Fysieke componenten bij voetbaltrainingen

Door Preasent gepubliceerd op Friday 28 September 12:08

Voetbal is door de jaren als maar belangrijker geworden. Nu is het ook tijd dat de trainers mee evolueren met de trend die er nu is. Voetbal aanleren bij kinderen is al lang niet meer enkel op een bel trappen. Het gaat veel verder.

Aangezien het voetbal de laatste jaren enorm is geëvolueerd wordt er, of dient er vandaag anders getraind te worden dan vroeger. Vooral het fysieke aspect is veel belangrijker geworden dan 10 jaar geleden. De tijd waarin voetballers rustig de bal konden aanpakken, even kijken, en dan spelen is definitief voorbij. De snelheid van uitvoering ligt in het huidige voetbal veel hoger, wat impliceert dat het voor onze voetballers vandaag belangrijk is een beter uithoudingsvermogen te hebben en sneller te kunnen recupereren. Alhoewel technische vaardigheden en tactisch inzicht nog steeds een centrale rol spelen, kan men niet meer omheen de voetbalconditie, die nu de conditio sine qua non is om gedurende een volledige wedstrijd die technische en tactische vaardigheden te benutten. Belangrijkste factoren die invloed hebben op de sportprestatie :

Conditionele factoren ( motorische grondeigenschappen )
- Kracht
- Snelheid
- Uithoudingsvermogen
- Lenigheid
- Coördinatie

Kracht : De tijd dat voetballers alleen maar wedstrijdjes speelden op training is voorbij. Krachttraining maakt ontegensprekelijk deel uit van het wekelijks programma. Als je weet dat bij het lopen je afzetkracht voor ongeveer 12 % bepaald wordt door de kracht van de armen, en voetballers thv. de bovenste ledematen maar matig ontwikkeld zijn, begrijpt U dat deze steeds in een krachtprogramma moeten zitten. Krachttraining in een fitness is niet echt specifiek, maar kan wel gecombineerd worden met plyometrie voor de benen om iets specifieker te werken. Ideaal is het, om dan de krachttraining dadelijk te laten volgen door voetbaltraining, opdat de spier zich kan aanpassen aan de veranderde situatie ( coördinatie ). Elk krachtprogramma dient individueel te zijn en te worden opgesteld door de arts, kine of fysical trainer. Bij een duidelijk tekort moet de speler het tussenseizoen gebruiken om bij te trainen.
Snelheid : Is rechtstreeks gelinkt aan coördinatie
- Is deels genetisch bepaald maar via training kan je sneller worden
- Het huidige voetbal kan niet zonder.
- Vaak komt het neer op spurtjes tussen de 10 en de 30 m waarbij men telkens de maximale snelheid eist.
- Training van de snelheid en coördinatie gebeurt zowel analytisch als in spelvormen met de bal ( voetbalspecifiek ).
Lenigheid : Stelt de sporter in staat om bewegingen met een groter amplitudo, op een correcte manier uit te voeren.
Een tekort aan lenigheid leidt tot :
1. Het moeilijk uitvoeren van bepaalde bewegingen
2. Een grotere kans op blessures
3. Een gebrekkige ontwikkeling van technische vaardigheden
4. Een verhoogd energieverbruik
Omtrent lenigheid zijn vandaag de meningen van de specialisten vrij uiteenlopend. Feit is dat het voor een voetballer belangrijk is om soepele, maar ook krachtige heupgewrichten te hebben, gekoppeld aan elastische spieren. Daarnaast kan men niet voorbij aan het belang van een algemene souplesse, gegeven dat bij onze jeugd meer en meer verdwijnt.
• Met langere stretchingsprogramma’s ( > 3 maanden ) maakt het niet zoveel uit welke vorm van stretching je kiest als het gaat om het op peil houden of vergroten van passieve bewegingsuitslagen.
• Gericht werken aan verbetering van lenigheid doe je met minimaal 3x / week > 10 min stretchingsoef. Ter onderhoud is 1x / week gedurende 10 genoeg.
• Het is niet bewezen dat je door te stretchen blessures voorkomt.
• 1x een paar seconden rustige statische stretching is goed bruikbaar als preventieve controle. Even ‘luisteren’ of je er klaar voor bent.
• Door stretching in de warming-up voorkom je een afgenomen bewegingsuitslag in de 24 uur na de training.
• Stretching heeft geen duidelijk preventief effect op spierpijn.
• Bij statische stretching blijft de spiertonus laag. Statische stretching is bruikbaar voor het verlagen van een te hoge spiertonus.
• Wil je een spier langer maken, laat deze dan in verlengde positie kracht leveren.
• Als je spierpijn hebt, niet stretchen.
• Hoogstens licht stretchen na de training.
• Hoe groter de trekkracht, hoe groter het risico op beschadigingen, stretch dus rustig.
• De banvloek voor verend stretchen is slecht onderbouwd.
• Stretching zal weinig bijdragen aan het verbeteren van de doorbloeding, actief bewegen wel.
Uithouding : Teneinde zicht te krijgen op het belang van uithoudingstraining is het belangrijk te weten welk type van inspanningen spelers ondergaan.
1. Meer dan 70 % van de inspanningen zijn aeroob ( < 14 km / u ) en bevinden zich onder de lactaatdrempel ( 2 - 3 mmol, ).
2. 10 % situeert zich tussen 16 en 18 km / u , zijnde de anaerobe drempel. Het gaat hem hier om een 60-tal inspanningen van 30 m. Gezien de korte afstanden en de relatief lange recuperatie vindt men weinig lactaten boven 6 mmol.
3. 15 à 20 % bestaan uit heel korte spurten ( 50 à 100 ) van 10 tot 20 m.
Coördinatie : Wat is coördinatie en waarom is het in voetbal zo belangrijk. Omdat o.a. voetbal, in tegenstelling tot bv. fietsen, lopen of roeien veel complexer is in zijn bewegingen. Het gaat hem hier immers voornamelijk om acyclische bewegingen, waar de benen zowel moeten zorgen voor het lopen als voor het trappen. Het is één van de enige sporten waar dit gebeurt, en om op het juiste moment te lopen, en op het juiste moment te trappen, dient men een zeer goede coördinatie te hebben. Spelers moeten namelijk regelmatig van richting veranderen en vaak gebeurt dit samen met een versnelling of sprint. Ze moeten ook zowel oog hebben voor de bal als voor het spel, als voor de tegenstander, en dat allemaal terwijl ze in beweging zijn Coördinatie kan je in het voetbal zien als de techniek die nodig is om voetbalacties uit te voeren. Een goede coördinatie betekent een goede techniek en techniek is in voetbal nog altijd het allerbelangrijkste. Je wint geen wedstrijd met alleen maar marathonlopers. Meer specifiek nu, kunnen we ons de vraag stellen waarom we bv. met ons rechter been beter trappen dan met ons linker, want als we via isokinetische testing de kracht gaan meten in onze beide benen blijkt die ongeveer gelijk te zijn. Waar zit hem dus het verschil dat we met het ene been veel verder kunnen trappen dan met het andere. Dat alles zit hem in de techniek en zoals reeds hierboven aangehaald, in de coördinatie dus . De training maakt, dat we door het beter functioneel gebruik maken van onze spierkracht, en door het beter aanvoelen van de situatie, de bal op het perfecte moment kunnen raken. Alleen daarom trappen we met het ene been veel verder dan met het andere. Het heeft dus ook geen zin die voetballer in het krachthonk alleen maar krachtoefeningen te willen laten doen. Ook wordt vaak gedacht dat coördinatie beweging inhoudt, maar dat hoeft niet zo te zijn. Als je gaat werken met stabilisatie-oefeningen voor de romp of de gewrichten ( zeer belangrijk in het voetbal en veel te weinig gedaan als preventie naar letsels toe ) kan je dat aanzien als een statische coördinatie aangezien alle gewrichten en spieren en sensoren samen werken teneinde een positie te handhaven. De vraag die U zich nu waarschijnlijk stelt is waaruit die coördinatietraining dan juist bestaat ?
Coördinatietrainingen bestaan in eerste instantie uit loopvormen , het aanleren van een perfecte looptechniek, het aanvoelen van hoe onze armen t.o.v. onze benen dienen te bewegen, en hoe we via een perfect afrollen van de voeten en een juiste knie-inzet er toe komen om perfect te gaan lopen. Uiteindelijk is en blijft lopen en sprinten in het voetbal belangrijk. Denk in dit geval maar aan de Ajax-oefeningen met stokken en hegjes.
In tweede instantie ga je dan loopvormen combineren met oefeningen met de bal, waarbij je kan gaan werken met ballen van verschillende grootte, gewicht of vorm. Iedere keer moet het lichaam een ander maar goed antwoord bieden op de veranderde situatie. Dit om aan te leren dat elke situatie anders is. Daarnaast is het belangrijk om zoveel mogelijk situaties ingestudeerd te hebben ( feed-back ). Ook bij volwassenen kunnen dit soort trainingen vruchten afwerpen, alleen zal de winstmarge veel kleiner zijn dan bij kinderen.
Een derde soort oefeningen zijn reflexmatige reacties, en dit bv. op ballen die worden toegeworpen of op signalen die worden gegeven ( start / stop, Li / Re )
 

Reacties (2) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Informatief artikel, maar me ogen werden een beetje zwaar door het ontbreken van meerde alinea's.
Leuk en welkom hier, D