Gelukkig ben ik geen echte vent.

Door Weltevree gepubliceerd op Friday 28 September 12:14

Ik geef meteen toe dat ik het natuurlijk helemaal niet goed in kan schatten. Toch lijkt het mij soms ook tobben als man tussen ingewikkelde vrouwen.

Uit pure nieuwsgierigheid 

zou ik tijdelijk zo’n wormvormig aanhangsel willen hebben

 

Zo’n ding waar je in je eentje van kunt genieten, maar dat ook op jouw commando moet presteren of wat redelijk ongecontroleerd zijn kop opsteekt, ook als het je niet uitkomt. Ik weet hoe het is om hem te ontvangen en er genot van te krijgen, maar hoe is het om met je eigen lijf je liefste te penetreren? Geen idee. Hoe voelt dat orgasme?

Voor de rest lijkt het me niet erg verlokkelijk om een man te zijn.

Misschien ligt het aan de voorbeelden?

Ik ben bijna vijf jaar jonger dan mijn broer en ik was eerst trots op hem 

Dat een ouder kind meer rechten had was normaal. Niets om jaloers op te zijn, want ooit kreeg ik die rechten ook. Het was wachten tot ik lezen kon en dan… Voor de kleuterschool, dacht ik dan ook dat het zo hoorde hoewel het onaardig voelde. Het verschil dat ma tussen broer en mij maakte viel op. Kleuters zien, horen en voelen, slaan dat op doch ze kunnen er niets tegen doen. Een lastpak, zoals ik kennelijk was, kent er de goede woorden niet voor, maar op je vierde voel je wel het verschil tussen rechten en privileges. Later las ik dat het machteloosheid heette wat in het eerste jaar van de Fröbelschool vanbinnen begon te wringen. Ik vond het oneerlijk hoe ma met twee maten mat. Zo werd mij bijvoorbeeld op het hart gedrukt dat ik eerlijk moest zijn, maar zijzelf nam het daar niet zo nauw mee. Ook broer loog of het gedrukt stond zonder te worden gestraft. Dat ma wat dat betrof tussen hen en mij verschil maakte vond ik gemeen. Broer sloeg ze ook nooit!

 

Hoe kon het dat ma niet zag dat haar zoon mijn speelgoed kapot maakte? Het meest verbaasde het mij hoe die twee mijn vader bedotten. Tijdens het warme eten klaagde ma over die dag en daarbij kreeg ik altijd de schuld van hun ergernis, zelfs als ik niets had gedaan. Dat broer me gemeen kneep en hoe hij mij bang maakte mocht ik echter niet eerlijk vertellen en dat hij zoveel sterker was telde niet mee. Het werd steeds erger. Tot hij zelfs in bed stiekeme dingen deed, die ik niet wilde. Dat hoorde niet en hij hield ook niet op als ik me verweerde. Bij de derde keer was ik erop voorbereid en werd woedend, krabde, gilde en sloeg van me af, dreigde het aan papa en mama te verklappen. Daarna hield het op, maar inwendig was ik heel boos. Ook over de andere dingen. Inwendig boos, zeg ik, want ik liet het wel uit mijn hoofd tegen ma te protesteren na die ene keer dat ik over hun oneerlijkheid geklaagd had. Dat leverde, op zijn zachts gezegd, géén goed gesprek op, laat staan iets van troost. Ik kon echter niets daarvan tegen mijn vader zeggen, want de nonnetjes op de kleuterschool leerden ons dat klikken niet lief was en dat Onze Liever Heertje dat niet aardig vond. Dat wilde ik niet riskeren, want Jezus was volgens mij mijn enige redding. Het was lang geleden dat papa verbood mij te slaan en mama had wel naar hem geluisterd.

 

Het oneerlijke moest echter wel ophouden!

 

Ik besloot in bed, na veel avonden nadenken en overleg met mijn 'nepmama', om het aan de echte moeder vragen! Het moest niet brutaal klinken en ik hoopte dat het veilig was. Zorgvuldig koos ik het tijdstip. De thee was op, ze was rustig aan het naaien voor mevrouw Witjes en ik zat bij haar aan tafel met mijn kleurboek.

“Mamma, waarom vraagt u mij iets te doen als ik geen nee mag zeggen?” Oef, foute boel. Ze sprong op en ik zag hem gelukkig aankomen. Hij trof geen doel. Steppen verleer je niet als je het eenmaal kunt. Zelf stond ik er versteld van hoe razendsnel ik die hand ontweken had. Tot de volgende totaal onverwacht wel aankwam. Hoog boven me torende ze uit, hijgde met een rood hoofd en ik wist dat mijn broer vanuit de gang toekeek. Hulp had ik van hem niet te verwachten. Mijn wang gloeide en teleurgesteld staarde ik haar aan. Stomverbaasd. Het was een vergissing geweest om te hopen dat ze lief zou zijn geworden. Nog eens uithalen durfde ze niet, maar haar ogen brandden gaten in de mijne. Vastberadenheid won het. Ik had hier te goed over nagedacht en weigerde mijn hoofd te buigen of weg te draaien want ik mocht wel zelf denken. Papa vond dat goed.


Mijn hart bonkte bijna uit mijn borst, maar toch was ik trots het te durven en eigenwijs siste ik dat het oneerlijk was. Sprakeloos was ze. “U doet net of ik kan kiezen, maar ik moet altijd ja zeggen,” fluisterde ik en haar hand schoot omhoog, maar bleef halverwege in de lucht hangen. Heel even knipperden haar ogen alsof ze van zichzelf schrok.
“U kunt het beter opdragen. Ik mag toch niet kiezen en als ik nee zeg zwaait er wat.” Ineens greep ze me bij de schouders en duwde me ruw richting keukendeur. “Broer zegt ja, doet nee en dan moet ik zijn werk doen,” riep ik struikelend over de drempel. De bitse uitroep dat ik me schamen moest om altijd het laatste woord te hebben, konden de buren helemaal over de muur achterin de tuin horen. Het huilen stond me nader dan het lachen, maar tranen zouden die twee nooit meer zien. Mijn held en enige bondgenoot kon me niet helpen. Het duurt nog heel veelste lang voordat papa thuis komt.

Tegen twee kan ik niet op en naar papa luistert ze ook niet, dacht ik verdrietig, ver weg van de keuken. Achterin de tuin drentelde ik langs de schuurdeur op en neer. De oude damesfiets leunde er tegenaan waar ik op wilde leren fietsen. Hij was te groot, de banden lek, maar de driewieler was ik helaas ontgroeid…

Het was een diepe tuin die iets afliep en eindige bij de bakstenen muur waar de groene houten schuur voor stond. Onder het raam groeiden lange stelen met tere bloemen die op trompetjes leken, maar bekjes heetten. Ik zag er geen leeuwen in, maar ze hadden mooie kleurtjes, wit met rosé. Soms bleef daar regenwater in staan. Vandaag niet. In de 'werkplaats',  zoals papa de schuur noemde, nam de oeroude draaibank de hele breedte in beslag. Hij was van beeldhouwer-opa geweest (die ik nooit had gekend) en aan de wanden hing het 'papa-gereedschap'. Die twee daar binnen moeten me niet, hebben graag dat ik voor eeuwig opgehoepeld ben.

Het weer was goed. Boos pakte ik de autoped uit de schuur en zonder iemand te waarschuwen verdween ik door de smalle poort tussen de hoge Brusselse huizen, om een stuk door het park te crossen. Lekker uitwaaien. Ik moest er een drukke weg voor oversteken, maar lette altijd goed op. Met de step genoot ik van het leven, kon ik vrij denken, genieten van de wind om mijn hoofd en de tranen laten vloeien. 

 

 

Papa kan hier ook weinig aan doen. Ja, hij kan heel veel en ook mijn pop weer maken als ze zomaar ineens geen armen of benen meer heeft. Papa kan bijna alles, maar niet mama lief maken. Gelukkig maakt mama het ook wel vaak gezellig. Dan is papa erbij, ben ik veilig. Van die momenten word ik wel heel blij. Ze weet heel goed wat de mannen nodig hebben en we krijgen mooie kleren aan, maar het lijkt alsof ze mij voor alles straft, ook voor wat ik niet heb gedaan. Wist ik nou toch maar eens hoe ik haar aardiger kan maken. Kinderen verdienen toch geen klappen?

Die middag besloot ik in Sonsbeek, toen ik bij de hertenkamp bleef kijken naar de nieuwe bambi's die al weer groter waren dan de week ervoor, dat ik nooit zo wilde worden als mijn broer met zijn stiekeme streken. Eerlijkheid was makkelijker. Ik zou later liever zijn dan mama. Het leek mij veel fijner om een mama te zijn zoals mijn vader, die wel blij met me was als zijn zonnetje in huis. Al verlangde ik ernaar dat we het als kinderen samen tegen mama op konden nemen, ik wist dat broer daar nooit aan mee zou doen.

Toen ik eindelijk lezen kon verzoop ik in boeken met families die wel waren zoals ik wilde. Daar stonden moeilijke woorden in en het bleek dat ik niets abnormaals verlangde. Daardoor had ik óók geen behoefte meer aan de 'nepmama' die ik voor mezelf verzonnen had. Ze leek vanbuiten wel zo mooi als mama, maar zij was aardig, troostte verdrietjes weg en bij haar mocht ik wel op schoot als ik er zin in had. Zij vond niets onzin, hoorde mij.

 

Later bouwden ma en ik een betere relatie op

Alles wilde ik weten over haar leven. Dat vond ze eng en ze voelde zich vaak aangevallen, maar soms keek ze ook ontzettend treurig. Ik kwam erachter dat ze echt niets van moederen wist.

“Ma, hoe kwam het dat jij als vrouw niet aanvoelde wat wij nodig hadden?”

“Maar ik deed wel heel erg mijn best.”

“Oh, maar ma, dat zag iedereen. Je maakte het gezellig, naaide alle kleren voor ons en was trots dat we er netjes bijliepen van zo weinig geld. Je wist wat je wilde, werkte als een paard, zette je in voor wat extra welvaart, was goed voor broer en pa, maar…”
Ze was echt blij dat ik dat tenminste toch wel had gezien.
“Snap je dat ik, jouw dochter, iets anders nodig had?” Ze kon me dan aankijken alsof ze bang was dat ik haar levend ging villen.
“Och ma, het is juist zo heerlijk. Je baby, in die zoete wolk van jouw geur in de armen hebben. Eindelijk, na zo lang wachten. “

Triest schudde ze haar hoofd.
“Het wezen waar je negen maanden op hebt gewacht, waarmee je hebt gepraat, gezongen en gedanst. Waar jij je op hebt verheugd omdat het de liefde voor je man vertegenwoordigt. Hoe heerlijk om dat te mogen verzorgen.” Ik werd er zelf wee van om het met haar te delen, zo diep ging moeder zijn voor mij en zij? Mijn moeder keek alsof ik van Venus kwam terwijl zij op Mars thuis hoorde, want bij mij had ze méér dan vier maanden ontkend dat ik onderweg was.
“Kind ik was doodsbang na de zware bevalling van je broer, waar ik bijna bij gestorven was.” Ach gossie… nog spatte de angst van zo lang geleden van haar gezicht. Om mij te krijgen zal inderdaad wel erg confronterend zijn geweest, met het vermogen overal doorheen te prikken.

 

Na te veel tegenslag zag ik het op mijn vijfenvijftigste niet meer zo zitten

 

Ik bekende de opgesnorde psycholoog dat ik blij was met mij en natuurlijk wilde hij wat meer van mijn jeugd weten. Ik bekende dat ma het goed had bedoeld, maar geen kinderen had mogen krijgen.

“Ja, als ze volwassen zijn, maar dan is de bevalling uiteraard erg moeilijk. Haha. Je hebt het er als kind mee te doen en destijds wist niemand wat een postnatale depressie was.” Gelukkig had ik die materie bij mijn scheiding allemaal op een rijtje gezet, dus dat hoefden we niet allemaal meer door te spitten. Nu kwam ik om Ethiopië, mijn dochter, broer en Popke (het Canada-verhaal), op te rakelenen en een plek te geven.

Toen ik uitlegde dat ik geen zin meer had om alle tegenslag

alleen te dragen, begreep hij dat dondersgoed

 

Reacties (18) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
De inleiding deed even iets anders vermoeden. Mooie en verassende opbouw, maar dat is al eerder gezegd.
Ik werd verdrietig van je verhaal. Het overviel me, en nu, terwijl ik mijn reactie type is dat gevoel nog niet helemaal weg. Kortom: knap gedaan.
Geweldig geschreven. Hoe ik over mijn moeder denk, heb ik al in een andere reactie geschreven.

Ik sluit me dan ook aan bij Nyn: van man naar vader en broer en dan naar moeder. Ook voor mij zit er een prachtige opbouw in en dit eindigt uiteindelijk in de beschrijving van de verhouding met je moeder.
geweldig geschreven weer, ook maar gelijk fan geworden.
mooi en aangrijpend verhaal duim
Heel leuk en aangrijpend geschreven! Duim en fan erbij!
tja,mijn moeder heeft het munchhausen by proxy syndroom.dat is iemand ziek praten ten voordele van zichzelf.dat doet ze dus al jaren bij mij,waardoor ik door haar syndroom vroeger naar een speciale school moest,omdat zij dacht,dat dat moest.hartstikke fout dus.!
ik heb haar daarmee geconfronteerd,maar begrijpen doet ze het nog steeds niet helaas.
dus een moeder was ze niet.

inclusief mijn vader die en een gigantische perfectionist is en zwaar parkinson heeft,waar alles door aangetast wordt.
ik ben al jaren water en vuur met mijn vader,en jongste dochter is zijn oogappeltje.

dus ook een echte vaderfiguur is hij dan ook helaas nooit geweest.

en alsof de geschiedenis zich herhaalt;jeugdzorg pretendeert dat ik het ook niet zou kunnen,dus ja,ook mijn mama zijn is.....ja wat eigenlijk.?

duim.!
Dank jullie wel...