Het dagelijkse leven,waar in wij vaak geen waardering krijgen en het ook oneerlijk toe gaat.

Door Freuhl gepubliceerd op Friday 28 September 12:07

Type een korte omschrijving over uw artikel

Ooit was ik stuurman op zee bij de kleine handelsvaart en werkzaam bij de Oost Atlantic lijn te Rotterdam.In deze periode dat ik daar werkzaam was ca.twee jaar heb ik tot drie maal toe mensen gered.Niet dat ik daar zo trots op ben,ofschoon ik achteraf wel dacht dat ik wel een lintje had verdiend. Toch vind ik het menselijk gezien en de moeite waard hierover mijn verhaal te doen.De eerste maal voer ik op de Middellandse Zee ergens tussen Malta en de Afrikaanse kust,honderden mijlen van het land vandaan.Ik had als enige de wacht van 00.00 tot 0600 uur op de brug,het schip voer op zijn automatische Pilot,hetgeen betekent dat er geen roerganger nodig is.We waren onderweg naar Griekenland,er stond een stevig briesje,de golven hadden witte kopjes.Ik werkte aan boord twaalf uur per dag op zee, door wacht te lopen op de brug zes uur op en zes uur af,de kapitein deed dit ook,dus wisselde we elkaar iedere zes uur af.Onze taak was het schip op koers te houden,peilingen verrichtten om de positie te bepalen,s'middags nam ik een middagbreedte via de zon met een sextant,dan wist je precies op welke hoogte je zat,ook moest er wel uitgeweken worden en deden dat handmatig met de pilot..Met name voor visserlui,zeilboten en schepen die over stuurboord inkwamen indien er kans op aanvaring bestond.Zo brachten we het schip van A naar B.Wat er in de haven gebeurt is weer een heel ander verhaal.Het schip heette: Cornelia B VI,eigenaar Bosma. s'Morgens,zomerdag omstreeks vijf uur s'ochtends,stond ik met een bakkie koffie op de stuurboords vleugel buiten naar de witte kopjes van de golven te kijken.Onbegrijpelijk maar waar,plotseling zag ik ca.twintig graden over bakboord een hand met een arm even boven de witte golfjes uitsteken.Mijn eerste reactie was dan ook: ""Dan kan toch niet,onmogelijk,ben ik nu gek geworden."" Na vier minuten zag ik het nogmaals,deze maal veertig graden over bakboord.Ik zette meteen de motor op zeer langzaam en draaide het schip veertig graden naar bakboord.Even later kwam de kapitein op de brug en de eerste machinist.Beide vroegen wat er aan de hand was,waarop ik mijn ervaring vertelde. Vijf minuten keken we rond en zagen niets tot mijn grote frustratie.Waarop de kapitein tegen mij zei dat ik hallicuneerde,daar ik te lang op de brug stond. Er was al sprake van om weer terug op koers te gaan,toen de eerste machinist ook de arm ontwaarde. Gelukkig voor mij en de drenkeling,het schip lag vrij diep in het water en wisten hem den ook zeer snel aan boord te krijgen,waar hij het dek kuste.De man was niet in staat om te praten,hij was totaal oververmoeid en hebben hem met ondersteuning naar een vrijstaande hut gebracht,waar hij kon slapen met droge kleding handdoeken enz..Ik kon in elk geval naar bed om zeven uur tot de volgende wacht van twaalf uur die middag. De kapitein heeft via Scheveningen Radio de instantie's laten weten dat wij een drenkeling uit zee hadden gehaald op ca.400 mijl Oost van Malta,dat deze man nog niet aanspreekbaar was enz,enz, Op dat moment hadden wij de volle verantwoording over deze persoon,wat dus nu bekend was.Nadat ik gegeten had kwam ik om twaalf op wacht en loste de kapitein af.Deze was zeer zorgelijk over de drenkeling,hij zou alsnog kunnen sterven,misschien was die gek en zou rare dingen kunnen doen,kortom de kapitein was niet blij met de drenkeling en overwoog zelfs zijn hutdeur op slot te doen. De man was nog steeds niet aanspreekbaar,de machinist ging er regelmatig naar toe.Binnen twee dagen zouden we in Griekenland zijn en zal het wel opgelost worden. De kapitein maakte een uitgebreid rapport over de redding,die in het Engels was en ik niet onder ogen heb gekregen.Achteraf gaf hij zichzelf al de krediets voor de redding van de drenkeling op papier.De volgende dag kwam de waarheid aan het licht,de drenkeling bleek een Griekse zeeman te zijn,hij had twee jaar op een tanker gevaren met een contract voor die tijd.Zijn schip was onderweg naar Griekenland,hij zou naar huis gaan,tijdens zijn reizen had hij steeds geld opgenomen en was na bijna twee jaar een kapitaal geworden.Hij bewaarde het geld aan boord in zijn hut.Tot dat hij constateerde dat al zijn geld uit zijn hut was gestolen.De man was daar zo van aangeslagen dat hij besloot zelfmoord te plegen en besloot van de tanker in het water te springen.Toen hij eenmaal in het water lag,was zijn overlevingsdrang sterker,hij heeft dan ook 24 uur lang in de zee gedreven,de kans dat die opgepikt zou worden was minimaal. De man sprak geen Engels en was zeer moeilijk om een conversatie met hem te voeren. De zorgen van de kapitein namen wel toe nadat we zijn verhaal hadden begrepen en we bleven wel alert.                            We waren dan ook wel blij toen wij onze betemming bereikten in Griekenland,hier hebben we de man overgedragen aan de Griekse autoriteiten,als dank kwam de burgemeester van de havenplaats ons persoonlijk een handje geven.Dit was dan het eerste verhaaltje van een redding,het is langer geworden dan dat ik verwachtte.De tweede redding is de moeite waard,gewoon om te weten hoe het in deze harde maatschappij gaat,daarom beschrijf ik ook deze nog en stuur het op.

Ik voer op met m.s.Adine als stuurman,een coaster die voor de Oost Atlantic Lijn vaarde,de eigenaar van dat schip was de heer Balk.We kwamen net uit de Middellandse Zee vandaan,gingen het Engels Kanaal in,onderweg naar Rotterdam. Er stond een vrij harde Noord Westelijke wind met een korte golfslag.Die middag had ik van 1200-1800 uur de wacht,het zicht was goed.We zaten ca.honderd mijl van het eiland Guernsey,plotseling zag ik s'middags tegen drieen aan stuurboord veel rook. Ik bleef dit in de gaten houden met de verkijker,het kon een visserman zijn,die daar aan het werk was,maar ook een noodsignaal.Het bleek een jachtje te zijn,die stil lag en als een gek heen en weer slingerde in het nogal woelige Engels Kanaal.Het bleek dus wel dergelijk een noodsignaal te zijn en zette koers naar het jacht.Grote tankers of andere schepen varen meestal door,daar het verlies van uren bij dat soort schepen in de kapitalen kan lopen,meestal sluiten ze de ogen en doen net of ze niets gezien hebben. Ik verwittigde de kapitein en de machinist,deze laatste moet vaak de hulpmotor bijzetten wanneer het schip langzaam gaat varen.Zo als gerwoonlijk kreeg ik eerst verwijten,de kapitein uit zijn bed gehaald,misschien is er niets aan de hand enz, enz, Kreeg daar nu ervaring mee,voor de tweede maal.De mensen op het jacht,een man en een vrouw,stonden beide met de armen omhoog,helemaal in paniek te zwaaien. Het bootje heette Maggie Bee. We kwamen langszij en vroegen wat er aan de hand is.Ze hadden geen brandstof meer,waren verdwaald en wilden graag aan boord komen. Zo gezegd,zo gedaan,de mensen aan boord,maar wat nu met dat jacht.Om het te gaan slepen was geen doen,de kapitein beloot dat wij het jacht uit het water met de bomen moesten takelen en in het gangboord plaatsen.Ook wij slingerden behoorlijk toen wij stillagen,ondanks dat,toch de bomen van het schip omhoog,een boven het ruim en de ander buiten boord.Zogezegd een binnen en buitentakel met twee stroppen onder het jacht lukte het prima. Ook hier moest de kapitein de autoriteiten inlichten en de rederij,daar wij enige uren vertraging hadden opgelopen. Het Engelse echtpaar was erg blij met hun redding,ze kregen een hut en te eten en bleken achteraf helemaal geen verstand van zeevaart te hebben.Bij aankomst in Rotterdam begon het al goed,de kapitein,alhoewel een zeer goede zeeman, was gauw op zijn tenen getrapt.De zeeloods stapte aan boord en plaatste een hatelijke opmerking dat het geen manier was om een jacht op deze wijze aan dek te vervoeren.Ja toen was de kapitein aardig op zijn pik getrapt,we waren al blij dat we hem ondanks het slechte weer aan dek hadden gekregen..Eenmaal aangemeerd in Rotterdam kwamen er diverse instantie's aan boord,waaronder de rederij,de eigenaar v/h schip de heer Balk en de Pers.Deze keer kreeg ik van de kapitein al de krediet en werd er een foto gemaakt van het jacht met de Engelse vrouw en man en ik geleund tegen het jacht op de foto.De volgende dag stond de foto dan ook in de courant. Ik kreeg van de kapitein nog wel het advies,dat wanneer de heren journalisten meer wilden weten over deze reddingsactie,hun zou moeten adviseren mij uit te nodigen in een goed restaurant,waar ik dan mijn hele verhaal zou vertellen. Dit laat heb ik overigens niet gedaan.Uiteraard heb ik dit wel ter harte genomen voor een volgende keer. Maar nu kwam eigenlijk het mensontwaardige van deze gebeurtenis.De heer Balk,eigenaar van de coaster stapte naar de kapitein met de volgende mededeling.Hij moest de eigenaren van het jacht,dus dat Engelse stel mededelen dat hun jacht in beslag was genomen.Dit naar aanleiding  van het drie uur oponthoud op zee tijdens de reddingsoperatie wat er toe leidde dat er in Rotterdam een volle dag was verloren,dus een dag kosten voor het schip.Dit vertelde de kapitein aan mij en weigerde deze boodschap door te geven en verzocht de reder dit zelf te doen.Later hoorde ik dat de reder het jacht verkocht had aan een walmachinist en alle centen in eigen zak had gestopt. Eigenlijk,of beter gezegd Wettelijk behoort de opbrengst wat op zee is opgepikt verdeeld te worden onder de bemanning. Hiermede wil ik dan ook aangeven dat er ook een keerzijde aan de medaille zit en het in mijn ogen toch wel onmenselijk is om zo te handelen.Die mensen hebben misschien jaren gespaard voor dat jachtje en in eenklaps zijn ze alles kwijt.

 

 

 

 

Reacties (2) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Wat een verhaal! Inderdaad, sommige dingen begrijp je niet.
Is niet prettig om te lezen dit, maar goed tis wel een goed artikel.