Weg maar dichterbij dan ooit...

Door Avalon62 gepubliceerd op Monday 21 January 20:37

20 Jaar geleden vierde ik mijn moeders laatste verjaardag. Vandaag, 30 april zou ze 90 jaar zijn geworden. De foto hierbij is er een van jou mam toen je een meisje van 18 jaar was. Toen eindigde voor jou je rustige leventje. Toen kreeg je, omdat jouw moeder overleed, de zorg over je broertje en je zusters. Ik heb daar altijd een diepe bewondering voor gehad, hoe jij je door het leven heen hebt weten te slaan. Maar ook voor jou hield het een keer op...

30 april , je verjaardag. Negentig jaar zou je vandaag zijn geworden maar je bent al bijna 20 jaar fysiek niet meer bij me. Precies 20 jaar geleden op donderdag 30 april 1992 vierden we je laatste verjaardag. Je werd toen 70 jaar en je ging je 71e levensjaar in.

Je laatste verjaardag staat in mijn geheugen gegrift. Ik had 70 rode rozen gekocht want daar hield je van, van rozen. Natuurlijk ook een grote vaas erbij want zo groot had je ze niet. Voor je komende 71e levensjaar zat er een witte roos bij want dat hoorde zo zei de bloemist. Dus 70 rode rozen en 1 witte roos. Toen ik de bloemen in de vaas ging zetten zag ik dat de witte roos geknakt was. Ik wist meteen dat het je laatste verjaardag zou zijn die we samen zouden vieren. Dat juist die witte roos geknakt was, de roos voor jouw komende levensjaar…

Iedereen was er, alle kinderen, kleinkinderen, vrienden, buren. Zelfs de verpleegster die 30 jaar terug in het ziekenhuis jou verzorgd had toen je ernstig ziek was, zat in de kamer. Want ja mam, zo was het wel. Iedereen hield van je, was gek met je. Met kerst kon je letterlijk je hele muur behangen met de kerstkaarten die je kreeg. Je was een lieverd, zorgzaam, een echte oma, een lieve moeder en schoonmoeder en altijd dankbaar. Toch overheerste er een groot verdriet. Je had in een ver verleden al eens een kindje verloren van een paar dagen oud. Dat had je een plek weten te geven. Toen we na je overlijden je huis leeg moesten ruimen vonden we de rouwlinten en een plukje haar van dat kindje; Wimpie.

Twee jaar voor jouw laatste verjaardag overleed Piet, je zoon, op 36-jarige leeftijd. Ik weet dat dit je geknakt heeft. Dat je dat niet meer aan kon. Het was de druppel die de emmer deed overlopen. Hoeveel verdriet kan je als moeder dragen? En een kind verliezen is het ergste wat je als moeder kan overkomen.

Vanaf de dag dat Piet overleed heb ik je zien wegkwijnen. Gekke kwaaltjes, geen zin meer in het leven. Je ging natuurlijk door want wat moet je anders? Maar diep in je hart hoefde het voor jou niet meer. Je had genoeg verdriet in je leven gehad. Zelf je moeder verloren toen je 18 jaar was en daardoor de zorg van je jongere broer en zusters op je schouders gekregen. Een scheiding van de man die, zoals je tegen mij verteld had, je grote liefde was. Maar al dat verdriet droeg je, had je een plek gegeven maar nu ook nog Piet te verliezen was te veel. En ik wist dat het voor jou niet meer hoefde. Dat had je nooit met zoveel woorden gezegd maar als ik bij je was en we kletsten een beetje en je keek me aan dan zag ik het in je ogen. Het verdriet, de pijn, de levensvreugde was er niet meer.

Daarom was ik voor jou opgelucht dat je uit je lijden werd verlost. Gewoon ’s morgens vroeg, op de rand van je bed. Je brilletje nog op, je puzzelboekje en je pen naast je. Even een doorloper of een cryptogrammetje doen voordat de dag begon. Even de hersens trainen. Je bent gewoon voorover gevallen. Je hart stopte er gewoon mee.

Ik kan me niet anders herinneren dan dat ik altijd vrij was op je verjaardag. In de stad was het altijd feest, de vlaggen hingen uit en soms speelde er een drumband voor onze deur in Amsterdam “Lang zal ze leven”, speciaal voor jou. Dat had papa geregeld maar jij hield niet zo van in de belangstelling staan.

Zingen kon je ook, dat heb ik van jou geërft, mijn zangstem. Ik heb wat voor jullie gezongen in de kamer. En jij en ik ook samen. Dan stond er zo’n bandrecorder met van die grote spoelen op tafel en dan nam papa het op.

Twintig jaar mijn moeder niet meer bij me. Het eerste jaar dat je er niet meer was heb ik in een roes geleefd. In een diep gat viel ik want iedere dag ging ik wel even bij je langs. En vaak at ik bij je. Nergens anders heb ik lekkerder gegeten als bij jou. Stamppot zuurkool, hutspot, andijvie. De aardappelpuree die jij maakte krijg ik nooit zo lekker. En zondags altijd even een kop soep halen. Afwisselend groente- kippen- en tomatensoep. Als het even kon dan draaide ik de balletjes. Lekker klein hoor en niet van die grote bonken, zei je dan. En ’s avonds Yahtzee spelen tot diep in de nacht. Al die herinneringen, het zijn er zo veel en ze zijn niet in een korte samenvatting te vangen.

Je karakter was in en in goed. Oké, soms koppig en trots maar met een ongelooflijke mensenkennis. Meteen weten wat voor een vlees je in de kuip hebt. En je engelengeduld was bijna onaards. De liefde voor je kinderen en je kleinkinderen. En aangetrouwd vond je een naar woord want dat werden ook gewoon je kinderen. En die gaf je ook net zoveel liefde. Je omarmde ons met liefde en warmte. En als dat dan allemaal in een klap wegvalt dan is het alsof de grond onder je voeten weggeslagen wordt. Zo voelde dat voor mij. Het onverwachte, het telefoontje op mijn werk.

De avond daarvoor had ik nog voor je gekookt want je kwam die middag uit het ziekenhuis. Je moest daar een cardioversie ondergaan. Daarmee kon je hart weer in een goed ritme komen zeiden ze. Je had last van een onregelmatige hartslag dus dat moest verholpen worden. ’s Middags met het ziekenhuis gebeld en alles was goed, ik kon je komen halen. ‘s Avonds nog even bij je gezeten en wat geklets over koetjes en kalfjes. En dan de volgende morgen krijg je zo’n telefoontje waardoor je wereld instort.

Ik mis je nog steeds. En ik vind het zo ongelooflijk jammer dat mijn kind je nooit heeft gekend. Dat hij nooit bij je heeft kunnen logeren, heeft kunnen proeven van de heerlijke dingen die je kon koken. Dat hij nooit zal weten hoe jij ons als geen ander kon instoppen als we in bed lagen. Je humor, je lach, hij moet het allemaal van mij horen, de verhalen en de overleveringen.

In het begin toen je er niet meer was dacht ik iedere dag aan je. En soms had ik ook gesprekken met je. En als ik heel goed luisterde hoorde ik je soms in mijn hoofd antwoord geven. Naarmate de tijd verstrijkt sla ik ook wel eens een dag over met aan je denken maar je bent nooit echt uit mijn gedachte. Dat zou ook niet kunnen want jij zit ook in mij en natuurlijk had ik gewoon de liefste moeder van de hele wereld. In het begin voelde het als een gapende wond die niet wilde stoppen met bloeden. Maar die wond is toch geheeld en werd een litteken. De pijn werd minder maar het litteken bleef. Het allesoverheersende gevoel als ik aan jou denk is toch liefde en warmte. En dat maakt dat als ik aan je denk, ik altijd een glimlach om mijn mond heb, soms een traantje moet laten omdat ik na al die jaren best nog even bij je weg zou willen kruipen en je arm om me heen zou willen voelen. En als ik mijn ogen dicht doe en in stilte in mijn stoel zit dan kan ik die arm soms ook weer een beetje voelen.

Mama, ik hou van je, voor altijd en eeuwig!

Vergeten doe ik je nooit.

Jij bent weg maar dichterbij dan ooit…

Reacties (1) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Heel bijzonder eerbetoon... mooi.
Duim en een fn erbij.