Dysfatische ontwikkeling: problemen met spraak en taal

Door Florence gepubliceerd op Wednesday 26 June 17:36

Dysfatische ontwikkeling is de banaming voor spraak-/taalproblematiek. Het is niet een achterstand in de ontwikkeling, maar een stoornis die nooit echt helemaal overgaat.

In dit artikel wordt uitgelegd hoe je dysfatische ontwikkeling herkent, hoe de diagnose wordt gesteld en hoe je kinderen met deze stoornis het best kunt begeleiden.

Dysfatische ontwikkeling is een nog niet zo heel bekende stoornis. Het stellen van een goede diagnose is niet eenvoudig en gebeurt maar al te vaak pas aan het eind van een lange rit langs verschillende onderzoeksteams. De opluchting bij ouders is dan ook groot, wanneer eindelijk duidelijk wordt wat er met hun kind aan de hand is. Dan valt opeens alles op z'n plaats.

Dat er iets met het praten niet goed is, was duidelijk. Dat het zo diep ingrijpt in het leven van een kind en zulke verstrekkende gevolgen kan hebben, is vaak nieuw. Gedrag dat doet denken aan een autistisch kind, kenmerken die lijken op ADHD, problemen met leren op school, extreme onhandigheid en nog veel meer, komen dan in een heel ander licht te staan.

 

HOE HERKEN JE DYSFATISCHE ONTWIKKELING?

 

Het eerste wat opvalt, is dat het praten niet goed op gang komt. Een kind van anderhalf à twee jaar moet op een gegeven moment woorden aan elkaar gaan koppelen tot kleine zinnetjes. Als dat uitblijft kan dat een eerste signaal zijn van een niet goed verlopende spraak-/taalontwikkeling (c.q. dysfatische ontwikkeling).

Achteraf blijkt vaak dat ouders al in een heel vroeg stadium hebben gemerkt dat er iets niet goed zat. Hun kind huilde bijvoorbeeld vaak, brabbelde eigenlijk nooit en er waren problemen met eten en drinken. Losse woordjes gebruikte het kind op een gegeven moment al wel, maar soms waren die ineens ook weer verdewenen. Over het begrijpen maakten de ouders zich geen zorgen. Dat zat wel goed. 

Als andere peuters al heel wat te vertellen hebben, kan het dysfatische kind niet meedoen. De drang om te communiceren is vaak groot, maar hij lijkt gevangen in zijn vermogen tot praten, met alle gevolgen van dien. Wat later is het vooral de onvolledige zinsbouw, het zoeken naar woorden en het rommelige vertellen, dat er voor zorgt dat het kind opvalt. Vooral omdat een dysfatische ontwikkeling zich op latere leeftijd anders manifesteert is het vaak moeilijk te zien wat er aan de hand is.

 

DIAGNOSE STELLEN

 

Het is niet eenvoudig om dyfatische ontwikkeling vast te stellen. Het vraagt veel kennis en ervaring. Eigenlijk kan zoiets alleen tot stand komen in goed overleg met verschillende onderzoeksteams. 

Er moet een duidelijk onderscheid gemaakt worden tussen een gewone taalvertraging en een stoornis. Bij een taalvertraging ontwikkelt zich alles wat later dan normaal. Een stoornis kan al de typische kenmerken van dysfatische ontwikkeling hebben. Vaak lopen aspecten van een taalvertraging en een taalstoornis ook door elkaar heen.

Bij heel jonge kinderen  is het beter om eerste een voorlopige diagnose te stellen. Na enige tijd kan die dan bijgesteld of bevestigd worden.     

 

OMGAAN MET DYSFATISCHE KINDEREN

 

Goed omgaan met een dysfatisch kind betekent je kunnen inleven in zijn situatie. Weten wat er aan de hand is heeft in de meeste gevallen al een positieve invloed op het omgaan met een dysfatisch kind. Gesprekken tussen hulpverleners, therapeuten en/ of leerkrachten en ouders/opvoeders kunnen het nodige bijdragen. Goede voorlichting is daarom erg belangrijk. 

Een dysfatisch kind leeft in een dromerige, onbegrensde wereld. Dat betekent dat voor hem warmte en veiligheid de basis van zijn bestaan moeten zijn. Alleen dan is het mogelijk zich goed te kunnen uiten.

Hier volgen een aantal tips die kunnen bijdragen in een goede omgang met en begeleiding van dysfatische kinderen:

* Zorg voor een omging waarin het kind zich prettig voelt. Er moet een goede relatie zijn, op basis van veiligheid en vertrouwen. Alleen dan krijgt het kind optimaal de kans zich spontaan te uiten. 

* Laat het kind in zijn waarde. Geef hem het gevoel begrepen te worden. Spreek hem aan op zijn niveau, niet te hoog maar zeker ook niet te laag.

* Ga na waar zijn interesse ligt. De belevingswereld van het kind staat voorop. Dat betekent dat je flexibel moet zijn en snel moet kunnen inspelen op wat het kind aangeeft.

* Zingen vergemakkelijkt het zoeken naar woorden. En spreken in een bepaald ritme of op rijm kan het kind enorm steunen bij het onthouden.

* Laat bewegen en praten samengaan. Liedjes en versjes met bewegingen dragen er toe bij dat woorden vlotter komen. Ondersteun het praten met gebaren en kijk of het maken van gebaren praten oproept bij het kind.

* Zorg voor een doorgaande lijn in het vertellen. Probeer de chaos er uit te krijgen. Laat zien dat alles een begin en een einde heeft. Geef hulp bij het beginnen, het doorpraten en het stoppen van een verhaal.

* Bevorder het in taal leren denken door voor het kind zijn ideeën en gedachten onder woorden te brengen.

* Probeer samen met het kind creatief te zijn in het bedenken van strategieën en het vinden van aanpassingen.       

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.