Een lijk in de kast.

Door Jacobjones gepubliceerd op Friday 28 September 12:08

Dit is een kortverhaal ontsproten aan mijn fantasie. De titel lijkt misschien vreemd maar het zou iedereen zomaar kunnen overkomen zeker in het buitenland.

Hoe het allemaal begon:

Een paar jaar geleden, ging ik naar de begrafenis van oom Raf. Het was lang geleden dat ik de familie nog eens had gezien vooral omdat iedereen ver van mekaar woonde. Na de dienst en de koffietafel gingen we samen naar het huis van oom Raf om een aantal spullen onder mekaar te verdelen. Eén van de items die ik meekreeg was een vliegtuigticket naar Sicilië. Vlak voor zijn dood had oom Raf blijkbaar een reisje geboekt naar Italië. Naast het ticket was er ook een reservatie in een hotelletje met de rare naam "Casa di orrore". Jammer dat hij dat zelf niet meer kon meemaken. Gezien ik vrij had die periode, was ik de gelukkige om in zijn plaats deze reis te maken.

Het vreemde hotel:

Ik nam dus het vliegtuig richting Sicilië. Eens aangekomen in Palermo, nam ik een taxi die me naar de "Casa di orrore" bracht, een hotelletje in de buurt van Trapani. Ik betaalde de chauffeur en ging met mijn koffer het miezerige hotelletje binnen. Aan de receptie zat er een man, het leek wel een typetje uit een Italiaanse maffiafilm. Ik haalde mijn papieren boven en in mijn beste Engels gemengd met een aantal woorden Italiaans schreef ik mij in. De receptionist gaf mij mijn sleutels en toonde mij de richting van mijn kamer. Ik moest door een smalle gang en aan het einde nam ik een draaitrap naar de eerste verdieping. Ik had kamer 13. Ik was niet bijgelovig dus ik opende zonder enig probleem de deur van mijn hotelkamer. Het was een redelijk grote kamer met een groot dubbelbed en een lange kleerkast. Er was precies nog een andere deur die ook toegang tot de kamer gaf maar die was op slot. Ik hechtte daar geen aan dacht gaan.  Ik zette mijn valies naast het bed, ik opende de gordijnen en keek door het raam. Ik had een mooi uitzicht op het heuvellandschap.

Een lijk in de kast:

Nadat ik mijn jas aan de stoel van mijn bureau had gehangen, legde ik mijn koffer plat op het bed en haalde mijn kleren eruit. Ik opende de linkerdeur van de kast en ik legde er mijn ondergoed, mijn hemden en mijn sokken in. Daarna opende ik de rechterdeur van de kleerkast. Ik schrok me een hoedje toen daar het lijk van een man uitviel. Ik liep de kamer uit in de richting van de receptie. Van alles spookte door mijn hoofd. Wat moet ik doen? Ik stopte even op het einde van de gang. Moest ik de Italiaanse politie waarschuwen? Zou ik de schuld krijgen? Zouden ze mij geloven dat ik het lijk gewoon had gevonden? Of zou ik gewoon wegvluchten richting huiswaarts? Na vijf minuten te hebben nagedacht, besloot ik dan maar om te blijven en naar de receptie te gaan. Ik had niets te maken met dat lijk en gezien het forensische onderzoek een echte wetenschap was geworden, was ik ervan overtuigd dat mijn onschuld zou kunnen bewezen worden. Ik rende de trap af en kwam aan de receptie. De receptionist was er niet. Dus belde ik verschillende keren op de hotelbel. De receptionist kwam plotseling van achter de hoek aangeschuifeld. In mijn beste Italiaans probeerde ik hem duidelijk te maken dat hij mee moest komen. Ik sleurde hem praktisch van achter zijn desk. Uiteindelijk volgde hij mij.

Wat was er aan de hand?

We wandelden door de smalle gang, namen de draaitrap naar de eerste verdieping tot aan kamer 13. Ik duwde hem als eerste de kamer binnen en verborg me achter zijn rug. Hij draaide zich om en zei in zijn beste Engels: "There's nothing here."  Ik keek naar de kast maar er was geen lijk meer te zien. Toen keek ik in de kast, achter de gordijnen, in de badkamer, maar er was niets te zien. Had ik nu gedroomd? Ik kon mijn ogen niet geloven. De receptionist verdween dan maar en ik pakte mijn koffer verder uit. Daarna ging ik naar buiten om de buurt te verkennen. Later op die avond kwam ik terecht in een pizzeria. Ik zat daar alleen aan een tafeltje en bestelde een lekkere pizza de la casa. Van iedereen die binnenkwam in het restaurant vroeg ik mij af of het maffiosi waren.

De volgende nacht:

Na mijn maaltijd, ging ik terug naar mijn kamer om te slapen. Ik kon niet slaap geraken, ik moest constant aan dat lijk denken. Toen ik na een paar uur woelen in bed, uiteindelijk in slaap viel, werd ik gewekt doordat het raam van mijn slaapkamer openvloog. Ik sprong uit mijn bed en keek met mijn kop door het raam maar er was geen beetje wind. Ik vroeg me af hoe een raam kon openvliegen als het buiten niet eens waaide. Ik sloot dan maar het raam en kroop terug in bed.

Het antwoord:

De volgende ochtend verkende ik verder de mooie streek. Ik ging dus naar de lokale dienst voor toerisme om informatie te krijgen over de bezienswaardigheden op Sicilië. Per ongeluk stootte ik op een folder over het hotel waar ik verbleef. De folder was in het Engels opgesteld. Ik bladerde door de folder en las "Are you not affraid of a body in the wardrobe or a ghost that comes to visit in the middle of the night, this is the place for you." Ik was dus gelogeerd in een spookhotel waar lijken uit de kast vielen, bloed uit de douchekraan stroomde of waar ramen zomaar openwaaiden.

 

Reacties (1) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Wat leuk geschreven, van mij mag je altijd je fantasie gebruiken! Duim!