Wet op de vaste boekenprijs

Door Debjahh gepubliceerd op Friday 28 September 12:08

Wet op de Vaste Boekenprijs In 2005 is de Wet op de Vaste Boekenprijs in het leven geroepen, waarin een vaste prijs voor Nederlands- en Friestalige boeken wordt geregeld

Bij de Wet op de Vaste Boekenprijs wordt er onderscheid gemaakt tussen gedrukte en niet-gedrukte boeken. Onder gedrukte boeken worden o.a. romans, studieboeken en bladmuziek verstaan. De definitie van een gedrukt boek is de volgende:

Een boek is een werk dat tekst in de Nederlandse en/of Friese taal bevat, uit papieren bladzijden bestaat, is voorzien van een titel en bestemd is voor de verkoop aan eindafnemers.

De vaste boekenprijs wordt door de uitgever gemeld aan het commissariaat voor de media, welke de controle op het naleven van de vaste boekenprijs beheerd. De uitgever mag na een half jaar de vaste boekenprijs veranderen, na verloop van een jaar mag de vaste boekenprijs zelfs worden opgeheven. Niet-gedrukte boeken, e-books, vallen niet onder de wet.

Het instellen van deze vorm van marktordening was in de ogen van de overheid noodzakelijk om een aantal zaken te realiseren. Er zijn een aantal argumenten waarmee voorstanders de keuze voor deze marktvorm onderbouwen:
- Zo stellen zij dat er een divers aanbod van boeken wordt gestimuleerd, aangezien er van de uitgevers verwacht wordt dat zij investeren in de uitgave van boeken met een kleiner verwacht lezerspubliek en daardoor commercieel niet rendabel zijn.
- Daarnaast is het gefundeerd op het voorkomen van oneigenlijke concurrentie. Zij die achter de vaste boekenprijs staan verwachten dat het loslaten van de vaste boekenprijs veroorzaakt dat niet-boekhandels (bijv. supermarkten) boeken als serviceartikel tegen geen of weinig marge gaan verkopen.
- Ook op basis van het in stand houden van een fijnmazig distributienetwerk is er voor de huidige vorm gekozen. Er wordt niet geconcurreerd op prijs, waardoor kleine boekhandels levensvatbaar blijven en Nederland een hoge dichtheid aan boekhandels kent.

Waar liggen de belangrijkste knelpunten?

Met de invoering van de Wet op de Vaste Boekenprijs werd er een nieuw marktmechanisme op de boekenmarkt geïntroduceerd. De overheid reguleert de boekenmarkt om een aantal publieke belangen te waarborgen. Toch zijn er bij de werking van deze markt een aantal knelpunten te noemen.

- Belemmering van de marktwerking
- Marktmacht

Knelpunt 1: Belemmering van de marktwerking
De invoering van de vaste boekenprijs heeft met zich mee gebracht dat de prijs op de boekenmarkt niet wordt vastgesteld door het principe van vraag en aanbod. Dit heeft het volgende tot gevolg:
De prijs van de boeken wordt in principe kunstmatig hoog gehouden om de ‘elite’ boeken te kunnen financieren. Voor het merendeel van de consumenten betekent dit dat zij teveel voor hun boek betalen. Er zijn namelijk meer boeken die worden verkocht waarvan de prijs kunstmatig hoog gehouden wordt, dan ‘elite’ boeken die met dit geld gefinancierd worden en zo onder hun marktprijs worden verkocht.
Boekhandelaren kunnen onderling moeilijk concurreren, de prijzen van alle boeken worden immers door de uitgevers bepaald en zijn voor alle boekhandels gelijk. Op deze manier wordt het de boekhandels moeilijk gemaakt om met’ lokkertjes’, denk bijvoorbeeld aan een bestseller onder de kostprijs, klanten te trekken.

Knelpunt 2: Marktmacht
De invoering van de wet op de vaste boekenprijs zorgt ervoor dat de uitgever veel macht in de markt heeft. Zij bepalen namelijk als enige de boekenprijs. Dit heeft het volgende tot gevolg:
- Doordat de uitgever in principe vrij spel heeft om de prijs van een boek te bepalen, wordt de concurrentie in de verticale bedrijfskolom behoorlijk beperkt. Zowel de schrijver als de boekhandel heeft geen zeggenschap in de bepaling van de prijs. Voor de boekhandel heeft dit als gevolg dat zij weinig tot geen onderhandelingsruimte hebben over de winstmarge.
- Omdat er voor elk boek een vaste prijs wordt gehanteerd geeft dit weinig noodzaak tot innovatie bij vooral de uitgever. Doordat de uitgever zelf de prijs van een boek bepaald, kan hij zelf de prijs zodanig vaststellen dat alle kosten worden gedekt en dat de winstmarge voor hem zo optimaal mogelijk is.

Alternatieven

Er zijn twee alternatieve marktordeningvormen te onderscheiden voor de boekenmarkt. Het eerste alternatief kenmerkt zich door een mengvorm van een vrije markt en overheidsregulering, het zogenaamde ‘’hybride model’’. Daarnaast is er de marktvorm waarin de prijs wordt vastgesteld door het mechanisme van vraag en aanbod; de volledige vrije markt. Bij het belichten van de alternatieven zullen de volgende zaken in kaart worden gebracht: Het juridische aspect, het toezicht op de markt, de economische gevolgen en de machtsverhoudingen van de actoren.

 

Alternatief 1: Het hybride model

Juridische situatie
Om de juridische situatie van het hybride model in kaart te brengen, wordt er gebruik gemaakt van een landenvergelijking. Dit omdat er in landen waar de vaste boekenprijs is afgeschaft altijd een vorm van overheidsregulering is blijven bestaan. Onderstaand wordt er specifiek gekeken naar een land waarin geen systeem van Vaste Boekenprijzen meer wordt gehanteerd.

Verenigd Koninkrijk
Het Verenigd Koninkrijk kende sinds 1900 wetgeving die vergelijkbaar was met de Nederlandse Wet op de VBP: the Net Book Agreement. Nadat enkele boekenketens met succes een procedure hadden aangespannen, is deze wet in 1995 buiten werking gesteld. Er zijn in het Verenigd Koninkrijk echter wel een aantal andere maatregelen ingezet om de beschikbaarheid van boeken te bevorderen:

- Nultarief BTW: er wordt in het Verenigd Koninkrijk geen BTW betaald over boeken.
- Subsidies: er worden subsidies verstrekt aan auteursorganisaties
- Bibliotheken: bibliotheken worden gefinancierd vanuit lokale belastingen
- Public lending rights scheme: auteurs ontvangen van bibliotheken een vergoeding van 3,5 eurocent per uitlening.

De afschaffing van de vaste boekenprijs heeft in het Verenigd Koninkrijk geleidt tot drie ontwikkelingen:

- Een daling van de gemiddelde boekenprijs
- Een toenemend marktaandeel voor de grotere ketens op de boekenmarkt.
- Een toename van verkoop van boeken door branchevreemde bedrijven, zoals supermarkten en tankstations.

Het is interessant om te kijken naar de ontwikkelingen omtrent een vaste boekenprijs of juist de afschaffing daarvan in een ander Europees land, omdat men in Nederland kan leren van deze ontwikkelingen. De vaste boekenprijs was, zoals u hierboven heeft kunnen lezen, niet echt een succes in het Verenigd Koninkrijk. De lering die men in Nederland hier wellicht uit kan trekken is om te kijken naar de andere maatregelen die het Verenigd Koninkrijk nu heeft ingesteld om de boekenmarkt optimaal te laten werken. Mocht de Wet op de vaste boekenprijs in Nederland worden afgeschaft, dan kan deze informatie helpen om een betere inschatting te maken van de eventuele gevolgen van bepaalde maatregelen. (bijvoorbeeld subsidies).

Bij de vaste boekenmarkt wordt er gedacht aan een segmentatie op basis van boeksoort. Voor sommige deelsoorten, zoals studieboeken en wetenschappelijke literatuur zou een vaste boekenprijs kunnen blijven gelden. Voor andere boeken (voor het gemak duiden we ze aan als leesboeken) kan de bestaande regelgeving dan opgeheven worden. De prijs van deze boeken wordt dan dus simpelweg bepaald door de wetten van vraag en aanbod. Het hybride model biedt dus deels ruimte voor vrije prijsvorming: het stelsel van vaste boekenprijzen zou voor een deel van de bestaande boekenmarkt losgelaten kunnen worden. In plaats daarvan zouden andere stimulerende maatregelen ingezet kunnen worden om de cultuurpolitieke doelstellingen van de huidige vaste boekenprijs te borgen. Voorbeelden van deze maatregelen zijn de volgende:

- De overheid kan, rechtstreeks of via bijvoorbeeld cultuurfondsen, de auteurs subsidiëren.
- Er kan, net als in een aantal omringende landen, een BTW-nultarief voor boeken worden ingevoerd.
- Instellingen die het lezen van boeken bevorderen, zoals bijvoorbeeld bibliotheken kunnen verder gesubsidieerd worden.

Toezicht op de markt
Een verandering op de markt, in de vorm van het hybride model, brengt ook een verandering in de vorm van toezicht met zich mee. In de huidige marktvorm (Wet op de vaste Boekenprijs) is het commissariaat voor de media het toezichthoudende orgaan. Bij het hybride model zal de rol van het commissariaat veranderen doordat er slechts voor bepaalde genres boeken een vaste boekenprijs gehandhaafd blijft. Doordat er in het hybride model ook sprake is van vrije marktwerking moet de overheid ook op andere punten controle uitoefenen. Zo is er de mogelijkheid dat de bedrijven onderling prijsafspraken maken, om (overige) concurrentie te verzwakken of zelfs uit te schakelen, de overheid moet vormen van marktfalen tegengaan.

De economische gevolgen
Een hybride model stimuleert de concurrentie in hoge mate, juist in die segmenten waar concurrentie ook mogelijk is. Een groot deel van de afnamen van bijvoorbeeld studieboeken is afhankelijk van de mate waarin opleidingen bepaalde boeken voorschrijven, en is daarmee weinig prijselastisch. Juist die boeken die in een hybride model onder de vrije prijsvorming vallen zullen naar alle waarschijnlijkheid goedkoper worden: boekhandelaren hebben immers een bepaalde marge om korting te geven, maar ook uitgevers zullen sterken onderling op kosten moeten gaan concurreren. Het aantal en de spreiding van boekhandels is wellicht één van de belangrijkste argumenten voor dit systeem. Boekhandels die zich specialiseren in bepaalde niches kunnen nog steeds werken met het stelsel van de vaste boekenprijs, bijvoorbeeld als het gaat om boekhandels die zich specialiseren in studieboeken. Andere ondernemingen, zoals supermarkten, gemakswinkels en kantoorboekhandels winnen een stuk ondernemersvrijheid omdat ze voor een groot deel van hun boekenassortiment nu zelf de prijsstelling mogen bepalen.

Daarnaast is het een belangrijk voordeel dat de cultuurpolitieke doelstellingen van het huidige systeem gewaarborgd kunnen blijven. Enerzijds doordat bepaalde uitgaven onder de vaste boekenprijs blijven vallen, en anderzijds omdat cultuursubsidies andere uitgaven mede mogelijk maken. Dit werpt echter meteen een nieuwe vraag op: door wie moet vastgesteld worden wat beschermenswaardige uitgaven zijn, die voor een vaste boekenprijs in aanmerking zouden kunnen komen? Voor studieboeken en wetenschappelijke literatuur is het voorstelbaar dat sommige uitgaven zowel als studieboek, en als leesboek gebruikt worden. Wanneer uitgevers de mogelijkheid krijgen deze status toe te kennen, bestaat het risico dat een onevenredig groot deel van de uitgeven via een omweg alsnog weer onder de Vaste Boekenprijs valt.

Het hybride model dwingt naar verwachting minder tot innovatie dan het volledig vrije model. Bijzondere uitgaven, zowel op educatief als op cultureel gebied blijven immers onder de vaste boekenprijs vallen. Voor de andere categorieën geldt met dat zij ook in het huidige stelsel waarschijnlijk al genoeg commercieel potentieel voor uitgave bieden, en dat uitgeverijen hierdoor dus niet sterk gedwongen worden tot ingrijpende koerswijzigingen.

De machtsverhouding van de actoren
In het hybride model veranderen de machtsverhoudingen minder ingrijpend dan in het volledig vrije model. Toch zullen enkele ontwikkelingen vergelijkbaar zijn met een volledig vrije marktwerking.

Zowel de schrijvers als de boekhandels krijgen meer macht bij de bepaling van de winstmarges. Nu de uitgever niet meer als enige de prijs vaststelt, is er meer onderhandelingsruimte. Bij deze vorm van marktordening hebben schrijvers en boekhandels beiden meer mogelijkheden om tussen uitgevers te kiezen. Dit brengt met zich mee dat de macht van de uitgevers hierdoor afneemt, omdat zij zich nu moeten gaan onderscheiden. De toezichthouder blijft op bepaalde segmenten van de markt toezicht houden. Het gedeelte van de markt waar de prijs bepaald wordt door vraag en aanbod zal onder de NMA vallen.

 

Alternatief 2: De volledige vrije markt

Wanneer de huidige marktvorm wordt vervangen door een volledige vrije markt betekent dit dat de prijs tot stand komt door een samenspel van vraag en aanbod. In deze marktvorm bestaat er geen overheidsingrijpen als subsidies en belastingen.

Juridische situatie
In tegenstelling tot de vaste boekenprijs is er op de volledig vrije boekenmarkt geen sprake van een juridisch gereguleerde vaststelling van de prijs. De prijs wordt namelijk bepaald op basis van het mechanisme van prijsvorming.

Er zijn echter wel juridische aspecten die gelden op de volledig vrije markt. Zo mogen er geen onderlinge prijsafspraken gemaakt worden die de mededinging beperken. Dit is vastgelegd in artikel 6 van de Mededingingswet:

- Artikel 6
Verboden zijn overeenkomsten tussen ondernemingen, besluiten van
ondernemersverenigingen en onderling afgestemde feitelijke gedragingen van
ondernemingen, die ertoe strekken of ten gevolge hebben dat de mededinging op de
Nederlandse markt of een deel daarvan wordt verhinderd, beperkt of vervalst.

Deze wet is een stimulering voor de vrije concurrentie op de Nederlandse markt. Het zorgt ervoor dat het bedrijfsleven scherp blijft en is tevens goed voor de consumenten, aangezien de prijs niet door kartelafspraken te hoog wordt gehouden. De wet is in lijn met de Europese regelgeving opgezet. Echter voor de mededingingsregels geld dat niet de Europese Commissie, maar de lidstaten zelf toezicht dienen te houden op eerlijke concurrentie binnen haar eigen landsgrenzen.

Het toezicht op de markt
In Nederland ziet de NMA, de Nederlandse Mededingingsautoriteit, toe op naleving van de Mededingingswet op de Nederlandse markten. Echter, de boekenmarkt in haar huidige vorm valt buiten het gebied dat het NMA controleert. In een volledig vrije markt zal het NMA vanzelfsprekend wel de toezichthouder op de markt worden, aangezien de Wet op de Vaste Boekenprijs dan vervalt. De Mededingingswet wordt de regelende wet voor de markt.

Dit betekent voor het Commissariaat voor de Media, de huidige toezichthouder op de boekenmarkt, dat haar functie komt te vervallen. Immers, in de huidige situatie is het zo dat de uitgever de door hem vastgestelde verkoopprijs voor een boek meldt aan het Commissariaat die er op toeziet dat deze prijs wordt gehandhaafd.

Economische gevolgen
De vaststelling van de prijs in een volledig vrije boekenmarkt is zoals gezegd compleet anders ten opzichte van de vaststelling van de prijs in het huidige systeem. De boekhandelaar wordt in dit systeem de partij die de verkoopprijs van het boek vast gaat stellen.

Er zijn verschillende scenario’s denkbaar:

- Schrijvers sluiten contracten met boekhandelaren over de overdracht van rechten of royalty’s.
- Uitgeven en drukken wordt een dienst van derden, die simpelweg wordt ingekocht.
- Uitgeverijen blijven de toegangspoort tot de markt: zij bepalen in overleg met boekhandelaren welke oplages aangeleverd moeten worden en vergoeden de schrijver vervolgens voor het gebruik van diens werk.

Het ligt in de lijn van de verwachting dat een volledig vrije markt mengvormen van bovenstaande zal kennen: bekende schrijvers van bestsellers kunnen simpelweg makkelijker rechtstreeks onderhandelen met boekketens dan schrijvers van boeken in kleinere oplage.

Wanneer er een volledige vrije markt is, betekent dit dat de prijs geheel bepaald wordt door de vraag naar en het aanbod van boeken. Nu er geen vaste boekenprijs meer bestaat, kunnen boekhandelaren zelf ‘spelen’ met de prijs. Voor populaire boeken zouden zij bijvoorbeeld een lagere prijs kunnen vragen om consumenten te lokken, voor ‘elite’ boeken zouden zij nu in staat zijn om een wat hogere prijs te vragen, omdat er weinig vraag naar is.

Dit mechanisme zorgt er voor dat de concurrentie tussen de boekhandelaren toeneemt en de prijs van boeken daalt. Het is immers niet meer vanzelfsprekend dat een bepaald boek overal even duur is en boekhandelaren moeten zich nu proberen te onderscheiden.
Naast concurrentie op de markt van de boekhandels is er ook concurrentie tussen de uitgevers. Nu het niet meer vanzelfsprekend is dat elk boek dezelfde prijs heeft, kan de boekhandel ‘kiezen’ tussen de verschillende uitgevers. Dit zorgt ervoor dat ook de uitgevers zich moeten gaan onderscheiden, wat hier voornamelijk uitmondt in verschil in prijs. Om deze prijs laag te kunnen houden moeten de uitgevers op zoek naar drukkerijen die goedkoop boeken kunnen drukken.

Een van de belangrijke cultuurpolitieke argumenten voor het stelsel van de vaste boekenprijs is de diversiteit van aanbod die dit met zich meebrengt. Er wordt gesteld dat het stelsel van de vaste prijzen extra marge genereert, die uitgevers geacht worden te steken in het publiceren van commercieel minder interessante uitgaven. Het gaat dan bijvoorbeeld om “hogere literatuur”, wetenschappelijke uitgaven of niche-uitgaven. Een feitelijke controle in de zin van regelgeving is er niet op dit principe.
Het is niet eenvoudig te voorspellen welk effect een volledig vrije boekenmarkt op deze diversiteit zal hebben. In het vorige hoofdstuk is het Verenigd Koninkrijk geanalyseerd. Afschaffing van de Vaste Boekenprijs heeft hier niet geleid tot een minder divers aanbod, maar deze gegevens worden wellicht vertekend door de set aan vervangende maatregelen die in dit land is ingevoerd na het afschaffen van de vaste boekenprijs.

Doordat uitgevers nu genoodzaakt zijn zich te onderscheiden, leggen zij een prijsdruk op de verschillende drukkerijen. Om als drukkerij zowel goedkope als kwalitatief goede boeken te kunnen drukken is innovatie geboden. Om zowel de eigen winstmarges te behouden/verhogen en de goedkoopste aanbieder te zijn, zullen de drukkerijen effectiever en efficiënter moeten gaan produceren.

Een voordeel van de vaste boekenprijs is de geografische verspreiding van boekhandels. Doordat er geen prijsconcurrentie bestaat kunnen boekhandels naast elkaar bestaan zonder met elkaar te moeten concurreren.

Wanneer er een volledige vrije markt komt, is concurrentie geboden. Met name voor de wat kleinere boekhandels kan dit betekenen dat zij het hoofd niet boven water kunnen houden, omdat zij te weinig middelen hebben om zich te kunnen onderscheiden.

Machtsverhoudingen van de actoren
De rollen van de verschillende actoren op de boekenmarkt zullen ook een verandering ondergaan bij het in werking treden van de volledig vrije boekenmarkt.

De marktmacht in het huidige stelsel ligt nu tweezijdig bij de uitgevers: enerzijds vormen zij een poortwachter tussen schrijvers en boekhandel: in veel segmenten bepalen zij immers welke boeken in welke oplage en met welke promotie verschijnen.

Dit kan verregaande gevolgen hebben: daar waar uitgevers nu logischerwijs vaak ook drukkerijactiviteiten ontplooien, kan deze rol in het meest extreme geval volledig wegvallen. Met het verdwijnen van het stelsel van de vaste boekenprijs verdwijnt immers ook de bepalende macht om uitgaven in het Nederlandse taalgebied van een vaste prijs te voorzien.

Dit opent de weg voor (bekendere) schrijvers om bijvoorbeeld rechtstreeks met ketens van boekhandels te onderhandelen over de inkoopprijs. De boekhandel of schrijver in kwestie kan in deze situatie de dienst “drukken” simpelweg inkopen in landen waar de drukkosten aanmerkelijk lager liggen dan in Nederland. Voor het bestsellersegment kan een mogelijke consequentie dus zijn dat de traditionele rol van de uitgever in het geheel komt te vervallen.

Het Commissariaat voor de Media zal verdwijnen uit het netwerk van de actoren. Het NMA zal de rol van toezichthouder op de markt op zich nemen. Ze zal er op toezien dat er daadwerkelijk een vrije markt is, zonder kartelvorming en prijsafspraken.
 

Reacties (1) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
interessant