De tweede, onbekende, Slag om Arnhem (1)

Door Weltevree gepubliceerd op Friday 28 September 12:13

Vandaag herdenkt een Arnhems meisje de persoonlijk veldslag tegen vooringenomen jongensboeken

Achter mijn rug is de keuken 

met het Melita mini koffiezetapparaat

(2 kopjes) 

 

Langzaam is de afgeleefde dag

in eenzame gelatenheid door gevoelloos beton getrokken

 


Op de achtergrond murmelt boomschorsig de tv als het morsig structuurbehang achter het beeldscherm. Zodra het gesausd wordt kan het nog wel vijf jaar mee. Waarschijnlijk grijpt de wandbekleding zich al vijftien jaar wanhopig vast aan de harde, weinig poreuze muren. Tegen wil en dank. Of zie ik dat alleen zo omdat ik mezelf vanaf Ethiopië op dezelfde wijze staande houd? In hangen en wurgen, omdat hoop doet leven en het anders zeker niets wordt.

Tussen de hal en de kamer, in de hoek onder de open spiltrap, ben ik veilig. De hardhouten treden vormen een sierlijke boog boven mijn hoofd. Typen. Dat is wat ik doe. Dag aan dag, al maanden. Om alles waar mijn kind niets van weet in woorden om te smelten. Ik moet het doen voor een nieuwe toekomst, maar zeker ook voordat het te laat is. Als het nu niet gebeurt, doe ik het misschien nimmer meer en zij heeft er recht op. 

 

Zinnen dienen recht te doen 

 

 

aan al wat onbegrepen, ongehoord, achter me begraven ligt.

 

Lichtende voorbeelden staan in mijn brein geëtst, als tere aquatinten. Gebeiteld of zacht gepenseeld en die ervaringen moeten ooit de vrije ruimte krijgen om de sfeer die de beelden maakten. In mijn computerhoek, achter het zelfgebouwde schild van lege schilderdoeken, dat de warme lucht behoedt om rechtstreeks door het trapgat te verdwijnen, is het fifty-fifty. Gelijk spel. Zoveel schitterende overwinningen, naast evenveel hartverscheurend verlies. Deze fase van mijn leven is in balans met het worstelen tegen demonen die niemand zag. Behalve een moeder.

 

Dit huis, deze loze harde blokkendoos, zegt me niets

 

 

  behalve dat ik er al zo lang van af wil 

 

De maissonette is ruimer dan ruim, maar heeft geen ziel en het intense verlangen naar vroeger wordt erin versterkt door de intense leegte. Nooit was ik hier echt gelukkig nadat mijn taak klaar was, de rug naar de knoppen en het leven een andere wending moest krijgen. Vreselijk heb ik mijn best gedaan, dat wel, zoals altijd, maar toch leek de kracht eruit. Dat speciale waarmee alles overwinnelijk is en wat me overal doorheen heeft gesleept kwam alleen nog in vlagen terug. Alsof ik te vroeg teveel daarvan heb opgebruikt en nu moet accepteren, dat is ook leren, dat de jaren niet meer worden gedragen door die meegeboren Dora-kracht. Goed doseren is minder spectaculair, niet iets dat anderen opvalt, maar op zichzelf een hele opgave voor mensen zoals ik... Ook na diverse verbouwingen, eigenhandig timmerwerk, bleef dit huis leeg. Het nam mijn energie niet op. Logisch ook want beton, dat kille rechte levenloze, is niets voor mij. Nooit geweest, maar zijn noodgrepen dat ooit wel?

 

1982.

 

Ik ben moe, heb behoefte aan rust en warmte, maar innerlijk erger ik me dood aan het plotselinge medeleven als we op bezoek zijn. Nu het niet meer hoeft, mijn vader gestorven is en ons leven in Zwolle overhoop ligt, begint ma zich voor mij te interesseren? “Ik heb een leuk huis gevonden,” smoest ze tussen neus en lippen door. Weinig enthousiast laat ik me overhalen en (meer om haar te plezieren) rijden we er met zijn drietjes heen.

“Ma, ben je gek? Een lekkere ben jij. Dat gigantisch pand kan ik toch nooit betalen.” Het klinkt bozer dan ik  bedoel want ik gniffel ook om wat ze mij kennelijk toevertrouwt. Ze laat zich niet afschrikken, is er in de bus te vaak langsgekomen, zegt ze en:  "Steeds denk ik, dit is het helemaal!" klinkt het vastberaden. Te oordelen naar de post achter de brievenbus staat het al lang leeg en het rare grote gebouw is ook flink verwaarloosd. Statig is het wel, twee onder één kap en er zit geen één normaal hoekje aan. Ma heeft verdorie gelijk, het past me in alle opzichten als een oude uitgewoonde, maar warme jas. We kunnen enkel aan de zijkant in het pad door de hoge statige ramen het grote atelier met de plavuizen vloer bekijken. 

"Makkelijk schoon te maken, zie je wel?" fluistert ze. Ineens verdenk ik haar ervan dat ze het eerder heeft bekeken, er een keer speciaal voor uit de bus is gestapt, maar dat ontkent ze. Haha, alsof ik haar niet ken, voor een leugentje meer of minder draait zij de hand niet om. Thuis blijf ik weerbarstig, wil enkel koffie en zwijg, Verder niets, nada niente. Veel te moe ben ik. Dit gedoe komt een jaar te vroeg en daarnaast heb ik beslist geen zin in de zoveelste op hande zijnde teleurstelling.  

“Maak een afspraak met de makelaar, joh. Een bezichtiging kan geen kwaad. Nee heb je al!” dringt ze aan en om van het gezeur af te zijn, bel ik. Oef, de volgende dag kunnen we er al gaan kijken. Ik wist het wel, bijna twee ton. Zoveel geld heb ik nog nimmer bij elkaar gezien. Zinloze actie. Na al het andere dat de laatste tijd fout is gegaan kan ik geen geldzorgen gebruiken. Op ben ik... eerst wil/moet/zal ik in alle rust nieuwe energie opbouwen, mijn kind opvangen dat nog aangeslagen is. 

Inmiddels ben ik al wel stiekem verliefd op dat vermaledijde huis. Het vreet zich door mijn hoofd, want het heeft precies alles wat nodig is en ik weet best dat ik er de hele wereld mee zal verslaan, maar... ik ben uitgewoond, hondsmoe. Niet lichamelijk, maar geestelijk. Dat pand is misschien van binnen amper bewoonbaar en... Ik heb te weinig op de bank en... Ik wilde nooit een huis kopen en... Ik haat schulden en...

Wat zou mijn vader adviseren? Jammer dat hij niet meer leeft, dan konden we samen het achterstallige onderhoud aanpakken, maar... hij zou het vast zien zitten, zeggen dat het juist NU wel moet omdat ik een nieuw bestaan op moet bouwen. Weg uit Zwolle. Weg van het verraad waar de lucht nog van nazindert. Weg van vrienden die geen vrienden zijn gebleken. Van vaders die geen vader meer willen zijn. Te veel oneerlijke pijn.

Ik kan het natuurlijk zelf opknappen van iedere eigenhandig verdiende cent, als mijn bedrijf eenmaal loopt, mijmer ik toch in verloren uurtjes.

 

Die zolder... met zijn opwindende stoere oude balken...

 

Met twee brede koekoeken waardoor je over het mooiste stukje van de heuvel kijkt... Het sfeertje en als klap op de vuurpijl die extra bonus. Vanaf het grote platte dak kijken we over heel Arnhem. Er is voldoende ruimte voor een immens terras, waarop ik de blauw-witte tuinstoelen met de luxe parasol al zie staan. De makelaar is inmiddels per verdieping 10 000 gulden met de prijs gezakt alsof het peanuts is. Hij glimlacht voorkomend en meegaand, ziet de koop al zitten. De oude Rijnbrug, waar zo om gevochten is, piept door de bomen en de kerk in Elst is zelfs te zien. Hebberig opgewonden word ik ervan. We zijn onervaren troela's, laten te veel blijken hoe enthousiast we zijn. De verkoper hoort uiteraard ook dat we al weten hoe we dit zo of dat zo  kunnen opknappen en die troep in de achterste slaapkamer is makkelijk te verhelpen met een nieuw behangetje... Hij wil weten wat de plannen zijn met dit pand en plotseling, tijdens de sumiere uitleg, blijft hij stokstijf staan, met grote ogen. Midden op die verliefdmakende zolder bevriest ons tableau vivant van drie generaties en wacht tegenover hem op goedkeuring. Waarom kijkt hij zo donker?

"Hoe durft u mijn tijd zo te verspillen?" valt hij denigrerend uit. Ik schrik van de onprofessionele toon. "Wonen en werken, wat is daar zo vreemd aan?" vraag ik onschuldig, maar wij moeten niet denken dat hij gek is, want- blablabla. Spottend bekijkt hij me van top tot teen. Is hij nou gek of zijn ma en ik van de ratten besnuffeld? Mijn verontwaardiging, wij zijn klant, dus koning, neemt de macht over.

“Denkt u dat me dit niet lukt? Als ik iets echt wil dan krijg ik dat voor elkaar, gelooft u dat maar.”
Hij lacht me met gitzwarte ogen recht in mijn gezicht uit, wordt nog bozer.
“Haha, wat denk JIJ wel?” Is 'u' ineens overbodig? Zijn wij minderwaardige armoedzaaiers?

“Ongehoord. Zoiets achterlijks heb ik in mijn héle carrière nog niet meegemaakt.” bijt hij ons toe.
“Vanuit de bijstand een huis kopen, haha, laat me niet lachen. Dat lukt niemand en pffff, dat krijg jij zéker niet voor elkaar!  Een KUNST-e-NAAR!?!" Hij gooit het van zich af alsof hij ondergedoken NSBers heeft ontdekt. "Geen bank trapt dáár in. Zo gek zijn ze niet. Zelfs niet met een gedegen businessplan." Woest bonkt de man in het nette pak de zoldertrap af. Zijn attachékoffertje, waaruit de glimmende brochure kwam, strak onder de arm geklemd. Bedremmeld volgen we. Buiten keurt hij ons geen blik meer waardig, draait met gierende banden door de bocht en schiet vlak voor een auto de hoofdweg op.

Het is door hem dat in mij een laaiend vuur ontsteekt dat sinds de scheiding, vier jaar geleden, niet meer zo opgefokt heeft gebrand. Nadat mijn dochter bij haar vriendinnetje is afgezet geven ma en ik thuis een uur lang onze boosheid de vrije teugel. Drie turven hoog, 32 jaar,  sinds zeven maanden vaderloos, word ik een magische kathedraal van moed en wanhoop. Samen. Ma en ik. Voor het eerst van mijn leven. Dat samen zet gebeeldhouwde spitsen op mijn barokke klokkentorens. 

Na dat weekend maak ik in Zwolle een afspraak bij het CWI. Niet bij de gangbare persoonlijk ambtenaar maar met zijn supervisor. Hem ken ik al vanaf de scheiding.

 

 

“Ik wil het legaal doen. Met jullie toestemming." 

 

Hij hoort me rustig aan, glimlacht regelmatig, knikt en schudt soms zijn hoofd.

"Ik mag niet de kans lopen alles terug te moeten draaien en te worden beboet. Dan ga ik failliet.” Hij lacht vrolijk, maar het voelt niet echt goed. Niet stimulerend zoals ik had verwacht. 

"Ha ha, die Dora. In de bijstand ben je altijd al failliet, haha. Daar kom je niet uit zonder een fatsoenlijke baan."  Ik mag hem méér dan me lief is, maar de zo leuke vriendelijke kop schudt meelevend en toch wat meewarig. Ineens voel ik me dom. Alsof hij denkt: Daar is die vrijgevochten Dora weer, met haar vermaarde wilde plannen. Inderdaad, hij wordt bloedserieus en nee, dit is volgens hem een te gek ongehoord plan, dat helaas tot mislukken is gedoemd. Hier kan hij zijn accoord niet aan geven, want ik ga met de kop tegen de muur lopen. Is hij bezorgd? Wil hij me ontmoedigen? Verdorie, nu heb ik een medestander minder.

"Maar, wat belangrijker is, ik heb er niets over te zeggen. Jij moet het in Arnhem aankaarten." Even ben ik van slag. Hij kan vanuit hier niet, als vertrouwenspersoon, iets met Arnhem regelen?

“Ik zou je graag helpen, echt waar. Jij bent een leuk portret, zelfstandig en een sterke doorzetter. Ik vind jou een bijzondere vrouw, maar dit krijg zelfs jij van zijn leven niet voor elkaar.” Wil hij me uiteindelijk makkelijk wegkletsen? Niet snel van mijn stuk laat ik me toch ook niet door complimentjes intimideren.
“Oké, maar als het me bij hen toch lukt?”

Hij lacht, mag mij óók meer dan hem lief is, vermoed ik al een tijdje.
“Door, ik zie heus wel dat je niet te stoppen bent. Het is een goed plan dat best zou kunnen slagen, maar vanuit de bijstand zal het nooit lukken. Geloof me nou maar.” Lachend, makkelijk zat, neemt hij me bij de schouder want ik zal dit immers altijd moeten verliezen. Wellicht doet hij uit baldadigheid die belofte. Of omdat hij mijn teleurstelling ziet. “Luister, ik zal het goed met je maken. Als je dit kunststukje bij de collegae in Arnhem wel kunt verkopen en het inderdaad bolwerkt, betalen wij de verhuizing.”

De slag om Arnhem is begonnen.

Voor deel twee, klik hier.

 

Reacties (19) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
op naar deel 2
Een duim en ik duim !
Ongelooflijk! Ik snap wel zijn aarzeling, vanuit de bijstand is het nu eenmaal niet simpel. maar om jullie zo uit te lachen, gaat mij te ver.
Ik wens je gigantisch veel succes. De vastberadenheid heb je al.
Overigens heel mooi beschreven. Dit kon zo in een roman, weet je.
duim!
Oeps, ik was verstrooid. Ik had echt niet door dat dit in het verleden was. Maar ik heb een geldig excuus: je schrijft zo overtuigend dat ik gewoon vergeet dat het al gebeurd is.
Nu naar deel 2 van de slag!
Wat een tweede slag zal er geslagen zijn... onbekend maakt zeker nite onbemind. ben benieuwd naar het vervolg.
Dae slag om Arnhem ben benieuwd naar een vervolg! Duim Taco
Oorlogsretoriek, ik voel de slag al aankomen. Ik zet mijn geld op jou! DD