Hihi, wat was ze wild woedend. Wist zij veel? Ze boorde mij daarmee meteen een bezoekje aan Katama door de neus...maar het paste wel perfect in CHAD-ET is op ons geld uit. Sjongejonge, heldin op sokken. 

Ga een ander bij de neus nemen, troeltje met de prikogen en je ontevreden samengeknepen smoeltje… Ach Dora, nou overdrijf je toch zeker? Kom op, het is altijd nog je vriendin, ze zal je deze rotstreek niet kwaadwillig hebben geleverd. Misschien is ze wel door Harrie’s wantrouwen besmet. Het zou me niets verwonderen als hij haar heeft opgestookt.
“Jij bent toch zo dol op exotische vakanties met Dora, Peetje. Waarom ga je niet eens kijken of zij de waarheid wel zegt in die Nieuwsbrieven. Het lijkt me echt te overdreven. Straks hangen we, hebben wij al dat werk gedaan terwijl ze daar vakantie viert, niets in de melk te brokkelen heeft.”
“Ach nee Harrie, zo is Dora niet, altijd eerlijk, zelfs op het vervelende af en ik heb haar nog nooit op een leugen betrapt.”
“Nou, Pee, dat moet je niet zeggen. Ik ken haar van vroeger en als puber dacht ze ook al dat ze de wereld naar haar hand kon zetten… en later als collega…, bladie bla”
“Ja, maar ik wil daar echt niet alleen naar toe, met al die vieze ellende.”
“Dan moet je Emje mee vragen. Twee vliegen in één klap, kunnen we meteen onze penningmeester in de gaten houden. Die twee zijn vier handen op ene buik en Henry is als PRman en haar ex-collega uiteraard óók op Dora’s hand. Dat is gevaarlijk Pee, brengt de machtsverhouding binnen de stichting uit balans en dan hebben we niets meer te zeggen over de centen.”

Misschien heeft ze niet door hoe ze zich voor het karretje laat spannen van de machtswellustige voorzitter, heeft ze er simpelweg door hem geen zuiver inzicht meer op. Als het niet zo hemelschreiend was zou je er een boek over kunnen schrijven, ware het niet dat geen enkele lezer deze krankzinnige wending nog geloofwaardig vindt. Verdomme, weer is bewezen: de realiteit is fantastischer dan wat ik, naïeve goedwillende idealiste, fantaseren kan.
Wat hebben die twee gesmoesd over mijn voortvarende wereldvreemde onbetrouwbare persoontje? Veilig ver weg, in hooghartig betweterig rijk en te ver door geregeld Holland, hebben zij zich uitgedacht hoe het zit met die gekke levenslustige domme Dora? Te gek voor woorden eigenlijk. 
Ik glimlach onwillekeurig toch. Waanzin. Hoe graag zou ik als vlieg bij Harrie en Peetje aan de wand hebben gehangen. Zomaar, uit vette privélol, want ik heb alles altijd met humor doorstaan. 
“Ja gezellig, kom vanavond, Pee. Doe je met me mee?” Zalig met hem wantrouwend vooringenomen  konkelen. Ik zie hen zitten, achter een bak oude koffie uit de D.E snelfiltermachien uit negentien honderd en tien van de door zijn ex gespaarde waarde punten. Samen aan die vergadertafel, indrukwekkend volgeladen met al mijn leuke folders en uiteraard is daar ook zijn onmisbare houten voorzittershamer bij aanwezig. Is dat niet een beetje al te kinderachtig bij zo’n stel enthousiaste vrienden met allemaal hetzelfde goede doel, dacht ik destijds. Ineens herinner ik dat ik meteen gniffelde om dat onnodige attribuut.

Oef, ik heb minstens een half uur niet opgelet. Mijn linkerbeen speelt op, een restant van de hernia en ik leg even mijn hand op Ali’s arm, vraag hem of we over een minuut of tien even kunnen stoppen. Hij knikt als ik in aangepast Engels zeg dat ik nooit langer dan twee uur in een auto kan zitten. Ik herinner me nog als de dag van gisteren welk een diepe indruk dit landschap op mij maakte toen ik met Alemu mee mocht naar Campoldja, hoe ik me regelmatig in de Bijbelplaten van de kleuterschool waande. De dames achterin ontwaren nu ook de eerste Tukuls, de gele ronde lemen hutten.
Er is zeer weinig verkeer op de weg en Ali’s rijstijl kan niemand als ruw of onbezonnen afschilderen. Tegen de glooiingen rondom ons wordt landbouw bedreven. Hoe verder we het binnenland inkomen, hoe authentieker de huizen worden. Een onregelmatige rij scheve, tegen elkaar geplakte, min of meer rechthoekige houten hokken, opgebouwd met palen, mogen zeker de term schilderachtig dragen. Tochtig en vochtig, want de grijze hemel in de achtergrond schijnt er doorheen. Openingen zonder vensterglas beloven weinig goeds over de welvaart die men daar binnen geniet.

Wat er buiten de auto te beleven valt, al zie ik het voor de tweede keer, boeit me steeds meer dan mijn gedachtekronkels en ik scheld zelfspottend tegen mezelf: truttebol, je moet jezelf loskoppelen van dat stomme stichtinggedoe, niet langer rond blijven roeren in die zure brei, die straks uiteraard op een opstapeling van idiote misverstanden blijkt te berusten. Dora ga nu van de vakantie genieten, eis ik streng van mezelf en net op dat moment stopt Ali de auto langs de weg, zoals hij me tien minuten geleden beloofde.

“Ja hallo? Wat nu weer? Waarom stoppen we in Godsnaam hier in the middle of nowhere?”
“Ik heb last van mijn been,” mompel ik zonder om te kijken, in het handschoenenvak graaiend naar mijn fototoestelletje. Zodra ik buiten de zuivere lucht opsnuif, de knapperig frisse kou voel, verdwijnen mijn moeizame herinner dingen als sneeuw voor de zon. Al is het maar voor even, ik wil deze gedenkwaardige druilerige dag als een bijzonderheid beleven. 

 

 

Stap over naar Oxxio

Help deze website en onze schrijvers, stap over naar Oxxio als energieleverancier.

Reacties (9) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Haha, had ik ook al gezien, ondertussen weer herschreven.... Dus ik haal bij de vorige dat stuk maar weg... Dank je voor je oplettendheid, hihi...
Ik wil beamen wat P1eter schrijft : schitterend geschreven!
Maar mag ik op iets wijzen lieverd?
de alinea boven de foto begint met :
Oef, ik heb minstens een half uur niet opgelet. Mijn linkerbeen speelt op, een restant van de hernia en ik leg even mijn hand op Aliâ??s arm, vraag hem of we over een minuut of tien even kunnen stoppen. Hij knikt als ik in aangepast Engels zeg dat ik nooit langer dan twee uur in een auto kan zitten ...
en het einde van vorig deel :
Oef, ik heb minstens een kwartier niet opgelet, mijn been speelt op en ik vraag Ali of we over een tien minuten even kunnen stoppen. Hij knikt als ik zeg dat ik nooit langer dan twee uur in een auto kan zitten ..
Er is geen probleem als men de delen apart lees, maar in een boek staat diezelfde zin wel dicht bij elkaar (of heb ik het verkeerd voor?)
sorry als ik muggezift hoor ... ik wil geen tweede Pee zijn :-)
Je bent haast niet te stoppen. Toen niet, ook nu niet. Op zich allemaal triest dat dit gebeurt, maar je zet het schitterend op papier!
Je bent haast niet te stoppen. Toen niet, ook nu niet. Op zich allemaal triest dat dit gebeurt, maar je zet het schitterend op papier!
Het is allemaal te belangrijk om de knop zo om te draaien. De hele geschiedenis blijft met flarden door het hoofd spoken.
Inderdaad, zoiets zet je niet zomaar af...
Niet te veel piekeren hè?
Even die malende gedachten uit je hoofd laten waaien.