Inburgeren met pijn- en scheurwerk in Thailand

Door Hanstao gepubliceerd op Friday 28 September 12:12

Het beklagenswaardige verhaal van een onhandige vreemdeling die in Thailand een huis laat verbouwen


Soms heb je invallen waarvan je denkt: Jááá, geweldig idee, doen we. Dat laatste zeiden Zij en ik tegen elkaar toen we besloten onze koopwoning helemaal naar ons zin te maken door er een ruime woonkeuken, een gerieflijklijke slaapkamer met terrasje en een badkamer aan toe te voegen.
Vier maanden later heeft een aantal gasten reeds van al dit moois genoten (zeiden ze). Wij echter worstelen met de naweeën van dit aanbouwproject: herstelwerk aan onze relatie, hevige ruzie met de aannemer en een fikse identiteitscrisis bij de aanstichter van dit alles, ik zei de gek.
En dat terwijl alles er in het begin zo eenvoudig, idyllisch bijna, uitzag. Eerst zoals dat hoort een offerte aangevraagd. Dat leverde een bonte stoet aan kandidaten op. Genieten hoor. Die drie man sterke Thai/buitenlander delegatie van een bouwfirma met Engelstalige website bijvoorbeeld. Er werd naar onze opsomming geluisterd, een snelle blik op het pand geworpen en een prijs genoemd. Dat bleek later de laagste en het verrukkelijke eraan was Het verrukkelijke eraan was dat de Thaise delegatieleider edere keer enthousiast ‘no problem, all inclusive’ riep als wie het lijstje opdrachten aanvulden met een even vergeten karwei.
Afgevallen dus, net als de snel geklede Thai met bloedmooie assistente, laptop en emailadres die wel de tijd nam en aandachtig naar al onze wensen luisterde. Twee dagen later kwam het beloofde mailtje binnen. Wij schrokken niet alleen van de prijs, maar ook van de meegestuurde bouwtekening. In ons buurtje had zijn droomhuis waarschijlijk grote ophef gebaard, maar met onze wensen had het niets van doen.
Bij de andere afvallers hoorde aanvankelijk ook een wat oudere Thaise ondernemer die in een krakende pickup arriveerde en trouwhartig vroeg of hij even potlood en papier mocht lenen, want vergeten. Ik zei nog, als het al zo begint, maar mooi dat deze man het uiteindelijk werd. Hai, was zijn naam, en de nicht van mijn geliefde had uitstekende ervaringen met Hai en zijn bouwteam. ,,NIet snel, wel goed en betaalbaar”, luidde haar aanbeveling.
Wij hadden - bewust van ons totale gebrek aan kennis - gebruikgemaakt van de gratis service van ons Tetsaban en onze wensen in een professionele bouwtekening te laten vertalen. Nou ja, gratis. De betreffende ambtenaar had het zeer druk met gratis zijn en gaf bereidwillig het telefoonnummer van een ex-collega die voor zichzelf was begonnen. We betaalden dus 2000 baht, de tekening met bijbehorende beschrijvingen zag er prima uit en Hai was ook tevreden: in twee maanden tijd zou alles gerealiseerd zijn, tegen betaalbare prijs waarbij inbegrepen alle benodigde materialen.
De zaak werd in een contractje vastgelegd, onmiddelijk gevolgd door de eerste vertrouwenwekkende activiteit van Hai. Een deel van onze ‘tuin’ werd omgetoverd tot  recreatie-afdeling voor zijn bouwteam: een kantine met zonnedak en een waterloos toilet dat ook dak en spiegel ontbeerde, maar wel met deurtjes om de bezoeker uit het gezichtsveld te houden.

                                                                   de recreatieafdeling

Vijf oktober 2011, een dag om nooit te vergeten. Met vier man en drie vrouwen rekende team-Hai in no time af met de overdekte carport aan de zijkant van ons huis. Het dak, de steunpilaren eronder en de buitenmuur met deur van de bestaande te kleine keuken waren foetsie. Mijn voorzichtige vraag hoe we nu ons huis moesten afsluiten stierf in schoonheid van wijsheid achteraf. Dat bleek namelijk ‘eventjes’ niet mogelijk. Omdat mijn geliefde - die een zo fijne neus heeft voor ‘bad people’  dat mijn nachtrust eronder lijdt - geen enkele aandacht aan ons plotselinge ‘open huis’ besteedde dacht ik: kop dicht, hoort bij de inburgering.
Daar draait het in dit verhaal namelijk om. Ik, een jaar permanent in Thailand, onmachtig in de Thaise taal, wilde me niet als de spreekwoordelijk ‘farang die alles beter weet’ gedragen. Van dat soort mensen, vond ik, had ik teveel ergerlijks gelezen over Thai die niks kunnen, die je besodemieteren, hun toezeggingen niet nakomen, enz. enz., waslijsten van klachten.
Ik, zo dacht ik, woon in een Thais huis, in een Thaise buurt waarvan de woningen door Thai zijn gebouwd. En er stort niks in, dus zijn er wel degelijk Thai die kunnen bouwen. Ok, ze doen het op hun manier, daar moet je even aan wennen. Zo zag ik bijv. een stalen labyrint verrijzen waarvan ik me - zonder verstand van zaken natuurlijk - afvroeg hoe dat in godsnaam het dak kon dragen.
Ik bespeurde lasnaden op rare plekken, in het labyrint zwierven staven waarvan ik me afvroeg, wat doen die daar. En mijn verbazing werd niet minder toen ik bemerkte dat de enige isolatie tussen staal en dakpannen aliminiumfolie was. Wel iets te dik voor het pakje brood of een klont sticky rice, maar toch, ik zag de (regen)bui letterlijk al hangen. Ik bleef echter vriendelijk lachen. En om Hai en zijn medewerk(st)ers niet het idee te geven dat ik aan vakmanschap twijfelde bestudeerde ik hun werk stiekum, als ze van het bouwtoneel waren verdwenen.

                                     raadselachtig labyrinth

Twijfels of niet, het gevoel van tevredenheid overheerste. Als de koffie werd rondgedeeld, een grapje gemaakt en ik met veel bewonderende blikken voor al het nieuwe moois me een duidelijk zichtbare happy farang toonde, voelde ik de geweldige impuls die dit bouwproject aan mijn inburgeringsproces leverde. Het feit dat wij bijdroegen aan het welzijn van een omvangrijke Thaise familie (Team Hai bestond uit naaste en verre familieleden) veroorzaakte soms spontane aanvechtingen om me bij hen te voegen. Vooral wanneer ze liggend op de grond genoten van een welverdiende en daarom natuurlijk ruimbemeten middagpauze.

                                                              intimiteit

Slechts de vrees dat dit vertoon van solidariteit ook uitgelegd kon worden als ongewenste intimiteit of domweg als ‘wat doet die gekke buitenlander hier’  zette een rem op de praktische uitvoering van dit soort spontane oprispingen.
De idylle was echter geen lang leven beschoren. Na een paar weken was het strafffe begintempo eruit. Team-Hai kwam soms in uitgedunde vorm opdagen (‘vandaag alleen cement’) of helemaal niet (‘nog even een ander klusje afmaken’). Ook bleek bij de eerste van onze voorzichtigheidshalve in termijnen gehakte betaling de dag erna ‘een traditionele vrije dag’. Onze termijnbetaling - en de drie latere - vielen namelijk toevallig samen met het uitbetalen van het zuurverdiende loon. Ik had intussen al vernomen dat Hai’s loonzakjes van uienpapier waren, dus dat zijn team na het bekijken van de inhoud een dag nodig had om de tranenvloed te stelpen vond ik vervelend maar wel begrijpelijk.
Echt senang voelde ik me echter niet als een teamlid, gekromd onder een stapel bakstenen, voorbij kwam strompelen terwijl ik fluitend op het terras een koel biertje openmaakte. Mijn poging om Hai een draagbare cementmolen aan te praten -zodat zijn echtgenote niet de hele dag kreunend van de pijn in de rug in een cementput hoefde te roeren - smoorde in een glimlach van onbegrip. En nee hoor, ik hoefde me geen zorgen te maken over de het maanlandschap in de tuin. Als ze eenmaal klaar waren zou er zo drastisch worden opgeruimd dat elk spoor van een verbouwing verdwenen was.

 

                                                                       maanlandschap

De laatste discussie die ik via mijn geliefde met Hai voerde ging over de bouwtekening. De man die die had gemaakt had er de ballen verstand van, was zijn boodschap. Het hele huis was volgens hem schuin tussen de een beetje taps toelopende ommuring gebouwd, maar de tekenaar had daar geen rekening mee gehouden. Daarom moest hij de zaak corrigeren door de uitbreiding direct tegen de achtermuur aan te bouwen. Wel zo handig ook zei hij, want dan zit er geen ruimte meer tussen dat deel van het huis en de muur. Al mijn tegenwerpingen dat juist de achtermuur taps toeliep en de muur aan de straatkant recht was verdwenen in een collectieve portie onbegrijpelijke Thaise logica, want mijn echtgenote bleek het roerend met Hai eens.
Indachtig het seer serieuze advies dat ik hier ooit eens van een expat met vele jaren Thailand-ervaring heb gelezen (je bent slechts gast in Thailand, dus een Thai heeft altijd gelijk) besloot ik mijn inburgeringscursus op ander spoor voort te zetten. ,,Gewoon laten gaan”, had een vriend van me al aangeraden en ik dacht, dat is het, ik bemoei me er niet mee, als er problemen zijn bepraat ik die wel met mijn vrouw, zij kan dan op Thaise manier de kwestie met Team-Hai bespreken.
Wat een desastreus besluit! Vanaf dat moment kwam het ene na het andere bouwprobleem onze relatie binnendenderen, de slaapkamer waar gewoonlijk groots en meeslepend werd genoten veranderde in een discussie-arena. Eerlijkheidshalve moet ik daarbij vermelden dat enige medisch malheur me plotseling in afhankeljkheid van anderen dompelde en een kort lontje opleverde waarvan de vonken maar al te gemakkelijk oversprongen naar haar aangeboren niet echt lange lontje.
Voeg daarbij dat ons eigen taaltje waarin we onder gewone omstandigheden goed kunnen communiceren - alleen geboren Engelslieden zullen daar nog iets van hun eigen taal in ontdekken - niet was berekend op bouwkundige termen als laspunt, winkelhaak, tegelsnijder en het rampenscenario is geschreven. Verantwoordeljk als ze zich voelde voor de keuze van Hai als project-uitvoerder werd elk kritisch woord van mij uitgelegd als een aanval op haar persoonlijk. En zo ging het inburgeren pijn doen.
Er kwamen ruzies tussen haar en Hai, altijd over geld, want Hai had zijn winstvoet afgestemd op naar eigen inzicht te kopen materiaal, dat hij tot ‘standard’ promoveerde en aanprees als duur en van fantastische kwaliteit. Als wij daar na enig overleg onze eigen kwaliteitsnormen op loslieten en dus naar de winkel togen (ik ken intussen elke bouwmarkt in een wijde cirkel rond Pattaya en Sattahip van binnen en buiten) om het materiaal zelf te kopen bleek ‘standard’ ineens spotgoedkoop. Logisch, want van onze aanschafprijs moest  hij zijn aandeel aan ons ‘terugbetalen’.
Ik werd intussen gek van al het geruzie. Ik begon mezelf af te vragen wat ik eingelijk in Thailand had te zoeken. Ik begon Thais en meer speciaal het soort met bouwgereedschap in de handen te haten als de pest. Lichtpuntjes als Somchai, de eenbenige plafondacrobaat die met een maat in een paar dagen tijd zwijgzaam en zonder pauze werkend de stalen dakspanten aan het oog onttrok zorgeden voor enige opluchting. 

                   plafondacrobaat

Maar die werd dan weer teniet gedaan door hevige ruzie tussen Hai en de baas van de plafondkunstenaars over de tussen hen afgesproken prijs. Ik dankte intussen Boeddha op m’n blote knieen voor de aankoop van ramen en deuren bij een door een Duitser geleid bedrijf in Pattaya. Geen centje pijn, alles snel en vakkundig geinstalleerd en een klein foutje werd na een telefoontje de volgende dag onmiddellijk verholpen.
Intusssen kwam Kerst dichterbij en raakte het project dat zestig dagen zou vergen danig in de overtijd-fase. Nu begonnen behalve irritatie ook zenuwen een geduchte rol te spelen. De jaarwisseling zouden we vrienden te gast hebben, direct daarna kwam familie uit Nederland over. Nog steeds was onze vesting voorzien van grote bressen waar ‘bad people’ eenvoudig koknden binnenstappen. Dat was niet de enige reden voor angst om het huis te verlaten. Iedere terugkeer leverde wel een leuke verrassing op,. Zo installeerde de elektricien-onderaannemer lampen op plekken die wij niet hadden aangewezen, kregen steunpilaren buiten een kleur die nooit door ons was besteld en tot overmaat van ramp kwam de keukeninstallateur - een vrolijk homo-type uit Pattaya dat de godganse dag riep ‘don’t worry, we are professionals’ - tot de ontdekking dat hij bij het opmeten van de keuken een ‘klein foutje’ had gemaakt.

 

 

 

                                                                                                                        "don’t worry"

Dankzij Hai’s logica was er in de keuken en badkamer geen haakse hoek te bekennen en jawel hoor mr. Don’t Worry had dit over het hoofd gezien en dus paste er geen enkel keukenkastje en werd ter plekke besloten de zaak passend te maken. Het komische beeld dat dit opleverde werd gladgestreken met de opmerking: don’t worry, als het granieten keukenblad eroverheen ligt zie je daar niks meer van.
Dat het keukenmeubilair vervolgens in de keuken zelf in de door ons gekozen kleur werd gespoten terwijl het stof van werkzaamheden elders vrolijk door de ruimte dwarrelde, ach, over zo’n snekkie kon ik me niet meer drukmaken. Mijn inburgering was bijna voltooid.
Alweer een misrekening. Er was inmiddels bijna open oorlog ontbrand tussen Hai, zijn potige zoon met sombere blik, en mijn gekwelde geliefde die niet meer wist waar ze het zoeken moest. Tegen mijn zin had ze Hai de laatste termijn betaald op 20.000 baht na,
Uiteindelijk betaalde ze. Klein foutje. Er ging namelijk van alles mis. Bij het installeren van een nieuw hek voor de ingang van het huis stortte een stuk van de door Hai en de zijnen met veel gezucht voltooide nieuwe            betonpaal in. Natuurlijk was dat niet zijn schuld maar die van de hekkenbouwer.
De tuin, inmiddels verworden tot een chaos van cement, stenen en afvalmateriaal, liet onze vriend met  een ‘komen we snel opruimen’ achter. Dat is er helaas nog niet van gekomen.                            even boren

Hai liet nog meer leuke souvenirs achter. Een gloednieuwe maar stinkende plee bijvoorbeeld door het onkundig installeren van de afvoer. Binnen een week na het door ons met opluchting gadegeslagen vertrek van Hai en zijn bouwteam trokken er twee grote scheuren in de ‘eerste kwaliteit bakstenen’ van de nieuwe muren.

scheurtje

Vrouwlief is intussen druk bezig met allerlei ingewikkelde procedures om Hai tot compensatie te dwingen. Ik heb er weinig vertrouwen in. Opvallend was wel het grote aantal ‘deskundigen’ dat langskwam om de schade in ogenschouw te nemen en weer te vertrekken met de mededeling ‘schande, wij hadden dat beter gedaan’.

Geplaagde echtgenote en overspannen ik namen vervolgens twee koene besluiten. Eerst hebben we de tijd genomen om bij een lekker hapje en een gezellig glaasje alles wat tussen ons was blijven hangen als gevolg van fouten in mijn inburgeringsproces uit te praten. Dat nam na enkele lange sessies de pijn in elk geval weg en klaarde de lucht op. Daarna hebben we zeven kuub aarde en zand laten aanrukken om de rotzooi buiten het huis onder een dikke laag Thaise grond te stoppen. Daar komen weer boompjes en plantjes op. Tegen de tijd dat die wortel hebben geschoten ben ik absoluut ingeburgerd. Of het huis er dan nog staat, ja dat is vers twee. Maar wie dan leeft, wie dan zorgt, zo Thais ben ik dan weer wel geworden.

 

 

Reacties (4) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Man, wat een drama! Wel blij te lezen dat in ieder geval het stucwerk in de relatie wel vakwerk is gebleken.
Dank, ik doe m'n best!
Goed geschreven artikel. Succes!
Duim.
Succes met je inburgering.