Hoogstraat. Trefpunt aan de Vecht, Deel 1, Buurthuis Stella Maris

Door Parkmanager gepubliceerd op Friday 28 September 12:13

Beknopte geschiedenis van buurthuis "Stella Maris' in Utrecht.

De geschiedenis van club- / buurthuis Stella Maris.

1900

Het gebied Hoogstraat e.o. wordt vanouds gerekend tot het werkgebied van de Sint Josephkerk (1901) aan de Draaiweg. Naast kerkelijke activiteiten, werden vanuit de parochie ook andere activiteiten “ter verheffing van het volk” ontplooid. Eén daarvan was de oprichting van een groep zeeverkenners, die de Vecht als hun oefenterrein beschouwden. Zeeverkenners? Zee? Tja, het is bekend dat er op de Vecht al sinds jaar en dag deining is, maar eb en vloed?

Hoogstraat 31/33

 

Hoe dan ook: het thuishonk van de zeeverkenners was gevestigd in Hoogstraat 31-33, een tweelinggebouw (oorspronkelijke bestemming ??) dat ook dienst deed als dependance van de Sint Josephparochie.
De zeeverkenners kozen, misschien als tegenhanger van Joseph, één van de schuilnamen van Maria als hun titel: Stella Maris - Sterre der Zee. 
In het gebouw waren verschillende activiteitenruimtes, een kantoor- en spreekruimte en een sport- en spelzaal, die bij tijd en wijle als kapel werd gebruikt. Op de zolders lagen allerlei zeeverkenners- en
kampeerattributen opgeslagen, waaronder een aantal dekzeilen van hoge kwaliteit (van Lammerts–Van Bueren aan het Neude).
De activiteiten in Stella Maris (want ook het gebouw ging zo heten) werden georganiseerd door vrijwilligers uit de parochie en uit de buurt. Op hun beurt stonden zij onder leiding van een groep notabelen uit de wijk en die kregen weer allerlei adviezen en richtlijnen van de aalmoezenier.

1950

Halverwege de jaren ’50 is besloten om de activiteiten van Stella Maris onder te brengen in een stichting. Logisch, want de verantwoordelijkheid voor alles wat in Stella rondging lag formeel bij de parochie en het parochiebestuur. Het was al moeilijk genoeg om de kerk in goede staat van onderhoud te houden. De eventuele noodzaak om grote voorzieningen te treffen in Hoogstraat 31-33 zou dus slecht uitkomen. Bij de oprichting van de stichting Stella Maris Werk, werd het eigendom van het gebouw - waarschijnlijk voor het bekende symbolische bedrag van ƒ 1,- - overgedragen aan het stichtingsbestuur. In de statuten werd nog gesproken in termen van  “verheffing van het volk” en “onmaatschappelijkheidsbestrijding”. In het bestuur was een kwaliteitszetel ingeruimd voor de parochie, c.q. de aalmoezenier. Voor een eventuele latere wijziging van de statuten en voor vervreemding van bezittingen was goedkeuring vereist van het bisdom Utrecht.

1960

In de loop van de jaren ’60 werden kleine stukjes van het vrijwillige kerkelijke maatschappelijk werk (in katholieke parochies en hervormde gemeentes) “overgenomen” door professionals, vaak binnen het kerkelijke verband, maar in toenemende mate daarbuiten. Halverwege de jaren ’60 kwam bij Stella Maris de eerste parttime beroepskracht in dienst. Een deel van de kosten werd gedragen door het ministerie van cultuur, recreatie en maatschappelijk werk (CRM).

1970

In het begin van de jaren ’70 werd het mogelijk om extra middelen te krijgen voor buurten die hoog scoorden op de onmaatschappelijke ladder. De Rode-bruggers en Anthoniepleiners scoorden inderdaad hoog. De opleidingen en inkomens waren laag. De werkloosheid, de gezondheids- en gezinsproblemen waren groot. Communicatie en contact met de buitenwereld was er nauwelijks. Hoe ze dat laatste wisten ??   Gewoon ……..  bij de PTT het aantal telefoonaansluitingen opvragen. Er waren weinig aansluitingen in de Hoogstraat e.o.
Stella Maris werd een OBS-project. Opbouwwerk in bijzondere situaties. Met ingang van augustus 1973.
Dat leverde een smak geld op.

Lauwerecht / Spoorwegviaduct

Het oorspronkelijke “werkgebied” moest wel uitgebreid worden met:

  • Lauwerecht Noord = Lauwerecht - Goeman Borgesiuslaan tot aan de Draaiweg
  • de “overkant” = het gebied tussen Anton Geesinkstraat – Omloop – Vinkertlaan –Petemoederslaan
  • het Anthonieplein = een complex van 30 “bungalows” van de stichting Volkswoningen.

Stella Maris moest proberen om de (soms ernstige) schade die de bewoners hadden opgelopen in de woonschool, te herstellen.

Het werkgebied werd zodoende ongeveer 3x zo groot en er woonden om en nabij de 2500 inwoners. Stella Maris kreeg een staf van 9 (!) beroepskrachten 
2 peuterleid(st)ers / 1 kinderwerk(st)er / 2 jongerenwerk(st)ers / 1 volwassenenwerk(st)er / 1 maatschappelijk werk(st)er / 1 opbouwwerk(st)er / 1 projectleid(st)er. Daarnaast nog 1 beheerder/-ster en 1 interieurverzorg(st)er.
Dat paste natuurlijk niet allemaal in Hoogstraat 31-33. Kort nadat de bezetting compleet was (na de zomer van 1974), werd de benedenruimte van het badhuis aan de Loevenhoutsedijk in gebruik genomen als tijdelijke kantoor- en vergaderruimte.

1975

Ongeveer 1,5 jaar later  - waarschijnlijk eind 1975 – werd begonnen met de verbouwing van de voormalige
school aan de Anthoniedijk.

De verbouwing

Het nieuwe Stella Maris is waarschijnlijk in gebruik genomen in de tweede helft van 1976.

 

Voor het betrekken van het nieuwe pand gold een voorwaarde: 
de groep hangouderen, die bij goed weer het bushokje bij de Rode Brug bezet hielden en bij slecht weer naar de eerste verdieping bij Anton Geesink klauterden, moesten overdag de beschikking krijgen over een ruimte op de begane grond.
Dat was jammer, want daarmee was de enige grote ruimte niet meer flexibel inzetbaar. Aan de andere kant: een (trap-) lift zat er niet in en de Vriendenkring was nu eenmaal ook een groep van (grotendeels) buurtbewoners.
Het was ook niet zomaar een groep: het zal in Nederland niet vaak vertoond zijn, dat een groep verongelijkte hangmannen een politiebureau gekraakt heeft, omdat ze meenden dat ze een dak boven hun hoofd moesten hebben.

Verhuizing

In dezelfde tijd, dat de verhuizing van de Hoogstraat naar de Anthoniedijk werd voorbereid, werd ook gewerkt aan een statutenwijziging. Daar waren verschillende redenen / aanleidingen voor. Bijvoorbeeld de stevige veranderingen in de maatschappij en in het werk. Uitdrukkingen als “verheffing van het volk” waren niet echt populair meer, omdat die als bevoogdend en arrogant beoordeeld werden. Daarnaast was er geen binding meer met de kerkelijke oorsprong van het clubhuiswerk. Niet onbelangrijk was ook een afweging van financiële aard. Het werk van Stella Maris werd – op een beetje eigen inkomsten na – geheel door de overheid betaald en hebben we het over enkele tonnen (in guldens) per jaar. Dat verhield zich niet goed met de statutaire zeggenschap die de Sint Joseph-parochie en het bisdom nog steeds hadden.
De nieuwe naam na de statutenwijziging: stichting Buurtwerk Stella Maris.

Hoogstraat 31/33

Het oude gebouw in de Hoogstraat is op enig moment gesloten en afgestoten, waarschijnlijk in ’78 of ’79. De eerste tijd na de oplevering van het nieuwe Stella, zijn de kinder- en jongerenwerk activiteiten (met name sport en spel) in de Hoogstraat gebleven.
De kwaliteit van het oude gebouw liep echter gestaag achteruit. De geschiktheid van het gebouw was altijd al twijfelachtig geweest. De brandveiligheid zou nu (2012) een reden geweest zijn, om de tent onmiddellijk te sluiten. In sommige ruimte kwam geen daglicht binnen. De veel te steile trap naar de eerste verdieping hing letterlijk in de muur van de buurman – hij moet jarenlang het gevoel gehad hebben, dat er over hem gelopen werd.

Verkocht

Het gebouw in de Hoogstraat is uiteindelijk verkocht aan een aannemer annex kleine projectontwikkelaar, die er de huidige appartementen in gebouwd heeft.
De opbrengst van het gebouw …………....  ??
De bestemming van die opbrengst ……..… ??
Het is ongetwijfeld ter beschikking gekomen van de stichting. Ik weet niet of het – geheel of gedeeltelijk – toegevoegd is aan het normale budget, dat gebruikt werd voor personeelskosten, huisvestingskosten, activiteiten, enz. Het zou ook goed kunnen, dat het bedrag – geheel of gedeeltelijk – in mindering is gebracht op het subsidie, dat de overheid jaarlijks aan Stella Maris beschikbaar stelde.

Bezetting Stella Maris

Stella Maris kreeg dus ook de beschikking over het pand aan de Anthoniedijk. De welzijnsorganisatie runde het buurthuis en al haar activiteiten tot 1989. Uit ongenoegen over het functioneren van Welzijn hebben de buurtbewoners het pand gekraakt en Welzijn de toegang ontzegd. Vanaf dat moment runden vrijwilligers de activiteiten tot nu toe. De financiële afwikkeling van huur en onderhoud bleef wel bij Welzijn tot 1 januari 2009. De afdeling DMO van de gemeente droeg vanaf die tijd de verantwoordelijkheid voor de huur, gas en licht.

Tussenstap

Toen er in 1995 dóór de buurt en vóór de buurt plannen gemaakt werden voor een stuk nieuwbouw langs de Vecht en de Loevenhoutsedijk onder de nu bekende naam "Utregs Geluk" is er tijdens de Planidentivicatie een convenant opgenomen dat het college van B&W ondertekend heeft. Daarin is opgenomen dat er in onze buurt een buurthuis functie zal blijven bestaan. Heel goed dat het buurtcomité dat toen heeft laten doen want bij de eerste ronde van opheffen van buurthuizen was Stella Maris er ook een van. Dát konden we dus gelukkig terugdraaien en de buurthuis functie bleef. Dankzij het convenant!

Inkrimping

Door inkrimping van alle buurthuizen in de stad was ook het aantal m2 van Stella Maris teruggedrongen tot de benedenverdieping. De gemeente heeft onderzocht of de bovenverdieping verhuurd kon worden maar dat bleek geen haalbare kaart. Overigens gingen de kosten voor dat enorme pand wel gewoon door.

2011

Begin 2011 kwam plotseling de boerderij aan de Jagerskade 4 leeg. Dat was voor de gemeente aanleiding om aan de gebruikers van Stella Maris voor te stellen daar naar toe te verhuizen zodat het pand aan de Anthoniedijk leeg zou komen. De gebruikers stonden daar niet onwelwillend tegenover mits er aan hun wensen voldaan kon worden.

 1977, Jagerskade 4


Zo is de boerderij in zijn geheel verbouwd tot ruimten die volgens de gebruikers ingericht moesten worden. Voorwaarde van de gemeente was wel dat er een Stichting Stella Maris opgericht diende te worden. Omdat zij alleen maar zaken doen met een rechtspersoon. De stichting is nu in oprichting.
Die stichting zou dan, naar de wens ven de gemeente, in zelfbeheer gerund moeten gaan worden.
Gezien de locatie en de activiteiten zal er naar onze mening meer gedacht moeten gaan worden in een groei-zelfbeheer omdat ons buurthuis niet te vergelijken is met bijvoorbeeld De Nieuwe Jutter of Geuzenwijk.
Dit is veel kleinschaliger. Wellicht dat er voor de exploitatie een verdeelsleutel verzonnen moet worden. Huur, groot onderhoud vastgoed, gas en licht, verzekeringen door de gemeente en de kosten voor activiteiten door de vrijwilliger te verdienen uit de opbrengsten van de consumpties en eventuele verhuur aan derden. Het is niet de bedoeling commercieel te gaan verhuren. Wel kan er aan gebruikers buiten de buurt wel een kleine vergoeding gerekend gaan worden. Eigen activiteiten gaan altijd voor op activiteiten van buiten de buurt. Natuurlijk moeten we stimuleren tot dubbel-gebruik van de beschikbare ruimten. Gebruikers zijn wel verplicht consumpties van het buurthuis te gebruiken en te betalen tegen vastgesteld tarief.

Nu

Stella Maris aan de Athoniedijk is opgeheven. Het is nog steeds eigendom van de gemeente.
Het nieuwe Stella Maris aan de Jagerskade 4 wordt inmiddels intensief gebruikt en is een waardevolle toevoeging aan onze buurt.

Tot zover.
Jan.

Reacties (2) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Dank u wel!
Mooi verhaal over het verleden naar de toekomst een aanrader voor dit platvorm.
Pork geeft de DUIM.
DRIMPELS.