Belevenissen van een verpleegster - 9: Doofblind en...?

Door Toontjehoger75 gepubliceerd op Wednesday 26 December 03:09

03038d12cac17996600dd5412326d3d7.jpg

Stagelopen

Het is lang geleden; Toontjehoger was een studente van een jaar of 20. Voor m'n opleiding MDGO-verpleging moest ik stagelopen in verschillende werkgebieden, omdat ik later zou mogen werken op vijf soorten terrein: ziekenhuis, psychiatrie, wijkverpleging, verpleeghuis en wat ze toen nog “zwakzinnigenzorg” noemden. Later zeiden we “verstandelijk gehandicapten”, weer later moesten we zeggen “mensen met mogelijkheden” - wat ik de meest vage term vond die je kunt bedenken. Maar daar zou ik nu dus een stage gaan lopen.

 

De midden in de Nederlandse rimboe gelegen locatie was ver van m'n studentenkamer en ook ver van m'n ouders. Ik had geen geld om daar in de buurt 10 weken lang een tweede kamer te huren, omdat ik al uitwonende beurs had en je dat nou éénmaal niet dubbel krijgt. En trouwens - wie verhuurt er voor 10 weken een kamer? Gelukkig woonden een lieve oom en tante van m'n moeder op een nog redelijke brommerafstand van het diep in de bossen weggestopte terrein, waarop onder meer het paviljoen stond waar men mij verwachtte. En die oom en tante, waar ik zomers al elk jaar een weekje logeerde, hadden wel een kamertje voor me.

71b835b65a1d4b0b126f34d35487c2a7.jpg

De Puch 

En zo tufte ik elke keer op en neer op de Puch Maxi van pa en ma. Openbaar vervoer was nauwelijks een optie - je moest een bus nemen, dan overstappen op een andere en de chauffeur van die tweede een buurtbus laten bellen. Vervolgens moest je ergens in een vaag dorpje een tijdje staan wachten in de hoop dat de buurtbus kwam en je wilde oppikken. Dan werd je ergens afgezet en moest je evengoed nog een eindje lopen. Instellingen voor verstandelijk gehandicapten werden - vooral vroeger - zo ver mogelijk bij “echte” mensen weggehouden. Maar op die OV-manier kon je nooit vroeg genoeg aankomen om om 7 uur te beginnen aan je dienst. Nee, dan was dat brommertje beter.

Wennen

Het was even wennen daar voor me, dat moet ik eerlijk zeggen. Ik werkte op een groep oudere mensen met een laag niveau. Toch, als je hen leerde kennen, was het best leuk met ze. Mijn collega's deden ook hun best om een huiselijke sfeer te scheppen en goed voor de bewoners te zorgen. En ik leerde ook eens mannen te wassen. Tijdens mijn eerdere stage, in een verpleeghuis op een groep met dementerende dames, had ik die kans nog niet gehad. Ik kwam er om wat te leren, tenslotte, en op deze groep was de drempel niet zo hoog. Van deze mannen hoefde je geen rare opmerkingen of verdwaalde handen te verwachten, wat elders wel eens voor kon komen.

Je maakte gewoon eens wat anders mee, daar. Er was een vrouw, die je in de gaten moest houden; als ze de kans kreeg, at ze uit een bloempot of asbak. Ook was er een vrouw, die diabetes had en van wie al een been afgezet had moeten worden. Ze lag op bed, want ze was al een tijd ziek. Maar ze was zo lief... En zo had iedereen daar z'n eigen-aardigheden, leuke, grappige, moeilijke en mooie kanten.

Ab

506c386fd97a5b3ed81b78b39ce31855.jpg

Één van de bewoners was Ab, een doofblinde, oudere man. Hij was er in de oorlog gebracht, toen hij nog vrij jong was. In de instelling zou hij veiling zijn. En al het overgrote deel van zijn leven woonde hij daar inderdaad veilig. Het rare was dat er weinig of niets over z'n achtergrond bekend was. Alleen z'n naam, dat hij doofblind was en verstandelijk gehandicapt. Maar familie had hij niet of niet meer. De instelling zorgde voor hem.

En hij was er thuis, leek tevreden te zijn. Hij was ook makkelijk te verzorgen - gewoon een lieve, oude meneer. Als Ab ergens heen moest, pakte je zijn twee handen en hielp hem opstaan, liep dan zelf achteruit, en zo liep hij vol vertrouwen met je mee. Hij kon immers wel lopen, maar niet zien waar hij liep. Ook kon je hem niet vertellen waar je heen ging of wat de bedoeling was, omdat je door zijn doofblindheid niet met hem kon communiceren. Tegenwoordig leert een doofblind kind zo snel mogelijk communiceren door middel van voelbare handgebaren en/of voorwerpen die iets duidelijk maken (zoals bijvoorbeeld een vork om aan te geven dat je moet eten). Maar hij had - voor zover bekend - nooit zoiets geleerd. Een gesloten, stille wereld.

4daf81129503b83c1c762b69c8f2f189.jpgSnoezelen

Er was een snoezelkamer op de groep, waar je iemand in een vrij moment mee naartoe kon nemen. Zo'n kamer is bedoeld om mensen op een prettige manier rust te geven: gedimd licht, een zacht kussen, ballenbak, rustig muziekje, bubbels in een ronde buis met gekleurd licht, dat soort dingen. Voor veel mensen met een verstandelijke of soms andere beperking een rustgevende plek. Zo ook voor Ab, al kon je hem niet veel laten beleven van wat er was. Maar met wat voelbare of geurige dingetjes was er toch nog wel wat te beginnen. Het was een uitje voor hem, al wist je nooit goed wat hij er nou van vond.


Doofblind èn?

Toch ging ik het me afvragen. Ab was dan doof en blind, en hij woonde al bijna z'n hele leven in een instelling voor verstandelijk gehandicapten. Maar wàs hij dat laatste ook werkelijk? Wat begreep hij van zijn omgeving? Wie was hij vanbinnen? Als hij in zijn jeugd had leren communiceren, was er dan voor hem misschien toch een mogelijkheid geweest om nog mèèr te leren? Hij kwam op mij toch ergens niet over alsof hij zo'n laag verstandelijk niveau had. Hoe dat kwam, dat kan ik je niet vertellen, dat was een gevoel. Maar soms begrijp je iemand juist puur door gevoel. Soms heb je geen woorden, of blik van verstandhouding nodig. Maar ik kon er natuurlijk niks mee. Met hem kon ik het er niet over hebben. Met collega's wel, maar wat konden die nog? Ab was al zo oud, het zou geen zin meer hebben. Maar na al die jaren vraag ik het me nog steeds af: Was Ab verstandelijk gehandicapt geboren, of was hij hooguit zo geworden, door gebrek aan leer-manieren?

Verwijzers

e433274409dd6d0630cf9de76bea55ba.jpg

En eigenlijk vraag ik me dit nu pas af, nu ik dit artikel al schrijf en er wat recentere informatie over heb gezocht en de term “verwijzers” - voorwerpen met een betekenis - tegenkwam: had Ab het misschien prettig gevonden om bijvoorbeeld een bakje met spullen te hebben, waarmee hij dingen duidelijk had kunnen maken? Een lepel voor honger, een beker voor dorst, een wc-rolletje voor toilet, een boomblad of iets dergelijks voor buiten, een stukje laken voor slapen, een stukje trui-breisel voor te warm of te koud, en zo verder? Andersom: had hij het prettig gevonden als je hem, voordat je hem ergens mee naartoe nam, “vertelde” wat er ging gebeuren?
En daarbij natuurlijk de vraag of het op deze leeftijd nog aan te leren was.

Hoe jammer ook; Ab schiet er niks meer mee op. Het is ook al zo lang geleden; hij zal inmiddels al overleden zijn. Maar de onbeantwoorde vragen blijven hangen in m'n hoofd, als ik terugdenk aan die stage.

Had ik, met de kennis van nu, wat meer voor hem kunnen doen?

                                                         6bef5a19ebb408b85a9f06b064e1e470.jpg

~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  ~  

 

Gelinkte artikelen van mijn hand:

Belevenissen van een verpleegster 1 - De weekvoeten
Belevenissen van een verpleegster 2 - Dirk in het donker
Belevenissen van een verpleegster 3 - De ouwe knorrepot
Belevenissen van een verpleegster 4 - Snuiven en prikken, spuiten en slikken
Belevenissen van een verpleegster 5 - Alleen ging hij heen...
Belevenissen van een verpleegster 6 - Geen plaats voor Maria
Belevenissen van een verpleegster 7 - Poep. Èn poepchic.
Belevenissen van een verpleegster 8 - De kleine man met de Grote Wasbloem

 

 

 

 

Stap over naar Oxxio

Help deze website en onze schrijvers, stap over naar Oxxio als energieleverancier.

Reacties (1) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Mooi verhaal over een waarschijnlijk eenzame man. Ik denk dat hij heel wat kansen in zijn leven gemist heeft en dat is jammer.