Waar is mijn moeder gebleven

Door Hemelsblauw gepubliceerd op Friday 28 June 19:59

In dit artikel enkele fragmenten beschreven over de lange weg die ik doormaak met mijn moeder i.v.m. haar ziekte. Ook gaat het over mijn schuldgevoel, mijn machteloosheid en mijn verdriet in de confrontatie met een dementerende naaste.

 

Ik loop gebogen door het kleine centrum van mijn geboorteplaats; de zon staat strak aan de hemel. Mijn voeten doen pijn en gloeien. Een blaar schrijnt op mijn hiel en ik heb dorst. Ik draag iets op mijn rug, iets wat telkens beweegt en zich vastklemt om mijn nek. Ik ben moe, zo moe. Bij iedere stap brandt de zon op mijn gezicht; mijn hersenen worden gekookt en ik kan nauwelijks meer nadenken. De last op mijn rug is zwaar. En ergens, ergens op de weg  stop ik eventjes om te rusten. Ik kijk naar de hemel, de vogels, de blauwe lucht en de witte naald van een vliegtuig. Dan loop ik weer verder; de last op mijn rug wordt vreemd genoeg zomaar lichter en lichter. Ik loop soepeler. De armen om mijn nek klemmen zich minder hard vast. Het zijn de armen van mijn moeder.

Bezweet schrik ik wakker; mijn mond kurkdroog. Het was een droom, maar wel een droom die precies weergeeft hoe ik me voel. Een survival met mijn moeder op mijn rug.

 

De telefoon gaat

Ja, met mij , hoor ik heel ver weg. Ineens een vreselijk gekraak en geruis. "Mevrouw, u houdt de telefoon op de kop", hoor ik een verpleegster op de achtergrond zeggen met luide stem. "Andersom , nee andersom! "Ja hallo, hoor ik ditmaal duidelijker. Hallo, zeg ik terug.

"Hoe is het met jou?, vraagt ze. Ik zeg: goed. "Het is mooi weer hier vandaag", zegt ze. "Kom je nog een keer? Ja, zeg ik. Ik kom maandag. "Dat is mooi, zegt ze. "U doet toch mijn financien, zegt ze ineens. "Ja, zeg ik maar ik ben ook je dochter. Oja, zegt ze , dat is ook zo. "Kom je nog een keertje dan? Ik kom maandag , zeg ik weer. Met de trein? vraagt ze. "Ja, zeg ik, met de trein". "Is het bij jou ook mooi weer? Ja, het is hier ook mooi weer. "Ik wil naar huis", zegt ze. "Uhu, zeg ik. "Wanneer mag ik naar huis? "Dat is nog niet bekend, zeg ik. "Kom je nog een keer"?, vraagt ze . "Ja, zeg ik. "Ik kom maandag".

 

Mijn hart breekt

Op de dag dat ik haar naar het verpleeghuis moest brengen breekt mijn hart. Moeder denkt dat ze er maar een tijdje moet blijven totdat ze weer beter is. Het is maar een wissewasje wat ze heeft, die dokters overdrijven altijd zo... Dit heeft ze allemaal zelf bedacht; in haar beleving mankeert ze niets. Na een uitputtende verhuisdag is de tijd aangebroken dat ik naar huis moet en moeder staat met rode wangen van alle nieuwe indrukken aan de arm van een verpleegster. Ze gaan me boven nog uitzwaaien en ik loop richting uitgang. Voor mij is er nog een uitgang.... voor mijn moeder niet. Nooit zal ze hier meer vandaan komen of alleen naar buiten mogen.....

Ik loop over de bloedhete gangen. Zweetdruppels staan op mijn voorhoofd en de weëige geur van oude mensen, pis en een vleugje schoonmaakmiddel maakt me misselijk. Ik hoor angstaanjagend gejammer en geschreeuw uit sommige kamers komen. Even verderop schuifelt me een gedaante tegemoet, wezenloos met een dekentje in de hand, vreemde klanken uitstotend. Met holle ogen in een uitgemergeld gezicht staart hij of zij me aan maar lijkt niets te zien. Rillingen lopen over mijn rug.

Waar ben ik in godsnaam beland? Ik bevind me zomaar op een onbekende planeet, de Planeet van de Dolende Wezenlozen. Moet ik hier mijn moeder alleen achterlaten? Met het gewicht van een  baksteen in mijn maag loop ik naar buiten. Ik kijk naar boven en daar staat ze.... Nietsvermoedend lacht ze en zwaait. Mijn arm voelt zo zwaar dat ik hem nauwelijks omhoog krijg. Dan neemt de verpleegster haar mee. Er breekt iets in mij. Ineens lijkt het alsof mijn benen me niet meer kunnen dragen. Zo geestelijk uitgeput, zo brak; en zoveel verdriet dat ik wel een emmer vol tranen zou kunnen janken. Mam, het spijt me zo; het spijt me zo verschrikkelijk....schreeuwt het in me. Machteloos sta ik op de uitgestorven parkeerplaats. Ik moet haar daar opsluiten zonder dat ze begrijpt waarom....

 

Schuldgevoel

Het schuldgevoel is als een worm die zich door je ingewanden knaagt, woekert en vreet. Overal kan hij komen; in alle hoeken en gaten. Dag en nacht voel je hem. Soms heeft hij zelfs een stem:" Je sluit je eigen moeder op in een gevangenis; nu kan ze nooit meer naar buiten", lispelt hij. "Had je zelf niet voor haar kunnen zorgen; nu laat je haar achter in de hel, een hel vol gekken en jammerende zombies". Mijn moeder die zo graag zelf een eindje ging wandelen en elke dag haar eigen boodschapjes deed in het centrum. En ik hoor haar nog zeggen: "In zoiets wil ik nooit terechtkomen", als we langs het verpleeghuis liepen.

 

Toen het begon

Zes jaar geleden begon het. De herhalingen in de telefoongesprekken, een tijdje later de vreemde verhalen over mensen die spullen zouden stelen uit haar huis. Eindeloos vragen opnieuw stellen. Portemonnee kwijt, sleutels kwijt, bankpasjes kwijt. Kinderliedjes zingen tijdens het afwassen. In de koelkast etenswaren ver over de datum heen. Haar drang tot hamsteren groeide en groeide.en zo kon het zomaar zijn dat je daar een koekje kreeg uit 2008.... En maar ontkennen dat er iets aan de hand was. Moeder ervaart zichzelf niet als dementerende; ze vergeet dat ze vergeet.

Sinds ze in het verpleeghuis woont gaat regelmatig de telefoon. Het is moeder (de verpleging heeft het nummer voor haar ingetoetst) "Ja, met mij, ik zit hier opgesloten met al die gekken, wanneer mag ik weer naar huis? Ze zijn allemaal niet goed meer hier", zegt ze. Mijn moeder is qua niveau een van de beteren in het verpleeghuis. Eigenlijk viel ze net tussen wal en schip; te slecht voor een gewoon verzorgingstehuis en nog net iets te goed voor een verpleeghuis. Toch heeft ze 24-uurs zorg en begeleiding nodig.

 

Waar is mijn moeder gebleven?

Een jaar verstrijkt. Hoewel ze veel vrolijker is geworden dan ze ooit is geweest wordt mijn moeder steeds minder mijn moeder. Eindeloos afscheid nemen. Ik mis mijn moeder. Ze heeft het niet meer over naar huis willen. Wie is deze vrouw? De gesprekken krijgen steeds minder inhoud. Ze weet nog wel dat ik haar dochter ben, maar niet de jongste of de oudste. Ondanks haar vrolijke humeur worden haar ogen leger; het is wachten op de dag  dat ze me niet meer herkent. Ik ben voorbereid.....

 

 

 

 

                                                                                                                                                 

Reacties (37) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Fantastisch artikel, op alle punten herkenbaar. Je beschrijft veel hitte en zweet. Ik voel me koud. Snap nu waarom ik vannacht gedroomd heb over een woonruimte onder het ijs. Ze kon alleen maar door het ijs naar boven kijken en ik kon haar niet helpen.
Rina dankjewel, inmiddels gaat heel goed met moeder en ook met mij. Hoewel haar geheugen achteruit gaat is ze happy daar en doet ze aan veel activiteiten mee. (jij ook sterkte)
Babbelaarstermetdiepgang: in Nederland heb je het Alzheimercafe en ook wel cursussen, maar in het verpleeghuis waar moeder zit kun je ook ten alle tijde aan de bel trekken bij de verpleeghuispsycholoog.
Ik wens je zo veel sterkte ! jou verhaal is voor mij zo herkenbaar :(
Erg mooi verwoord de droom, jouw gevoel en de pijn in je hart. Prachtig slot gedicht, is deze ook van jou? Heel moeilijk is het omgaan met demendterende mensen, zeker als ze zo dichtbij staan. In Italië worden er informatieve cursussen gegeven naast psychologische begeleiding. Bestaat dat niet in Nederland?
hier zie ik toch wel het verschil tussen de echte schrijfster en mezelf... knap hoor! FB is duidelijk ook een prima idee om wat oudere stukken terug onder de aandacht te brengen!
heftig
aangrijpend, heftig, maar zeer goed en verzorgd geschreven!