Natuurbeleving in Senegal

Door Atalanta gepubliceerd op Friday 28 September 12:13

Op zoek naar de plek waar onze Nederlandse gruttos de winter doorbrengen de wetlands van Senegal. Onderstaande beleving maakte deel uit van een reis eind 2006, georganiseerd door IVN internationaal voor 4 natuurgidsen en een grote groep Nederlandse en Senegalese scholieren (IVN is een organisatie voor natuur-en milieueducatie, waar ik een opleiding voor natuurgids heb gevolgd).

Ik word wakker net voor zonsopgang met een onrustig gevoel. Ik wil iets doen, hier in Senegal. Zelf een bijdrage leveren aan het reisprogramma. We zijn al enkele dagen in Djoudj, een nationaal park waar duizenden pelikanen broeden, waar ik voor het eerst de visarend heb gezien en daarnaast talloze ijsvogels, aalscholvers, lepelaars, ibissen en hetgene waar we voor kwamen: de trekvogels uit Nederland die hier overwinteren, zoals de grutto en tureluur.



Ik loop de frisse ochtendlucht in om inspiratie op te doen. Gek is het, om vanaf een kurkdroog pad van rode aarde te kijken naar de nattigheid van de wetlands om je heen - het lijkt hier veel meer een wereld van uitersten dan in Nederland, nat en droog zo dicht bij elkaar, schijnbaar zonder overgang. De zon die opkomt als een grote bol is precies zoals in de documentaires over Afrika.
Met die zon komt ook de inspiratie: ik ga een excursie geven. Over het terrein hier weet ik niets, dus het wordt een belevingsexcursie, met oefeningen om de natuur op een speelse manier te ervaren met verschillende zintuigen. Zoiets heb ik in Nederland vaker gedaan, maar nooit voor scholieren, en zeker niet voor Senegalese scholieren. Dus een beetje spannend is het wel.

Een paar uur later is het zover. Een groepje gemengd Nederlands-Senegalese pubers achter me aan, een enthousiaste mede-natuurgids ingeschakeld als hulp en vertaler, want alles moet in zowel Nederlands als Frans verteld worden en mijn Frans is nogal roestig.
Het is even uitproberen, maar al snel zijn ze in tweetallen onderweg om voor elkaar mooie beelden te zoeken in de natuur. Een jongere is ‘fotograaf’ en begeleidt de ander (het ‘fototoestel’) die de ogen dicht heeft. Ziet de fotograaf een mooi natuurplaatje, dan knijpt hij even in de schouders van het toestel, die dan heel even de ogen open mag doen. Zo krijg je ineens een verrassend beeld op je netvlies - van een waterlelie bijvoorbeeld of een veertje in het riet. De beleving wordt gedeeld doordat de jongeren elkaar vertellen wat ze het mooiste vonden en waarom.

Zo doen we nog wat oefeningen en het is leuk om te zien hoe de leerlingen hun best doen, ze zijn erg enthousiast. De Nederlandse leerlingen vertellen me dat ze het leuk vinden dat ze zelf dingen kunnen doen en niet alleen maar hoeven luisteren. Er was een theorie onder ons gidsen dat Senegalese mensen de natuur vooral zouden waarderen voor haar gebruikswaarde, maar tijdens deze excursie blijkt duidelijk dat de jongeren zeker ook de pure schoonheid ervan zien.

Later in de reis geef ik nog een excursie over diersporen, maar daar schiet mijn eigen kennis toch wat tekort: voor het grootste deel weet ik ook niet zeker wat we gevonden hebben. Sommige dingen kunnen we wel achterhalen, zoals de witte veren van een geplukte vogel – die zullen wel van een zilverreiger zijn. En de hoefsporen in de modder van de ezels die los rondlopen. Andere dingen blijven een mysterie, zoals de vele gedroogde vissen, die we toch een heel eind van de zee af vinden.

Senegal heeft sowieso mysteries. Als ik in mijn eentje onder de baobab zit voel ik me erdoor omringd. Op deze plek in Popenguine lijken alle elementen bij elkaar te komen: de hitte van de zon, het water van de zee, de wind die alles schuurt met zand, de droge rode aarde. Ik vind een veer van een grote roofvogel en zie de visarend tot 3x toe langsvliegen vanaf mijn zitplek. Het is even mijn magische moment van verbinding met de natuur.

Drie maanden later woon ik weer in Nederland. Op een dag kijk ik naar boven en zie iets groots vliegen, het heeft een beetje van een meeuw weg maar het is duidelijk een roofvogel. Ik kijk goed en nog eens en verdorie, het lijkt wel een visarend! Ik zeg nog tegen mezelf, Suzanne dat kan echt niet hier, we zijn hier niet in Senegal. Maar als ik het opzoek blijken ze hier tijdens de trek wel eens langs te vliegen, hier in Noord-Limburg; vorig jaar is er ook een gesignaleerd op deze plek. Ik kan maar één ding denken: zou het dezelfde zijn die langsvloog bij de baobab? Het is heel onwaarschijnlijk, maar toch, even voel ik weer de verbinding tussen mijn land en dat andere, ver weg op een warmer continent.

Reacties (3) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Een heel mooi verhaal. Een duim en fan erbij
Dank je! Er is vast wel meer te vertellen maar er is ook nog Roemenië, Ecuador, Turkije en talloze andere dingen om over te schrijven... wie weet!
Mooi verhaal en schitterende foto,s, daar moet toch meer over te vertellen zijn dan dit stukje.

Pork geeft de DUIM.
FAN wordt hij ook.

DRIMPELS.