Ik heb de zomer in mijn bol door de Alpe d’Huzes

Door Stormerwout gepubliceerd op Wednesday 16 January 09:36

Ik heb de zomer in mijn bol, want de hele tijd slaan mijn gedachten op hol. Het staat niet stil daarboven. Het maalt en maalt en briljante plannen worden gesmeed. Het lijkt wel of de rust is toegeslagen en er eindelijk weer meer plaats is voor een hele hoop inspiratie. Het fietsen voor kanker houdt me bezig, elke dag. De eerste sponsoren meldden zich al aan en dat maakt me nog enthousiaster dan ik al was. Als eenzame fietser ging ik vandaag op pad. Met het ijs op mijn muts kwam ik aan op mijn werk.

Er zijn al wat bedragen toegezegd en die zou ik meteen kunnen delen, maar dat zou niet fair zijn tegenover de sponsoren zelf. Zij zouden zich immers meteen verplicht voelen om snel te betalen en afgeremd voelen om meer of minder te betalen dan ze beloofden. Elke Euro helpt natuurlijk, dat mag duidelijk zijn. Liever 2500 sponsoren van één Euro dan één sponsor die 2500 Euro beloofd en het niet nakomt. Dan sta ik mooi voor schut daar in de Alpen op zes juni 2013!

De voorbereidingen zijn in volle gang. Ik heb me ingeschreven, ben uitgeloot en heb me aangemeld voor de sportkeuring. De kleding is besteld en stiekem ben ik al wat in training. De vorm voor de weg bouw je immers in de winter op. Vanmorgen ging mijn wekker zoals gewoonlijk al vroeg. Ik maakte me een voorstelling van hoe ik door dit gure koude weer krakend met mijn banden over het bevroren fietspad, zo’n vijftien á twintig kilometer door de ijzige kou moest fietsen.

Diep ingepakt met een warme broek, een paar oude dienstschoenen, een dikke trui gekregen van mijn lief en daarom heen mijn jas shawl en een muts op mijn hoofd, liep ik naar de schuur in de achtertuin. Even twijfelde ik of ik niet lekker zwak nog een half uurtje aan de keukentafel gezellig een bak koffie zou doen met mijn gezin. Achter mij hoorde ik de o zo schattige stem van de kleinste: “Papa”. “Papa werken!”, zei ik en ik liep door de tuin in. Onder mijn voeten kraakte de bevroren sneeuw knoerthard. Ik schrok een beetje, want de buren lagen allemaal nog op één oor. Ik opende de schuurdeur en zag mijn vertrouwde stalen ros staan. Ik tilde aan het stuur en rolde het achterwiel over de drempel. Er was geen weg meer terug, alleen een weg naar het werk. Krakend rolde mijn fiets vrolijk door de achtertuin de woonkamer binnen.

Handig die kou, want er blijft geen vlok sneeuw aan je banden hangen. Nadat ik mijn schoenen uitklopte kon ik zonder de vloer vies te maken, doorlopen. Muts op, muziek in de oren en trainen om die kankerberg op te rijden! In mijn alledaagse kloffie dan wel, maar dat houdt me niet tegen om als een zot te keer te gaan op dat fietspad. Een laatste kus en een knuffel, een verkouden “Doei!” en ik ging de koude tegemoet. De eerste bocht herinnerde mij er aan dat ijs toch verraderlijk glad kan zijn. Met twee benen uitgestrekt ging ik op twee wielen door de bocht. In mijn oren een heerlijk Spaans muziekje, alsof het zomer was!

De zon scheen, de lucht was blauw en onder mijn wielen voelde ik het ijs denderen. “Rechtdoor fietsen, niet sturen!”, herinnerde ik mij de woorden van de ploegleiders in mijn wielercarrière. Die ervaring had ik al genoeg gehad. Links langs de paaltjes en de ideale lijn over het fietspad dus, gas er op! Die gladde weg mocht mij niet tegenhouden om als een zot door te rijden. Risico’s nemen op de fiets kan zo heerlijk zijn. Eén auto van rechts kon er voor zorgen dat ik moest remmen en dus onderuit ging over de bevroren straatstenen bedekt met ijzige sneeuw. Niets stond mijn risico’s in de weg gelukkig en de tocht ging verder. Binnen twintig minuten reed ik door de binnenstad en ik zag in de verte al het eerste viaduct over de rondweg liggen. Gas er op!

Na het tweede viaduct lachte de natuur van het buitengebied me tegemoet. Wat Shetlandpony’s stonden dicht tegen elkaar aan in de wei. De damp uit hun neusgaten gaf aan hoe koud het moest zijn buiten. In de verte zag ik een wandelaar met zijn hond, maar toen ik dichterbij kwam was hij al verdwenen in de mist rechts op een weiland. Wat zag het er hier betoverend uit. Door de koude lag de mist op het besneeuwde landschap, vlak boven de grond. Hier en daar dook ik met mijn hoofd boven de deken van nevel en zag ik het glinsteren van de ijskristallen door het felle licht van de zon. Ondanks dat de weg hard was van de kou, voelde ik de warmte op mijn gezicht van de zon. De gure wind bracht me weer terug in de realiteit en liet me afdwalen naar die berg in de Alpen.

Hoe zou het er daar nu uit zien? Het was nu niet mogelijk om daar met de fiets op te rijden. De namen van beroemde renners, mijn helden, moesten wel bedolven zijn onder de sneeuw en het ijs op de Alpe d’Huez. Zij zullen volgend jaar, zoals dit jaar, in de bandensporen van de rijders tegen kanker fietsen. Zij zullen een dikke maand na de Alpe d’Huzes, daar ook fietsen en misschien wel bedenken dat daar gestreden is voor een goed doel. Opgeven is geen optie, ook niet in de Tour, al moet daar wel eens een renner uit de wedstrijd omdat hij sneuvelt. Die kans is er bij mij ook. Als ik me bedenk hoe ik als een zot tekeer ga in de winter over koude besneeuwde wegen en paden, is dat niet anders wanneer ik na de klim van de Alpe d’Huez naar benden raas. Met de neus op mijn stuur, mijn ellenbogen naar binnen gedrukt, kont in de lucht, zal ik mijn gewicht van links naar rechts verplaatsen op dat kleine zadeltje om zoveel mogelijk plezier uit die afdaling te halen.

De kilometers vliegen voorbij en in de verte zag ik een besneeuwd bevroren zandpad langs het spoor liggen. Normaal zou ik daar niet voor omrijden, maar nu had ik zo mijn twijfels. Ach wat! Gas er op! Gewoon doen! En dat heb ik geweten. Die vijf minuten die ik er normaal over doe om daar overheen te denderen werden er zeker tien. Met moeite en pijn in de bovenbenen zwoegde ik krachtig over het karrespoor. Hier en daar schoot mijn voorwiel uit het spoor en werd ik afgeremd door de rauwe sneeuw. Wat was het heerlijk om zo één te zijn met de natuur en de fiets! Hijgend en snotterend kwam ik van het karrespoor weer op de weg. Een man rechts van mij opende juist de poort naast zijn woning en knikte vriendelijk naar me. Het ijs op mijn muts moet verraden hebben dat ik al even onderweg was. De man keek me respectvol na en ik stak vlug het spoor over.

De motivatie zit er in! Nu de sponsoren nog! Meld je aan via kankerberg@gmail.com

Een crowdfunding project is gestart! Klik hier

Reacties (13) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Volhouden en duimen op hier.
Goed man! Mooi geschreven en wat een ervaring gaat dat worden!
Ga zo door!
Groeten van een Roparunner :-)
Een geweldige prestatie ga je neerzetten......voor een prachtig doel!
Wow Stormerwout! Geweldig dit.. Op mijn facebook gedeeld.
Weer een tweet uitgebracht....
Wat 'n motivatie breng je naar voren met dit verhaal, knap hoor!
Als je nu al zo hard te keer gaat, vlieg je straks die berg op alsof er een extra motortje in het frame zit. Een man naar mijn hart...maar niet tegen de vlakte knallen anders zit je met gebroken ledematen straks