Kunstenaarsgezwets Kent Geen Tijd

Door Fredvanderwal gepubliceerd op Friday 28 September 12:12

KUNSTENAARSGEZWETS KENT GEEN TIJD maar ik wel

KUNSTENAARSGEZWETS KENT GEEN TIJD

Uit de bundel “Artistieke herinneringen en ander ongenoegen”

Om half één kwam ik aan bij het Centraal Station van de Zeestad na een treinreis in de tweede
klas op zaterdag. Ik zat in  een compartiment van de trein waar op de ramen  Silence stond, dus iedereen kwaakte er naar hartelust op los. Waar het over ging?
De gewone sad stories uit de wachtkamers van doktoren en ziekenhuizen; hondje dood,  vader en moeder terminaal, neefje aan de aids, kinderen aan de spuit en de rest van de familie ging scheiden of was aan de kanker. Het speet ze bijna dat de zon scheen.
Het boek Archief de Vijftigers, interviews met dichters,  lezen als tijdspassering kon ik wel vergeten.
Via de tochthoekkade bij het station liep ik langs het beastinggeebouw en de Amerikaanse ambassade naar de artiesten sociëteit, gelegen aan een mooi plantsoen in de ambassade buurt.
De binnenplaats van de sociëteit  ruim opgezet en gestoffeerd met wankele tafeltjes en stoelen. Ik zat vlak naast de brandtrap. Voor het geval dat. Je wist het tegenwoordig maar nooit in die artistieke kringen.
Ik bestelde een dubbele espresso.
Een meter of tien van mij vandaan zaten luidruchtige artiesten het wereldleed onder de loep te nemen om daarna in het verlengde de eigen leedverwekkende stories op te lepelen. 
De maatschappij droeg de schuld dat ze hun ateliers nauwelijks konden betalen, de inspiratie was al jaren geleden het raam uitgevlogen, het werk vlotte niet, de uitkering was te laag  en met de vrouwtjes liep het ook niet lekker.
Alles op luide toon rond gebazuind want als artiesten geteisterd door de inspiratie herrie willen maken zullen de andere bezoekers van het terras geen rust hebben.
De onrustbarende muze voor burgers verklaard.
Ik zat zowel  te genieten als te ergeren.
De discussie over wat goed en fout in het kunstenbestel was ging door van half één tot half drie. De woordenvloed op High Speed geuit leek een litanie om de Goden van het noodlot te bezweren. Aanvankelijk zaten er zes mensen te leuteren aan een lange tafel, maar vier personen van het gezelschap stapten tegen half twee op.
Tegen twee uur pakte ik mijn zwarte notitieboekje dat ik altijd mee neem voor dit soort voorvallen en noteerde een half uur lang fragmenten van de artistieke conversatie. Een half uur lang hoorde ik alle artistieke open deuren open trappen die  al decennia lang zijn open getrapt. Een treurig exposé van onvermogen, rancune en frustratie.

Een artiest met lang haar van in de vijftig:

Ik ben zeer eigentijds bezig, mag ik wel zeggen, zeer eigentijds, zonder enige pretentie overigens dat ik vernieuwend bezig ben want de vernieuwing an sich is als begrip al weer achterhaald, weet je, dat is een ouderwets concept van de avant garde en daarmee passé overflakkee. Kun je daar in mee gaan?

De ander kunstenaar met kaal geschoren kop:

Ik begrijp waar je heen wilt , want als ik iets laat zien dan laat ik óók iets zien dat onderhavig is aan het geheel in het licht van moderne ontwikkelingen waardoor de som van de delen weer meer is dan de beeld elementen afzonderlijk, op een hoger vlak geabstraheerd en getransponeerd, die toch de wortels hebben via het infuus van de kunsthistorie want wat geweest is dat is geweest, maar werkt wel door op de een of andere manier. Het scheppende proces is toch als je het eventjes wil evalueren een experimenteel laboratorium proces waarbij de weg naar het resultaat belangrijker is dan het uiteindelijke resultaat en dan bedoel ik die raadselachtige weg van trial and error, die jij en ik moeten gaan tegen beter weten in .

Artiest Langhaar:

Daarom ben ik er ook zo op tegen wat die kunstenaars betreft die hun werk op marktplaats zetten.
Ik kijk ook echt neer op die gasten die op Marktplaats of Kunstveiling nl en dat soort walgelijke sites hun werk aanbieden, dat is toch echt wel een zwaktebod, dan neem je je werk als baanbrekend kunstenaar op de barricaden niet meer serieus, dan neem je jezelf niet serieus en daarmee ook de kunstkoper niet.
Ik begrijp niet dat zulke mensen nog in de spiegel durven te kijken als ze de marktkoopman uit gaan hangen.
Dat leuren met je eigen werk, ik vind het zó beschamend.
Ik zou het niet kunnen.
Of eigenlijk zou ik het wel kunnen maar niet willen.
Op Marktplaaats staan die zeefdrukken van Fred van der Wal, zogenaamd onder een andere naam, net alsof een verzamelaar ze aanbiedt, maar dat is natuurlijk hij zelf, die klootzak met zijn nep en namaaak.
Dat is allemaal vreselijk tricky, weet je, maar zo werkt het niet. Wat die goosser maakt, ik kan het niet aanzien, marktbederf; het is allemaal herkenbaar en als iets herkenbaar is dan is het voor mij geen kunst want het gaat in de kunst juist om het onzegbare en je moet luiken willen openen naar het ongeziene om het onzichtbare zichtbaar te maken zodat via het trancedente het raadsel in stand blijft. Als ik in het bestuur kom flikker ik al trouwens die realisten onze vereniging uit en als ze niet vrijwillig gaan dan zal ik ze een handje helpen.

Artiest kaalkop:

Jongen daar heb je toch echt wel  een punt. Ze denken te scoren maar schieten naast het doel met die plaatsje die ze maken. Ben je besodemieterd, je geeft een signaal af aan de markt door met Markt plaats in zee te gaan dat je een loser bent, weet je, code rood, helemaal foute boel zo’n drijf anker, want meer is het niet, die gasten doen van alles om hun CV op te leuken.
Ik ken zo’n gast die laat in eigen beheer bij de Hema een fotoboekie drukken van zijn ouwe meuk en stuurt dat dan op aan Foam als kadootje, dan kan hij op zijn CV zetten dat ie in de collectie van Foam is opgenomen.
Ik las op een weblog over een gozer die in één maand zestien schilderijen had verkocht.
Dat wil je toch niet? Zijn wijf had er acht stuks voor duizend euro gescoord en via een veiling site had ie er ook nog acht verkocht en aan zijn verzamelaarster ook nog eentje, een gezicht op de zee bij Val André.
Bij elkaar toch voor een paar roodjes.
En dan heeft die lul ook nog een wijf met een stoot poen en twee huizen. Dat is toch niet normaal in deze tijd? Dat kan niet anders dan half crimineel geld wezen. Het is een zwaktebod waar ik niet aan mee wil doen.
In de kunst zouden ze het wedstrijd element moeten invoeren. Gewoon een afval race. Je levert tien dingen in en de anderen ook en dan komt de commissie en die gaat selecteren, dan hou je de goeie dingen over.

Artiest Langhaar:

Moet je inbrengen op de vergadering volgende keer. Gewoon op het overlegplatform smijten, dan zal je de bestuursleden zien kijken.
Je krijgt bestuurslid Naatje Naerebout-van Suchtelen zo mee als je je targets stelt, jongen. Ze willen gewoon goeie plannen . Ze hebben behoefte aan een eye opener.
Je bent toch al in een niche van de markt bezig als baanbreker. Neem nou Damien Hirst, hè, daar moet je bij meeliften, op de band wagon springen, mee rijden op de staart van een komeet, maak je gewoon kleine Damien Hirstjes na, in plaats van diamanten gebruik je glazen kralen van de Hema, het gaat om de suggestie en Damien heeft het pad voor je recht getrokken waar jij langs free wheelt, dat herkennen ze, exposure en je product marketen, daar gaat het om, hard selling, als je die jongen tien jaar geleden had gevraagd waar ben je mee bezig had ie ook gewoon zijn schouders opgehaald en wat gemompeld, Damien, die trekt publiek, dat heeft media potentie en  als je dan je exposure daar bij aan past,  jongen, dan ga je als een speer.
Je moet in het kielzog van een grote jongen of een groot meisje gaan zitten, misschien mag je er dan ook nog in bij haar als je een beetje mee lult en interessant doet, daar vallen die wijven voor, een beetje van du vin en du boursin en je glijdt er in als een paling in een pot snot met je leuter.
Ken je dat werk van die Belg, Kobe de Peuter, die is ook zo begonnen. Plotseling was ie er, als een duveltje uit een doosje. Zo moet je het aanpakken. Van je Whammm, weet je wel, als ze niet willen horen, moeten z e voelen maar dan ook gelijk doorpakken. Meetal gaat de jackpot maaar één keer open.
Of je vraagt iemand die groot is in de mode in Nederland gewoon of ie wil openen en een stoot modellen mee neemt, dat zijn leuke dingen, dat moet je bij Gabriël Poolski van heet bestuur hier op tafel deponeren, dan springt ie een gat in de lucht met zijn polssstok, dan gaat het weer leven. De ondernemende kunstenaar, niet de lul die zijn dingen op Marktplaats zet. Gewoon hard selling is the messsage. Keihard en swingend.

Artiest Kaalkop:

Moet je in de provincie komen bij die tuttenbollen met een eigen galerietje in de garage of de tuinschuur, die wijven hebben allemaal zelf poen of ze zijn met een chirurg, een Jaguar voor de deur, een Mercedes voor mevrouw om naar de tennissclub te gaan en zich door de leraar bij d’r tennisballen te laten pakken en op neuken, je kent dat wel, een wijf met poen, daar zit muziek in, en niet te jong zo’n teef, een beetje oud, dan gaat ze gauw de pijp uit, zo heeft die Damien Hirst het natuulijk ook gedaan, je moet net als Damien Hirst, en net als de Mona Lisa, een spel er mee spelen, een samenzwering op zetten, it’s all in the game namelijk, het is een fantastisch, subliem, mooi spel op wereld nivo en dat is totaal sociaal acceptabel en als je dat afwijst zit je hemaal vierkant in het nihilisme, verkeerd in mekaar, Damien ook, die is al tien jaar…hoe zal ik het zeggen, die is al tien jaar bezig en die weet dat alles relatief is, die heeft het goed bekeken, daar kunnen wij een voorbeeld aan nemen.

Artiest Langhaar:

Jongen, ik ben mijn eigen theorie, dat is mijn praktijk, maar ik heb wel het lef om die theorie zelf af te breken en dat doet zo’n jongen die op marktplaats zijn zeefdrukjes zet niet, die heeft dat lef niet of de intelligentie niet, je weet het nooit met dat soort jongns, die theorie van mij, dat is het ultieme antwoord ideologisch gezien , want kunst zonder theorie bestaat gewoon niet, maar als je in de iddeologie blijft steken, dat is wel ergens aanvaardbaar als je eigen werk blijft staan en wat stata dat staat, dat is gefundeerd en gevestigd. Als je te lang wacht tot je gearriveerd bent dan ben je te laat, dan weet je lelijk de boot te hebben gemist , dat is hart stikke tricky, er gebeurt veel onbewust en dat vraagt vanzelf heel wat geestelijke alertheid om de situatie goed in te kunnen schatten van waar de kunst naar toe gaat, daar moet je intuïtie voor hebben, anders heb je een betonnen plaat voor je kop.

Artiest Kaaalkop:

Ik ga nu echt de arena in met mijn erk, als ik niet binnen een jaar een tentoonstelling in het Stedelijk heb dan stop ik met mijn werk en  dat zal ik ze wel even per mail laten weten ook, dan piepen ze wel anders, want ze weten heus wel bij het Stedelijk wat ik doe al laten ze niks horen.
Als ik tegen mezelf zeg; Ik ga volgend jaar naar Bangkok om het even te maken daar, als het wordt opgemerkt, dan wordt het opgemerkt , dan zeg ik dat een jaar lang overal, het is ’t proces van geloofwaardig overkomen, het proces vervult me, je moet er snel doorheen gaan, dat is bij alles wat duidelijk is dus als ik tegen mezelf zeg; ik ga naar Bangkok dan ga ik ook naar Bangkok, weet je.
Je hebt daar landen, daar drinken ze nog echt koffie, koffiehuizen en zo, dat moet je ook leren, ritueel koffie drinken en dat is wat anders dan Senseo, dat is kutkoffie, daar ga ik niet voor. Ik ga voor kwaliteit.
Ik ben namelijk ook een tijd als dichter opgtreden, als huisdichter van een galerie, was zo’n opening om vier uuur dan wist ik bij God nog niet om drie uur wat ik een uur later ging zeggen, ik heb dus podium ervaring, improvisatie talent, ik ben dus heel wat gewend, het scheelt ook waar je bent vanzelf, je moet toch iets panklaar maken in verteerbare hapklare brokken voor je publiek, ik ben altijd volledig zeker van mijn positie, waar ik ga en waar ik
sta, dus komt er vlak voor zo’n optreden iets van GVD  in mijn systeem, van pompen of verzuipen, je kunt namelijk niet iedereen zo maaar weg werpen, je moet het eigenlijk omzeilen dat probleem, 5 mei is voor mij verplicht als performance datum, ik ga alle galeries benaderen, dat is pas efficiënt denken, je moet jezelf verplichten, een schop onder je eigen reet geven, anders komt er niks van, lekker verder scheppen als ik iets omzet met mijn handel, je moet jezelf wel een beetje verwennen want een ander zal het niet voor je doen.
Han Bennink, waar ben ik, die heeft op de kunst academie gezeten en die dacht ook van op de Rietveld hebben ze geen muziek opleiding, dat weet jij en dat weet ik, maar anderen weten dat niet, dus die wist geen reet van muziek af maar kon daar wel mee scoren, die pakt gewoon een muziek instrument op en deed maar wat, dat maakte niks uit, het publiek vond het prachtig, die jongen kende geen a voor een b en geen noten lezen en die poen die ie verdiende zette ie om in leuke dingen en zat op zijn ateliertje van alles in elkaar te plakken, mooie combi, maar hij verdiende meer dan jij en ik bij mekaar, dat is dus een echt natuur talent, je moet kruiwagens hebben, je moet gebracht worden, ik ga van nu af aan ook gewoon overal zitten sijken waar ik kom, weeet je, ik ga drummen en doordrammen bij die klojos en steeds zeggen van fuckin’dit en fucking’ dat, want dat willen ze horen!

Artiest Langhaar:

Ik ben nou in de vijftig maar heb nu pas dat boek van Ik Jan Cremer gelezen, die Cremer, dat is me een lul, wat een eikel, wat eeen oetlul, maar wel eeen tijdgeest uitgedrukt, dat zou nu niet meer kunnen, Wolkers ook, wat eeen zak, zeggen ze tegen elk wijf; ik ga je schilderen, naakt, naakt natuurlijk, effe een veeg geven zo’n wijf met de speciale kwast, dat was die generatie, dan ging iedereen voor iedereen gelijk uit de kleren, dat accpeteerden ze gewoon in alle kringen van hoog tot laag, maar die Cremer en Wolkers hadden geen reet te vertellen bij die wijven, die liepen gewoon over ze heen, iedereen vond dat shockin’ wat Cremer had te vertelleen, maar ik zal je vertellen wat ik nu maak, dat is pas shockin’, maar dat wordt weg gestopt, dat vreten ze niet, jongen, het is toch ook too much, je atelier is een geuzenplek, daar vindt de geboorte van de wereld plaats, dat schilderij van die k*t van Courbet, weet je wel, dat is me wel een ruige kokos vloermat, geef mij maar zo’n streepje of kaal geschoren, een model kleuterk*tje,  is veel lekkerder bij het beffen van de mossel, die k*t van Courbet, je zou er haar van op je tanden krijgen, dan kies ik liever voor die pispot van Duchamp want zonder Duchamp waren wij er ook niet geweest om over Caravaggio maar te zwijgen, dat schilderij van die k*t dat kan dus nu wel, want we leven in een geëmancipeerde tandeloze  tijd, zeggen ze, dat zou je denken, maar dan vergis je je toch echt.
Een echt shocking schilderij is met los gezongen toetsen geschilderd. Kunst met een bite.
Tegenwoordig hebben ze op de akademie geen interesse meer in billen, dat is nieuw maar wel een fragmentatie van het geheel, hoe kun je nou worden wat je bent als je niet weet wat je wil, dat is je reinste nihilisme, daarom vind ik Duchamp nog steeds de belangrijkste, die had het goed door hoe het werkte, neem nou Rauschenberg, handige jongen, Warhol heeft het allemaal nagedaan, niet origineel, maar ik ga er onderhand wel vandoor, leuke babbel hebben we gehad, maak je niet vaak meer mee. Jij weet je weetje wel. Jij komt er wel, let op mijn woorden. Reken jij even alles af? Hoe heet je ook weer? Geen gewin? Oooh, Gerwin! Dat onthou ik. Ik zie je!

Ze stonden op en gingen weg. Ik klapte mijn notitieboekje dicht en ging aan een tafel in de zon zitten. Een breekbaar uitziende bejaarde mevrouw in een rolstoel werd door een meneer de binnenplaats op gereden.
“Mogen wij bij U aanschuiven?” vroeg ze beleefd.
“Vanzelfsprekend” zei ik.
“Weet U, ik ben de hele winter nog geen dag buiten geweest doordat ik ziek ben geweest en zo blij dat het nu mooi weer is.”
Ik begreep het en zag dat ze in de half schaduw zzat.
“Als U nou op mijn plaats gaat zitten dan wissel ik met U om. Mij maakt zon niet zo veel uit.”
Ze reageerde dankbaar. Haar begeleider manoevreerde de rolstoe naar de andere kant van de tafel.
“mag ik Meneer iets aanbieden”vroeg ze dankbaar.
“Graag een pilsje” antwoordde ik.
We raakten in gesprek. Ze was opgehaald door de geestelijke verzorger van het bejaarden huis om een uurtje te genieten van het mooie weer.

Even later kwamen Tom en Janneke naar ons toe lopen.
“Zullen we aan een andere tafel gaan zitten?”stelde ik voor. Ik nam afscheid van de invalide vrouw en haar gezelschap.
Het schilderij dat Tom gekocht had zat nog in bubbeltjes folie. Wat later gingn w dee sociëteitsruimte binnen. Tom rekende af en ik pakte het schilderij van een lezende man op het strand van Val André uit.
Ik was mijn camera vergeten maar Tom had er gelukkig wel eentje bij zich en Janneke fotografeerde Tom en mij met het schilderij. Zulke momenten bewaar ik graag als oriëntati epunten van een ontmoeting op foto.
Er volgden vele glazen bier en een saté schotel. De geserveerde Dame Blanche was niet helemaal wat ik mij van een Dame Blanche voor stelde.
We liepen met zijn vier door de zeestad naar het Centraal Station, namen afscheid en de laatste trein van half acht naar Leeuwarden.
Ik raakte in gesprek met een modieus geklede heer die gepromoveeerd was op Dooyeweerd. Ik weet daar niets van af, maar we bleken wel  wederzijdse kennissen te hebben, o.a. drs. Hans van Seventer, die hij de volgende dag zou ontmoeten. In 1996 had ik na 20 jaar gehakketak en strubbelingen met de stijl gereformeerde Americanofiel van Seventer de vriendschap opgezegd wegens non comptabiliteit van karakters. Personality clashes, zoals bekend de voornaamste liefhebberij in gereformeerde kringen probeer ik zoveel mogelijk uit de weg te gaan.

De trein kwam drie minuten te laat binnen om de bus te halen. Het enige alternatief was een taxi.
De taxi chauffeur was achttien jaar geleden Iran uit gevlucht. Hij was daar in opleiding voor piltoot op de Fokker 100. In Leeuwarden werd hij taxi chauffeur. Zijn eigen land kon hij niet meer bezoeken. Zijn ouders had hij pas na 11 jaar weer gezien. Een menselijk drama.

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.