Hij kroop 550 km zwaargewond na een aanval van een beer,Een compleet kort verhaal van Hugh Glass ,Door Josh

Door Josh gepubliceerd op Friday 06 December 15:52

Een volledig verhaal over een pelsjager rond 1823.

Gebaseerd op ware feiten.

Dit artikel is gebaseerd op een  waargebeurd verhaal,de eerste feiten komen uit het tijdschrift  Port Folio uit maart 1825.
The Revenant is ook een titel van een film gebaseerd op een gelijknamig boek over dit onderwerp, deze zijn niet van invloed geweest op dit verhaal.   

Fictief verhaal gebaseerd op ware feiten. Door Josh.
4 hoofdstukken.
f0e9f8946a24682f0eb32215cb46472d.jpg

Ik breng u terug naar 1823.

Het wilde westen, de ongerepte natuur in South Dakota.

Deel 1 Survival in the west.   Anno 1823 

 

Hij wreef over zijn ongeschoren kin terwijl hij de mannen voor zich observeerde, stuk voor stuk ruwe bolsters, gewapend en bezig hun paarden te bepakken.
De mannen gingen op expeditie en dat was waar ook hij "Hugh Glass" zijn zinnen op had gezet. 
Het was nog vroeg in de morgen maar de zon stond al te branden.
Onverschrokken trad hij op hen toe, zijn bepakte paard achter hem sjokte aan de leidsels mee.
De mannen keken op toen hij aankwam en keken hem met een vorsende blik van onder de rand van hun hoed aan.

Even was het stil, Hugh spuugde een straaltje  pruimtabak op de grond waar hij al een tijdje op aan het kauwen was.
"Waar is jullie leider" ? vroeg hij.   
Met een hoofdknik stuurde de eerste man hem naar de deur van een krot dat net iets mooier was dan de rest van de bouwvallige gebouwen die in de omgeving stonden, hij kwam oog in oog te staan met een energieke kerel van een jaar of 35 die zijn geweer aan het controleren was.
Alert keek hij op toen Hugh binnenkwam.
Hugh begroette hem met een korte hoofdknik.
"Heb je nog plaats in je expeditie?" , vroeg Hugh. 
De expeditieleider nam hem van top tot teen op,  "kun je goed met een geweer omgaan?"  was de wedervraag.

Hugh knikte.

ec59ea3cb05141c2db9e34e78e3b3adcdHVzc2Vu

Twee uur naderhand reden de pelsjagers door het wilde gebied, hun ogen goed de kost gevend om gevaren tijdig te ontdekken en loerend naar prooien.
De ruwe mannen hadden geen oog voor het schitterende landschap, maar Hugh snoof de lucht op.
Zijn diepe ademhaling zorgde ervoor dat de zuivere lucht door zijn hele lichaam werd verspreid en Hugh voelde zich er beter en alerter door.
Af en toe hadden ze vrij zicht op een bergketen die Zuid Dakota scheidde van Wyoming en die van grote afstand te zien was.
Jaren later tijdens de goudkoorts zouden de bergen bekend staan als de Black Hills.
Een paar honderd mijl naar het noord oosten lag de Paha Sapa, eveneens een bergketen in het zuid westen van zuid Dakota.
Dichterbij zag je rotsformaties die wisselden met open vlaktes en groene bossen.
Door verscheidene  beekjes stroomde het water vrolijk kabbelend naar lager gelegen gebied, waar ze samen kwamen om uiteindelijk via de Missouri River in "Lake Oahe" te vloeien. 

Om meer kans te creëren wilde dieren op te merken reden de mannen 50 meter  van elkaar.
Zo zouden ze ook niet zo snel gehoord worden door de dieren dan wanneer ze in een groep reden.
Hugh hoorde een geluid die de anderen ontgaan was, hij hoorde het geluid van twee spelende jonge beren.
Hij leidde zijn paard in de richting van het heuveltje waar het geluid vandaan kwam en steeg behoedzaam af.
De anderen waren iets verder doorgereden maar zij zouden wel terugkomen als ze bemerkten dat hij achterbleef.
Voorzichtig keek hij vanachter een rotsblok over de heuvel en zag de kleine beren ravotten.
Met zijn geladen geweer in de aanslag steunend op de rots bleef hij even gefascineerd kijken.
Hugh had altijd meer oog voor de natuur gehad en genoot van zo`n aanblik.

Waar kleine beren zijn moest ook een grote beer in de buurt zijn en zijn ogen speurde de omgeving af.
Plotseling !  Een diep gegrom achter zich. 
Razendsnel keerde hij zich om en noodgedwongen schoot hij met zijn geweer direct op een machtige grizzlybeer die hoog boven hem uittorende.

f0e9f8946a24682f0eb32215cb46472d.jpgHij had slechts tijd voor een schot, maar dat schot alarmeerde de anderen die in allerijl terug kwamen gesneld.
De Beer, door zijn verwonding  nog woester als tevoren stortte zich op de onverschrokken jager die zijn mes getrokken had, er was geen tijd om zijn geweer te herladen.
Hij verwondde de beer met het mes nog verschillende keren, maar met een machtige klap velde de beer Hugh,  die neergeslagen tegen de rots zijn bewustzijn verloor.

Op hetzelfde moment werd de beer onder vuur genomen door de anderen die toegesneld waren.  Dodelijk getroffen door meerdere kogels viel de beer op zijn ongelukkige slachtoffer, de mannen kwamen dichterbij en overtuigd dat de beer dood was duwden ze hem gezamenlijk met veel inspanning van de zwaargewonde Hughes af. 

Zonde van al die kogelgaten, zei Wes, een ruwe knaap die niet onder de indruk was van de situatie, terwijl hij de huid van de beer inspecteerde, en met een veelzeggende blik naar Hugh keek.
"Aan hem hebben we ook niks. Die is zo goed als dood" ! .
De expeditie leider kwam naar voren . "We kunnen hem hier niet aan zijn lot overlaten, jullie twee" , zei hij tegen John Fitzgerald and Jim Bridger.
"Jullie blijven bij hem en geven hem een goede begrafenis!"
"Het zal me verwonderen als hij morgen haalt..," Hij zweeg even.
"We villen de beer en gaan verder.... Pik ons maar op bij een van de rustpunten, jullie delen ook mee in onze winst".

Een paar uur later later was de groep opgesplitst en zaten de twee mannen die al een begin hadden gemaakt voor een graf bij een kampvuurtje uit een groezelige kop eigen gemaakte koffie te drinken.

ec59ea3cb05141c2db9e34e78e3b3adcdHVzc2Vu

De jonge beren waren niet opgemerkt door de expeditieleden en verscholen zich, nadat ze gevlucht waren voor de geweerschoten.
Ze zouden het zonder hun moeder moeten doen.
Gelukkig hadden ze al geleerd dat ze vis konden vangen, zij het nog op een stuntelige manier.
Toen de honger steeds groter werd trokken ze naar een riviertje dat zijn water afvoerde naar de Missouri River, waar ze tientallen pogingen deden om de forel uit ondiep water te vangen.
Ze hadden het hun moeder al zo vaak zien doen, die met een enkele slag de vis uit het water sloeg die dan recht voor hun voeten neerkwam.
Nee, dan was het toch wat moeilijker dan ze dachten.
Met een hoge korte sprong probeerden ze de forel te pakken, maar telkens waren de glibberige vissen hun te snel af.
Maar de jonge beren gaven niet op.
Uiteindelijk hadden ze toch hun eerste vis gevangen, een dikke oude forel die zich had laten verrassen.
Ze smulden hem gezamenlijk op. 
Ja,die twee zouden zich wel redden.
Ze zouden uitgroeien tot net zulke gevaarlijke grizzly`s als hun moeder.

ec59ea3cb05141c2db9e34e78e3b3adcdHVzc2Vu 

Een van de mannen goot wat water tussen de lippen van Hugh, die zacht kreunde maar nog steeds buiten bewustzijn was.
Het water op zijn uitgedroogde lippen had Hugh toch even laten opleven, tussen zijn oogleden keek hij naar de twee gestaltes bij het vuur, hij ving de woorden op maar zakte weer weg.
 "Allemaal verspilling", zei Jim, een altijd nors kijkend figuur. "
Waarom moeten wij hier blijven !"
"We zeggen wel dat hij overleden en begraven is, met een paar uur is het gedaan met hem,  de coyotes en de gieren  ruimen hem wel op" .
John keek hem aan, liep naar hem toe en knikte , "je hebt gelijk Jim, ik heb ook  geen zin om me moe te maken".
"Aan zijn wapens heeft hij ook niets meer aan, Ik wil zijn geweer, neem jij zijn pistolen en zijn mes, die mogen we vast houden, zijn paard en uitrusting verdelen we wel met de anderen" .
"We kunnen nog wel een paar uur rijden en een betere plek vinden om te overnachten morgen sluiten we ons weer aan bij onze groep".

Op het moment dat de twee Jagers uit het zicht verdwenen opende Hugh zijn ogen .
Hij kreunde nog, maar de twee keken niet meer om.
Hugh verloor opnieuw zijn bewustzijn.

ec59ea3cb05141c2db9e34e78e3b3adcdHVzc2Vu

 Deel 2      de tocht.

Voorzichtig steunend op zijn rechter elleboog keek Hugh om zich heen.
Hij begreep dat hij alleen achtergelaten werd en bemerkte dat zijn wapens en munitie hem waren afgenomen.
Het kampvuurtje smeulde nog na.
Kreunend probeerde hij zich verder op te richten maar bemerkte dat zijn onderbenen dienst weigerden. 
Hij sleepte zich naar het kampvuur en nam onderweg gelijk wat droog hout dat hij in de richting van het vuur wierp.
Met een van pijn vertrokken gezicht merkte hij zijn zwaar gekneusde ribben op.
Hij keek naar zijn linkerzij waar zijn blouse donkerrood gekleurd was door het gestolde  bloed.
De beer had met zijn klauwen een spoor achtergelaten dat vast en zeker een mooi litteken zou opleveren, `die wil ik nog aan mijn kleinkinderen laten zien`  dacht Hugh optimistisch.
Hij had het kampvuur bereikt en rakelde het op waardoor er weer een vlam kwam, met wat kleine takjes en droog gras begon het weer te branden.
Het droge hout gooide hij op het vuur en hij genoot van de warmte.
Het vuur moest eventuele roofdieren op een afstand houden.
Hij dacht na over zijn situatie.
`Ze hebben me beroofd en in de steek gelaten, ik zal mijn wapens en eigendommen terugkrijgen en afrekenen met die gasten,` Een kille blik lag in zijn ogen.
"John Fitzgerald and Jim Bridger" zei hij hardop, hij had die twee herkend toen hij zijn ogen even geopend had.
`Die zal ik nooit vergeten`, dacht Hugh wraakzuchtig,`maar eerst moet ik op krachten komen`.
Zijn veldfles hing nog aan zijn broekriem er zat nog een halve liter water in.
Hij nam een paar slokken omdat hij niet wist of hij het kon aanvullen.
`ik kan maar beter gaan slapen dan ben ik morgen een stuk fitter`dacht hij, en hij draaide zich moeilijk op zijn rechterzij,zo ging hij de eerste nacht in.

ec59ea3cb05141c2db9e34e78e3b3adcdHVzc2Vu

`s Morgens vroeg werd hij wakker, de slaap had hem goed gedaan en hij voelde zich beter uitgerust.
Wel was hij gemeen stram.
Zijn gekneusde ribben protesteerden tegen elke beweging, zijn been was gebroken door het gewicht van de grizzlybeer.
Hij strekte onwennig zijn protesterende spieren.
Lopen kon hij niet, maar blijven liggen was een zekere dood. 
Het kampvuur was uitgegaan en om zich heen kijkend zag  Hugh onder de bomen een aantal struiken die vruchten droegen.
Hij sleepte zichzelf in eerste instantie er naar toe maar bemerkte toen dat hij zijn knieën nog kon gebruiken.
Al kruipend van vrucht naar vrucht deed hij zich tegoed aan de rijpe bessen die heerlijk sappig waren, de pijn negerend.
Toen hij genoeg gegeten had keek hij nog eens naar zijn wonden,hij veegde wat gestold bloed weg.`Het lijkt 10 keer zo erg dan dat het is`, dacht hij, ... maar als hij beter had  kunnen kijken had hij kunnen zien dat zijn ribben deels bloot lagen.
Vastberaden keek hij naar de zon.
Hij moest weer terug naar de bewoonde wereld zien te komen.
Hugh besloot om richting zuidoost aan te houden en kroop met een verbeten gezicht op handen en  knieën in die richting.

De eerste dag had hij  maar een mijl afgelegd.
In het begin rustte hij om de tien meter, zijn polsen en knieën voelden pijnlijk aan door de ongewone houding en telkens moest hij zijn polsen masseren.
Hij had erg veel last van zijn onderbeen, en besloot het te spalken met twee rechte takken die hij aan weerszijden van zijn  onderbeen vastzette met behulp van gevlochten gras.
Ook zijn ribben voelden pijnlijk aan maar hij besloot er niet te veel op te letten.
Gelukkig had hij een beekje bereikt waar helder water door stroomde.
Opgelucht vulde hij zijn waterfles en dronk meteen een halve liter op, zijn fles was nagenoeg leeg geweest.
Door zijn inspanningen moest hij regelmatig drinken, maar hij had zichzelf steeds maar een slok toegestaan en op het laatst alleen nog maar druppels. daardoor had hij het gered tot het beekje.

Bij het water was ook de begroeiing dikker en bood naast een schuilplaats ook meer sappige vruchten.
Hij zou in de buurt van het water blijven, maar moest wel op zijn hoede zijn want ook wilde dieren zoeken het water op.
Voorzichtig trok Hugh zijn geruite flanellen blouse  uit, zijn blouse plakte aan de wonden en met een van pijn vertrokken grimas trok hij hem los en waste hem in het helder stromende water, daarna reinigde hij zijn wonden door met zijn natte blouse te deppen.   Zijn wonden waren toch zo diep dat hij zijn ribben kon zien zag hij nu geschrokken, waarschijnlijk hadden ze hem daarom afgeschreven.
Hij waste de blouse nog eens, scheurde hem aan repen, toen hij wat gedroogd was verbond hij zijn ribben ermee.

Hij had een droge holle boom gevonden die hem beschutting gaf en waar in hij  gemakkelijk steunend kon zitten, daar at hij nog een aantal verzamelde bessen op.
Dodelijk vermoeid viel hij daarna in een onrustige slaap.

bfdd62d55aeee78feedb56ea205d9a2aYmVlciB6  

In zijn dromen achtervolgde de beer hem terwijl hij in een hoek gedreven was stortte de beer zich op hem.

De twee anderen stonden lachend toe te kijken.

Bezweet en met een snelle ademhaling schrok hij wakker.

Het was maar een droom, maar zijn haat jegens de mannen werd er door aangewakkerd.            

ec59ea3cb05141c2db9e34e78e3b3adcdHVzc2Vu

Vele dagen volgden.

Hugh kwam steeds meer op krachten, en werd behendiger in het kruipen.
Hij had reeds 70 mijl afgelegd en overleefde door het eten van vruchten en bladeren.
Af en toe kwam hij een plant tegen die hij uit groef om zijn eetbare wortels.
Hij was wel vaker op zichzelf aangewezen geweest maar niet zo zwaargewond en hij mistte zijn paard en zijn wapens enorm.
Van taaie bladeren had hij beschermende handschoenen en  kniebeschermers gemaakt.
Zijn handen en knie-en waren opengehaald door doornen en scherpe steentjes en de bladeren konden hem deels beschermen, daardoor kon hij zich een beetje vrijer bewegen, maar de honger naar vlees groeide.
Opeens hoorde hij een geluid, wat hij onmiskenbaar herkende als het zachtere geluid van een onbeslagen paard ...

 

ec59ea3cb05141c2db9e34e78e3b3adcdHVzc2Vu

Deel 3   op Jacht

Dat moet een wild paard zijn, of..........
Hugh hield zich schuil in het hoge gras en zag een ruiter met grote vaart  passeren op vijfendertig meter afstand.
Een vrouwelijke indiaanse gestalte, een Sioux zoals men het volk van de Dakota, Lakota en Nakota doorgaans noemde.
Hij sprak hun taal niet en wist dat het beter was zich schuil te houden.
Even later passeerden twee mannelijke ruiters met ontblote bovenlijf aan hun uiterlijk te zien van een andere stam in het spoor van de indiaanse.
Hugh wist zeker dat de mannen niet veel goeds in de zin hadden, de indiaanse was op de vlucht.
Hij kon alleen maar hopen voor haar dat ze kon ontkomen.
Nadat ze uit het zicht verdwenen waren hoorde Hugh meerdere kreten  als van indianen op jacht en even naderhand een hoge opgewonden overwinningskreet van een enkele persoon, toen was het stil.

Hugh wachtte nog een uur in het hoge gras, misschien zouden de  indianen terug komen en het leek hem veiliger om zich niet te laten zien. 
Alles bleef stil en hij zag zelfs een wild hert dat geen onraad rook passeren.
Vanwege de gunstige zachte wind kon het hert Hugh niet ruiken, maar als de indianen in de buurt waren geweest boven de wind zou het haar wel opgevallen zijn.
Al kruipend verliet hij zijn schuilplaats en ging verder met zijn moeizame tocht.
Hij kroop langs het water om zijn veldfles te vullen en om zich even op te frissen, en trok zich weer terug in de beschutting van het hogere gras waar hij zich veiliger waande.
Zijn maag knorde, schreeuwde om voedsel en een idee rees in hem op.
Hij nam het lange gras in zijn hand en begon het te vlechten totdat het sterk genoeg was om een strik van te maken, hij maakte 5 verschillende strikken en zocht naar sporen waar kleine dieren zoals de springhaas zich langs zouden bewegen, en zette de strikken uit.
Het gras was echter te dik, en de dieren waren op hun hoede. Als ze al in een strik liepen konden ze zichzelf toch bevrijden door achteruit te lopen en hun pootjes te gebruiken.

Hij sliep slecht die nacht, gekweld door zijn hongerige maag en tijdens zijn slaap de terugkerende droom die hem bleef achtervolgen....

ec59ea3cb05141c2db9e34e78e3b3adcdHVzc2Vu

De volgende morgen vond hij de lege doorgebeten en verplaatste strikken  die hun uitwerking hadden gemist, hij moest iets beters verzinnen.
Hij keek in de lucht en zag gieren cirkelen en neer duiken, ze moesten een kadaver gevonden hebben.
Als hij dichterbij kwam zouden die laffe vogels wel op de vlucht slaan.
Hij kroop naar de bewuste plek en joeg de vogels met een paar kreten en stenen op de vlucht, maar werd een beetje misselijk toen hij zag wat het kadaver was.
Hij herkende de lijken als die van de twee achtervolgers die achter het meisje aan zaten. Hun hoofden waren bloederig gescalpeerd en hun lijf aangevreten door de gieren.  
Het meisje had hulp gekregen van haar eigen stam.
De aanvallers waren met minstens 8 man geweest zag hij aan de sporen, waarschijnlijk ook Sioux die net op tijd hadden kunnen verhinderen dat het meisje verkracht werd.
Ze  hadden  korte metten gemaakt met de twee  die naar alle waarschijnlijkheid toch tot een andere stam zoals: de Wajaje, de Crow, Pawnee, Blackfeet of de Arikaras indianen behoorden.

 

Het gras was platgelopen door de verschillende paarden.
Met zijn bandana voor zijn neus onderzocht Hugh snel de lijken.
Aan de kledij zaten gelooide lederen koorden die hij uit gaten ritste, maar verder kon hij niets gebruiken. De indianen hadden de wapens en paarden meegenomen. Snel kroop hij weer weg van de stinkende lijken.
Het geluk was met hem, in het hogere gras vond hij een mes dat verloren gegaan was in het gevecht. Tevreden stak hij het achter zijn riem.
Enkele uren later zag hij een zwartstaart prairiehond,(soort grondeekhoorn) dat hij met een welgemikte worp van zijn nieuwe mes dodelijk verwondde.
Hij roosterde het grondeekhoorntje boven een vuurtje.
Het was het beste maal dat hij in tijden had gehad.
Met het mes sneed  hij een flinke tak van een struik af die veerkrachtig genoeg was om als boog te dienen, de gelooide lederen koorden gebruikte hij als pees, een aantal rechte riet stengels gebruikte hij als pijlen en met dit geïmproviseerde wapen kon hij voortaan op afstand klein wild verwonden.
Maar de dieren lieten zich vrijwel niet zien en omdat hij niet gericht kon schieten,telkens miste, en hij enorm gehinderd werd door het wapen liet hij het na drie dagen achter,  de koorden nam hij wel mee.. 

Op een dag zag hij een paar jakhalzen die zich tegoed deden aan een prooi.
Hij hees zich op, zich vasthoudend met zijn linkerarm om een tak van een boom en in zijn linkerhand de stenen die hij eerst stilletjes verzamelde.
Met zijn rechterhand de stenen gooiend en geschreeuw verjoeg hij de laffe dieren die toch genoeg hadden gegeten en op afstand bleven wachten.

Hij was zo hongerig en at van het vlees zonder het te braden.
Veel kon hij niet meenemen slechts een voorraadje vlees waar hij 2 dagen mee door kon komen en wat hij later een paar keer boven een vuurtje roosterde.
De Jakhalzen maakten het karwei af nadat Hugh vertrokken was.

Anderhalve maand was verstreken..........

ec59ea3cb05141c2db9e34e78e3b3adcdHVzc2Vu

  Na ongeveer twee maanden ruim 100 mijl  kruipen, voornamelijk levend op bladeren wortels bessen  komt Hugh aan bij de rivier. 

Laatste deel.

Deel 4      De Rivier .

Zonder besef van tijd kroop Hugh voort gedreven  door zijn vasthoudendheid en de gedachte aan de twee die hem als voer voor de wilde dieren hadden achtergelaten.
In zijn nachtmerries waren de daders aangegroeid tot grote schurken die de beer ophitsten tegen hem, terwijl zij hem in eerste instantie toch met zijn allen te hulp waren geschoten.
Hij kon het niet verkroppen dat ze hem hadden achtergelaten, hij zou ze ter verantwoording roepen nadat hij zijn wapens terug zou hebben gehaald.
Maar eerst moest hij in de bewoonde wereld zien te komen.
Zijn wonden moesten genezen, maar dat zou pas gebeuren na de rust die hij nu nog niet kon nemen.

ec59ea3cb05141c2db9e34e78e3b3adcdHVzc2Vu

Een paar keren was hij al zij-armen van de Cheyenne River overgetrokken.
De Cheyenne River had zijn oorsprong in Wyoming en het water voerde naar de  Missouri River in Zuid Dakota.
Door het koude water was hij op ondiepe plaatsen half kruipend met zijn hoofd net boven water, half zwemmend met alleen de kracht van zijn armen aan de overkant gekomen waar hij uitgeput bleef rusten tot hij weer voldoende kracht had verzameld om verder te gaan.
Zijn wonden waren geïnfecteerd en soms raakte hij even buiten bewustzijn, maar zijn haat dreef hem voort.
Nu hoorde hij het geluid van een stroomversnelling.
Bij de brede rivier die op dit punt een stuk smaller was aangekomen, wist hij dat het hem niet lukken zou deze over te steken.
Maar dat  was ook niet nodig, hij had zijn eerste doel bereikt.
Langs de oever kroop hij stroomafwaarts tot het water breder en rustiger werd. 
Hij keek om zich heen en zag overal dood hout liggen, takken die waren afgebroken door de sterke wind.
Als hij een vlot kon bouwen zou hij de rivier af kunnen zakken. 
Ja, dat was een goede optie, fort Kiowa moest aan deze rivier liggen.
Hugh raapte hout bij elkaar en sleepte het tot vlakbij het water.
Aan de waterkant bouwde hij zijn vlot dat stevig genoeg moest zijn om ook wilder water te doorstaan.
De bouw van het vlot duurde enkele dagen en Hugh was een stuk verzwakt.
Met een grote tak als hefboom duwde hij eindelijk het vlot in het water en ging er zelf op liggen, het vlot bleef drijven.
Met een laatste krachtinspanning duwde hij met een lange verse tak van 5 cm dik het vlot het water op en bleef met de stok naast hem roerloos op het vlot liggen terwijl de stroom hem rustig meevoerde.

ec59ea3cb05141c2db9e34e78e3b3adcdHVzc2Vu

Het lot was Hugh gunstig gezind, de rivier bracht hem helemaal tot fort Kiowa.
Hij werd ontdekt en binnengehaald.
Door een goede verzorging en na een aantal maanden was hij weer op de been.
Het werd tijd om achter John Fitzgerald and Jim Bridger aan te gaan.
Hij vond Jim Bridger, maar het was nog maar een jongen van 19 jaar.
Ze stonden zwijgend tegenover elkaar.
Hugh keek Jim strak aan en zag de benauwde blik in zijn ogen maar kon het niet over zijn hart krijgen om dat kind te doden.
Zijn zoektocht ging verder, maar ook John Fitzgerald liet hij met rust.
De man had zich intussen aangesloten bij het leger, en eigenlijk was ook de haat  bij Hugh afgenomen.
Volgens hen hadden ze Hugh niet zomaar achtergelaten maar waren ze op de vlucht geslagen omdat er Arikaras indianen in de aantocht waren.

 

Hugh besloot hen te vergeven.

Dankzij  zijn haat jegens hen had hij deze moeilijke tocht  overleefd.

 

ec59ea3cb05141c2db9e34e78e3b3adcdHVzc2Vu

 

In het Shadehill reservoir, ten zuidwesten van Shadehill South- Dakota is een monument opgericht voor Hugh Glass die een legende is geworden vanwege zijn indrukwekkende overlevingstocht.  

Ook ongeveer op de plaats waar de beer hem had aangevallen op een punt 12 mijl ten zuiden van Lemmon staat een klein monument.

 

Feiten.waarop dit verhaal is gebaseerd,  uit port folio. Maart 1825                                                                                                             

De pelsjager Hugh Glass 1780-1833  deed in 1823 mee aan een bontexpeditie.

Moeder grizzlybeer met jongen moet je niet verstoren.

Boze moeder beer bleef op hem inslaan en werd uiteindelijk gedood door twee expeditie leden.

De zwaargewonde pelsjager raakte buiten bewustzijn.

Expeditie leider gaf twee man de opdracht bij Hugh Glass te blijven tot hij dood was.

Ontdaan van wapens en stropersuitrusting voor dood achtergelaten.

Kruipend zou hij ruim 550 km afleggen naar een handelspost " Fort Kiowa ".

Hij wou zijn geweer terug en zon op wraak.

 

 Op  Wikipedia en  " Roosevelt Inn".vond ik nog namen die ik alsnog in het verhaal verwerkt heb.

Na het schrijven van het 4e deel heb ik ook info gevonden op wikipedia die "meer dan 200 mijl (320 km)" aan gaf, wat op zich ook niet precies klopt want 200 mijl staat meestal al gelijk aan 360 km.
Ook in mijlen zitten grote verschillen,zo is de Belgische mijl 5 km,bij de olympische spelen hanteert men 1500 m, de U.s.survey mijl is slechts 3 mm langer dan de engelse mijl en bedraagt 1609,347 m
.

Bijgewerkt 23 augustus 2016.

"dit werk is auteursrechtelijk beschermd".

                                                                                      Door Josh

Reacties (8) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Veel tijd besteed aan het onderzoek, dus daarvoor mijn duim.
Een heel bijzonder en mooi verhaal. Met groot plezier gelezen ondanks het tergende thema.Je zal maar....
Duidelijk heb je veel aandacht besteed dat e e a historisch correct is wat m i een meerwaarde geeft aan wat jij van non fictie naar eigen fictie vertaald hebt.
Ãk ben ervan overtuigd dat jij deze ruwe diamant met het extra facet van jouw eigenschappen kunt slijpen tot een blinkend verhaal.
Een dikke verdiende duim!
Dank je wel! Ik vind een ruwe diamant al mooi!
Ik ben ook al bezig met een ander verhaal, S.F. dat ook al op te splitsen is in meerdere delen.
Het is misschien veel leesvoer in een keer, maar je blijft zo wel in de sfeer i.p.v. er met elk reclameblok uit te moeten.
en nu wel !
ik heb het gelezen, vind het an sich een goed verhaal, maar je moet er nog wel aan schaven denk ik voor je ermee naar een uitgever kunt. Leestekens e.d. zijn erg belangrijk en werkwoordsvormen wisselen elkaar nog te veel af..
een ruwe diamant..
heel veel succes
Dank je wel goede kritiek , dat "schaven" ga ik doen. dus als het bijgewerkt is weet men dat dat nu nog niet het geval is.
Ga je hier een (e)boek van maken? Duim.
Ik ben wel van plan alles wat ik schrijf af te drukken , misschien alles in een mooie bundel , en sommige in een aparte bundel of boekvorm.