Huiselijk geweld en aangifte doen

Door SeeTekst gepubliceerd op Friday 28 September 12:14

SeeTekst interviewde Marieke over haar ervaringen met huiselijk geweld.

Marieke deed aangifte van mishandeling

‘Het was mijn schuld, daar ging ik zelf in geloven’

Als politieagente heeft Marieke (32) regelmatig te maken met gevallen van huiselijk geweld. Ze adviseert vrouwen om aangifte te doen tegen hun partner en legt hen uit hoe de procedure in zijn werk gaat. Marieke zei altijd ‘dat zal mij nooit overkomen’, maar het overkwam haar wel. Want huiselijk geweld kan iedereen overkomen.

“Ik heb aangifte gedaan tegen Hugo en op dit moment zit ik middenin de procedure, die nu al negen maanden loopt. De kans dat het daadwerkelijk tot een veroordeling komt is klein, maar ik ben al tevreden als er hardop door de rechter wordt gezegd dat Hugo schuldig is. De uiteindelijke straf die hij krijgt, maakt me dan niet uit. Ik heb geen enkel contact meer met hem en ik hoop dat mijn aangifte een waarschuwing is voor nieuwe vriendinnen. Het erge is dat hij ook aangifte tegen mij heeft gedaan. Ik zou hém mishandeld hebben. Omdat ik bij de politie werk, denken mensen dat de procedure bij mij anders of sneller zal verlopen, maar dat is onzin. In dit geval ben ik gewoon burger en kan ik niets anders doen dan afwachten. En dat wachten is echt verschrikkelijk.”

Verliefd
“Ik leerde Hugo in september 2004 kennen. Het was liefde op het eerste gezicht. En liefde maakt blind, dus toen hij al na twee weken vroeg of ik bij hem in wilde trekken, twijfelde ik geen moment. Zijn huis was dichter bij mijn werk en we zouden elkaar veel vaker zien. Achteraf zag ik pas in waarom hij me zo snel had gevraagd: als ik bij hem woonde had hij meer macht over me. Snel samenwonen is kenmerkend voor een man die zijn vrouw mishandelt. Zo kan hij je snel afhankelijk van hem maken. En hij vond het wel makkelijk, een ‘huisvrouw’ in huis. Maar daar dacht ik helemaal niet aan, ik wilde gewoon graag bij hem zijn. Al vanaf de eerste weken begon hij me heel subtiel te bewerken. Omdat ik onregelmatige diensten draai, kwam het wel eens voor dat ik laat uitsliep. Toen ik nog in mijn eigen huis woonde, toonde hij daar alle begrip voor. Nu was uitslapen ‘onzin’ en zonde van de dag. Uitslapen was er dus niet meer bij. Natuurlijk had ik op dat moment nog niet in de gaten dat dit het begin was van alle ellende. Of liever: ik wilde het niet zien. Het is misschien moeilijk te begrijpen, omdat ik als politieagente als geen ander zou moeten weten hoe zulke mannen te werk gaan. Maar nu het me zelf overkwam liet ik het gebeuren. Hij wist het altijd zo te draaien dat het mijn schuld was. Ik kreeg dat zo vaak te horen, dat ik er zelf in ging geloven. En ik was verliefd.
Onze eerste echte ruzie hadden we ongeveer een maand nadat we waren gaan samenwonen. Over iets onbenulligs, maar het was wel heftig! We waren op een feestje en omdat ik een drukke week had gehad was ik ontzettend moe en wilde ik graag op tijd naar huis. Toen ik vroeg of hij mee ging, negeerde hij me gewoon. Ik ben toen even een frisse neus gaan halen en dat viel verkeerd. Hij kwam achter me aan en verweet mij dat ik alles voor hem verpestte het voor hem en dat ik alleen maar aan mezelf dacht. Ik verdedigde mezelf natuurlijk, maar daar wilde hij niks van horen. Hij werd daardoor zelfs zo kwaad dat hij me hardhandig vastpakte, door elkaar schudde me bij de keel greep en tegen een muur duwde. Het ging allemaal zo snel, dat ik later pas zag hoe erg ik mijn knie bezeerd had. Mijn eerste smoes was een feit: ik was gevallen. Het gekke was dat ik tegen iedereen ging vertellen dat ik gevallen was, terwijl er niets aan me te zien was. Het was winter, dus ik droeg een lange broek, maar toch liet ik het iedereen weten. Op dat moment had ik gemakkelijk weg kunnen gaan bij Hugo. Ik had mijn eigen huis aangehouden, had een baan, een auto. Ik was op geen enkele manier afhankelijk van hem, maar toch bleef ik. Ook nu was het allemaal mijn schuld, de ruzie, dat hij door het lint was gegaan. Ík had hem zo kwaad gemaakt. De verliefdheid won en ik vond dat hij echt zijn best deed, af en toe.”

Op mijn tenen
“Omdat ik dacht dat onze ruzies inderdaad vaak mijn schuld waren, ging ik op mijn tenen lopen. Als ik beter mijn best zou doen, dan zou het wel goed komen. Ik zat middenin een slechte relatie en zag gewoon niet hoe stom ik bezig was. Soms vond ik wel dat hij te ver ging en dan zei ik er wel wat van. De ene keer werd hij kwaad, de andere keer ging het daarna juist een tijdje beter. Maar echt goed is het als ik terugkijk nooit gegaan. Veel mannen die agressief zijn tegenover hun vrouw of vriendin, zijn enorme egoïsten. Ze denken alleen maar aan zichzelf en willen dat hun vrouw er voor hen is. Iets teruggeven, doen ze niet. Zo ging het bij ons ook. Als ik iets leuks wilde doen, had hij daar geen zin in. Samen winkelen, uit eten, met de hond wandelen. Altijd reageerde hij heel afwijzend. Dan was ik zo teleurgesteld, dat ik op een gegeven moment zelf ook nergens meer zin in had. Als ik dan al eens ergens enthousiast over was, wist hij dat altijd te verpesten. Hij leefde zijn eigen leven en ik moest me maar aan hem aanpassen. Ook tegenover zijn twee kinderen uit een eerder huwelijk was hij heel egoïstisch. Kinderen willen spontane dingen doen, maar daar had Hugo helemaal geen zin in. Vooral zijn dochter liet hij links liggen. Met zijn zoon ging hij nog wel eens voetballen, want dat vond hij zelf ook leuk. Ik eiste van hem dat hij zijn gedrag zou veranderen, vooral ten opzichte van zijn kinderen. Hoewel hij hen nooit heeft geslagen, hadden ook zij het moeilijk met zijn egoïstische gedrag. Maar er veranderde natuurlijk niets. De knop ging bij mij om tijdens een vakantie. Misschien kwam het door de andere omgeving, ik weet het niet, maar ik zag de situatie ineens heel helder. Het leek even alsof ik er als buitenstaander naar keek. Ik ben eerder getrouwd geweest en ik wist dus hoe het wel kon. Dat huwelijke strandde, omdat mijn ex en ik meer als broer en zus waren gaan leven. Maar het was wel een goed en gelijkwaardig huwelijk, iets wat ik met Hugo nooit zou krijgen. Toch wilde ik nog één keer proberen om Hugo te veranderen, om hem te laten inzien dat hij fout bezig was, maar hij wilde er niet eens over praten. Dat deed me zoveel pijn. Ik wilde hem alleen maar helpen, onze relatie redden, maar hij wilde geen moeite voor ons doen. Diezelfde week escaleerde één van onze ruzies opnieuw. Hij wilde naar zijn ouders en ik had geen zin om mee te gaan. Hij ging totaal door het lint, hij zocht iets om naar me te gooien en pakte het eerste wat hij tegenkwam: de ijzeren riem van onze hond. Die raakte mijn hoofd. Het erge was, dat zijn kinderen toekeken. Ze waren echt bang voor hem en hij schreeuwde ook tegen hen. Dat vond ik nog het ergste. Terwijl ik versuft op de grond zat, ging hij zijn kinderen naar huis brengen. Toen hij terugkwam, kreeg ik de volle laag. Het was mijn schuld. Dit was voor mij de druppel, nu zou ik echt bij hem weg gaan. Dit verdiende ik niet! Ik stond op het punt om mijn koffers te pakken, maar toen overleed Hugo’s beste vriend. Ik vond dat ik hem op dat moment niet in de steek kon laten, Hugo was er zo kapot van, dus stelde ik mijn vertrek uit. En van uitstel kwam afstel. Het ging iets beter tussen ons en er was bij mij weer dat sprankje hoop, maar ik had kunnen weten dat het van korte duur zou zijn.”

Een ander?
“Ik had de huur van mijn huis inmiddels opgezegd en ik had het gevoel dat ik nergens heen kon. Ik wilde wel weg, maar ik kon niet voor mezelf op een rij krijgen hoe ik het aan moest pakken. Ik had er de energie ook niet voor. Wat sterk meespeelde was mijn enorme gevoel van schaamte. Ik moest als politieagente toch beter weten? Toen ik voor mijn werk drie dagen weg was, ben ik tot rust gekomen. Vanaf dat moment kon ik weer helder nadenken. Wat ik aantrof toen ik thuiskwam, was alweer een teleurstelling en een bevestiging dat ik weg moest gaan: er was iemand in huis geweest. De verwarming op de slaapkamer stond aan – iets wat we nooit deden. Het bed zag er uit zoals een bed eruit ziet nadat je er seks in hebt gehad. Ik was kwaad en verdrietig tegelijk. Na alles wat hij me had aangedaan ook dit nog, dat kon niet waar zijn! Ik confronteerde hem ermee, maar dat had ik beter kunnen laten. Hij dreigde me uit het raam te smijten en bleef maar schreeuwen ‘bel je collega’s dan, bel ze maar!’. Hugo was echt door het dolle heen, hij bleef maar dreigen dat hij me uit het raam zou gooien. Ik heb wat spullen bij elkaar geraapt en ben naar een vriend gegaan, bij wie ik ben blijven slapen. Ik vertelde hem dat we ‘gewoon’ ruzie hadden gehad. De volgende dag ben ik teruggegaan. Natuurlijk was het allemaal mijn schuld. En ik ging twijfelen. Had hij misschien toch geen ander?”

Aangifte doen
“Ongeveer drie weken later had Hugo een feestje van zijn werk. Toen hij thuiskwam liep hij zonder iets te zeggen naar boven en ging onder de douche. Ik vertrouwde het niet en heb zijn gsm doorzocht. Ik vond een sms’je, gericht aan een andere vrouw. Dit was de bevestiging, hij had wel een ander! Woede, verdriet, teleurstelling, ik voelde alles tegelijk. Ik wilde nu echt niets liever dan bij hem weg. Bij Hugo sloegen ook de stoppen door toen ik hem zei dat ik weg zou gaan, dat hij wel een ander had. Hij pakte me hardhandig beet, schudde me door elkaar, maakte dreigende, slaande bewegingen en ik was zo bang, dat ik niets anders kon doen dan het alarmnummer bellen. Ik moest hier zo snel mogelijk weg, voordat het echt uit de hand zou lopen. Ik wilde 112 bellen, maar Hugo pakte mijn gsm af en trok de stekker uit de vaste telefoon. Dan maar wegrennen, dacht ik, maar hij pakte me beet waardoor ik geen kant op kon. Ik heb hem een schop gegeven, waardoor hij me losliet en ik naar de open keuken kon vluchten. Superzenuwachtig stak ik een sigaret op, die Hugo vervolgens fijnkneep in mijn hand. Na een stevige worsteling kon ik gelukkig mijn gsm te pakken krijgen. Net voordat hij die weer afpakte, kreeg ik verbinding. Ik schreeuwde het adres en daar schrok Hugo zo van dat hij me mijn telefoon teruggaf. Terwijl ik mijn verhaal deed, ging Hugo er vandoor. Mijn collega’s kwamen en het advies was: je moet aangifte doen. Als hij terug zou komen en weer agressief werd moest ik gelijk bellen. De volgende dag heb ik een vriendin gebeld en zij heeft me samen met nog wat vrienden daar weggehaald. Er zijn op het bureau foto’s gemaakt van mijn blauwe plekken en ik heb een dag later inderdaad aangifte gedaan. Het was één van de moeilijkste beslissingen uit mijn leven. Ik begrijp nu heel goed waarom vrouwen dat niet doen. Het is puur een gevoelskwestie en het is moeilijk tegen je eigen gevoel in te gaan. Wat Hugo me ook aan heeft gedaan, ik heb toch ook van hem gehouden. Dat is zo’n dubbel gevoel. Tel daar de angst voor wraak bij op en dan haken veel vrouwen af. Mijn gevoel zei ook: doe het niet, maar ik heb toch vanuit mijn verstand gehandeld. Ik heb zoveel vrouwen proberen te overtuigen dat ze aangifte moesten doen, nu moest ik mezelf daar ook van overtuigen.”

Afwachten
“Als ik nu bij een geval van huiselijk geweld kom, weet ik wat die vrouwen doormaken. Ik kan beter uitleggen hoe de procedure werkt en ik voel intens met ze mee. Het is moeilijk om er op die manier telkens weer mee geconfronteerd te worden. Maar door er veel met een vriendin over te praten en door alles op te schrijven, weet ik nu dat het niet mijn schuld is geweest. Familie en vrienden zijn erg geschrokken toen ze hoorde dat Hugo me mishandelde. Achteraf zeiden ze wel dat ze hadden gemerkt dat ik stiller was geworden, maar dat er zoiets ergs aan de hand was, hadden ze niet vermoed. Ik wilde ook niet dat ze het wisten, het is niet iets waar je mee te koop loopt, maar ik ben blij dat ik nu wel steun van ze krijg. Langzaam bouw ik weer zelfvertrouwen op. Voor mijn werk ben ik overgeplaatst en dat kwam natuurlijk heel goed uit. Hugo weet niet waar ik woon en tot nu toe heeft hij me nog niet gevonden. Ik hoop dat de procedure snel achter de rug is en dat Hugo schuldig wordt bevonden. Dan pas kan ik weer verder met mijn leven.”

Vijf vragen over huiselijk geweld aan mevrouw G.A. Smit, Commissaris van Politie, Landelijk projectleider Huiselijk Geweld en de Politietaak.

Het beeld bestaat dat huiselijk geweld alleen voorkomt in de lagere sociaal economische klassen, maar dit beeld klopt toch niet?

Dit is inderdaad niet juist. Het komt in allerlei milieus voor. Een verschil is dat huiselijk geweld vaker wordt gemeld in achterstandswijken dan bijvoorbeeld op het platteland. Dat komt mijns inzien doordat de muren in die wijken dunner zijn en men meer op elkaars lip zit. Sommige vrouwen - met name uit gegoede milieus - schamen zich extra en zijn zeer geïsoleerd.

Kun je aan een man zien of merken dat hij gewelddadig is?

Nee dat is niet te zien. Het kan je eigen buurman zijn, die naar de samenleving zelfs heel sociaal kan overkomen. (Overigens kan het ook een vrouw zijn of een ouder kind). In principe zijn er drie soorten daders. De extreem huiselijk geweld dader (die onverwachts niet op de situatie toegespitst geweld gebruikt) die veelal voorkomt bij de politie en als veelpleger te boek staat. De cyclisch huiselijk gewelddader (degene die regelmatig huiselijk geweld pleegt en daar vervolgens  spijt van heeft) wij noemen deze persoon vaak je ‘buurman/vrouw’ en de plotseling huiselijk geweld pleger (degene die om externe redenen -  bijvoorbeeld het niet verkrijgen van een verblijfsvergunning of iemand die plotseling werkeloos word) die vaak niet bekend is bij de politie en opeens een afschuwelijke daad pleegt

Waarom is het voor veel (ook mondige) vrouwen zo moeilijk om weg te gaan bij hun partner als er sprake is van huiselijk geweld?

Zoals ik boven al aangaf zijn er veel vrouwen die zich enorm schamen en ook niet willen dat de buitenwereld weet hoe zij mishandeld en vernederd worden. Vaak zie je vrouwen na langdurig huiselijk geweld hun eigen identiteit kwijtraken en ook gaan zij geloven dat het allemaal aan hen ligt. Daarbij is er veel angst voor het onbekende. Wat gaat er gebeuren? Hij is toch de vader van mijn kinderen en wat kan hij mij daarna mogelijk aandoen?

Slechts een klein percentage doet aangifte, is er een schatting te maken hoeveel vrouwen in Nederland slachtoffer zijn van huiselijk geweld? En komt het ook andersom voor, dus dat de man slachtoffer is?

In ongeveer 80% van de incidenten (57.000) is het slachtoffer een vrouw en in 5.000 gevallen is het slachtoffer een kind beneden de 18. Mannen zijn zeker ook slachtoffer, soms ook van grof geweld, maar dit is toch een minderheid. Daarnaast kom geweld ook voor in homoseksuele relaties en bij ouderen.

Wat kun je doen als je vermoedt dat iemand in je omgeving slachtoffer is van huiselijk geweld?

Heel belangrijk is het dat je blijft geloven in het slachtoffer. Het is enorm moeilijk voor een slachtoffer om uit het systeem te komen waarin zij (of hij) al jaren gevangen zitten. Maak kleine stapjes en geef vertrouwen. Naarmate de ernst van de situatie kun je samen een vluchtplan maken (haal daarover informatie op het politiebureau). De politie zal niet altijd meteen tot aanhouding overgaan, maar kan vaak ook bemiddelen naar goede hulpverlening.
In dit verband moet je een erg lange adem hebben en niet los laten. Laat weten dat je er altijd bent als het nodig is. Verder is het ook belangrijk melding te doen bij het regionale of lokale Advies en Steunpunt Huiselijk geweld. Deze meldingen worden bewaard en zijn van belang voor het opbouwen van een dossier. Ook zou ik slachtoffers aanraden om een dagboek bij te houden met alle data en feiten. Dit is goed voor jezelf, maar ook voor het eventueel aangifte doen als je er aan toe bent. De politie kan in ieder geval de spiraal van geweld doorbreken en zorgen dat je bij de juiste hulpverlening terecht komt. Het wetsvoorstel Huisverbod wat nu in de Tweede kamer ligt kan daar in de toekomst ook een belangrijke bijdrage aan leveren.

 

Reacties (2) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Een duim omhoog. Je hebt er weer een ervaring bij. Nu kun je dit goed gebruiken in je werk. Sterkte en suc6 op Xead.
heel goed en interessant artikel.
Hier gelukkig geen huiselijk geweld, maar zoals je zegt,
het kan altijd en overal gebeuren.
duim en fan erbij