Nooit meer gelogen

Door ZomaarIemandde1e gepubliceerd op Monday 28 October 02:48

Dit verhaal is waargebeurd en beschrijft wellicht de mooilijkste dag(en) uit mijn leven. Het was eind 1976. Op twaalf jarige leeftijd kon ik niet weten hoe een leugentje om bestwil mijn gevoel voorgoed zou veranderen.

Als de stoomboot zijn rookpluimen heeft laten zien onder het lawaai van de oorverdovende hoorn, de Sint zijn jaarlijkse paardrit door mijn mooie stad heeft gemaakt, de Pieten hun kunsten hebben vertoond en onderwijl de kindertjes langs de route hebben blij gemaakt met handenvol tandarts ergerende lekkernijen, is de tijd aangebroken die mij doet herinneren aan het meest indrukwekkende tweetal dagen uit mijn leven.

In een kleine gezin, waarvan de leden zeer nauw bij elkaar betrokken waren, groeide ik op. Ofschoon ik mijn vader slechts in slechte gezondheidstoestand heb gekend, was hij voor mij een held en orakel. Alles leek hij te weten van de wereld, het leven en techniek in het speciaal. In mijn zevende levensjaar leerde hij mij al solderen en dikwijls haalden wij aan de straatkant gevonden apparatuur, als oude radio’s en versterkers, tot het laatste onderdeel uit elkaar. Wij maakten samen bandopnames met hele hoorspelen. Hij leerde mij fotograferen en oneindig veel meer. Ik kon hem alles vragen.

Tot op de dag van vandaag herinner ik mij zijn stem, geur en het prikken van zijn geschoren baardhaartjes op de wang als hij mij knuffelde. Zijn blikken van zo goed mogelijk verborgen pijn zijn later pas tot mij doorgedrongen. Hij zong dikwijls met zijn mooie tenorstem waarmee hij in een grijs verleden ook in ons prachtige Amsterdamse, koninklijk theater Carré heeft opgetreden. Hij was ziek, dat wist ik wel maar vermoeden dat hij in de wetenschap verkeerde dat hij in luttele jaren met mij moest delen waarvoor een andere vader doorgaans tientallen beschikbaar heeft, wist ik niet.

Wij waren niet arm maar ook niet rijk. Ik kan mij niet herinneren dat het mij ooit aan iets heeft ontbroken maar ik geloof niet dat ik me gedroeg als een verwend te noemen kind. Met een klein plastic autootje kon ik mij net zo goed vermaken als met een voor die tijd hightech elektronisch spel. Mijn ouders hadden niets met pakjes onder de kerstboom maar met Sinterklaas werd er altijd stevig uitgepakt in de letterlijke en figuurlijke zin. Op de goedheilig man zijn heerlijk avondje, trof ik altijd een gang vol zakken en dozen met pakjes. Er was extra veel lekkers te eten en te drinken. Op de achtergrond muziek van vrolijk zingende kindertjes die de bekende Sint Nicolaas liedjes ten gehore brachten.

Het was 1976. Op 23 november had ik net de twaalfjarige leeftijd bereikt. Het erop volgend jaar zou heel spannend worden. Mijn afscheid van de (toen nog zogeheten) ‘lagere’ school, dé toets en het begin van mijn middelbaar onderwijs. Er stond veel op het spel. Voor nu kon ik me nog verheugen op de feestdagen. Het was dan altijd extra gezellig in huis. De sfeer, de geuren en kleuren waren anders dan gewoon. Op een kille donderdagmiddag kwamen mijn moeder en ik terug van een wandelingetje met ons hondje ‘Choco’. Mijn vader had zich al een paar dagen minder goed gevoeld dan normaal maar de toestand waarin hij nu verkeerde leek een stuk erger dan toen wij weggingen. Hij lag in bed en leek moeilijk te kunnen spreken. Een dokter erbij halen wilde hij absoluut niet en noemde de griep als oorzaak van hoe hij zich voelde.

De dag daarna was er weinig verandering. Op een gegeven moment riep hij mij bij zich en vertelde dat hij de week ervoor bij de speelgoedwinkel om de hoek, een klein ijscokarretje, gemaakt van blik met een poppetje op het fietsgedeelte dat het voortbewoog, had gezien maar omdat hij zich nu zo ziek voelde geen kans zag het te gaan kopen. “Wil jij het voor me halen, Nici? Hier is voldoende geld.” Uit zijn trillerige hand stak een briefje van tien gulden. Het was slechts een vier- of vijftal dagen voor het Sinterklaasfeest en wat hij niet wist, was dat ik het al voor hem had gekocht als één van de cadeaus. Ik pakte het geld aan en liep met aangetrokken jas naar één etage lager in het pand. Daar woonde mijn zuster en haar man. Een beetje in paniek klopte ik aan. Mijn grote zus wist als gewoonlijk raad voor haar kleine broertje.

“Kom maar mee!” Al snel stonden we met zijn tweetjes buiten. “Wij blijven hier een poosje in het portiek staan. Dan ga je zo weer naar boven en zegt tegen papa dat het helaas is uitverkocht maar dat het misschien volgende week weer binnenkomt. Dan is hij niet heel erg teleurgesteld maar blijft het wel een hele grote verrassing voor hem dat hij het als cadeautje van je krijgt!” Ik was helemaal blij. Wat een goed plan en een beetje toneelspelen kon ik wel. Korte tijd daarna was het plan uitgevoerd. Mijn vader was inderdaad een beetje teleurgesteld maar vond het fijn dat ik mijn best had gedaan.

De dagen gingen vlug voorbij en vijf december brak aan. Hij leek zowaar wat opgeknapt maar nog te zwak om uit bed te gaan. Per sé wilde hij dat het Sinterklaasfeest doorging en er werd besloten dat we het zittend op stoeltjes rond zijn bed zouden vieren. Na een rustige middag aten wij een maaltijd, zetten daarna de cadeaus op en rond het bed waar hij met het kussen rechtop in de rug wat omhoog gekropen lag. Ik herinner mij een gezellige avond enigszins gekleurd door de geur van ziekte en angst. Voor het eerst in mijn leven ervoer ik dat onbestemde gevoel in het binnenste van mijn lichaam. Dat gevoel wat mij later nog vele malen zou overvallen als onheil vlakbij op mijn pad lag.

Het werd al laat en mijn zuster had met opzet een zak pakjes achtergehouden omdat ze voorzag dat mijn vader niet de kracht zou hebben tot het uiterste deze avond deel te nemen. Toen het laatste inpakpapier zijn weg naar de vuilniszak had gevonden, keek mijn vader door zijn iets afgezakte brilletje in het rond. Zwak maar heel tevreden zei hij terwijl hij mijn zuster aankeek: “Jij blij, Nici blij, ik blij iedereen blij!” Een kleine glimlach sierde zijn wit en ingevallen gezicht. Snel daarna gingen wij naar bed. In de nacht schijnt hij nog wat gemompeld te hebben dat er niet vergeten moest worden een onderdeel te halen voor een elektronische experimenteerdoos van mij, dat was stukgegaan. Het zouden ongeveer zijn laatste woorden blijken te worden. Zijn laatste woorden voor mij.

De volgende ochtend werd ik wakker van commotie in huis. Mijn vader bleek volledig onaanspreekbaar en had een vreemde snelle ademhaling. De huisarts werd gebeld en mijn moeder en zuster liepen een beetje rond hem en waren in de weer met washandjes en praten. Ik was in zijn stoel gaan zitten en keek voor me uit. Hij zou nu toch niet gaan? Dat kon toch niet? Ik wilde nog zoveel aan hem vragen en zoveel met hem beleven. Nog een keer iets met hem bouwen of samen met hem op zolder gaan schieten met de pijl en boog die ik de avond daarvoor had gekregen. We zouden nog met de treinen gaan spelen en spelletjes doen. Hij zou me nog een keer zijn verhalen moeten vertellen die ik op mijn verzoek al zo vaak van hem had mogen horen. Het werd stil en vanuit waar ik zat, kon ik mijn moeder verontrust zien kijken.

Ik snelde naar die kamer een paar meter bij mij vandaan. De kamer waar hij rustig lag, mijn moeder tegen een muur aangeleund stond en ik mijn zuster naast het bed iets over hem heen gebogen zag. Terwijl ze over zijn voorhoofd wreef hoorde ik haar zeggen: ”Het is goed papa, jij bent altijd een hele lieve vader voor ons geweest. We houden van je. Zijn borst zakte voor de laatste maal naar beneden en er leek een oneindige stilte te vallen. Met ingehouden adem keek ik mijn moeder recht in de ogen. “Ja Nici, hij is dood!”, sprak zij en begon zachtjes te huilen. Ik werd duizelig en kreeg geen lucht meer. Het leek opeens alsof ik over een snelweg in de lucht suisde. Kleuren en vreemde geluiden. Plotseling zat ik in zijn stoel, volledig hysterisch te krijsen, schoppend om mij heen en slaand op de houten leuningen. Daar was mijn zuster die mij stevig tegen zich aan drukte. Van het uur daarna weet ik niets meer. Regelmatig die dag ging ik voor de zekerheid nog even bij hem kijken of hij toch niet ademhaalde. De wens was zo groot dat ik het me af en toe inbeeldde maar tot een snelle teleurstelling kwam.

Een dag later zaten wij met z’n vieren bij elkaar beneden. Mijn vader lag inmiddels in zijn slaapkamer opgebaard in een wit overgespoten kist omdat hij zo’n hekel aan zwart had.
Plots dacht ik aan het stukje speelgoed dat ik voor zijn bescheiden verzameling had gekocht. Uitbarstend in tranen vertelde ik het. Ik had het hem niet meer kunnen geven, het was per ongeluk bij de achtergehouden cadeautjes gebleven. Dan had ik er ook nog eens over gelogen en kon het nooit meer goedmaken. Mijn zuster zocht het pakje en nam me zachtjes aan de hand mee naar boven. Het voelde koud aan op deze etage en het eerste dat tot mij kwam was de zoete geur van spuitlak. Samen liepen we de slaapkamer in en deden het licht aan. Daar lag hij stil in zijn witte kist, gekleed in zijn beste kleren waarvan hij zo weinig had kunnen genieten. “Maak het pakje maar voor hem open.”, zei ze zacht. Met een paar tranen over de wangen haalde ik met bevende handen het papier eraf waarin ik het verhuld door kranten voor hem had ingepakt. “We zetten het hier op zijn voeteinde zodat het de laatste dagen dat hij hier is een heel mooi plekje dicht bij hem heeft.”. Ze pakte het ijscokarretje voorzichtig van mij aan en plaatste het met de wieltjes precies in de hoek over de kistrand. terwijl ik hem nog eens aankeek sprak ik woorden waarvan ik niet weet of het hardop was.

“Het spijt me papa! We zijn het vergeten. Ik vind het zo erg dat ik erover heb gelogen tegen je. Ik zal nooit meer liegen tegen iemand van wie ik houd!” Bij de deuropening draaide ik me nog een keer om. Het vrolijk gekleurde speeltje sierde de saaie kist.

Het was goed zo.
 

Reacties (4) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Inderdaad ontroerend. Heel goed dat je eindigde met: het was goed zo. Ik denk dat het zo ok goed was. En wat dat 'liegen' betreft: je hebt er alleen maar goede bedoelingen mee gehad, en je vader toch geen pijn gedaan?
Ontroerend verhaal en mooi geschreven
Prachyig Nico !
Zo mooi geschreven dat het weer veel emoties oproept.
Wat een aangrijpend verhaal. En prachtig te lezen dat de herinnering aan je vader zo fijn is. Het gaat nu eenmaal in het leven zoals het gaat, je hebt het goed af kunnen sluiten door het begrip en de liefde van je zus. Wat heeft zij een goed en lief karakter!