Een voorlees Kerstverhaal voor de kleintjes onder ons (en een beetje voor de groten...).

Door Arinka gepubliceerd op Monday 09 December 07:40

~Het Kleinste Boompje~

De sneeuwvlokjes dwarrelden zachtjes op de bomen neer in het bos. De maan scheen een klein beetje door de grotere bomen heen en een straaltje licht viel precies op een schattig lief klein boompje dat midden tussen een heleboel grote bomen stond.

De grote bomen waren allemaal heel zenuwachtig en het kleine boompje snapte er niets van. Wat is er dan, vroeg ze, waarom zijn jullie allemaal zo zenuwachtig?

Nou, vertelde een grote boom met zware stem, zoals je weet zijn wij dennenbomen. Elk jaar rond deze tijd komen de mensen naar deze plek om de mooiste van ons mee naar huis te nemen. Je zult begrijpen dat wij dat allemaal een beetje eng vinden.

Maar, vroeg het kleintje, wat gebeurt er dan precies? Wel, sprak de oude wijze boom nu weer, ze hakken onze stam om, of ze graven ons uit en dan worden we op een wagen geladen. Wat er daarna gebeurt, dat weten we niet helemaal zeker. Misschien maken ze wel openhaardhout van ons... en stoken het vuur ermee op.

Het kleine boompje was nu een heel bang klein boompje en ze vond het maar niks. Omhakken? Uitgraven? Vuur? Nee, zij bleef liever lekker hier staan!! Ze stond hier tenslotte prima, dus waarom zou ze iets anders willen? Nee, dat vond ze allemaal maar eng.

Wat je wilt, zei de grote boom, ik denk ook niet dat ze jou uitkiezen hoor, je bent nog zó klein! Normaal gesproken zou het boompje dat niet zo leuk hebben gevonden, maar nu dacht ze dat dat wel eens haar redding kon zijn en ze besloot zich nóg kleiner te maken dan ze al was.

Ze boog haar topje een beetje naar beneden en frommelde zich zo ver mogelijk op. Ze was nu echt een afzichtelijk klein boompje geworden.

Precies op tijd ook, want de eerste mensen kwamen het bos al inlopen. Alle andere bomen gingen trots rechtop staan en riepen Neem mij, neem mij!

Ze zag de mensen om de bomen heen lopen en ze aanraken. Keurend bekeken ze alle bomen, zonder ook maar een blik op haar te werpen, en zeiden dan tegen een grote man Die willen we. Ze gaven de man wat glinsterende dingen en daarna ging hij met een schep een boom uitgraven. De boom die aan de beurt was riep wel af en toe Au, maar ondertussen bleef hij ook stralen en lachen. Ja, ik ben uitverkoren! Ik ben de mooiste!

Het kleine boompje dacht Nou ik ben liever hier lelijk dan mooi ergens anders. Nadat er een paar bomen uitgegraven waren bleven er nog een paar achter. Met zijn allen stonden ze te praten over hun vrienden die vertrokken waren. Ik wil ook zo graag, zei een mooie slanke den. Ja, ja, sprak een andere brede boom nors, jouw tijd komt heus wel, je bent er mooi genoeg voor!

Het kleine boompje piepte ertussendoor en riep Ik blijf lekker staan waar ik sta hoor, mij niet gezien dat ik hier weg ga! De andere bomen keken alsof ze een beetje gek was, maar het kleintje was vastbesloten.

Zo ging dit een paar dagen door. Juichend werden stuk voor stuk de bomen weggehaald. Niet alleen de mensen die ze kwamen halen waren vrolijk, maar ook de bomen die mee werden genomen. Het kleine boompje begreep het niet. Waarom wilden ze allemaal weg? Ze maakte zich nog kleiner.

Het bos werd kaler en kaler, tot uiteindelijk alle dennenbomen waren weggehaald en midden tussen al die hoopjes aarde stond één klein zielig opgefrommeld boompje te bibberen. Het had haar zo’n goed idee geleken om zichzelf zo klein mogelijk te maken, maar nu ze eens naar het lege stuk bos om zich heen keek, wist ze dat niet meer zo zeker.

Natuurlijk was ze bang om omgehakt of van haar plekje gegraven te worden, maar nu ze hier helemaal alleen overbleef wist ze niet meer zo zeker of het wel een goed idee was geweest om hier te blijven staan. Het was namelijk wel erg eenzaam zonder al haar vrienden!

Na een lange eenzame nacht besloot ze dat ze zo niet wilde blijven staan en ze probeerde zichzelf wat op te knappen. Ze strekte haar takjes eens goed uit, schudde met haar kopje en maakte zich zo groot mogelijk. Ze bleef evengoed maar een kleintje, maar ze probeerde te stralen zoals ze de anderen had zien stralen. De hele dag stond ze zo te wachten tot iemand haar kwam halen, maar er kwam niemand.

De volgende dag was ze nog eenzamer dan ze zich al gevoeld had, maar ze gaf de moed niet op. Ze riep Kom me dan halen, hier sta ik!! En weer bleef het de hele dag stil om haar heen. Ze werd erg verdrietig. Had ze haar kans gemist? Moest ze hier nu altijd alleen blijven staan?

Langzaam biggelde een traan over haar groene wangetjes. Waarom was ze toch zo eigenwijs geweest? Zo in haar eentje hier in het bos was er helemaal niks aan. Ze wilde nu zelfs wel omgehakt worden. Het maakte haar niks meer uit, als ze hier maar niet alleen moest blijven staan.

Het werd alweer donker en een lange eenzame dag kwam ten einde. Het kleine boompje begon de moed op te geven en ze liet zich weer in elkaar zakken. Ze was te laat, nu moest ze hier alleen blijven. Ze snikte van verdriet.

Plotseling hoorde ze een kindje roepen Hier papa, hier staat er nog eentje, kom snel!! Ze zag een klein jongetje aan komen rennen en hij liep recht op haar af. Ze maakte zich zo groot mogelijk en begon enorm te stralen. Ze riep Kijk eens hoe mooi ik ben, alsjeblieft, neem me mee!

Achter het jongetje aan kwam een grote man aanlopen, over zijn schouder had hij een grote schep liggen en hij stopte bij haar! Hmmm, bromde hij, niet echt een geweldig grote boom hè. Wat een ukkie!

Maar papa, riep het jongetje, ik ben toch ook een ukkie, en ik ben toch ook goed, ik vind het een hele mooie boom. Zullen we hem nemen, zullen we hem nemen?, begon hij nu dwingend te vragen en hij hupte ondertussen om zijn vader heen. Nou, zei zijn vader, we hebben niet heel veel keus geloof ik en je hebt gelijk. Klein maar fijn hè jochie!

Precies papa!, zei het jongetje gelukkig. Zijn vader greep de schep goed vast en met een paar scheppen groef hij het boompje uit. Het boompje dacht Goh, dat viel best mee. Ze had gedacht dat het veel meer pijn zou doen, door al het gekerm van de grotere bomen.

Ze werd bovenop het dak van een auto gebonden en ze voelde hoe de auto voorzichtig begon te rijden.

Met de wind door haar takjes glunderde ze de wereld tegemoet. Ze was ook uitgekozen! Ze voelde zich enorm vereerd, ook al wist ze heel goed dat ze het laatste boompje was geweest. Het maakte haar niks meer uit, ze hoefde nu in elk geval niet nog een nacht helemaal alleen in het donker te staan.

Ze kwamen bij een huis aan en daar kwam de moeder van het jongetje al naar buiten lopen. Terwijl ze naar het dak van de auto keek zei ze Wat een mooie boom zeg! Wie heeft die uitgekozen?

Ik mama, zei het jongetje nu en hij leek bijzonder trots te zijn. Goed gedaan hoor, zei zijn moeder. Nou kom gauw binnen, ik heb warme chocolademelk en dan gaan we straks de boom versieren. Help jij dan mee Valentijn? Het jongetje begon te juichen en het boompje voelde zich vrolijk worden dat zij blijkbaar zonder iets te doen een ander zo gelukkig kon maken. Ze voelde dat ze nog meer begon te stralen.

Terwijl het jongetje met zijn moeder warme chocolade zat te drinken, werd het boompje door de vader in een mooie pot gezet. Ze kreeg wat aarde, wat zand en een flinke slok water. Hmmm, ze voelde zich zo fijn. Hij zette wat dozen bij haar neer en zei Zo, jullie kunnen aan de slag hoor!

De moeder en het jongetje maakten de dozen open en het boompje voelde hoe ze allerlei dingetjes aan haar takjes hingen. Na een uurtje gerommel aan haar takjes zei de moeder Ja hij kan hoor! En ze hoorde achter zich hoe de vader met een stukje plastic begon te morrelen.

Tadáááá!! riep hij en ineens werden al haar takjes verlicht. Ze had nog nooit zo gestraald, zelfs niet toen ze in de maneschijn stond. Ze voelde zich het allermooiste boompje op de wereld.

Het jongetje danste om haar heen en was uitzinnig van vreugde. De moeder stond goedkeurend te kijken en de vader sloeg zijn arm om haar schouders. Fijne Kerst lieverd. Ja, fijne Kerst schat. Ze knuffelden met zijn drieën en het boompje voelde zich geweldig. Wat was dit fantastisch zeg! En ze voelde nu Dit was waarvoor ze was gemaakt. Ze had zich nog nooit zo gelukkig gevoeld.

Dagenlang mocht ze het feest beleven van licht en warmte. Alle mensen waren lief en vriendelijk voor elkaar en ze genoot van alles wat ze hoorde en zag. De Kerstman die pakjes bracht, de heerlijke geur van eten, de muziek die mensen speelden en de liedjes die mensen zongen. En van alle mensen die bewonderend naar haar keken en zeiden Wat een mooie boom zeg! Haar leven was prachtig.

Helaas kon haar geluk niet blijven duren. Haar naaldjes begonnen uit te vallen, ook al kreeg ze trouw elke dag een lekker slokje water, en ook haar takjes werden slap. Op een dag hoorde ze de moeder tegen de vader zeggen Morgen moet hij echt weg hoor, anders zit ik met al die naalden in mijn tapijt! Hij begint echt dood te gaan.

Ja, ik zal hem wegbrengen, zei de vader. Het boompje voelde zich triest, ze wilde helemaal niet dat er een einde aan kwam. Maar ze begreep wel dat zij daar weinig aan kon doen.

De volgende dag werden haar takjes leeggemaakt en ze werd door de vader weer bovenop de auto geladen. Ze was echter niet meer bang zoals ze eerst was geweest, ze had aanvaard dat dit haar leven als boom was. Ze had vreugde gegeven en nu was het tijd om te gaan. Ze moest misschien wel sterven, maar ze had een geweldig leven gehad.

De vader reed met haar naar een stukje land en terwijl ze van het dak werd getakeld hoorde ze bekende stemmen roepen Hé, daar heb je die kleine! Ze keek waar het geluid vandaan kwam en zag daar in een grote kring al haar vrienden staan. Zij waren allemaal weer ingegraven en stonden er weer bij alsof ze nooit waren weggeweest.

Ze zagen er allemaal net zo gelukzalig uit als zij zich voelde. Ja, jongens hier ben ik! Geweldig hoor, waarom hadden jullie me dat niet verteld dat het zo leuk was om meegenomen te worden? Tja, sprak 1 grote boom toen, omdat jij eigenlijk de allermooiste was van ons allemaal en we waren een beetje bang dat we anders zelf zouden blijven staan. Sorry, zeiden sommige bomen, dat was niet eerlijk van ons. Geeft niks hoor, zei het boompje vergevingsgezind, ik was misschien wel de laatste, maar ik heb het fan-tas-tisch gehad.

De vader had het boompje nu bij de andere bomen gezet en schepte nog een laatste beetje aarde op de wortels. Bedankt boompje, misschien tot volgend jaar, sprak hij en hij streek even over haar takjes.
Graag gedaan hoor, zei het boompje vrolijk, wat de man natuurlijk niet kon horen, maar dat gaf helemaal niks.

Terwijl hij weg reed met zijn auto, begon het boompje te vertellen over alle spannende en leuke dingen die ze had meegemaakt. En alle bomen hadden zo hun eigen verhaal, wat ze mochten vertellen. Het was een geklets van jewelste, wat natuurlijk alleen maar leek op het ruisen van de takken. Ja, bomen hebben zo hun eigen geheimen!

En terwijl de maan zachtjes op de bomen scheen, beseften alle bomen zich goed hoe fijn het was om anderen gelukkig te maken. En ze waren nog maar om 1 ding bedroefd, dat ze maar liefst een heel jaar moesten wachten tot het weer zover was!

 

IK WENS JULLIE ALLEMAAL HELE FIJNE KERSTDAGEN

MET GELIEFDEN, VRIENDEN EN FAMILIE. 

Reacties (5) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
"Verder, mamma, wilt u het verder maken?" - aldus m'n jochie. ;-)
Het blijft een mooi verhaal. Staat in mijn sprookjesboek.
Een heel mooi Kerstverhaal en ik ga het aan de kleintjes voorlezen Duim Taco
Prachtig Kerstverhaal.
Een schitterend Kerstverhaal. Heel leuk om voor een groot publiek gebruikt te worden, inderdaad. Ik zou zeggen: dit verdient een link...